Tagarchief: abstract expressionisme

Museum Musiom met ook mijn werk in de kerncollectie


Hoeveel van alle dode en nog levende Nederlandse kunstenaars zouden wereldwijd, of zelfs alleen maar in Nederland,  in een museum hangen? Werk van hun hand dan natuurlijk, niet zij zelf. Ik schat zo in dat dit maar een heel klein percentage is. Ga maar na. Tegenwoordig studeren er per jaar vele, vele honderden af aan de kunstacademies. Per jaar dus! Die komen echt niet allemaal in een museum terecht. Want daar gaat in de loop der tijden een selectie aan vooraf die o.a. sterk beheerst wordt door trends. Door de waan van de dag en die van museumdirecteuren en bijbehorende kunstcuratoren. Klein klassiek voorbeeldje? Frans Hals (1582-1666), wereldberoemd toch? Maar wel helemaal uit na zijn leven tot hij ineens een soort afgod werd voor de  Franse impressionisten in de tweede helft van de 19e eeuw. En nu? Zie het Frans Hals Museum in Haarlem.

Daarom zijn een paar enthousiastelingen in Amersfoort een eigen museum begonnen. Het ‘Musiom, huis voor hedendaagse kunst’. Een museum bedoeld voor kunstenaars geboren rond 1950. Want velen uit die tijd hebben zich nooit in een hokje laten stoppen, zich nooit aan heersende kunst en museumdirecteurentrends aangepast. Ze zijn gewoon helemaal hun eigenste gang gegaan, hebben door de kwaliteit van hun werk een mooie carrière opgebouwd maar zijn nooit doorgedrongen in het gesubsidieerde museale  circuit. Te on-Cobra of te weinig abstract expressionisme of veel te figuratief. Of geen verwantschap met min of meer onbegrijpelijke kunstperformances en installaties. Enzovoort. Niet passend dus in het aankoopbeleid van de grotere musea. Gewoon te eigenwijs en teveel werkend vanuit hun eigen fantasie, vanuit hun eigen beleving.

voorkant van het Musiom

Op die manier is een kunstenaarsgeneratie die juist volwassen werd in de roerige jaren 60 en 70 en die zich niets aantrok van stromingen nooit museaal aan bod gekomen. Allemaal individualisten die zich niet lieten vangen in een kunsthokje. Nee, ze waren gewoon allemaal apart allemaal hun eigen kunststroming. Maar wel op zo’n manier dat een deel van hen nationaal en ook internationaal bekendheid kreeg. Met als gevolg dat ze bij heel veel particulieren hangen en staan met hun schilderijen en beelden. Omdat heel veel ‘gewone’ kunstliefhebbers wel wat zagen in hun werk.  En vergeet ook niet bepaalde bedrijfscollecties die eigenwijs hun gang gingen met verzamelen.

deel van de huidige expositie in het Musiom
met kunstenaar Hans Vanhorck, een van de initiatiefnemers, kijkend naar een werk van mij voor de kerncollectie

Het Musiom (www.musiom.art) aan de Stadsring 137 in Amersfoort springt nu in dit museale gat. Waarbij ik mag meespringen. Want vorige week bracht ik er wat schilderijen heen die deel gaan uitmaken van de kerncollectie. Samen met werk van bijvoorbeeld Hans Vanhorck, Richard Smeets, Poen de Wijs, Saskia Pfaelzer, Sjer Jacobs, Ad Arma, Arvee en Jan van Lokhorst. Allemaal kunstenaars met een mooie carrière en vaak ook nog volop bezig in de kunst. Daar ben ik best een beetje trots op.

met Hans Vanhorck voor een werk van Richard Smeets

Elke drie à vier maanden is er in het Musiom weer een nieuwe expositie te zien van enkele van de Musiom-kunstenaars aangevuld met een keus uit die kerncollectie. Wanneer ik aan de beurt ben? Reken maar dat ik dat hier meld. Tot volgende week.

