Tagarchief: Lucian Freud

Ontboezemingen bij een dijk van een tentoonstelling over een Dijk van een Wijf: Paula Rego in Kunstmuseum Den Haag


te lang geleden dat ik zo in het Kunstmuseum Den Haag kon zitten

’t Mocht weer van onze regeerders dus ben ik gelijk maar begonnen met afvinken in mijn museumexpositiesverlanglijst. Hoe zou dat laatste woord vallen bij medespelers als je aan het scrabbelen bent? Maar dat terzijde.

Alweer wat jaartjes geleden kwam ik ergens op internet een mij onbekende kunstenaar tegen. Paula Rego. Ontzettend verkeerd van mij, zo zag ik al snel. Want die Paula Rego (1935), Portugees van geboorte ,wonend in Engeland en blijkbaar al wel befaamd in diverse buitenlanden, maakte sterk intrigerende schilderijen.

Paula Rego in haar atelier

En dat vind ik nu hééélemaal, na een bezoek aan het Kunstmuseum Den Haag! Kijk maar eens  naar een schilderij uit het begin van haar kunstcarrière en een veel later gecreëerd doek. Dat noem je ‘een ontwikkeling doormaken’.

Paula Rego, Salazar braakt het vasderland uit (1960)

Destijds legde ik gelijk al een map over haar aan op de harde schijf. Dus toen Kunstmuseum Den Haag begin vorig jaar aankondigde eind november een grote expositie over haar te openen, voelde dat direct als ‘bingo!’. Maar eind vorig jaar? Oei, oei! Dus liep ik er pas heel recent rond. Een paar dagen nadat de musea weer eens opnieuw waren ‘vrijgegeven’ door Rutte en zijn nieuwe secondant Kuipers. In de eerste expositiezaal was ’t gelijk alweer ‘bingo!’.

Zeenimf (1978)

Daar zat in een vitrine een pop. Maar voor mij niet zomaar een pop. Nee, een wat grimmige engel, met vleugeltjes. Met als inspiratiebron de Divina Commedia van Dante en gravures die Gustave Doré er in de 19e eeuw bij maakte. Trouwe bloglezers begrijpen waarschijnlijk direct mijn ‘bingo’. En de niet trouwe? Kijk hier maar.

Uitgelegd werd dat haar vader aan Paula als kind regelmatig uit die Divina Commedia voorlas. Dus Paula’s inspiratie, de mijne deed ik op latere leeftijd op, werd haar met de spreekwoordelijke paplepel ingegoten.

Zo kreeg ik wat zalen verder opnieuw een bingo-gevoel .  Want op de academie wijdde ik al een scriptie aan Francisco Goya (1746-1828), gegrepen als ik werd door de dramatiek, de donkere krochten van de ziel en ook de surrealistische humor in zijn schilderijen en etsen. Laat nu Paula Rego zich ook door hem hebben laten beïnvloeden bij haar serie etsen “Kinderrijmpjes’.

Three blind mice II, ets en aquatint op papier

Ik moest gelijk denken aan Goya’s beroemde serie ‘Los caprichos’. Waarvan ik ooit een na zijn dood, maar met de oorspronkelijke etsplaat, vervaardigd exemplaar op de kop kon tikken. Maar ik ging helemaal plat voor Paula bij haar ‘operaschilderijen’.

Aida (1983)

Zij werd, alweer door haar vader, als kind al meegenomen naar de opera. Bij mij kwam die kunstvorm ook op m’n pad, zij ’t opnieuw op latere leeftijd. En nu wil ik niet meer zonder. Zeker niet zonder Giuseppe Verdi . En wat doet Paula Rego? Die speelt in haar atelier tijdens het schilderen regelmatig zijn opera’s af. Vooral Aida, Rigoletto en La Traviata. Waarvan ik, sinds levensgezel in mijn leven kwam, uitvoeringen heb gezien in achtereenvolgens de arena van Verona, de Stopera in Amsterdam en Teatro la Fenice in Venetië.

in een van de zalen

Als kunstenaar maar ook als vrouw kan Rego voor mij dus absoluut niet meer stuk. Geboren onder de dictatuur van het Portugese Salazar regime, opgevoed in een sterk antidictatuur gerichte familie, naar Londen gestuurd om zich daar aan de academie- met o.a. les van de beroemde Lucian Freud- beter te kunnen ontwikkelen, is ze altijd sterk aan Portugal gebonden gebleven. In 2007 werden zelfs posters met pastelschilderijen van haar gebruikt in een campagne voor het legaliseren van abortus. In het streng katholieke Portugal gebeurde een wonder: die strijd werd gewonnen. Mee dankzij onderstaande schilderijen van vrouwen na een illegale abortus. Hebben die woorden nodig? Nee!

detail uit een van die schilderijen (1998)

