Tagarchief: Heineken Music hall

Van Bob Dylan tot Giuseppe Verdi


Bob Dylan in de AFAS Live, voorheen Heineken Music Hall, Amsterdam

Stel dat die toen al zou hebben bestaan, zou operagrootmeester Giuseppe Verdi (1813-1901)dan mogelijk de Nobelprijs voor literatuur hebben kunnen krijgen? Ik denk van niet. Want de libretto’s voor zijn opera’s werden toch vooral door anderen geschreven. Maar ja, wie had ooit gedacht dat Bob Dylan (1941) die literatuurprijs nog eens zou krijgen? Zeker niet diegenen uit het literaire wereldje die daarover vorig jaar moord en brand schreeuwden.

Saimir Pirgu (Il Duca di Mantova), Roberto Accurso (Marullo), Koor van de Nationale Opera

Ik zie al weer die verbaasde gezichten voor me met daarop duidelijk zichtbaar de vraag ‘hoe kom je nu in godsnaam op de link tussen Verdi en Dylan’. Nou, eigenlijk heel simpel. Omdat ik in een kort tijdsbestek zowel een concert van Dylan meemaakte als de opera  Rigoletto van Verdi bijwoonde. Een wonderlijke combinatie? Nee hoor, totaal niet. Ik kan ten slotte ook genieten van zowel realistische schilderkunst als van abstracte. Zeg maar van Vermeer tot Willem de Kooning. Of bij beelden van Michelangelo tot Henry Moore. Als ’t maar kwaliteit is. En daar heb je bij Verdi en Dylan beslist niet over te klagen.

Oké, Dylans stem is behoorlijk gruizig geworden. En zijn bewegingen op het podium zijn beslist houterig te noemen. Hing er daarom misschien geen groot projectiescherm voor detailopnamen van het podium? Niet dat dit iets uitmaakte want zelfs vanaf het balkon in de immense Heineken Music Hall, die nu ineens AFAS Live heet, kon zijn ingeperkte bewegingsritmiek  je echt niet ontgaan. Maar het blijft natuurlijk wel Bob Dylan, een van de grootste iconen uit de popwereld. Een man die onsterfelijke liedjes heeft gemaakt met maatschappelijk tegendraadse en poëtische teksten. En die nu toch maar mooi de Nobel literatuurprijs heeft gekregen. Dat die teksten met die gruizige, af en toe wat mompelende stem niet altijd goed waren te verstaan? Ach, so what! ’t Was gewoon genieten.

nog een scene uit Rigoletto,

Bij zo’n opera van Verdi versta ik de Italiaanse tekst ten slotte ook niet, hoe duidelijk en gearticuleerd die ook wordt gezongen. Maar daarvoor hebben ze in de Stopera boven het toneel dan juist wel een scherm hangen waarop de vertaling voorbij komt. Kun je, terwijl ’t zich voor je ogen afspeelt, in ieder geval ook nog lezen dat er iemand heftig verliefd geworden is of mogelijk zelfs aan het doodgaan is. Want daar gaat ’t bij Italiaanse opera toch om: drama, liefde, verraad en emotie, een en al emotie. Met prachtige muziek en prachtige stemmen. Toch een tikje anders dan die stem van Dylan.

La donna è mobile, de vrouw is grillig, beroemde aria uit Rigoletto zoals gezongen in de Stopera

Ik weet nog goed dat ik heel wat jaartjes geleden als volstrekt groentje en plaatsvervangster met mijn zus mee mocht naar een concert van de wereldberoemde sopraan Jessye  Norman in het Concertgebouw. En eigenlijk is het heel gênant wat ik nu vertel. Maar ach, ’t is ook erg lang geleden. Na de pauze, let wel ná, vroeg ik ineens ‘Zingt ze nou zonder versterking?’. De blik van zuslief omschrijven gaat me niet lukken. Zogezegd een leermomentje.

Maar je kunt je ook nauwelijks voorstellen wat voor geluidsvolume zo’n operakeel kan produceren. Dat maakte ik een paar jaar geleden nog mee bij een uitvoering van Mozarts ‘Die Zauberflöte’. Ook weer van de Nederlandse Opera in de Amsterdamse Stopera. We zaten op rij twee en de regisseur had, zo bleek,  besloten dat tijdens de voorstelling één van de zangers het toneel zou aflopen en zich al zingend langs de benen van de toehoorders op juist die rij twee moest wurmen. Op zich al een kunststukje. Maar het geluidsvolume dat me toen passeerde? Echt ongelooflijk! Wat een klankkast kwam daar voorbij! Dat zal ik nooit meer vergeten.

