Tagarchief: Boccaccio

De iconische kop van Dante, de Sommo Poeta, en mijn Dante-reis: ReisKunst deel IV


Wie herkent niet een afbeelding van Marilyn Monroe’s hoofd? Of de gestileerde kop van guerillastrijder Che Guevara? Moderne iconen. Of dat portret hierboven, met die bochtige neus en vooruitstrevende kin?  ‘Oh ja, Dante natuurlijk’. Il Sommo Poeta (1265-1321), de Opperste Dichter uit Florence, de man van de Divina Commedia. En de hoofdpersoon in Dante700, met wereldwijd manifestaties rond zijn 700ste sterfjaar. Reken maar dat ik een paar weken geleden zijn sterfdag op 14 september meekreeg. Ik zit namelijk in Italië. In keramiekstad Gubbio. De prachtige middeleeuwse stad in Umbrië waar ik, net als twee jaar geleden, opnieuw voor een maand ben neergestreken. Om keramiek te beschilderen. Maar dat verhaal komt nog. Nu eerst Dante. Daar kom je hier met goed fatsoen echt niet omheen. Kijk maar.

het septembernummer van het maandelijkse magazine voor Gubbio

En dan heb ik ’t nog niet eens over Ravenna, de stad waar hij stierf in 1321. Op dus 14 september. Ik was er vorige week een paar dagen. Dat was ik zondermeer aan Dante verplicht vanwege de inspiratie die hij mij heeft opgeleverd zoals verderop wel blijkt (en bijvoorbeeld al eerder hier en hier). Eerst trouwens een mini-mini selectie van wat ik in Ravenna aan Dante700 tegenkwam. De maxi-maxi? Dat wordt een ander verhaal.

zomaar een affiche ergens

Maar nou die kop van hem, die iconische kop. In alle variaties altijd herkenbaar. Maar ook altijd gebaseerd op maar één portret uit 1495, dat helemaal bovenaan. Van de beroemde Florentijnse Renaissancekunstenaar Sandro Botticelli. Die kwam pas in 1444 de wereld verkennen, meer dan 120 jaar na de dood van Dante. Terwijl dit toch echt het allereerste schilderij is met Dante’s kop. Ra, ra! Mogelijk is het gebaseerd op een nog bestaand fresco (in Museo Bargello, Florence) van Giotto (1267-1337). Ook verkerend in Florence en mogelijk vriend van Dante. Een fresco waarin mogelijk Dante staat afgebeeld.

dat fresco met daarin onderstaand fragment, zoek maar eens

Maar dat fresco is mogelijk pas geschilderd ergens rond 1335 terwijl Dante in 1301 om politieke redenen al uit Florence was verbannen. En terwijl een beschrijving door dichter Boccaccio (1313-1375), die van de Decamerone en de Vita di Dante en natuurlijk ook uit Florence, weer niet helemaal klopt met die figuur op het fresco. Let ook even op dat verbanningsjaar 1301 en Boccaccio’s geboortejaar 1313. Heeft Boccaccio die beschrijving mogelijk misschien pas ver na Dante’s dood alleen van horen zeggen? Dit alles is natuurlijk uitgebreid bediscussieerd door degenen die er voor hebben doorgeleerd.

Maar stel je nou eens voor dat Botticelli’s kop van Dante niet echt lijkt op de werkelijke uitgave? Een soort avatar avant la lettre is, waar we met z’n allen in zijn gestonken? Intrigerende gedachte, nietwaar? Overigens blijkt uit een recente wetenschappelijke reconstructie m.b.v. wat beenderen van de Sommo Poeta dat die haakneus wel eens zou kunnen kloppen.

