Tagarchief: Agostino Tassi

“Ik zal Uw Illustere Lordship laten zien wat een vrouw vermag” deel 2


zoals Artemisia haar naam schreef

Bovenstaande woorden schreef Artemisia Gentileschi  in 1649 aan de Siciliaanse kunstverzamelaar Antonio Ruffo vanwege de prijs die ze vroeg voor een schilderij van haar. Woorden die ze in haar leven daarvoor al helemaal had waargemaakt. En ook de woorden waarmee ik vorige week mijn blog begon als start voor een virtuele landen- hink-stap-sprong. Waarbij ik toen overigens alleen aan de Italiaanse hink toekwam(lees hier maar). Met wel de belofte die toch altijd wat vreemd aandoende atletiekuiting met een Nederlandse stap en een  Londense sprong af te maken.

 Goed, op naar de stap via MeToo. Want in 1612 was de toen 18-jarige Artemisia te gelijker tijd hoofdpersoon en slachtoffer in haar eigen verkrachtingsproces. Waar ze toen al liet zien ‘wat een vrouw vermag’.

beeld uit de Italiaanse speelfilm ‘Artemisia’

De kerkelijke rechtbank van  pausenstad Rome vond het namelijk heel normaal en christelijk verantwoord haar te vragen zich vrijwillig te laten martelen met een zogenaamde sibile om haar beschuldiging kracht bij te zetten. Want als ze die onder marteling volhield, dan pas kon het waar zijn. Maar ook met de door de beul steeds strakker aangetrokken bundel touw rond haar vingers hield ze vol dat Agostino Tassi haar verkracht had. Moet je je voorstellen, je vingers, je ultieme schildersgereedschap, staan op het punt om blijvend verminkt te worden. Toch schreeuw je volgens het bewaard gebleven rechtbankverslag ‘E vero, E vero, E vero’, ‘het is waar, het is waar, het is waar’. Wat een MeToo-vrouw avant la lettre vermag!

rechterhand van Artemisia, in 1625 getekend door Pierre Dumonstier

Ik ben benieuwd hoe dat hier in Nederland zal gaan in de ‘zaak Julian Andeweg’. Een moderne MeToo-affaire die veel stof doet opwaaien in onze beeldende kunstwereld. Eigenlijk kon je er op wachten. De nationale film en toneelwereld was al opgeschud door MeToo-beschuldigingen, dus waarom zou dit aan de beeldende kunst voorbijgaan? Eind oktober vorig jaar was ’t zover. Met een uitgebreid artikel in de NRC. Over een aanstormend talent met een blijkbaar niet te beteugelen stormachtig en ook charismatisch karakter.

werk van Julian Andeweg

Deze Julian vertoonde, zo bleek, al een aantal jaren volstrekt grensoverschrijdend gedrag. Maar ja, belangen en de bijbehorende bedekkende mantel! Omarmd door academies, kunststichtingen, de commerciële kunstwereld, musea en het bekende Mondriaan Fonds. Terwijl er al vanaf 2013 aanklachten tegen hem lagen bij de politie. Aanklachten over aanranding, verkrachting en geweld waarmee al die jaren niets werd gedaan. Aanklachten van vrouwen die uit angst voor hem anoniem willen blijven in het NRC-artikel. Nu is uiteindelijk het Openbaar Ministerie een strafrechtelijk onderzoek begonnen. Nu pas trekken de diverse kunstinstanties hun handen van deze kunstenaar af. Nu heeft de directeur van een Haags kunstinstituut ontslag genomen, zijn er leraren aan de Academie in Den Haag geschorst, wil een galerie-eigenaar ineens niet meer met hem werken, toont het Bonnefanten Museum in Maastricht zijn werk niet meer, maar heeft het Mondriaan Fonds in de afgelopen jaren hem wel met € 85.000 subsidie gespekt. Ik ben benieuwd hoe dit alles afloopt.

werk van Julian Andeweg

Eén ding is trouwens wel zeker. De vrouwen die een aanklacht tegen de kunstenaar hebben ingediend zullen niet meer met de sibile te maken krijgen. Zeg maar eens dat we de laatste eeuwen geen vooruitgang hebben geboekt!

