Tagarchief: Jan Cremer

Nederlandse Dagobert Duck’s en het Grote Kunstgeheim van Delden


Dat geheim van Delden komt zo. Eerst een raadseltje. Wat is de overeenkomst tussen Ruurlo, Wassenaar en Gorssel? Een makkie natuurlijk, het antwoord. Dat zijn Nederlandse Dagobert Duck’s. Niet dat ze zoals de enige echte en oorspronkelijke Dagobert letterlijk zwemmen in hun geld. Nee, dat gebeurt meer figuurlijk. Maar vrijwel letterlijk kunnen ze dat wel tussen alle kunst in hun pakhuizen.  Zo groot en zo vol met kunst dat er nieuw te bouwen musea aan te pas moesten te komen om ruimte te scheppen. Ze bleven namelijk maar kopen. Want als je lekker ruim in de slappe was zit en heftig besmet raakt met het kunstvirus is het hek snel van de dam. Dan wil je gewoon steeds meer, die drang wordt onbeheersbaar. Maar aan die verslaving danken we nu wel Museum Voorlinden in Wassenaar,  Museum MORE in Gorssel en Kasteel Ruurlo.

museum Voorlinden in Wassenaar
museum MORE in Gorssel
in museum MORE

Want  Joop van Caldenborgh en Hans Melchers konden niet op hun geld en hun kunst blijven zitten. Zij lieten deze nieuwe particuliere musea bouwen. Met wat kort door de bocht geformuleerd de focus op de internationale moderne kunst en op het Nederlandse Realisme.

Voor MORE werd die basis overigens wel gelegd door een uiteindelijk behoorlijk mislukte Dagobert Duck. Dirk Scheringa, de selfmade man op, letterlijk, altijd geitenwollen sokken. Die zag zijn bank in een diepe financiële put afzinken en moest zijn in aanbouw zijnde museum als een mislukt monument van macht leeg achterlaten in het weidse Westfriese landschap.

En zag daarbij ook nog het grootste gedeelte van zijn kunstverzameling, met vele Carel Willink’s als kern, overgaan in de handen van chemiemagnaat Hans Melchers. Die toen in het Achterhoekse Gorssel  het oude gemeentehuis liet uitbouwen en gelijk ook maar kasteel Ruurlo prachtig liet renoveren om daar Willink te laten schitteren.

Kasteel Ruurlo

Best interessant, die ontwikkeling. Ooit waren pausen, kardinalen en adellijke families  de kunstmecenassen. ’t Mocht best een losse florijn kosten om kathedralen, pauselijke verblijven,kastelen en paleizen op te laten fleuren. Erfgoed waar we nu nog steeds van genieten. Maar tegenwoordig, met het cultureel steeds armlastiger gedrag van onze overheid, gaat dat kunststokje over in handen van die nieuwe groep mecenassen. Rijke, zo niet gigantisch rijke zakenmensen met een leuk plekje in de Quote-500. En zo kom ik dan bij dat Grote Kunstgeheim van Delden.

museum No Hero in Delden

Goeie vriend Frank van Oortmersen, oud-directeur van het Nederlands Steendrukmuseum in Valkenswaard, wees me erop. ‘Toos, daar moet je heen, een verborgen kunstparel’. Dat bleek  museum No Hero te zijn. Op het landgoed Twickel in het Twentse Delden. Bestaand sinds 2018 en opgericht door ook weer zo’n kunstgevoelige Dagobert Duck: Geert Steinmeijer.

de prachtige achtertuin, met beelden

Nou, ik was door de opening van mijn expositie ‘The 70-Series and More, editie 4’ op 4 oktober bij Galerie Àlafran in Diepenheim (zie vorige blogaflevering) toch in de buurt. Want de afstand Diepenheim-Delden stelt heel weinig voor. En Frank had helemaal gelijk! Een nog veel te weinig bekende kunstparel, dat No Hero. Met een heel brede, eigenwijze kijk op de kunst. Van middeleeuwse panelen en beelden via de 19e eeuw naar Jan Sluijters  met tijdgenoten om dan bij de huidige moderne kunst aan te landen.

