Tagarchief: La traviata

Heel oude helden, minder oude helden en ook nog striphelden Asterix en Obelix


beelden van Vercingetorix

Een paar jaar geleden stond ik in Clermont Ferrand plotseling oog in oog met een woest uitgedoste Galliër. Vercingetorix, naar bleek. Hij moest mij overigens wel schriftelijk worden voorgesteld via de bijbehorende museumtekst. Want deze vrijheidsstrijder voor Gallië, dat wat nu dus zo’n beetje Frankrijk is,  bleek al bijna tweeduizend jaar dood. Begin 2018 schreef ik al eens over hem omdat hij me duidelijk maakte waarom stripheld Asterix er uitziet zoals ie eruit ziet (lees hier maar). Alle strips over Asterix en metgezel Obelix heb ik in de loop der jaren gretig tot me genomen. Zalig! Dus als er een nieuwe verschijnt, moet ik die absoluut lezen.

 Daardoor werd ik recent opnieuw met Vercingetorix geconfronteerd omdat hij blijkbaar ook nog een dochter had. Althans, zo blijkt uit de natuurlijk altijd betrouwbare annalen van het nieuwste en 38ste Asterix stripboek, ‘De dochter van de veldheer’. Waarin Adrenaline, de puberende dochter van de door Julius Ceasar verslagen en gedode Vercingetorix ten tonele wordt gevoerd. Of zij net zoals haar vader tot het nationale erfgoed van de Franse natie zal gaan behoren? Dat is maar helemaal  de vraag. Hoe dat zit?

In dat museum in Clermont Ferrand stond en hing een hele kunstverzameling Vercingetorixen. Alles 19e eeuws. De tijd dat in Europa allerlei regio’s aaneen groeiden tot natiestaten. Denk maar aan Duitsland en Italië. Maar daarvoor moesten ook nationale helden gecreëerd worden. Iets met saamhorigheid, horen bij een land, nationalisme, identiteit. Niks nieuws onder de zon zou je bijna kunnen denken. Denk ook maar eens aan Rembrandt. Heeft die niet in opdracht voor het nieuwe Amsterdamse stadhuis, nu het Paleis op de Dam, ‘De samenzwering van de Bataven onder Claudius Civilis’ geschilderd? Onze eigen Claudius die, net als Vercingetorix, in opstand kwam tegen de Romeinen. De parallel met de Tachtigjarige Oorlog is snel getrokken.

Rembtandt, De samenzwering van de Bataven onder Claudius Civilis

Logisch dus dat Claudius terugkwam in de 19e eeuw toen het nieuwe Koninkrijk der Nederlanden wel weer wat nationale helden kon gebruiken na het verlies van België in 1831.

Barend Wijnveld, 1835, Claudius Civilis spoort de Batavieren tot opstand aan

Nog meer voorbeelden uit die heldenverzameling? Ene Jan van Schaffelaar die in 1482 van de Barneveldse toren sprong om zijn manschappen te redden. Of Kenau Simonsdochter Hasselaer die kokende pek over de Spanjaarden goot vanaf de Haarlemse stadswallen. Of die Jan ‘dan maar liever de lucht in’ van Speijk. Of het feitelijk allemaal klopte? Geen kniesoor zijn. Als ‘we’ ons maar met die iconen konden identificeren om daar onze Nederlandse identiteit aan te ontlenen.

litho van A.F.Zürcher, 2e helft 19e eeuw
Johannes Hindrikus Egenberger, Frans Hals Museum, Kenau Hasselaar op de wallen van Haarlem
Jan van Speyk, door Jacobus Schoenmaker Doyer

Asterix en Obelix zal dat niet meer overkomen, maar Vercingetorix kon in die 19e eeuw  ook mooi gebruikt worden als trots der Franse natie. Hij had eerst toch maar mooi Julius Ceasar verslagen bij Gergovia. Wel jammer natuurlijk dat hij bij Alesia alsnog het onderspit moest delven en als krijgsgevangene naar Rome werd afgevoerd.

En nu komt dus ineens zijn dochter te voorschijn in de nieuwste Asterix-strip. Met nog meer jeugd. Zoals Gambix, zoon van de vishandelaar, zijn schattige kleine broertje Scampix met een vergiet als helm, Selfix als zoon van de smid, zoon Ludwikamadeus van de Romeinse generaal Pipappus en Pacifix die zijn boot vol bloemen schildert. Alleen die namen al!

En dan natuurlijk die altijd weer heerlijke, kleine tekengrappen.