Artemisia kon in ieder geval haar ellende achter zich laten. Onder dat motto van ‘wat een vrouw vermag’ bouwde ze een illustere carrière op. In Florence werd ze als eerste vrouw opgenomen in de roemrijke Academia dell’Arte del Disegno. Terug in Rome zat haar huis vol ‘… met kardinalen en prinsen die een portret van mijn hand willen’, zoals ze schrijft in een brief. In zowel Venetië als Napels maakt ze furore. Ook verkeert ze in de tussentijd op uitnodiging nog een poos in Londen. Waar haar vader Orazio dan al een aantal jaren hofschilder is. Daaraan hebben we ook een getekend portret van hem te danken. Gemaakt door ‘onze eigenste’  beroemde portretschilder Antoon van Dijck die ’t In Londen zelfs tot de persoonlijke hofschilder van koning Charles I had gebracht.

portret van Orazio Gentileschi door Antoon van Dijck
schilderij ‘The finding of Moses’ van Orazio, geschilderd in opdracht van Charles I en in bezit van The National Gallery

Na jaren waren vader en dochter weer even herenigd en hebben ze daar in 1638 nog samengewerkt aan plafondschilderingen in het Queen’s House in Greenwich.

Orazio Gentileschi, plafondschildering in Queen’s House
Artemisia, plafondschildering ‘Allegory of peace’ in Queen’s House

Daarom is ’t ook zo mooi dat Artemisia nu een grootse expositie heeft in The National Gallery in Londen. Want daar is ie dan eindelijk, die ‘sprong’ van mijn drietraps hink-stap-sprong. Alleen is ’t zeer frustrerend dat het coronavirus de grote toegangsdeuren van het museum al heel lang gesloten houdt. De officiële einddatum van de expositie is zelfs al voorbij. Dus of we al dat moois van Artemisia ooit nog eens zo te zien zullen krijgen als daar?

in de expositie te bekijken, recent ontdekt zelfportret van Artemisia als Catharina van Alexandrië, voor en na de restauratie
een foto uit 2012 toen ik in Parijs in het wat minder bekende Musée Maillol een expositie over Artemisia bezocht, of dit schilderij nu in Londen hangt, geen idee

In ieder geval zijn er deze videos.

En mijn laatste woorden over Artemisia en Orazio heb ik beslist nog niet gesproken. Tot volgende week.

TOOS

“Ik zal Uw Illustere Lordship laten zien wat een vrouw kan doen”


Wat rommelend in mijn atelier stuitte ik in een hoek op de stapel Fabriano-papier waarop ik nog steeds een steendruk moet maken. Afspraak met mijn galerie Quadrige in Nice. Maar ja, corona! Door die stapel zat ik, vanuit dat atelier, met een associatieve wereldrecord hink-stap-sprong  via Italië en Nederland ineens zomaar op Trafalgar Square in Londen. Lichamelijk ben ik nooit echt atletisch geweest, maar mijn brein blijkt in dat opzicht toch nog steeds aardig vooruit te kunnen. Met als gevolg dit stukje.

hoofdplein in Fabriano
nog zo’n mooi plein

Die stapel papier dus. Geproduceerd in Fabriano, het Italiaanse stadje dat al eeuwen bekend is juist vanwege dat papier. Iedere kunstenaar die serieus aquarelleert, zal zeggen ‘o ja, natuurlijk, ken ik!’. Dus toen ik in september 2019 in de buurt van Fabriano verkeerde, was een bezoek eigenlijk een morele verplichting. Maar hoe zit dat nou met die hink-stap-sprong?

Hink: door die stapel dacht ik ineens aan een expositie in Fabriano in de Pinacoteca Civica. Met als centrale figuur Orazio Gentileschi (1563-1639).

Stap: de zaak-Andeweg die én in onze Nederlandse kunstwereld én in de pers de laatste tijd flink wat MeToo-stof doet opwaaien.

Sprong: de blockbuster  tentoonstelling ‘Artemisia’, voornaam van de befaamde schildersdochter van Orazio en begin 17e eeuw het middelpunt van een berucht geworden MeToo-geval avant la lettre. Een expositie in The National Gallery. Gelegen aan Trafalgar Square. In Londen dus. Maar dat komt straks.

Natinal Gallery aan het Trafalgar Square

Nu eerst die ‘hink’, Orazio Gentileschi  in Fabriano. Zomer 2019 verkeerde ik voor de nodige kunstactiviteiten een maand lang in Gubbio in Umbrië. Een streek vol prachtige steden, stadjes en kunst. Een uur rijden vanuit Gubbio en ik zat in Perugia, de machtige middeleeuwse provinciehoofdstad. Ook op een uur: Assisi, de stad van de heilige Franciscus en de befaamde fresco’s van Giotto (1267-1337). En wat dacht je van Urbino, geboortestad van de grote Rafaël (1483-1520). Of dus Fabriano. Vanaf de 13e eeuw rijk geworden met het produceren van kwaliteitspapier. Natuurlijk is daar een museum aan gewijd, in zo’n magnifiek middeleeuws klooster. Maar dat viel zwaar tegen. Niet het klooster, wel dat museum. Saai, oud, stoffig, weinig sprankelend, echt uit de tijd, moet een bezem door.  Nee, dan de Pinacoteca Civica Bruno Molajoli.