Zoals ook bij de Nederlandse Michael Raedecker die met stiksels in zijn schilderijen een glansrijke carrière opbouwde vanuit Londen en dit jaar is beland bij de laatste 8 van de verkiezing van Kunstenaar van het Jaar 2021. Hij maakt weer deel uit van de tijdelijke expositie over de Young British Artists. Een groep die in de jaren 90 de kunstwereld veroverde met aan het hoofd Damien Hirst, nu de rijkste artiest van het land. Ik schreef hier al eens over hem. Ook van hem hangt er werk. Net zoals van onze eigen grote Twentse schilderbarbaar Jan Cremer. Dat dan weer in samenwerking met het Rijksmuseum Twenthe waardoor er ook nog een vroege Mondriaan hangt.

werk van Michael Raedecker
werk van Damien Hirst
een heel vroege Mondriaan
werk van Jan Cremer

De net overleden Designer des Vaderlands en kunstverzamelaar Jan des Bouvrie, ‘zijn creatieve peetvader’ zoals Steinmeijer zegt, heeft ook nog een groot steentje bijgedragen aan de inrichting van museum en museumcafé. En dat kun je zien. Net zoals hij dat jaren geleden deed in hotel/restaurant  Domaine Cocagne in Cagnes sûr Mer aan de Côte d’Azur. Waar ik ’t diverse keren met hem aan de bar heel gezellig over kunst had. Net zoals trouwens met  Alex Mulder, een andere Dagobert Duck met een heel groot cultureel hart. Die recent Het Hem, oorspronkelijk een grote munitiefabriek in Zaandam, heeft omgetoverd in een gigantisch groot nieuw huis voor eigentijdse cultuur.

Het Hem in Zaandam

Maar dat staat nog op mijn te-bezoeken-lijstje en wordt misschien nog wel een ander verhaal. Laten we hopen dat er nog vele nieuwe kunstbehepte Dagobert Duck’s opstaan in Nederland. Tot volgende week.

TOOS  

Kamerverkiezingen pas volgend jaar, maar Kunstenaar van het Jaar 2021 verkiezing nu al


Ik maak ’t me eerst even lekker makkelijk met het kopiëren en plakken van een deel uit mijn Nieuwsbrief van begin juli. Want zo’n 6 à 7 keer per jaar verstuur ik die aan heel veel e-mailadressen in binnen en buitenland als er van mijn persoonlijk kunstfront iets te melden valt. Over exposities, kunstmanifestaties en andersoortig nieuws waarbij ik betrokken ben. Zoals dus bij onderstaande copy/paste alinea blijkt.

aan het werk in mijn atelier

“Verkiezing Kunstenaar van het Jaar 2021

Al heel wat jaartjes is ’t op 1 juli vaste prik in de inbox voor mijn e-mail: het bericht dat ik weer hoor bij de 90 genomineerden voor de verkiezing van Kunstenaar van het Jaar. Toch is ’t elk jaar spannend. Want zoals dat dan heet ‘resultaten uit het verleden zijn geen garantie voor de toekomst’. Maar daar was ie! En dat gaf opnieuw een heel tevreden gevoel. In de ogen van een kunstpanel van zo’n honderd kunstkenners/professionals vanuit heel Nederland te mogen horen bij de 90 uitverkorenen voelt elke keer als een eer en als een erkenning. Nu maar hopen dat er veel gestemd wordt via https://kunstenaarvanhetjaar.nl/verkiezing2021/ronde2/. En als dat op mij is, waardeer ik dat natuurlijk zeer!”

de pagina waarop jouw voorkeur voor de Kunstenaar van het Jaar 2021 kan worden aangegeven