andere scene in Rigoletto

Datzelfde geldt trouwens ook voor die voorstelling van Rigoletto. Het verhaal op zich is, zoals bij veel opera’s, zonder meer krankjorum te noemen. Volstrekt naïeve dochter van mismaakte  hofnar Rigoletto wordt zeer heftig verliefd op rokkenjagende hertog van Mantua en wordt doodgestoken  door een door haar vader ingehuurde kille moordenaar die eigenlijk de vuige hertog moet vermoorden. Drama tot de laatste snik. Misschien dat de regisseur hierdoor op het idee kwam ’t geheel zich te laten afspelen in een ouderwets krankzinnigengesticht. Met Rigoletto als geestelijk wrak. Geen kasteel van Mantua dus. Ach, moet kunnen. Zeker als ’t zo inventief en beeldend wordt uitgewerkt als nu het geval was. Zogezegd een frisse kijk, of moderner geformuleerd, out of the box denken. Maar in welke enscenering dan ook, die muziek blijft prachtig. Net zoals bij Dylan.

nogmaals Dylan in de AFAS Live

Bij hem ontdek je ook ineens dat ie het intro van een eigen nummer zo heeft veranderd dat je ’t in eerste instantie helemaal niet herkent. Ook heel knap, zo out of the box spelen. Tot volgende week.

TOOS

Muziek


Ik ben voor wat weken onder de internetradarhorizon verdwenen. Dat gebeurt wel eens meer, maar mijn lezers laat ik natuurlijk niet in de steek. Vandaar dus van te voren klaar gezette wekelijkse afleveringen. Maar wel wat korter en iets anders van karakter.

Toos van Holstein, Musica, olieverf 80 cm-160 cm
Toos van Holstein, Musica, olieverf 80 cm-160 cm

Is de poort één van de terugkerende thema’s in mijn schilderijen, muziek is dat ook. Beide, poorten en muziek, zijn voor mijn gevoel universeel. Want waar ik ook kwam, er zijn poorten en er is muziek. Bij de mariachi op het grote plein in Mexico Stad en bij de muzikant met zijn bluesgevoel in de Vlissingse kroeg. Bij de gitarist die improviserend in de Heineken Music Hall de sterren van de hemel rockt en bij het strak gedirigeerde symfonieorkest in het Amsterdamse Concertgebouw. Bij de ouwe mannenband op een pleintje in Cuba en bij het ouwe mannenorkest ergens in China met die zo andere klank dan Westerse oren gewend zijn. Bij de Franse saxofonist die vanwege de galm onder een arcade zijn melancholieke geluid laat horen en bij het Vlaamse amateurkoor dat met vuur barokmuziek doet herleven. Overal hoorde en zag ik muziek in allerlei soorten.

Toos van Holstein, Your own world, olieverf 80 cm-80 cm
Toos van Holstein, Your own world, olieverf 80 cm-80 cm
Toos van Holstein, Cantare, olieverf 90 cm-120 cm
Toos van Holstein, Cantare, olieverf 90 cm-120 cm
Toos van Holstein, Fortissimo, olieverf 130 cm-100 cm
Toos van Holstein, Fortissimo, olieverf 130 cm-100 cm

Dat schilder ik graag. Waarbij ik probeer dat horen en zien te combineren in een geluidloos schilderij dat toch moet vibreren van de klank. Mee ook omdat ik in mijn jongere jaren regelmatig back stage verkeerde. Bij het schilderen betrapte ik me er dan ook op dat ik in mijn muziekschilderijen van vroeger vaak een rockband van achter het podium weergaf. Terwijl dat tegenwoordig meer van voren gebeurt. Maar hoe dan ook, die muziek zal terug blijven keren in mijn werk. Van tijd tot tijd “moet er een muziekschilderij uit”. Tot volgende week.

TOOS

1 Blues, 2 werelden: Joe Bonamassa en Popa Chubby


Playing the blues, olieverfschilderij, 100 cm-130 cm
Playing the blues, olieverfschilderij, 100 cm-130 cm

Ik ben dan wel al heel lang beeldend kunstenaar, maar dat zegt niet dat er voor mij buiten die tak van sport geen andere cultuuruitingen bestaan. Muziek is voor mij altijd een inspiratiebron geweest. Ook voor schilderijen. Een van de bewijzen daarvoor staat hierboven. Niet dat ik tijdens mijn werk in het atelier muziek heb aanstaan. Nee, dan moet het voor mij stil zijn. Maar buiten dat atelier? Daar kan een jankende of ruige solo op de elektrische gitaar mijn hartje beslist sneller doen kloppen. En dan kun je natuurlijk al snel uitkomen bij die blues. Oftewel tegenwoordig Joe Bonamassa. Want die muzikant van nog maar 38 jaar staat qua beroemdheid behoorlijk eenzaam aan de top.