Pinacoteca Civica in Fabriano

Absoluut een regionale museumparel. Met toen de tentoonstelling ‘Het licht en de stiltes, Orazio Gentileschi en Caravaggesque schilderkunst in de Marche van de zeventiende eeuw’. Net geopend toen levensgezel en ik nog in Gubbio zaten. Zogezegd een mazzeltje en een ‘must’ te gelijkertijd.

Ik had heus al wel eerder werk van hem gezien. Want wat wil je, de vader en leermeester van mijn schildersheld Artemisia Gentileschi. Maar een hele tentoonstelling met hem als spil? Dat ging ik in Nederland zeker en vast nooit niet beleven. Zo kon ik nu ook mooi zijn werk eens goed vergelijken met dat van dochterlief.

deel van de expositie
Orazio Gentileschi, Rustpauze van de heilige familie tijdens de vlucht naar Egypte
Orazio Gentileschi, David met het hoofd van Goliath
nog wat delen van de expositie
er is ook een prachtige afdeling Middeleeuwse Kunst in het museum, hier een fresco met Maria en Kind en mijn voornaamgeefster, de Heilige Catharina van Alexandrië

Trouwens, niet alleen daar maar ook nog in de indrukwekkende barokke kerk tegenover het museum.

de barokke kerk tegenover het museum
kapel van de Kruisiging met een schilderij van Orazio

Kijk, Artemisia(1593-1653) blijft voor mij een 17e eeuwse superster en powerwoman. Maar Orazio is nu echt wel een paar plekken opgeschoven op mijn persoonlijke kunstenaarshitlijst. Als je in Pisa binnen je familie wordt opgeleid als goudsmid, verhuist naar Rome en er daar in slaagt een bloeiend schildersatelier op te zetten, heb je als kunstenaar echt iets in je mars. Want stel je voor, Rome in die tijd. De drukke en rijke pauselijke stad die stikte van de kunstenaars die er allemaal een carrière zochten. Net zoiets als het Parijs van voor en na 1900. Of het New York van na de Tweede Wereldoorlog. Dat zijn dochter zeer talentvol bleek, veel meer dan zijn drie zonen, was daarbij in de concurrentieslag natuurlijk mooi meegenomen. Want als je 17 jaar bent en dit schilderij maakt, kun je best een beetje schilderen.

Artemisia Gentileschi, schilderij n.a.v. het bekende verhaal van Suzanna en de Ouderlingen (1610)

En toen gebeurde het! Zo’n jaar later werd Artemisia, bij afwezigheid van haar vader, in het ouderlijk huis verkracht door een ateliermedewerker. Door Agostino Tassi. Tja, en hoe ging dat dan in die tijd? Dan moest de verkrachter toch eigenlijk wel het slachtoffer trouwen. Maar omdat Tassi zijn belofte daarover negen maanden later nog steeds niet was nagekomen, klaagde Orazio hem aan. Dat is een befaamd proces geworden. Een 17e eeuwse MeToo-zaak. Vandaar dan ook die ‘stap’ in mijn hink-stap-sprong proces. Naar een hedendaags geval in Nederland. Maar die stap en sprong schuif ik nog even zeven nachtjes slapen door. Net zoals de verklaring van de titel bovenaan. Tot volgende week.

TOOS 

Een typerend MeToo-slachtoffer, kunstenaar Artemisia Gentileschi, maar wel al uit de 17e eeuw


Je vingers ingeklemd in een martelwerktuig om, letterlijk, uit je te persen dat jij, het slachtoffer, bij je aanklacht voor verkrachting de waarheid en niets dan de waarheid hebt verteld.  Dezelfde vingers die ook jouw volstrekt onmisbare gereedschap vormen. Je bent namelijk de supergetalenteerde dochter van de in Rome gevestigde kunstenaar Orazio Gentileschi en als assistent werkzaam in je vaders atelier. We schrijven 1612 en die dochter is de 17-jarige Artemisia Gentileschi. Vorige week schreef ik al over haar.