Nou, dat is duidelijk. Het verkiezingscircus voor de Kunstenaar van het Jaar is weer begonnen. En opnieuw mag ik daarin een rol spelen. Vanaf 2003 is deze kunsthappening steeds professioneler, uitgebreider en belangrijker geworden. Ik weet nog goed dat een groot aantal belangstellenden zich in 2003 had verzameld in een te krappe en alsmaar snikheter wordende zaal ergens in Amsterdam. Daar hield initiator David Polak zijn geesteskind ten doop. Ik was daar omdat ik op een of andere manier bij de acht genomineerde kunstenaars terecht was gekomen waaruit die avond de aanwezigen de Kunstenaar van het Jaar gingen kiezen. Dat ik ’t niet ging worden, was me direct al duidelijk. Want wie liep er namelijk ook rond? De oude Corneille! Speciaal hiervoor uit zijn woonplaats Parijs overgekomen. En wie werd de verkozene? Inderdaad, Corneille. Maar ik zat toch mooi bij die acht.

in 2005 op het podium toen ik 2e werd bij de verkiezing van Kunstenaar van het Jaar, met links initiator David Polak

Sindsdien zijn er heel veel kunstenaars gekomen en gegaan bij de 90 die nu al weer vele jaren op een heel andere manier worden genomineerd dan destijds bij de start. Namelijk door dat kunstpanel uit die Nieuwsbriefalinea. Museumdirecteuren, kunstcritici, verzamelaars, curatoren en nog zo wat kunstkenners. Niet onaardig dus dat ik bij al dat komen en gaan toch steeds standvastig blijk. Zo vroeg ik levensgezel heel vriendelijk of hij de genomineerdenlijst van 2005, toen ik tweede werd,  eens wilde vergelijken met die van nu. In dat soort zaken ben ik namelijk niet zo goed, dat weet hij. Ruim meer dan 60 namen bleken verdwenen te zijn. Van óf overleden óf van de lijst gekukelde kunstenaars. Anderen bleven, maar dan ook niet de minsten. Internationaal gevierden als schilder Marlene Dumas, fotograven Rineke Dijkstra en Erwin Olaf, beeldhouwers Folkert de Jong en Mark Manders. Oh ja, en natuurlijk de 80-jarige krasse knar, onverbiddelijke bestsellerschrijver en schilder Jan Cremer. Wie heeft vroeger niet met rode oortjes de delen 1, 2 en 3 van ‘Ik Jan Cremer’ gelezen!  Niet onaardig dus dat ik mijn naam in dat gezelschap mag zien staan.

mijn raamaffiche over de nominatie op de grote glazen deur van mijn atelier

Nu is het publiek aan zet om uit de 90 genomineerden een volgende groep van 20 te kiezen. Die worden dan met nog 5 nieuwe wildcards opnieuw aan het panel voorgeschoteld. Opdat uiteindelijk een groep van 8 ontstaat waaruit het publiek ten slotte de Kunstenaar van het Jaar 2021 aanwijst. Je ziet, een verkiezingscircus van vele ronden.

Maar voor deze ronde kun je naar https://kunstenaarvanhetjaar.nl/verkiezing2021/ronde2/. Nog tot 15 september. Ik ben er natuurlijk weer heel erg nieuwsgierig of ik opnieuw bij die laatste 25 beland.

Overigens, mijn Nieuwsbrief staat helemaal los van dit blog TOOS&ART. Mocht je er belangstelling voor hebben, stuur dan even een mailtje naar toosvanholstein@xs4all.nl. Die laatste van begin juli is in z’n geheel te lezen op mijn website www.toosvanholstein.nl onder de knop Nieuwsbrief. Tot volgende week.

TOOS

Spiegeltje, spiegeltje aan de wand, wie wordt de komende KvhJ van ’t land?