Die avatar-gedachte doet natuurlijk niets af aan de Divina Commedia die hij ons heeft nagelaten. En aan de inspiratie die hij met zijn beeldend taalgebruik in de loop der eeuwen bij heel veel kunstenaars heeft opgeroepen. Gewoon omdat hij in zijn geest op reis ging door het Inferno, Purgatorio en Paradiso. En aan die reis zijn uitgebreide kennis koppelde over zowel personen en gebeurtenissen in zijn eigen tijd als uit de oudheid. Waardoor hij er voor gezorgd heeft dat ook ik conform mijn lijfspreuk ‘for me art is travelling the mind’ in mijn geest in zijn gezelschap op reis ging. Met bijvoorbeeld dit schilderij als gevolg.

Toos van Holstein, Dante en Beatrice (olieverfschilderij)

Met daarin Dante die door zijn in het werkelijke leven onbereikbare geliefde Beatrice door het Paradijs wordt rondgeleid. Want hoe moet je je in godsnaam het Paradijs voorstellen? Met allemaal engelen met bazuinen aan hun mond? Met allemaal heiligen zittend op wolkjes en aureolen rond hun hoofd? En ergens helemaal bovenaan God, Jezus en Maria? Best saai allemaal. Niet voor niks hebben de meeste kunstenaars zich op de Hel en het Purgatorium gestort. Daar vind je veel interessanter zaken. Storm, verdrinkingen, Furiën, in bomen vergroeide en in zee ingevroren zielen, aan elkaar knagende personen en nog zo wat leuke dingen voor de mensen. Maar Beatrice in het Paradijs heb ik me toch niet laten ontnemen.

Toos van Holstein, Beatrice (olieverfschilderij)

Met natuurlijk veel bladgoud erin. Wat ’t weer heel moeilijk maakte er een goeie foto van te nemen. Veel schittering, vanuit welke kijkhoek dan ook. Maar ergens in Nederland siert ze met haar paradijselijke aanwezigheid op prachtige wijze een muur. Net zoals trouwens nu dit nieuwe Inferno-bord van mij in de etalage van keramist  Gampietro Rampini schittert.

Toos van Holstein, Inferno (schildering op keramiek)

Tot volgende week.

TOOS

Pandemische Kunstgrepen óf hoe kunst deze Covid-19 tijden veraangenaamt


Wat heeft het enigszins scabreuze middeleeuwse verhaal waarin een wat suffige echtgenoot binnen in een heel groot wijnvat de wand schoonmaakt terwijl zijn aantrekkelijke jonge vrouw staand tegen de buitenkant met haar minnaar de liefde bedrijft, te maken met onze huidige Covid-19 tijden? Nou, flink wat!

Want dat verhaal staat in de ‘Decamerone’ van Giovanni Boccaccio (1313-1375). Het beroemde boek met als achtergrond de zogenaamde Zwarte Dood. De pest die in 1348 Italië teisterde, daarna oversloeg naar de rest van ons continent en uiteindelijk aan een derde deel van de Europese bevolking het leven kostte. Boccaccio verhaalt hoe tien jonge mensen voor een paar weken Florence en het pestgevaar ontvluchten om samen te verblijven in een villa op het platteland.

het gezelschap in de villa, illustratie bij een uitgave van de Decamerone uit 1492

Die periode komen ze door met het elkaar vertellen van verhalen. Tien per dag, tien dagen lang. Een van die honderd verhalen is dus dat over die vrijpartij. Op een of andere manier is ’t altijd in mijn geheugen blijven hangen. Leer de werking van de menselijke geest maar eens te doorgronden!

beeld van het ‘wijnvatverhaal’ uit de film over de Decamerone van Pasolini (1971)

Best logisch dus dat dit boek door mijn hoofd speelde toen ik enkele weken geleden nog in Nice verkeerde terwijl de coronacrisis op ons afstormde. Lees de vorige blogaflevering maar.

Ook weer logisch is dan natuurlijk dat als zoiets zich in mijn grijze hersencellen afspeelt, dit ook onder andere schedeldaken gebeurt. Terug in Nederland ontdekte ik dus een prachtig samenwerkingsproject. Tussen Het Nationaal Theater uit Den Haag, het Internationaal Theater Amsterdam en de VPRO. Sinds 23 maart leest elke dag een acteur een verhaal voor uit de Decamerone. Ze kunnen dus nog even vooruit. En waarmee werd begonnen? Met dat wijnvatverhaal van hierboven! Voorgelezen door Ramsey Nasr.