Één zaal is volledig gewijd aan de serie ‘Bezetenheid I-VII’. Pastels die Rego maakte naar aanleiding van foto’s die eind 19e eeuw waren gemaakt van zogenaamd hysterische vrouwen.  Geheel passend in het destijds geldende Victoriaanse beeld van de ‘mentaal zwakke’ vrouw.

uit de serie Bezetenheid (2004)

Eigenlijk geen wonder dat ze dit schilderde. Want ze heeft er nooit een geheim van gemaakt dat ze leed aan zware depressies  en daarvoor langdurig is behandeld met de Jungiaanse therapie. Ik vermoed zomaar dat het daarbij graven in haar ziel ook flink wat inspiratie heeft opgeleverd voor haar oeuvre. Want in haar intrigerende schilderijen vertelt ze altijd ingewikkelde verhalen. Maar welk verhaal? Je krijgt elementen aangereikt waarmee je echt zelf je eigen versie moet maken. Probeer dat maar eens bij de volgende voorbeelden.

De vogelverschrikker en het varken (2005)
De schuur (1994)
De kunstenaar in haar atelier (1993)
De verloving (1999
De kussenman (2004)
detail

Een topper is echt ‘De Dans'(1988). Gemaakt na het overlijden van haar Engelse echtgenoot.

De dans (1988).

Rechts danst ze met hem, maar kijken ze elkaar niet aan. Links daarvan danst Paula ook, maar dan met haar moeder en grootmoeder. Dan weer de echtgenoot, maar nu met een blonde minnares en een heel speciale blik. En ten slotte Paula in haar eentje, meer dan levensgroot. Met boven alles uittorenend  een massief, donker gevangenisfort dat tijdens de dictatuur van Salazar ook als martelplek werd gebruikt. Maak maar weer je eigen verhaal. Of beter, ga zelf kijken bij deze machtige tentoonstelling (tot 20 maart) want ik heb heel veel niet verteld. Op NPO Start staat trouwens nog een prachtige documentaire over haar met deze link.

https://www.npostart.nl/close-up/11-12-2021/AT_300003466

En hier nog een paar toegiften.

Eiland van de lichtjes van Pinokkio (1996)

Tot volgende week.

TOOS

Heyboer, getroubleerd genie of kunstmatig malloot? Of beide?


Anton Heyboer

Ego’s, karakters, vreemde typen genoeg in de kunstwereld. En sommigen zijn dan nog weer een graadje vreemder. Maar één stak er qua verkniptheid toch met kop en schouders bovenuit. Anton Heyboer(1925-2005) .

Ergens in oktober had ik hier al eens verteld dat de tentoonstelling ‘Het goede moment’ over hem in het Haagse Gemeentemuseum op mijn te-doen-lijst stond.

Een expositie die werk van hem toont, gemaakt in de jaren tot 1977 en daar dan bewust stopt vanwege een heel plotse, kunstzinnige breuklijn. Voor die tijd een kunstenaar die ’t wereldwijd in de musea aan het maken was.

vroeg werk van Heyboer op de expositie

Daarna ‘die geflipte kunstenaar met zijn vier vrouwen’, een mallotige BN’er. Vooral veroorzaakt door de pagina-grote sappige verhalen van BN’er goeroe Henk van der Meijden in De Telegraaf. Over hem, die vrouwen en ook die gigantische puinzooi op zijn labyrint-achtige boerderij in Den Ilp.

eigen, bewerkte foto’s van Heyboer in het Gemeentemuseum

Busladingen toeristen stopten bij zijn galerie. Daar waar altijd wel kippen, bootjes en vrouwen te koop waren. Op papier dan. Door Heyboer in een paar minuten neergekalkt en vlot de deur uitgaand voor een paar honderd euro per stuk. Hoeveel zou hij er daarvan hebben gemaakt? Gigantische aantallen in ieder geval. Hoe dat toeging is te zien op YouTube bij een voor mij toch behoorlijk tenenkrommende  aflevering van het programma ‘Thuis bij ..’ van ons aller André van Duin.

Hoe mallotig wil je je gedragen als kunstenaar! Is ’t de echte Heyboer in dat programma of is ’t alleen maar een met verve gespeelde rol? Als charlatan in een toneelstuk zou hij ’t zeker goed hebben gedaan.

In ieder geval zwerven er heel wat Heyboerse kippen en vrouwen rond op kunstveilingsites als Catawiki en Kunstveiling. Vorige week telde ik er daar in totaal een dikke twintig. Allemaal van na die breuklijn 1977. Of die ook allemaal echt zijn? Hoe dan ook, elke week weer komen er andere bij. Zoiets als warme broodjes bij de bakker. Maar zo maakte hij ze ook.

zo’n kip van Heyboer, natuurlijk niet op de expositie te zien

Dat is dus niet mijn Anton Heyboer. Dat is die van voor 1977. Een  kunstenaar die in zijn etsen een magie legt die me sterk doet denken aan grotschilderingen uit de oertijd. Die kun je ook niet echt begrijpen en toch spreekt hun beeldtaal me aan.  Net zoals bij Heyboer. En waarom? Dat is het mysterieuze van kunst. Dat weet ik eigenlijk niet.