 Eind juni zit ik toch altijd wel een beetje in spanning. Al een aantal jaren elke keer weer. Want dan komt er, net als bij de pausverkiezing in het Vaticaan, witte rook uit de schoorsteen van de Stichting Kunstweek. De stichting die ooit in 2002 begon met de organisatie van de verkiezing van de Nederlandse Kunstenaar van het Jaar. En bij die witte rook daalt de lijst neer met de namen van de 90 genomineerden voor die titel. Die negentig krijgen altijd al een dag eerder bericht van hun uitverkiezing. Vandaar dus de hierboven aangehaalde spanning. Krijg ik opnieuw dat mailtje? Want ik blijf het een grote eer vinden mijn naam op de verkiezingslijst terug te vinden, ook al heb ik er al heel wat keertjes op gestaan. En ja hoor, ook in deze 16e editie zat ik er weer bij!

de stemlijst

Het selecterend panel van zo’n 100 museumdirecteuren, conservatoren, kunsthistorici, kunstcritici, verzamelaars en kunstdocenten mag dan door de jaren heen veranderen, ik heb er als kunstenaar dus nog steeds genoeg draagvlak. En dat maakt blij. Want ga maar na. Dit jaar worden er zes nieuwe namen voorgedragen vergeleken met 2017. Maar als je kijkt naar de lijst van tien jaar geleden is de helft van de namen van toen vervangen door andere. In mijn ogen best veel.

Er kan nu volop gekozen worden door het publiek. Uit namen van bekende kunstenaars als Jan Cremer (wie kent zijn naam niet!), Marlene Dumas (wereldberoemd), Henk Helmantel (van de hele dure stillevens), Jeroen Krabbé (ook van film en tv), Ans Markus (kijk maar in DE bladen), Erwin Olaf (van de glamorous foto’s van de koninklijke familie dit jaar), Daan Roosegaarde (van de Afsluitdijk en nog heel veel meer)) en Henk Visch (met afgelopen jaar nog een groot beeld in Middelburg tijdens de 5-jaarlijkse Façade). Daar sta ik toch maar mooi tussen! Best een toost waard, vind je niet?.

Maar nu moet er dus gestemd worden. Via www.kunstenaarvanhetjaar.nl/verkiezing2019/ronde2/ .

Als ik daardoor bij de overblijvende 20 kunstenaars terecht kom, zou ik dat helemaal niet erg vinden. Want dat is de bedoeling van deze verkiezingsronde. Twintig van de negentig gaan door naar de derde ronde. Het panel is dan weer aan de beurt voor de keuze van de overblijvende laatste acht. Maar zover is ’t voorlopig nog niet. Want er kan in deze tweede ronde gestemd worden tot 15 september. Ik ben benieuwd. Tot volgende week.

TOOS

12 Keer op rij erbij en 12 keer in de top


KvhJ01

Het zal zo’n veertien jaar geleden zijn dat hij die lumineuze inval kreeg. De inval? “We gaan een verkiezing organiseren voor de Nederlandse Kunstenaar van het Jaar, buiten alle gebaande kunstwegen, alle kunstsubsidiekanalen en alle kunstinstituties om, gewoon een fris kunstgeluid waarbij iedereen zich betrokken kan voelen”. Die hij? David Polak, de man die nu, veertien jaar later, eigenlijk zelf een kunstinstituut heeft gevormd.

KvhJ02Met die jaarlijkse verkiezing en de daarmee samenhangende  Kunstweek altijd aan het begin van november als leidraad. Met een reeks kunstbeurzen door het hele land voor zowel professionele als amateurkunstenaars die daarmee via een eigen bijdrage een podium krijgen voor hun werk. Met de zogenaamde C-kaart waarmee je korting krijgt op allerlei cultuuruitingen in het hele land. Verder is er een serie boeken “Beeldende kunst in Nederland” en “Jaarboek Kunstenaars” ontstaan. Zoals ook de club Vriend van Stichting Kunstweek en een club van partners en sponsors waardoor dat alles zonder gemeentelijke en rijkssubsidies kan draaien. Of de Nationale Associatie voor Beeldend Kunstenaars NABK die zich inzet voor de beeldende kunst in het algemeen. En wie weet vergeet ik nog een en ander.

Dat had David Polak zelf vast niet verwacht toen in 2003 ergens in een zaaltje in Utrecht de eerste verkiezing van die Kunstenaar van het Jaar nog wat rommelig verliep. Ik weet dat want ik was erbij als een van de genomineerden. De oude Cobra-coryfee Corneille, speciaal daarvoor overgekomen uit Parijs, werd toen de eerste van de reeks Kunstenaars van het Jaar.