TOOS

Advertenties

4 Of nog wel meer redenen om wel of niet naar Rothko te gaan


Rothko 1

Als kunstenaar ben je deze maanden wel bijna verplicht om twee grote tentoonstellingen te bezoeken. Een van een dooie kunstenaar in het Haags Gemeentemuseum en een van een levende in het Stedelijk Museum van Amsterdam. Van Mark Rothko die in 1970 zelfmoord pleegde en van Marlene Dumas die gelukkig nog onder ons verkeert. Maar beiden iconen in de huidige wereld van de moderne kunst. Dat “huidig” en “modern” is eigenlijk taalkundig wat dubbelop, maar het ligt ten slotte in de kunstgeschiedenis van de toekomst verborgen of ze ook iconen blijven. Hoeveel voorbeelden zijn er niet van kunstenaars die in hun tijd beroemd waren en van wie nu bijna niemand meer weet?

Rothko 2 Mijn nieuwsgierigheid naar de tentoonstelling van Rothko is nu bevredigd. Van hem had ik in werkelijkheid ooit maar enkele schilderijen gezien. Schilderijen trouwens waarvan recent het hiernaast afgebeelde No.21 (Red, Brown, Black and Orange) voor 45 miljoen dollar in New York op de veiling werd verkocht. Zou ’t dat waard zijn? Vast niet! Is die kunstmarkt voor de grote namen in de moderne kunst overspannen? Vast wel! Zijn er mensen met veel te veel geld die graag pronken in hun omgeving met de vraag “Heb je mijn nieuwe Rothko al gezien”? Beslist! Maar dat ter zijde.

Ook vroeg ik me af wat ik aanmoest met de verhalen die altijd de ronde doen bij Rothko. Van die verhalen waarbij kijkers naar zijn werk zo diep emotioneel geraakt worden dat ze zelfs in huilen kunnen uitbarsten. Hoe zou mijn toch best wel sensitieve kunstenaarsziel gaan reageren op zo’n overmaat aan werken van hem? Nou, die ziel reageerde eigenlijk dubbel. Want was Rothko nou echt een groot kunstenaar? Zijn eerdere schilderijen uit de veertiger jaren vond ik beslist niet geweldig.

ouder werk van Rothko
ouder werk van Rothko

Bij Picasso kon je in zijn jeugd gelijk al zien wat een ongelooflijk talent hij had. Maar bij een Rothko op zelfs 40-jarige leeftijd kon ik dat, naar mijn idee, niet constateren. Was hij zo doorgegaan, dan was hij, denk ik, nu onbekend geweest. Maar na de Tweede Wereldoorlog kwam in Amerika het abstract expressionisme heel sterk op. Kunstenaars probeerden zich te ontworstelen aan allerlei conventies. Daarbij kwam bijvoorbeeld “onze” van oorsprong Rotterdamse Willem de Kooning boven drijven. Of Barnett Newman waarbij velen zullen reageren met “O die” bij het horen van “Who is afraid of red, yellow and blue”. Of Jackson Pollock met zijn dripping paintings. En dus Mark Rothko met zijn schilderijen met de kleurvelden. Meestal horizontale banen boven elkaar in verschillende kleuren.

Rothko 4

Rothko 5

Rothko heel summier belicht
Rothko heel summier belicht

Werd ik tot in mijn ziel geraakt? Nee. Wel vond ik het heel interessant de ontwikkeling van Rothko te zien, van zijn vroegere werk tot wat nu heet zijn classic style met de kleurvelden vanaf de jaren 50. Vooral als hij in die stijl werkte met allerlei nuances rood vond ik het boeiend.  Ander werk raakte mij minder. Interessant ook is een heel summier verlichte zaal, helemaal zoals Rothko dat zou hebben gewild. Daarin moet je heel langzaam en goed kijkend de kleine verschillen in kleurvelden op een aantal werken tot je laten doordringen. Een manier die je dwingt de tijd te nemen. Iets dat Rothko ook van zijn kunstkijkers verlangde.

het laatste schilderij van zowel Rothko als Mondriaan
het laatste schilderij van zowel Rothko als Mondriaan

Bij de vraag of Rothko een groot kunstenaar was, heb ik voor mijzelf geen duidelijk antwoord. Ik twijfel. Hij was met zijn stijl in ieder geval wel een juiste persoon op de juiste plaats, Amerika, op de juiste tijd, de jaren vijftig van de vorige eeuw. En daarmee heeft hij zeker een plaats in de kunstgeschiedenis verdiend. Maar ben je daarmee automatisch een groot kunstenaar? Tot volgende week.

TOOS

www.toosvanholstein.nl

http://www.toos.biz/

YouTube http://bit.ly/ij4Pag

Facebook http://www.facebook.com/TOOSvanholstein