Dat gevoel speelde vast ook bij anderen toen Heyboer in 1957 voor het eerst ging exposeren bij galerie Espace in Haarlem. Daar was toen overigens al heel wat levensleed aan vooraf gegaan. In de oorlog een werkkamp in Berlijn waar hij bijna stierf en waar hij sterk getroebleerd uitkwam. In 1951 voor enige tijd opname in een psychiatrische kliniek. Diverse scheidingen. En dan uiteindelijk in het maken van etsen een uitweg vinden voor zijn geestelijke demonen. Etsen met een volstrekt eigenzinnige beeldtaal gebaseerd op wat hij Het Systeem noemt. Het door hem op schrift gestelde Systeem dat ‘m houvast gaf in het leven en dat alleen hij blijkbaar volledig kon doorgronden. Een ‘normaal’ iemand haakt daarin namelijk na een paar zinnen al verdwaasd af. Volstrekt onbegrijpelijk.

werken gebaseerd op dat Systeem

Maar zijn buiten alle kunststromingen vallende kunst sprak aan, nationaal en internationaal. Tentoonstellingen in en aankopen door het Gemeentemuseum en het Stedelijk. Deelname aan de prestigieuze Documenta III in Kassel waar zijn grootste grafische werk ooit, Het goede moment, hangt tegenover ‘La perruche et la Sirène’ , het toen al beroemde gigantische knipsel van Matisse.

‘Het goede moment’, voor het eerst te zien in Nederland na die Documenta van lang geleden

links ‘La perruche etc.’ van Matisse zoals dat kunstwerk een paar jaar geleden hing op de grote Matise-expositie in het Stedelijk

De top of the bill, het Museum ofModern Art in New York oftewel het MoMA, koopt werk aan. Hij wordt geëerd in Japan en exposeert in 1975 in het LACMA, zoiets als het MoMA, maar dan in Los Angeles. Daar hangen schilderijen van hem, een nieuwe tak van sport voor Heyboer,naast werk van o.a. David Hockney en Lucian Freud. Beiden nu moderne iconen in de kunst.

schilderij van Heyboer dat ooit in het MoMA hing

En waar is Anton Heyboer gebleven? Ja, in het Gemeentemuseum 40 jaar na zijn laatste grote tentoonstelling daar. Met grafiek, foto’s en schilderijen die hij na een expositie in het Stedelijk in 1975 uit een soort frustratie gedeeltelijk overschilderde. In feite de beëindiging van een beloftevolle kunsttoekomst. En ’t waarom? Dat is zoals veel bij Heyboer nooit echt duidelijk.

de zaal met de overgeschilderde ‘Heyboers’

De man laat zich niet duiden. Was al dat Henk van der Meijden, André van Duin en kippengedoe  later  een rol als malloot? Of was ie een door geestelijke demonen bezocht getroebleerd kunstzinnig genie? Misschien wel beide. Want nu de Grote Trump zichzelf recent niet alleen slim heeft genoemd maar ook nog een stabiel genie zijn de geniemaatstaven een tikje opgerekt geraakt en zou Heyboer best ineens in die categorie kunnen vallen. En wie weet kan hij nu ook als geestelijk stabieler worden gezien. Tot volgende week.

TOOS

Van Scheringa tot Melchers en More


Van Heerdt tot Eversberg, van Harinxma thoe Slooten of van Tuyll van Serooskerken. Van die namen die horen bij oude geslachten, bij het zogenaamde Oude Geld. Maar die naam uit de titel, van Scheringa tot Melchers en More?  Onbekend? Dat kan dan helemaal kloppen!  Die hoort bij het Nieuwe Geld. En dan zelfs nog bij twee personen. Oud-politieman Dirk Scheringa, niet alleen bekend van de schaapwollen sokken die hij altijd draagt, en zakenman Hans Melchers, bij het grote publiek vooral bekend door de ontvoering van zijn dochter in 2005. Daarbij kan natuurlijk aangetekend worden dat Scheringa nu iets minder nieuw geld op zijn bankrekening heeft staan dan voor 2009. Het jaar dat zijn eigen DSB bank instortte.  En dat terwijl ie net bezig was een nieuw museum te laten bouwen voor zijn grote collectie realistische kunst. Een gebouw met 44 zalen en in oppervlak groter dan het Van Gogh museum. Het Grote Denken kon je rustig aan Scheringa overlaten. Twee  typische gevallen van jammer dus voor hem, die bank en dat museum.

het niet afgebouwde museum van Dirk Scheringa
het niet afgebouwde museum van Dirk Scheringa

Dirk, hevig behept geraakt met het kunstvirus, had met zijn aan anderen verdiende bankcentjes een zondermeer prachtige collectie opgebouwd. Van vooral Nederlandse realistische en magisch realistische schilders. Bijvoorbeeld Carel Willink(1900-1983), Pyke Koch(1901-1991), Raoul Hynckes(1839-1973) en Charley Toorop(1891-1955).