Waarom ik dit alles nu ophaal? Omdat de nieuwe verkiezing op de traditionele datum van 1 juli weer is los gebarsten. Op http://www.kunstenaarvanhetjaar.nl/verkiezing2017/ronde2/  kan weer gestemd worden op de 90 genomineerde kunstenaars. En zoek je alfabetisch op achternaam bij de H, dan kom je mij daar ook weer tegen.

KvhJ03

Want ik zit er nu, in 2016, opnieuw bij als genomineerde. Nog steeds zou ik eigenlijk beter kunnen zeggen. Want sinds 2005 heeft mijn naam niet ontbroken op de lijst van kunstenaars die door een panel van rond de 100 Nederlandse kunstkenners wordt samengesteld. Zij mogen allemaal maximaal 20 kunstenaars aandragen en dan gaat ’t er maar om welke namen het meest worden genoemd.

Nu is het aan het publiek om tot half september via internetstemmen  een groep van de 20 populairste kunstenaars door te laten gaan naar de volgende ronde. Dank zij de liefhebbers van mijn werk zat ik daar tot nu toe ook steeds bij. Al 12 keer dus. Niet onaardig toch? Als daarna dat kunstpanel weer aan bod komt om uit die overgeblevenen de laatste acht aan te wijzen voor de publieke slotronde zit mijn naam er nooit meer tussen. Dat leed zal ik moeten dragen! Voor die allerlaatste groep heb ik dus blijkbaar niet genoeg draagvlak binnen het panel. Maar hoe dan ook werd ik door de publieksstemmen toch maar mooi de Briljanten Kunstenaar 2016. Dat is zij of hij die in de uiteindelijke volgorde als eerste 65-plusser daarvoor in aanmerking komt.

KvhJ04

Dat ik er opnieuw bij zit, streelt mijn kunstenaarsego natuurlijk best wel. Want van de reeks Kunstenaars van het Jaar zijn er al 5 niet meer terug te vinden onder de genomineerden van nu. Bij Corneille overigens wel logisch. Want die is dood. En van bijvoorbeeld de 90 genomineerden in 2009 is maar de helft over in de nu gepubliceerde lijst. Aan doorstroming dus geen gebrek. Dat ik daar verkeer tussen heel veel zeer gerenommeerde kunstenaars stemt me beslist tevreden. Ga maar na. De wereldberoemde Marlene Dumas, het vroegere enfant terrible Jan Cremer, de onbetaalbare stillevenschilder Henk Helmantel, de als een komeet opgekomen beeldhouwer Folkert de Jong, de ook voor IKEA werkende en overbekende design-ster Hella Jongerius, society-schilder Ans Markus, de over de hele wereld werkende fotograaf Erwin Olaf, de op dit moment nogal controversiële ontwerper Daan Roosegaarde en herman de vries die zijn naam zonder hoofdletters schrijft en in 2015 Nederland vertegenwoordigde op de Biënnale van Venetië. Interessant stel bij elkaar dus.

Maar nu allemaal stemmen. Ook op mijn website www.toosvanholstein.nl heb ik op de Nederlandse openingspagina een link aangebracht die direct naar de stemlijst voert. Tot volgende week.

TOOS

En zo is ’t gekomen!


Als de vader van mijn levensgezel niet een gezin had gekend waarvan een zoon woonde in de Adelheidstraat in Den Haag had dit stukje er heel anders uitgezien. Want dan was Poen de Wijs niet de buurman geworden van levensgezel toen die zich in die Adelheidstraat vestigde. Poen was een zeer getalenteerde fijnschilder, één van de beste van Nederland. Was! Want vorig jaar overleed hij, veel te vroeg. Door dat buurmanschap leerde ik Poen kennen als vriend en kunstgenoot die altijd bereid was om zijn kennis te delen. Met uiteindelijk als gevolg het steendrukje hieronder.