Artemisia, De onthoofding van Holofernes (1620)

Kijk je met die kennis naar bovenstaand schilderij van Artemisia, dan is de inhoud daarvan met wat simpele psychologie van de koude grond misschien wel aardig te duiden. Want die verkrachting had inderdaad  plaatsgevonden. De uiteindelijk veroordeelde dader? Kunstenaar Agostino Tassi, bij wie Artemisia toen in de leer was. Zeven maanden, inclusief marteling, duurde het proces dat vader Orazio had aangespannen tegen Tassi. En een wonder geschiedde, hij won! Omdat de rechtbankannalen van dit proces grotendeels bewaard zijn gebleven, kon onderstaand filmpje gemaakt worden. Met daarin letterlijk overgenomen teksten.

Maar de naam van Artemisia als vrouw was natuurlijk sterk bezoedeld. Logisch toch? Roddels te over van ‘waar rook is, is vuur. Rome kon ze als opkomend kunstenaar voorlopig wel vergeten. In het geheim getrouwd met een tweederangs schilder vertrok ze naar dat andere grote Italiaanse kunstcentrum, Florence. Daar kon ze ten minste met een schone lei beginnen. Want de social media werkten destijds toch wat trager dan tegenwoordig en programma’s als Showtime lieten nog wat eeuwen op zich wachten.

En Tassi? Die bleek zelfs al een eerdere verkrachtings en mogelijk moordgeschiedenis te hebben? Hij kreeg twee jaar, kwam na acht maanden al vrij en pakte gewoon zonder probleem zijn werk als kunstenaar weer op.

fresco van Tassi in een villa in Rome

In Florence bleef het talent van Artemisia zogezegd niet onopgemerkt. Ze presteerde ’t zelfs om in 1616 als eerste vrouw ooit te worden opgenomen in de prestigieuze Accademia delle Arti del Disegno. Een soort Rotary avant la lettre van de beroemdste Florentijnse kunstenaars. Absoluut een gigantische prestatie voor een vrouw toentertijd. Maar ze had dan ook de gave zich soepel te

Artemisia, Zelfportret met luit

kunnen bewegen in de hoogste culturele en literaire kringen. Naast natuurlijk ook nog haar schildersgave waarmee ze heel wat opdrachten in die hoogste kringen verwierf. Opdrachten die als onderwerp regelmatig sterke vrouwen hadden. Zoals dus Judith uit dat schilderij hierboven. Waar ze met zichtbare afschuw maar ook duidelijke standvastigheid met hulp van haar dienstmeid generaal Holofernes letterlijk een kop kleiner maakt. Overigens wel een verhaal uit het Oude Testament dat destijds behoorlijk populair was. Van lekker heftige dramatiek in de beeldende kunst was men toen niet echt vies. Koppen mochten rollen, geen probleem. Dat gebeurde ten slotte ook nog met regelmaat in het echt op het schavot. Hebben we in Nederland niet ons eigen verhaal van Johan van Oldebarnevelt? Misschien moet ik toch nog maar eens een blogaflevering maken met de verzameling foto’s van schilderijen uit de 16e en 17e eeuw met afgehakte hoofden die ik op mijn harde schijf heb staan.

Dat populaire thema van Judith en Holofernes heeft Artemisia dus nog een paar keer gebruikt voor haar opdrachtgevers.

de dienstmeid van Judith verbergt het hoofd van Holofernes in een mand

Juditn en haar diensmeid (met het hoofd in de mand) verlaten het legerkamp van Holofernes

Maar David met het hoofd van de door hem gedode reusachtige Goliath, nog zo’n verhaaltje uit de reeks ‘voor het slapen gaan’ in het Oude Testament, was vanzelfsprekend ook niet te versmaden.

David met het hoofd van de verslagen Goliath

een recent ontdekt schilderij van Artemisia met daarop David en het hoofd van Goliath aan zijn voet

Net zoals het verhaal over de stoutmoedige Jaël die een tentharing slaat door het hoofd van de aan haar voeten slapende Sisera, ook alweer een generaal. Echte oudtestamentische horror.

Nog een paar voorbeelden van moedige vrouwen? Wat dacht je van Cleopatra die volgens de overlevering voor de dood door een giftige slangenbeet kiest. Liever dat dan zich volledig over te geven aan de Romeinse keizer Octavianus.

