Tagarchief: Dordrecht

“Schrijf op, Verwey voelt zich een miskend genie” en Rob Ruggenberg deed aldus


foto van Kees Verwey in zijn atelier bij aanvang van de expositie
als jonkie in Dordrecht

Bij Dordrecht komen al eeuwen drie rivieren samen. Dat verklaart gelijk de ligging van deze ooit grootste stad van Holland. Maar ook voor mij knopen er zich in Dordrecht telkens opnieuw levenslijnen samen.

Dat begon al toen ik er op 19-jarige leeftijd neerstreek. Met mijn op de academie in Tilburg behaalde MO-A  diploma deed ik er mijn eerste, niet licht te vergeten onderwijservaringen op. Maar ook, zoals dat gaat, nieuwe vrienden en een Dordtse stamkroeg. Nog zo’n echte bruine. Daar probeerde ik eens mijn oudste zus te koppelen aan de van oorsprong Franse Jean Boulanger. Hij leek me wel wat voor haar. Maar ik had me deerlijk vergist. Zij zag alleen maar de stralend blauwe ogen van Rob Ruggenberg. Destijds journalist en mijn beste vriend daar.

mijn stamkroeg destijds en een tekening die ik er toen van maakte voor een film over die kroeg

 De rest is historie. Rob bleef boezemvriend, werd zwager en katapulteerde zich in 2006 de kinderboekenwereld in met zijn eerste boek ‘Het verraad van Waterdunen’. Nog zes andere historische jeugdromans en vele prijzen volgden. Zoals de door velen begeerde Thea Beckmanprijs en die van de Jonge Jury. Maar heel recent overleed Rob plotseling. Een heftige schok die ik nog steeds aan het verwerken ben. In dat proces paste mooi een bedevaart naar Dordrecht. Naar een expositie over schilder Kees Verwey in het Dordrechts Museum (zie de foto’s tussendoor). De link?

Rob Ruggenberg in Groenland voor onderzoek voor zijn jeugdroman ‘IJsbarbaar’

Hiervoor eerst een citaat uit de doorslag van een bijna 35 jaar oude brief van Rob aan de destijds beroemde, wat norse en ook provocerend ingestelde maestro Verwey (1900-1995). Zo’n met carbonpapier gemaakte pre-digitale doorslag, getikt op zijn journalisten-typemachine.

” Ik neem de vrijheid ook nog terug te komen op mijn telefonische vraag, vorige vrijdag. Ik zou echt heel graag een aquarel willen kopen, met name een die ik in de Vishal zag hangen en die mij in het hart trof. Daar U mij te verstaan heeft gegeven dat die mogelijkheid afhangt van de wijze waarop ik over U heb geschreven, buig ik thans het hoofd en wacht ootmoedig Uw oordeel af, Met gevoelens van hoogachting en bewondering, Uw dienstwillige dienaar, Rob Ruggenberg.”

aquarel van Verwey op de expositie in het Dordrechts Museum

Waar kom je dat soort brieven tegenwoordig nog tegen. Maar ’t was wel de manier waarop je de toen 85 jaar oude Kees Verwey geacht werd te benaderen. Reactie en aquarel zijn er nooit gekomen. Niet ootmoedig genoeg geschreven? Wel jammer, geen ‘Verwey’ dus in de familie. Maar wel verscheen in diverse regionale dagbladen het grote interview van Rob met Verwey waarnaar het citaat indirect verwijst. Met als kop “Schrijf op, Verwey voelt zich een miskend genie”.

deel van de expositie

Een aantal jaren geleden gaf Rob me een dikke ordner over Verwey.  Zo van ‘lijkt me wel interessant voor jou’. Met daarin allerlei knipsels en kopieën  die hij had verzameld als voorbereiding op dat interview. Nu kwam dat mooi van pas voor mijn Dordtse bedevaart.