Carel Willink, Zebra's in rood rotslandschap, ooit in de collectie van Dirk Scheringa
Carel Willink, Zebra’s in rood rotslandschap, ooit in de collectie van Dirk Scheringa

Maar ook van beroemde buitenlandse tijdgenoten van hen, zo als Magritte, Delvaux, de Chirico. Of van latere grootheden als Lucian Freud, Marlene Dumas en Fernando Botero. Nu was plots die unieke verzameling in beslag genomen en stond dat half afgebouwde Scheringa Museum voor Realisme ergens in de Noord-Hollandse polder zelf ook magisch realistisch te worden. Heel recent werd trouwens bekend dat het eind september in een on-line veiling bij opbod wordt verkocht. Onder voorwaarde dat het een culturele bestemming houdt. Wie weet kan Dirk het voor een appel en een ei terugkopen. Dat zou helemaal magisch realistisch zijn. Een museum zonder kunst erin.

Want in 2012 kocht Hans Melchers het Nederlandse deel van de collectie. Zo’n duizend werken en dat, naar de verhalen luiden, voor slechts 15 miljoen. Echt een koopje! Maar hij vertelde er wel gelijk bij dat ook hij een nieuw museum wilde laten neerzetten. In het Gelderse Gorssel. Prachtig natuurlijk als je dorp op die manier op de kunstkaart terecht komt. Een paar maanden geleden ging het open. En laat nu net een heel goeie kunstvriendin van me recent in Gorssel zijn komen wonen. Letterlijk om de hoek bij dat nieuwe museum MORE. Een samentrekking van MOdern REalisme. Dat werden dus twee vliegen in één klap. En een leuke afspraak én een bezoek aan MORE.

more03

met nieuwe museum MORE
het nieuwe museum MORE

Echt een aanwinst, dat museum. Het oude gemeentehuis van Gorssel is helemaal omgeven geraakt door een nieuwe, architectonisch prachtig uitgebouwde schil van zalen. Met daarin de schilderijen uit de Melchers-collectie die er echt alle ruimte krijgen. Genieten. Vooral omdat er prachtige werken hangen. Carel Willink krijgt natuurlijk heel veel aandacht met ongeveer anderhalve zaal. Absoluut mooi maar niet heel verrassend door de aandacht die zijn werk al heel lang kreeg en nog steeds krijgt in de media.

more04

de zalen met werk van Carel Willink
de zalen met werk van Carel Willink

Wel verrassend was de onverwachte confrontatie met een prachtig schilderijtje van een Zeeuws echtpaar door Charley Toorop. Helemaal in die bekende stijl van haar met contrasterende kleuren en zware lijnen. Dan besef je gelijk weer dat ze jarenlang elke zomer in Westkapelle was te vinden waar ze een eigen atelier had.

Charley Toorop, Zeeuws echtpaar
Charley Toorop, Zeeuws echtpaar

In die categorie van verrassingen viel ook een heel geheimzinnig stilleven van Raoul Hynckes. Zo waren er meer van dat soort momenten.

Raoul Hynckes
Raoul Hynckes

Pyke Koch
Pyke Koch

beeld van 2de etage
beeld van 2de etage

Op de tweede verdieping ervoer ik dat veel minder. Daar hangen de nieuwere realisten. Zij die nog leven, zeg maar. En daar moet nog wel een en ander uitkristalliseren in kwaliteit. Alhoewel de oude Co Westerik(1924) van mij beslist mag blijven. Bij de vooroorlogse, nu dooie generatie, is dat uitkristalliseren natuurlijk al lang gebeurd. Tijd zeeft de kwaliteit er wel uit. Maar op zich is het weer interessant dat te kunnen constateren.

Co Westerik
Co Westerik

Conclusie? MORE is een grote aanwinst in kunstland. Waar Hans Melchers zelfs nog een tweede aan toe gaat voegen. In kasteel Huize Ruurlo, ook al in de Achterhoek.

Huize Ruurlo
Huize Ruurlo

Dat kasteel wordt na verbouwing helemaal aan Willink gewijd. Hoe ’t dan gaat met die anderhalve zaal van hem in MORE? Dat zal blijken. Tot volgende week.

TOOS