Tagarchief: Louis Couperus

Expositie in Eersel bij Galerie Hans Persoon


Domein Oogenlust in Eersel
Domein Oogenlust in Eersel

Zo ik iets ben, ben ik een kunstenaar. Hé, zullen sommigen zeggen, dat doet me denken aan de gevleugelde uitspraak van de bekende Haagse schrijver Louis Couperus: “Zo ik iets ben, ben ik een Hagenaar”. Dat klopt dan, want van hem heb ik deze manier van zeggen geleend. Maar bij mij zou het eigenlijk moeten worden “Zo ik iets ben, ben ik een kunstenaar en een ZeBra. Want al woon ik dan alweer vele jaren in het Zeeuwse Middelburg, mijn wortels liggen in Brabant. In Eindhoven en omgeving om precies te zijn.

Daar is dan ook mijn kunstenaarscarrière begonnen. Daar heb ik dan ook nog steeds heel veel liefhebbers van mijn werk en daar heb ik heel veel succesvolle exposities gehad bij Galerie Lambèr in Valkenswaard. Maar ja, hoe gaat dat! Galerieën komen en galerieën gaan, maar de kunstenaars blijven bestaan. Dus enkele jaren geleden hield Lambèr op met bestaan en ik ben er nog.

Ingang van Galerie Hans Persoon
Ingang van Galerie Hans Persoon

Maar voor Lambèr is dan nu Galerie Hans Persoon in Eersel (www.galeriehanspersoon.nl) in de plaats gekomen. Niet ver van Valkenswaard, niet ver van Eindhoven en dus weer dicht bij mijn wortels. De galerie is onderdeel van Domein Oogenlust. Een geheel nieuw, groot complex met een concept dat inderdaad een lust is voor het oog. Bloem en plantsierkunst van het hoogste niveau met daarbij behorend sierkeramiek, siervazen, kassen, buitenmeubilair en een beeldentuin in aanbouw. Plus dus nog een prachtige galerie. Gewoonweg een plezier voor mij als kunstenaar om daar te kunnen tentoonstellen. De aftrap was afgelopen zaterdag 10 mei.

Afleveren van schilderijen bij Galerie Hans Persoon
Afleveren van schilderijen bij Galerie Hans Persoon

Vorige week dinsdag had ik mijn schilderijen al naar Eersel gebracht. Daarna is het dan aan de galeriehouders om er een mooie tentoonstelling van te maken. Als kunstenaar bemoei ik me daar meestal niet mee. Zij kennen hun eigen ruimte het best en meerdere kapiteins op een schip? Nee dus! Maar dat maakte het des te spannender om bij de opening afgelopen zaterdag te zien wat voor totaalbeeld Hans en zijn vrouw Jacqueline er van hadden gemaakt, in samenhang met het werk van medekunstenaars Nick Seijkens, ook schilder, en beeldhouwer Jos Kuppens. Nou, mij hebben ze niet horen klagen.

Ook spannend was natuurlijk dat weer terug zijn in die ouwe omgeving! Hoe zou die opening zijn, zouden mijn Brabantse fans wel verschijnen? Daar had ik me dus helemaal geen zorgen over hoeven te maken. Op een bepaald moment stonden ze zelfs in de rij om me te begroeten. De foto’s spreken trouwens voor zich.

Foto's van de vernissage
Foto’s van de vernissage

Persoon 5 Persoon 6a

’s Avonds laat terug op weg naar Middelburg, na een heerlijk diner met Hans en Jacqueline Persoon, keek ik dan ook terug op een heel geslaagde vernissage. De tentoonstelling duurt nog tot in de eerste week van juni. Adres en openingstijden van de galerie zijn natuurlijk te vinden op de hierboven al aangegeven website. Tot volgende week.