stilleven met bloemen van Verwey

Verwey leek langzaam aan op weg naar de kunstvergetelheidshoek. Daar waar zich al heel veel kunstenaars hebben verzameld. Toen echter was hij nog steeds een NAAM. Met een rijk tentoonstellingsverleden. Het Stedelijk Museum in Amsterdam, Boymans in Rotterdam, Frans Hals Museum in Haarlem en het Van Abbe in Eindhoven. En dat ondanks het Cobrageweld dat hem vanaf de jaren 50 kwelde. Want eigenlijk vond de moderne kunstwereld toen al dat zijn stijl ‘niet meer kon’. Stel je voor! Figuratief met, oké, af en toe wat abstractie, en dan ook nog een mix van impressionisme en expressionisme? Dat deed je voor je goeie kunstfatsoen niet meer. En toch bleef hij zijn unieke zelf. ‘Een kunstenaar wiens toekomst ligt in zijn schitterend verleden’ zoals hij zichzelf ooit eens typeerde.

kijkje in het beroemde atelier van Verwey met de bekende gipsen Egyptische kop die vaak terugkeert in zijn schilderijen

In Dordrecht zag ik een mooie doorsnee van zijn werk. Met zijn befaamde aquarellen maar ook met die beroemde stillevens van zijn atelier. Het beroemde atelier waar in geen tientallen jaren was schoongemaakt en waarvan hij steeds opnieuw een aanzicht schilderde. Voortdurend onderzoekend hoe hij ’t met compositie, stijl, licht en kleur anders kon doen.

een paar van de grote stillevens van zijn atelier

Dat hij ook nog wat abstracte schilderijen maakte voor de overzichtsexpositie in Haarlem bij zijn 85e verjaardag? Even een heerlijk citaat uit het interview van Rob met hem bij die gelegenheid. “Abstract? Dát willen ze, anders tel je niet mee. Je moet eigentijds zijn. Dus heb ik speciaal voor deze tentoonstelling eens een paar abstracten gemaakt. Het is heel gemakkelijk. Grote penselen, dus gauw klaar. Een liniaal is het belangrijkste. Je begint met een stel lijnen te trekken en dan komt de rest ook wel. Bovendien hoef je het niet helemaal af te maken. Dat ziet toch geen mens.” De provocateur Verwey ten top!

Het is bewonderenswaardig dat het Dordrechts Museum na zoveel jaren opnieuw een terechte ode brengt aan deze schilder en waarnemer pur sang (tot 5 januari). Voor mij is dit stukje trouwens ook een soort ode, een eerbetoon aan mijn grote vriend Rob. Zijn apotheose komt echter nog. Als in april volgend jaar zijn laatste historische jeugdroman verschijnt. Postuum dus. Ingeleverd bij uitgever Querido een paar dagen voor hij stierf.

Oh ja, en die Dordtse stamkroeg bestaat nog steeds, maar nu als restaurant.Tot volgende week.

TOOS

Hoe dichter bij Dordt hoe …….


Heb je ooit een groot huis kunnen kopen voor een halve euro en dat niet gedaan? Waar die vraag mee te maken heeft? Met een recent bezoek van mij aan Dordrecht.

de Grote Kerk in Dordrecht

Dordrecht, een stad die niet alleen een belangrijke rol heeft gespeeld in mijn vroegere, jonge leven maar ook in de nog veel oudere Nederlandse geschiedenis. Ga maar na: een belangrijke middeleeuwse handelsstad, de grootste van Holland, sterk bepalend voor de Tachtigjarige Oorlog en godsdienstig zeer bepalend door de Dordtse Synode van 1618-19.

overzicht van de bijeenkomst van de Dordtse Synode

Bij mijn bezoek moest ik weer denken aan de uitspraak ‘Hoe dichter bij Dordt hoe rotter ’t wordt’. Een uitspraak die ik nooit heb begrepen. En terecht. Want werd onlangs niet in The Times, toch echt geen miezerig krantje, Dordrecht aangemerkt als een verborgen parel? En heeft ook  niet een miljoenenpubliek  op tv de recente  optocht van The Passion door de oude stad kunnen bewonderen? Dat van die parel wist ik dus al heel lang. Gewoon omdat ik rond 1970 een aantal jaren in Dordrecht heb gewoond en gewerkt. Ik had er zelfs met enkele vrienden een gigantisch monumentenpand kunnen kopen vlak naast de voor Dordt zo beeldbepalende Grote Kerk.