Een paar jaar geleden maakte ik een optreden van hem mee in de Heineken Music Hall en was gelijk verkocht. Dus toen ik las dat hij half maart van dit jaar een nieuwe reeks concerten in Nederland zou komen geven, waren de kaartjes snel gekocht.

Popa Chubby
Popa Chubby
Joe Bonamassa
Joe Bonamassa

Maar wat doet die Popa Chubby dan in de titel van dit stukje? Tja, van het een komt het ander. Toen ik eens op een feestje de naam Bonamassa liet vallen zei iemand “oh, maar dan vind je Popa Chubby ook vast heel goed”. Ooit van Popa Chubby gehoord? Ik toen nog nooit in ieder geval. Blijkt ie in het blues circuit wel heel bekend. En bleek ie eind vorig jaar ook nog op te treden in Vlissingen aan het begin van een nieuwe Europese tournee. In De Piek. De Piek? Ja, De Piek. Een bruin café annex zaal voor zo’n 250 tot 300 man. Wel allemaal staan dan.

Toen Popa tussen het publiek kwam aanlopen, met wandelstok omdat hij kreupelde, bleek hij een behoorlijk gezette Amerikaan te zijn. Iets ander typje dan Bonamassa. Maar vergis je niet. Hij zakte op zijn kruk en speelde een potje rauwe blues waar je u tegen zegt. Dik twee uur lang. Achter elkaar. Geen pauze. Nou ja, af en toe ging hij even een beetje moeizaam staan. Een geweldige gitarist, voor mij echt een verrassing daar in Vlissingen. Niet overigens voor de echte bluesfanaten. Die bleken ‘m gewoon achterna te reizen in Nederland bij zijn verschillende concerten. Allemaal in dat circuit van kleinere zalen.

Popa Chubby in De Piek, Vlissingen
Popa Chubby in De Piek, Vlissingen

Dat dus in tegenstelling tot Joe Bonamassa, die ik toevallig vorige week woensdag ook nog even zag verschijnen in De Wereld Draait Door. Om aandacht te geven aan zijn serie concerten in het Amsterdamse Koninklijke Theater Carré. Toch een iets deftiger omgeving dan die Vlissingse Piek. Daar zat ik dus afgelopen vrijdag, in dat Carré. Inderdaad, zitten. Weer een heel andere beleving dan het staan bij Popa. Een tikkie duurder ook. Bij Chubby voor 20 piek. Bij Bonamassa? Nou, daar zal ik ’t maar even niet over zal hebben. Iets minder lang dan bij Chubby maar toch ook mooi exact twee uur achter elkaar. Minder rauw, maar technisch fabelachtig en ook gevarieerder. Ook een band met acht man terwijl Chubby ’t deed met een bassist en een drummer. Gewoon twee verschillende blueswerelden die je niet met elkaar moet willen vergelijken. Dat wordt zoiets als appels en peren. Maar wel geweldig om ze alle twee te kunnen meemaken. Gewoon genieten!

blues 5a

Joe Bonamassa in Carré, Amsterdam
Joe Bonamassa in Carré, Amsterdam

Of die beide concerten ook weer inspiratie opleveren voor nieuwe “muziekschilderijen”? Vast wel. Maar zoiets moet bij mij altijd rijpen. Dus wanneer? Geen idee. Maar ’t gaat zeker en vast komen. Tot volgende week.

TOOS.

Van BinnenUit naar Joe Bonamassa


Bonamassa1Een cryptische titel? Ach, dat valt best wel mee! Want vorig jaar had ik in het luxe woonconcept complex BinnenUit in Heinkenszand een tentoonstelling. Dat was met mijn Buitenkunst bij Palladio. De speciaalzaak van Corné en Francine Tempelaars, die daar voor Zuid-West Nederland en verre omstreken het kwaliteits-segment buitenmeubelen vertegenwoordigen.

Klanten van Palladio waren weg van mijn muziekwerken op alu-dibond, het plaatmateriaal dat ik gebruik als drager voor die Buitenkunst. Maar ze zochten eigenlijk een specifiek olieverfschilderij op linnen voor binnen. Daar kwam een opdracht uit voort. Maar voor zo’n opdracht maak ik graag altijd wat uitgebreider kennis met de opdrachtgever en vind ik het ook heel fijn de ruimte te zien waar het werk moet komen te hangen. Zo zat ik dus op een middag vorig jaar in het appartement van mijn klant in Nijmegen te kijken naar een dvd van een concert van Joe Bonamassa. Want al pratend met elkaar kwamen we tot de conclusie dat het een “bluesschilderij” zou worden met daarop slechts één gitarist. En die New Yorker Joe Bonamassa, waarvan ik nog niet eerder had gehoord, bleek één van zijn favorieten te zijn.