TOOS

http://www.toosvanholstein.nl

http://www.toos.biz/

YouTube http://bit.ly/ij4Pag

Facebook http://www.facebook.com/TOOSvanholstein

Een vrolijke Frans in Haarlem


Ik was er al heel lang niet meer geweest.  Zeker wel vijfentwintig jaar, zo niet dertig. Dus werd ’t wel weer eens tijd. En de tentoonstelling “Frans Hals- Oog in oog met Rembrandt, Rubens en Titiaan” was daarvoor, in combinatie met een afspraak in Haarlem, de perfecte aanleiding.

Frans Hals 1Het 100-jarige Haarlemse Frans Hals Museum is één van die kleinere musea die een ongekende kwaliteit bieden. Met bijvoorbeeld een rijke collectie  aan 16de en 17de eeuwse schilderkunst uit en over Haarlem. De lakenhandel had de stad rijk gemaakt. En zoals vaak, de rijkeren omringden zich graag met kunst. Van Jan van Scorel, Maerten van Heemskerck, Cornelis van Haarlem in de 16de eeuw. Willem Claesz Heda, Gerard ter Borch, Saenredam en natuurlijk vooral Haarlemmer Frans Hals (Antwerpen 1582/83-Haarlem 1666) in de 17de. Zoals schrijver Louis Couperus ooit zei “Zoo ik iets ben , ben ik een Hagenaar”, zo zou je van Frans Hals kunnen zeggen “zo hij iets was, was hij een Haarlemmer”. Dat bleek wel toen de grote portretschilder Anthony van Dyck, hofschilder van de Engelse koning Karel I, hem in 1632 probeerde over te halen ook naar Londen te komen. Hij weigerde. Hals was voor Haarlem zelfs zo belangrijk dat hij in de laatste periode van zijn leven jaarlijks een lading turf en een soort pensioen  kreeg. Maar hij was dan ook een wijd en zijd beroemd kunstenaar die van jongs af aan als één van de weinigen de zogenaamde “ruwe” stijl van schilderen tot in de perfectie beheerste. Zoals ook Rembrandt dat op latere leeftijd deed.

Met je neus bovenop schilderijen als “Lachende jongen” en “Pekelharing” kun je dat heel Frans Hals 2goed zien. Probeer maar eens met zo’n ruwe toets de lach in een gezicht te vangen. Kunstboeken uit die tijd  beschrijven hoe moeilijk dat was. Maar Hals deed ’t moeiteloos. “Pekelharing”, destijds de benaming voor een kannekijker oftewel drinkebroer, hing waarschijnlijk in een bekende Haarlemse kunstenaarskroeg die ook door Frans werd gefrequenteerd. Blijkbaar was hij daarbij niet altijd consequent in het betalen, gezien een proces dat door de kroegeigenaren eens tegen hem werd aangespannen. Maar hij deed er vast ook heel veel gratis inspiratie op voor dit soort genrestukken die toen heel populair waren.

Net zoals trouwens de schutterstukken. We kennen natuurlijk allemaal “De Nachtwacht” als het ultieme voorbeeld. Maar Hals kon er ook wat van.

Frans Hals 3

In de grote zaal van het museum hangen er vijf van hem. Dat is so wie so al imposant, maar ze zijn ook heerlijk los geschilderd. Deze schilderijen werden in opdracht gemaakt als na een aantal jaren de stadsbeveiliging, de schutters, plaats moest maken voor een nieuwe groep. Dat werd dan gevierd met een grootse maaltijd die blijkbaar nog wel eens behoorlijk kon uitlopen. Maximaal  vier dagen was toegestaan! Zo staat dat ten minste In een stadsverordening uit 1633. Voldoende tijd dus om een goed beeld te krijgen van die burgers en ze daarna levendig te kunnen schilderen. Beslist de moeite waard, die tentoonstelling. Nog tot einde juli. Tot volgende week.

TOOS

www.toosvanholstein.nl

www.toos.biz

YouTube  http://bit.ly/ij4Pag