bij dat monumentenpand
de ligging ervan naast de Grote Kerk

Dat moest dan één gulden kosten. Jazeker, één hele gulden! Maar dan namen we wel de verplichting op ons om dat patriciërshuis helemaal volgens de regeltjes te restaureren en renoveren. Op eigen kosten natuurlijk. Want de gemeente had geen sous. En rijkssubsidie? Wat was dat? Dus ’t zat er toen voor ons als jonkies financieel niet in. Afgezien nog van de vele jaren die ’t zou gaan kosten naast onze banen. Een typisch geval van jammer.

Die herinneringen kwamen boven toen ik de Grote Kerk bezocht vanwege een expositie daar  van de bekende stillevenschilder Henk Helmantel en ik ook nog door ging naar museum Het Hof van Nederland vanwege de Statenbijbel. Beide onderdelen van de festiviteiten rond die Dordtse Synode van 400 jaar geleden.

interieur van de Grote Kerk

Maandenlang waren ze toen in Dordrecht aan het steggelen, de rekkelijken en preciezen, oftewel de Arminianen en Gomaristen, oftewel de remonstranten en contraremonstranten. Een akkefietje over de goddelijke predestinatie. Maar over hun hoofden heen woedde een politieke strijd tussen stadhouder Maurits en raadspensionaris Van Oldebarnevelt. De gevolgen? Van Oldebarnevelt werd nog in 1619 letterlijk een kopje kleiner gemaakt en in 1637 verscheen de eerste officiële editie van de Statenvertaling van de bijbel.

de Statenbijbel

In dat geheel past Henk Helmantel heel mooi vanwege zijn gereformeerde achtergrond en zijn schilderijen van kerkinterieurs. Want ook die maakt hij namelijk. Hij had er zelfs een op een ezel staan in de keuken van zijn prachtig herbouwde middeleeuwse pastorie in het Groningse Westeremden toen ik daar een aantal jaren geleden met hem gezellig de kunstwereld zat door te nemen. Mee een reden om in de Grote Kerk te gaan kijken hoe hij die nu in beeld had gebracht.

schilderijen van Henk Helmantel in de Grote Kerk

Dit kon ik dan gelijk combineren met een bezoek aan dat Hof van Nederland. Een prachtig nieuw museum in oude gebouwen, geopend in 2015, en gewijd aan de geschiedenis van het ontstaan van onze Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden. En de belangrijke rol die Dordrecht daarin speelde.

museum Het Hof van Nederland
expositie over de Statenbijbel

Echt een moetje, alleen al vanwege de moderne manier van presenteren. Maar ik was er voor de speciale expositie over de beroemde Statenbijbel. Het boek dat vanaf 1637 mee het fundament legde voor onze Nederlandse taal nu. Met bijvoorbeeld woorden en uitdrukkingen als: muggeziften, de dood in de pot, de geest is gewillig maar het vlees is zwak, in zak en as zitten.

In zak en as heb ik zeker niet gezeten toen die koop van dat monumentenpand in Dordrecht er niet in bleek te zitten. Nog steeds ga ik graag iets drinken op een terras van het Groothoofd, gelegen aan een van de drukst bevaren plekken van Europa, waar drie rivieren samenvloeien. En zou de liefde op het eerste gezicht voor mijn Middelburgse pakhuis uit 1738 iets met het oude Dordrecht en alle water daar te maken kunnen hebben? Vast wel! Tot volgende week.

het Groothoofd in Dordrecht

TOOS

Daar is ie dan, de video The making of … Cerby


Cerby op de Bellinkbrug voor mijn atelier
Cerby op de Bellinkbrug voor mijn atelier

Hij reist al een poos door het land. Mijn Cerby. Samen met zijn roedelgenoten van The Dogparade, in een heel kleurige stoet. Toch werd Cerby als een witte buldog geboren. Maar vlak na zijn geboorte heeft ie al snel heel veel kleur gekregen. En daar ben ik dan weer de oorzaak van. Zoals de video aan het eind van dit blog toont. Vorig jaar berichtte ik al vaker over Cerby. Maar vanwege de rest van deze blogaflevering kan ’t geen kwaad toch nog even kort de achtergrond van Cerby te schetsen.