Cleopatra laat zich bijten door de slang

het dode lichaam van Cleopatra wordt ontdekt

Of Lucretia. Dochter van een belangrijke Romeinse familie die in 510 v.C. wordt verkracht door een koningszoon, haar ontering opbiecht aan vader en echtgenoot om daarna met een mes zelfmoord te plegen. Niet zo vreemd, denk ik dan, dat dit verhaal Artemisia heeft aangesproken.

De verkrachting van Lucrezia

een vorig jaar ontdekt schilderij van Artemisia met daarop Lucrezia die zich van het leven berooft

het thema van Lucrezia nog een keer

Overal waar ze kwam liet ze wel een aantal speciale vrouwen achter. In Rome waar ze als gescheiden en dus alleenstaande vrouw vanuit Florence weer terugkwam, in Venetië, in Napels en zelfs in Londen. Waar nu, zo leerde ik uit een reactie op Facebook, die Artemisia-expositie toch vanaf 3 oktobernog door lijkt te gaan. IJs en corona dienende denk ik dan tegenwoordig maar. Maar voor die tijd kom ik hier vast nog wel een keer op haar terug. Artemisia is, met haar leven en haar kunst, te fascinerend om dat niet te doen. Tot volgende week.

TOOS

Een dijk van een wijf


Artemisia Gentileschi dus! Twee weken geleden kondigde ik het aan. Ik ging naar Parijs voor een tentoonstelling over één van mijn kunstheldinnen uit vroeger eeuwen. Nou, daar heb ik geen spijt van. Ik had jaren geleden al eens een paar schilderijen van haar in ‘t echt gezien in Napels. Maar zoveel bij elkaar als nu? Nee, dat nog niet. ’t Was genieten, daar in het Musée Paillol.

Ik vertelde die twee weken geleden al wel iets over Artemisia’s  turbulente leven. Een verkrachting op 18-jarige leeftijd door toenmalige leermeester Agostino Tassi, een gebeurtenis die haar zou blijven achtervolgen. Ze werd gezien als een vrouw met een smet terwijl ze daaraan totaal geen schuld had. Haar graf werd zelfs nog besmeurd met teksten over nymfomanie en overspel. Dan moet je heel sterk in het leven staan om een succesvol kunstenaar te worden in een tijd dat dit voor vrouwen bijna onmogelijk was.

 Vermoedelijk heeft ze daarom ook heel wat schilderijen gemaakt met krachtige vrouwen als onderwerp. Cleopatra die een eind aan haar leven maakt door zich door een giftige slang te laten bijten (tweede foto). Of de joodse Judith die de Assyrische legeraanvoerder Holofernes onthoofdt. Ik toonde haar prachtige schilderij daarover al, maar er is nog een tweede waarin zijn hoofd al keurig in een mandje ligt (derde foto). Of Jaël die de Israël onderdrukkende generaal Sisera uit Kanaän een tentharing door zijn slaap hamert (vierde foto). Hoezo gewelddadige computerspelletjes tegenwoordig! Lees het Oude Testament maar eens.

Overigens is dat ook zoiets speciaals bij Artemisia. In haar tijd stond het genre van de historische schilderijen met afbeeldingen over de Griekse mythologie en het Oude Testament het meest in aanzien. En je raadt ’t al, dat was voorbehouden aan de mannen. Want vrouwen mochten in die tijd, en trouwens ook nog heel lang daarna, geen mannelijke naaktmodellen gebruiken. Stel je voor, foei! Dat de mannen vrouwelijke naaktmodellen gebruikten was natuurlijk geen probleem. Toch had je die man als model vaak nodig om een goed historisch schilderij te maken. Geen probleem dus voor Artemisia.

 

 Maar heel vaak gaf ze toch die speciale vrouwen weer. Zoals bijvoorbeeld ook Maria Magdalena, de door Jezus bekeerde zondares (vijfde foto). In die tijden een heel belangrijk vrouwelijk icoon. Even voor de lezers van “De Da Vinci Code” van Dan Brown, zonder haar was dat, wetenschappelijk gezien volstrekt onbetrouwbare maar toch heel spannende boek niet mogelijk geweest.

Veel meer over Artemisia staat in een artikel van mij op mijn site onder de link http://www.toosvanholstein.nl/artikelen/artikel02.html . En over kunststad Parijs en wat ik daar allemaal verder heb gezien, valt ook nog heel wat te vertellen. Maar dat komt nog wel.

Tot volgende week.

TOOS.

www.toos.biz

www.toosvanholstein.nl

YouTube  http://bit.ly/ij4Pag