feeststeendruk 1
feeststeendruk 1

Want toen ik op zoek was naar een goeie steendrukker kwam Poen met de suggestie “ga naar Ernst Hanke in Zwitserland”. Ik had in 1995 al eens een steendruk gemaakt in het atelier van de bekende Piet Clement in Amsterdam. Daar waar bijvoorbeeld  Jan Cremer en Lucebert kind aan huis waren. Maar mijn manier van werken paste daar niet. Een 5-kleurensteendruk maken op vijf verschillende stenen? No way, veel te onnauwkeurig! Dus toen Poen me vertelde dat Ernst Hanke dat allemaal op één steen kon, was een afspraak met Ernst snel gemaakt. De treinreis naar zijn atelier in Ringenberg zal ik niet licht vergeten. Van de ene vertraging in de andere, dus onverwachte overstappen, en pas midden in de nacht op de eindbestemming. Maar de samenwerking met Ernst was perfect. In de jaren daarna volgden nog meer steendrukken, zowel opdrachten als litho’s die ik voor mijzelf maakte. Wel ging ik dan met de auto! Heen zonder en terug met steendrukken. Over de Zwitserse douane, Zwitserland is ten slotte geen EU-land, zal ik ’t nu maar niet hebben. Dat is een heel ander verhaal.

samenwerkend met Ernst Hanke in zijn grote steendrukpers
samenwerkend met Ernst Hanke in zijn grote steendrukpers

Maar Hanke ging er mee stoppen. Het was mooi geweest. En de populariteit van de steendruk was duidelijk over zijn hoogtepunt heen. Erger nog, de verkoop stortte jammer genoeg helemaal in door de opkomst van digitale kunstreproductietechnieken. Ook weer een verhaal apart. Dus hoe ging Toos nu nog litho’s maken? Heer Bommel had dan Tom Poes als listverzinner. Maar dit was werkelijkheid en geen stripverhaal. Via via kwam ik ten slotte uit bij een andere meestersteendrukker, Rudolf Broulim. Oorspronkelijk afkomstig uit, toen nog, Tsjecho-Slowakije, al jaren leraar aan de kunstacademie in België, met een eigen steendrukatelier in Ekeren bij Antwerpen en ook werkend met die éénsteentechniek.  Een geheel andere persoonlijkheid dan Ernst. Maar ook met hem kon ik het heel goed vinden. Dus volgde er weer een jarenlange samenwerking met als voordeel dat de afstand Middelburg-Ekeren ietsje korter is dan die van Middelburg naar Zwitserland.

vooroverleg met Rudolf Broulim over de feeststeendrukken
vooroverleg met Rudolf Broulim over de feeststeendrukken

de steendrukken staan te drogen
de steendrukken staan te drogen

En toen wilde ook Rudolf er mee gaan stoppen. Het pensioen lonkte. Maar niet zonder mij nog een mooi afscheidscadeau te geven. Vorig jaar september, tijdens een groot feest dat levensgezel en ik hadden georganiseerd vanwege allerlei mooie leeftijdsgetallen. Ik mocht bij hem nog een laatste litho maken. Bedoeld als herinnering voor alle 140 feestgangers aan een onvergetelijke avond. Dat hebben we tijdens dat feest dus ook luid en duidelijk aan een ieder verkondigd. Zo duidelijk zelfs dat ik kort geleden nog een mailtje kreeg van een toen aanwezige die heel nieuwsgierig was naar de stand van zaken rond die feeststeendruk. Het heeft inderdaad ook even moeten duren.  Want Rudolf was druk bezig allerlei pensioenzaken rond zijn atelier af te wikkelen. Zoals bijvoorbeeld het verkopen van zijn grote pers naar China. Want de Chinezen kopen niet alleen wereldwijd grote bedrijven op, maar ook mooie, oude, grote steendrukpersen. Zij hebben daar voor de steendruktechniek nu veel meer belangstelling dan wij hier in Europa.

feestgangers op de tweede etage achter de balustraden
feestgangers op de tweede etage achter de balustraden