Cerby in de Amsterdamse Stopera
Cerby in de Amsterdamse Stopera

Die bende buldoggen was een idee van Mike Zeelen. Zij heeft een zoontje dat lijdt aan de zogenaamde energiestofwisselingsziekte. Een meestal dodelijke ziekte bij jonge kinderen. Aan de universiteit in Nijmegen wordt gewerkt aan de ontwikkeling van een medicijn tegen die ziekte. En dat kost geld, veel geld. De stichting Energy4All (http://www.energy4all.nl/ ) probeert met allerlei acties een deel van die kosten bij elkaar te brengen. En The Dogparade (http://www.thedogparade.com/ ), dat idee van Mike, is daar weer onderdeel van. Mike vroeg een aantal bekende Nederlandse kunstenaars een grote of een kleine buldog van kunststof te beschilderen. Op die manier kwam ze ook bij mij. De hele opzet van het project en het idee erachter zaten zodanig goed in elkaar dat ik me liet overhalen. Dat doe ik niet zo snel, want als kunstenaar wordt je te pas en te onpas voor allerlei acties gevraagd. Zo van dat doet zo’n kunstenaar wel even gratis vanwege de eraan verbonden publiciteit. Nou, echt niet in mijn geval. te ervaren zal ik maar zeggen. Maar die Dogparade is dus de uitzondering op de regel geworden. Daarbij dacht ik ook gelijk “doe mij maar zo’n grote buldog, dat is een leuke uitdaging”.

Cerby in Roermond
Cerby in Roermond

De start vond vorig jaar plaats in Venlo bij sponsor Leolux, de bekende meubelfabrikant. De grootse finale, een ultieme veiling van alle kunsthonden, staat geprogrammeerd op 17 april van dit jaar in het NBC Congrescentrum te Nieuwegein. De details daarvan staan op de website van The Dogparade. Maar in de tussentijd hebben de honden geparadeerd in o.a. Amsterdam, Roermond, Gouda, Lelystad, Dordrecht en Nijmegen. En niet te vergeten de Masters of Luxury Fair in de RAI, de voormalige Miljonairs Fair.Want The Dogparade moest natuurlijk wel op de kaart worden gezet. Nou, dat is heel goed gelukt. En mijn Cerby is daarbij aardig wat keertjes op de foto gekomen.

Cerby in Gouda
Cerby in Gouda
Cerby op de Masters of Luxury Fair
Cerby op de Masters of Luxury Fair

Maar voordat hij er zo gekleurd uitzag, is er in mijn atelier vorig jaar heel wat met ‘m gebeurd. Het leek me interessant over dat wordingsproces een video op mijn YouTube-kanaal te zetten. Dat duurde alleen even. Het leven van een beeldend kunstenaar zoals ik bestaat ten slotte voor een heel groot deel uit beeldend bezig zijn en niet uit filmpjes maken. Maar afgelopen weekeinde was het zover. Ik kon “The Making of … Cerby” lanceren. Hieronder staat die video van drie minuten ingesloten. Met de link http://bit.ly/18v7JxZ  is die ook op mijn YouTube-kanaal (http://bit.ly/ij4Pag ) te aanschouwen. Met dan gelijk nog veel meer filmpjes van mij.

Mocht je voor zo’n buldogje van 1,6 meter hoog een leuke plek weten, mijn Cerby is heel gezeglijk, vriendelijk en is beslist ook een buitenhond. ’t Is dat zijn staart maar een kort stompje is, anders stond ie voortdurend te kwispelen van genoegen. Tot volgende week.

TOOS.