Met dat schilderij (zie foto hierboven) is het helemaal goed gekomen. Want wat is er nu mooier voor een kunstenaar dan dat de opdrachtgever ’t kippenvel krijgt bij de eerste aanblik van het kunstwerk! Een beter compliment is eigenlijk niet denkbaar.

Bonamassa2

Maar intussen was die naam van Joe Bonamassa natuurlijk wel bij mij blijven hangen. Dus toen ik vorig jaar op internet voorbij zag komen dat hij in de Heineken Music Hall een concert zou geven, waren de kaartjes snel besteld. Daarvan heb ik totaal geen spijt. Afgelopen week was dat optreden in een uitverkochte zaal. Wat een blues-rockgitarist en ook zanger! Zo ongelooflijk goed, zo ongelooflijk veelzijdig, zo ongelooflijk zuiver. Ik ben een grote fan van Eric Clapton en ik hou van de vindingrijkheid van Jimy Hendrix. Maar die 35-jarige Bonamassa mag nu ook in dat rijtje. Wat wil je ook als je als 12-jarig jochie al in het voorprogramma van B.B King staat! Als hij weer eens een keertje naar Nederland komt, ga ik zeker proberen opnieuw van de partij te zijn.

Bonamassa3Een cryptische titel dus? Nee hoor, eigenlijk heel logisch. En omdat ik in mijn kunstenaarscarrière al flink wat “muziekschilderijen” heb  gemaakt, moet daar eigenlijk maar eens een filmpje van komen. Zo komt van ’t een dus ’t ander. Tot volgende week.

TOOS

www.toosvanholstein.nl

www.toos.biz

YouTube  http://bit.ly/ij4Pag

Diep purper en ouwe knarren


Afgelopen tijd had ik een paar keer te maken met ouwe knarren van allerlei pluimage die een link hebben met die kleur purper uit de titel. Aardige ouwe knarren overigens en ook kunstenaars  in hun eigen discipline. Want laten we wel wezen, Sint Nicolaas past toch heel goed in die categorie met z’n eeuwenlange toneelervaring. En dat purper? Was in lang vervlogen tijden die kleur niet voorbehouden aan de mantels van keizers, koningen en de belangrijkste managers van de Rooms-katholieke en Orthodoxe kerk? Dus die kleur is onze bisschoppelijke kindervriend zeker niet vreemd.

DP3

Maar die andere ouwe knarren, wie waren dat dan? In de eerste plaats de onverwoestbare ouwe rockers van Deep Purple! Vorige week traden ze op in de Heineken Music Hall in Amsterdam en ik was daar samen met heel veel anderen om naar ze te kijken en te luisteren. Dat werd naast een muzikaal feest  ook een feest van herkenning. Want die band heeft sinds de oprichting in 1968 aardig wat rock-klassiekers voortgebracht. Dat wil op voorhand natuurlijk nog niet zeggen dat ze in een live uitvoering nog steeds goed klinken.

DP1

DP2 Maar die zogenaamde oudjes beheersen hun vak nog steeds op een geweldige manier. In het voorprogramma trad één of andere Nederlandse  geluidsrijstebrijband op van drie jonkies die nog maar eens heel goed naar hun grote voorgangers moeten gaan luisteren. Het bleek maar weer eens  dat, net als in de beeldende kunst, aan goed muziek-kunstenaarsschap vakmanschap vooraf dient te gaan. Hoe was die oude Grolsch reclame ook al weer? Vakmanschap, meesterschap?  Ik heb wel eens  het gevoel dat dit  in onze hype maatschappij  regelmatig  uit het oog wordt verloren. En vakmanschap leer je toch in het algemeen door heel veel oefenen. Dat bleek dus maar weer eens op dat concert daar in Amsterdam.

DP4 En dan zag ik laatst nog zo’n ouwe knar die ik heel erg waardeer om zijn inventiviteit en vakmanschap. Freek de Jonge dus. Die verdient al heel lang die kleur purper, zeker ook weer voor zijn nieuwste programma “Circus Kribbe”. In onze maatschappij ben je tegenwoordig al snel afgeschreven. Probeer als 55-plusser maar eens opnieuw aan de bak te komen als je werkeloos raakt! Maar met die “oudjes” van hierboven  voor ogen maken we als samenleving  dus gewoon een ongelooflijk stomme fout.

Leve dus de ouwe knarren! Eén ding is daarbij trouwens wel zeker, van Sinterklaas zijn we gelukkig voorlopig nog niet af. Tot volgende week.

TOOS

www.toos.biz

www.toosvanholstein.nl

YouTube  http://bit.ly/ij4Pag