Het duurde dus even voor Rudolf voor mij een steen kon prepareren. Een steen zelfs, zo bleek, waarop ik twee litho’s van A4-formaat kon maken. Altijd makkelijk nietwaar, als zo’n kunstwerk over de post moet worden verstuurd. Want natuurlijk is ’t heel leuk om de feestgangers persoonlijk een exemplaar te overhandigen als dat logistiek goed uitkomt. Maar ja, ze wonen verspreid over het hele land. Dus ik zal toch hier en daar de ouderwetse post moeten gebruiken.

feeststeendruk 2
feeststeendruk 2

Resten nog twee vragen. Eén. Wie wordt mijn volgende meestersteendrukker? Want dat steendrukken is toch veel te leuk om niet meer te doen, na  al die ervaringen met een paar van de echte grote Europese meesters. De tijd gaat het leren. En twee. Stel nu eens dat levensgezel niet in die Adelheidstraat terecht was gekomen en ik Poen de Wijs niet had leren kennen. Zouden dan ooit twee feeststeendrukken zijn ontstaan in het atelier van Rudolf Broulim? Van het een komt het ander, maar of daar logica in zit? Tot volgende week.

TOOS

Weer erbij! Al 11 keer op 12 verkiezingen van Kunstenaar van het Jaar


verkiezing 2 Europese verkiezingen, gemeenteraadsverkiezingen. Daarmee hebben we de politieke kant dit jaar wel gehad. Maar er valt beslist nog wel meer te kiezen.

Wat te denken van de jaarlijks groter wordende verkiezing van Kunstenaar van het Jaar? Gestart in 2003 door de stichting Kunstweek en nu dus toe aan de 12de editie. Elk jaar opnieuw worden 90 kunstenaars genomineerd door een uitgebreid panel van museumdirecteuren, kunstrecensenten, verzamelaars, conservatoren en docenten.

Onder die 90 vinden in de loop der jaren natuurlijk allerlei wisselingen plaats. Vergeleken bij vorig jaar zitten er nu 17 nieuwe namen bij. Wat betekent dat niet de minsten verdwenen zijn. Zoals bijvoorbeeld de bekende Gertie Bierenbroodspot en de populaire Michaël Raedecker voor wiens werk vaak tonnen worden betaald. Maar wie staat er toch nog weer bij? Dit persoontje dus! Al voor de 11de keer sinds 2003. Alleen in 2004 ontbrak mijn naam op het lijstje van genomineerden.

Hoe betrekkelijk zo’n verkiezing ook mag zijn, ’t is toch fijn om op deze manier als kunstenaar gewaardeerd te worden.

Om verkozen te worden, moet er natuurlijk wel gewerkt worden!
Om verkozen te worden, moet er natuurlijk wel gewerkt worden!

Maar nu moet er dus gekozen gaan worden. Tot half september is het kunstminnend publiek aan de beurt. Ga maar eens naar  http://kunstweek.nl/verkiezing2014/ronde2/  . Daar staan in alfabetische volgorde de namen van de genomineerden. Met die van mij dus onder de H. Tussen gerenommeerde kunstenaars als schilder/schrijver Armando, fotograaf Anton Corbijn, ons aller Jan Cremer, de wereldberoemde Marlene Dumas, ontwerpster Hella Jongerius, societykunstenaar Ans Markus en, niet te vergeten,  de over de hele wereld bekende fotograaf Erwin Olaf.

Via deze publieke verkiezingsronde gaan uiteindelijk 25 kunstenaars door naar de volgende ronde. Daarin kiest dan het kunstpanel voor de laatste acht, waarna het publiek weer aan de beurt is.

Tot nu toe ben ik altijd wel bij die laatste 25 terecht gekomen. Dankzij dus de vele stemmen van trouwe fans en liefhebbers van mijn werk. En ik zou het helemaal niet erg vinden als zoiets dit jaar ook weer gebeurt. Ga dus maar eens kijken op die link van hierboven. Ik ben benieuwd of mijn naam dan half september  bij die laatste 25 prijkt.  Tot volgende week.

TOOS

http://www.toosvanholstein.nl

http://www.toos.biz/

YouTube http://bit.ly/ij4Pag

Facebook http://www.facebook.com/TOOSvanholstein