Charles Aznavour als piraat ‘Laaaa bohêêême ‘ zingend terwijl zijn dronken medepiraten uit volle borst het oh zo bekende drinklied aanheffen uit de beroemde opera La Traviata van Verdi.

Ludwikamadeus die niet alleen in Gotische letters spreekt maar er ook in trommelt.

Het steeds terugkerend ‘pok’ geluid als de twee begeleiders van Adrenaline, Monolitix en Kalorinix, weer eens per ongeluk met de geweien op hun helmen tegen elkaar aanrammen.

 En natuurlijk Obelix’s  trouwe hondje Idéfix. Altijd ergens in de tekeningen terug te vinden. Dat maakt die strips zo heerlijk om te lezen en te bekijken. Ook kunst! Eigenlijk zou onze eigen hedendaagse Willemsorde-held Marco Kroon ook eens in die strip moeten voorkomen. De Romeinen omver waterend bijvoorbeeld. Maar ja, Marco kennen ze in Frankrijk waarschijnlijk niet. Tot volgende week.

TOOS

La Traviata in La Fenice in La Serenissima


En waarom een héééél klein ietsiepietserig stukje van het beroemde operagebouw Teatro  La Fenice in Venetië eigenlijk van mij is. Dat zou namelijk ook boven deze aflevering kunnen staan. Maar voor een titel is dat toch wat lang. Overigens, zowel de lange als de korte titel verdienen natuurlijk wel enige uitleg.

Fenice1

Uit voorgaande stukjes is wel duidelijk dat ik kort geleden een week in Venetië doorbracht. Eén van de mooiste steden ter wereld en ook een lievelingsstad van mij. Die speciale binding begon ergens in de tweede helft van de jaren 90. La Fenice was weer eens afgebrand, niet voor de eerste keer dus in haar bestaan sinds 1792. Zoiets gaat natuurlijk geld kosten, heel veel geld voor restauratie en herbouw. Vanuit mijn Niçoise galerie Qvadrige ontstond het idee om met een aantal kunstenaars een benefiettentoonstelling te organiseren in Venetië in samenwerking met een bevriende galerie daar. De verkoopopbrengsten zouden voor het opbouwfonds van La Fenice zijn. Zo gezegd, zo gedaan. Vandaar dat er ineens werk van mij in Venetië hing en ik daar vanzelfsprekend ook was. Daar begon mijn liefde voor La Serenissima, een liefde die nog steeds voortduurt.

fenice2

Er hangt overigens nog steeds werk van mij. Vanuit verkoop aan particulieren maar ook in een restaurant. Aciugheta, vlak bij de Piazza San Marco, een naam die met ansjovis heeft te maken. Door de connecties van onze Venetiaanse galeriehouder Antonio konden we daar toen voor een inboorlingprijs eten. En dat scheelt behoorlijk met de toeristenprijs, neem dat maar van mij aan. Als tegenprestatie hebben wij, de kunstenaars, destijds elk een klein kunstwerkje gemaakt. Ik een tekening met oprukkende ansjovisjes. Een paar weken geleden ben ik even op controle geweest, en ja hoor, het hangt er nog steeds (zie links boven op de foto).

fenice3 Door die benefietactie kan ik dus met recht beweren dat een heel klein restauratiestukje van La Fenice  door mij is bekostigd. Maar van het bijwonen van een voorstelling daar was ’t tijdens al mijn Venetiaanse bezoeken nog nooit gekomen. Nou kost je dat ook echt een rib uit je lijf. Maar voor alles in het leven is er een eerste keer. Ook dus voor zo’n opera in La Fenice. Zeker toen ik op internet zag dat La traviata van Verdi werd opgevoerd. Dat beroemde werk beleefde er ten slotte zijn wereldpremière in 1853 en was ook de eerste productie bij de heropening in 2004. Mooier kon gewoonweg niet!

 

Ik heb ontzettend genoten. Wat wil je ook bij zo’n operadrama  met bijna alleen maar klassieke tophits en een prachtige bezetting. Maar dat laatste zijn ze daar aan hun stand wel verplicht. Het blijft natuurlijk een draak van een verhaal met alle bijbehorende liefde, zieligheid, leed, ziekte, opofferingsgezindheid en dood. Maar die muziek! Kippenvelmomenten zoals goeie muziek die kan veroorzaken. Bij een volgende keer in Venetië, en die komt allicht, misschien toch maar weer die rib uit mijn lijf?

fenice4

Tot volgende week.

TOOS

http://www.toosvanholstein.nl

http://www.toos.biz/

YouTube http://bit.ly/ij4Pag