Ramsey Nasr leest voor

Toeval? Ja! Maar wel een heel leuk toeval. Deze link brengt je naar de video. En alle volgende afleveringen tot nu toe? Die staan hier.

De Decamerone heeft in de loop van de tijd natuurlijk heel wat beeldend kunstenaars geïnspireerd. Een paar voorbeelden.

een werk dat Renaissance-kunstenaar Botticelli maakte n.a.v. een verhaal uit de Decamerone

schilderij uit 1916 dat de groep jongelingen afbeeldt in de villa, gemaakt door John William Waterhouse, een van de bekendste schilders van de kunstenaarsgroep ‘De Prerafaëlieten’

Maar ook cineasten hebben hun kans gegrepen. Zo verfilmde de beroemde en beruchte Pier Paolo Pasolini (1922-1975) in 1971 een aantal verhalen. Waaronder dat over een schilder. Een fragment daaruit, met Pasolini zelf in de hoofdrol, wil ik je natuurlijk niet onthouden.

Hier kun je trouwens de hele film bekijken, zij het zonder ondertiteling. Maar so what. De beelden alleen zijn al prachtig.

In deze surrealistische tijden ontstaan veel meer culturele initiatieven zoals dat van de toneelgezelschappen. Daardoor sprak een recente uitspraak van de Duitse minister van Cultuur Monika Grütters mij heel erg aan: ‘In deze situatie erkennen we dat cultuur geen luxe is die men in goede tijden uitstraalt, maar dat we nu zien hoezeer we het missen als we het een bepaalde tijd zonder moeten doen.’

Ware woorden die me een associatie opleverden met een ver verleden. Met ‘Kunstgrepen’ van Pierre Janssen. Het legendarische kunstprogramma waarbij in de jaren 60 en 70 zo’n beetje half Nederland op zondagavond gekluisterd zat aan de buis. Enkele jaren geleden wijdde ik mijn blog nog aan een expositie over hem in het Stedelijk Museum Schiedam (lees hier maar).

een paar jaar geleden in het Stedelijk Museum Schiedam met een foto van Pierre Janssen op de achtergrond

Nu, met alle musea dicht, galerieën vrijwel alleen op afspraak open, theaters met gesloten deuren en lege bioscoopzalen speelt dat tv-scherm plotsklaps opnieuw een onverwacht belangrijke culturele rol. Gewoon even wat voorbeelden.

– Een virtuele rondleiding in het gesloten Kunstmuseum Den Haag bij de expositie over Breitner en Israël https://www.kunstmuseum.nl/nl/museum/nieuws/virtuele-rondleiding-door-breitner-vs-israels .

– Of korte video’s met het motto  #rijksmuseumfromhome. Gemaakt door curatoren van het Rijksmuseum vanuit hun werkkamer. Over bekende schilderijen. Zoals bijvoorbeeld ‘Het vrolijke huisgezin’ van Jan Steen.

– En wat dacht je van de Europese site operavision.eu waar je gratis volledige opera’s kunt bekijken in ensceneringen vanuit beroemde operahuizen? Zoals Don Giovanni van Mozart door de Opera di Roma.

 

Zelf wil ik me op een eenvoudige manier ook niet onbetuigd laten. Vorige week vermeldde ik ’t al. Coronagedwongen is mijn expositie ‘The 70-Series and More’ bij Vellekoop Kunsthandel in De Lier alleen op telefonische afspraak te bezoeken. Maar sinds 21 maart zet ik nu elke dag een schilderij uit ‘The 70-Series’ op mijn Facebook-pagina en Instagram-account. Daar zijn ze zelfs zomaar dag en nacht te bekijken.

een van de olieverfschilderijtjes van 20-20 cm uit ‘The 70-Series’

een van de mixed media werken van 25-25 cm op alu-dibond uit “The 70-Series’

Blijf gezond en tot volgende week.

TOOS