Tagarchief: Mamac

How nice to be in Nice


Een aantal jaren huurde ik aan de Côte d’Azur telkens een andere plek om daar zo’n drie maanden te kunnen werken. Tot er in Nice een appartement met ateliermogelijkheid voorbij kwam waaraan ik echt geen weerstand kon bieden. Dat ‘Palais de Venise’ uit 1908 was te aantrekkelijk. Middenin het echte Nice, het bruisende stadshart dat in de 19e eeuw vanuit het middeleeuwse deel sterk werd uitgebouwd. Een soort ‘Parijs in het klein, maar dan op z’n Italiaans’ zoals levensgezel dat dan kort en bondig uitdrukt.

links het Palais de Venise met de koepeltjes

Sommigen zoeken voor de rust een klooster, ik heb in Nice mijn retraite oord. Rust om te werken en rust om na te denken. Met voor de grofstoffelijke voeding, heel praktisch, ’s morgens een dagelijkse groente en fruitmarkt voor het Palais. Een beeld dat ’s middags een metamorfose ondergaat tot restaurantterrassen.

En kunstzinnige voeding? Geen probleem in een stad vol kunst en musea. Daarbij nog  heel vaak zon met een heerlijke temperatuur en de uitdrukking ‘leven als God in Frankrijk’ behoeft geen verdere verklaring.

Dat ik tijdens zo’n verblijf op bezoek ga bij Jean-Paul Aureglia, mijn galerist van Galerie Quadrige, met wie ik al jaren samenwerk, spreekt voor zich. Laat er deze maand nou ook nog een vernissage zijn! Logisch dat ik daar acte de présence gaf.

vernissage bij Galerie Quadrige

Logisch ook dat ik tijdens zo’n retraite af en toe wat kunstige bedevaartstochtjes maak. Zoals naar het MAMAC, het Musée d’Art Moderne et d’Art Contemporain. Ik heb er vanwege mijn appartement in Nice altijd vrij toegang. Dus kan ik zomaar binnenlopen. Bijvoorbeeld om te zien of men ter verandering voor de vaste zaal van echte Niçois en kunsticoon Yves Klein (1928-1962) nog wat heeft gerommeld in de kunstopslag. Vooral van zijn beroemde, prachtig intens vibrerende Yves-Klein-blauw is ’t elke keer weer genieten.

zaal van Yves Klein in het MAMAC
werk van Niki de Saint Phalle in haar zaal

Niki de Saint Phalle (1930-2002) vind ik ook altijd zo’n bedevaartstochtje waard.  Voordat ze wereldberoemd werd door haar grote Nana’s heeft ze nog heel wat andere interessante en gekke dingen gedaan. Ooit gehoord van haar ‘schietschilderijen’? Google maar eens. Uit de grote collectie die ze naliet aan het MAMAC kan de curator nu te kust en te keurkiezen voor de ‘Nikizaal’.

Tijdens mijn MAMAC-rondgang stond ik plotsklaps voor werk van een Nederlander. Marinus Boezem (1934), één van de grondleggers van de conceptuele kunst in Nederland. Dat werk hing  op de tijdelijke expositie ‘Cosmogonies, au Gré des Éléments’. Een onbegrijpelijke titel? Ach, dat strookte dan gelijk met het ‘Wheather Drawing’s, 1969′ van Boezem. Een verzameling foto’s van met de hand getekende weerkaarten. Je moet er maar op komen!

Marinus Boezem, Wheather Drawings 1969

Nee, dan liever “Matisse&Picasso, la comédie du modèle” in het Musée Matisse. Een prachtig gelegen oude villa bij een groot olijfbomenpark en Romeinse ruïnes. Met voor mij opnieuw kostenloze toegang.

Musée Matisse

Dit jaar gaan die twee grote kunstenaars, zowel elkaars bewonderaars als enigszins na-ijverige concurrenten, er een kunstzinnige strijd aan. De al wat oudere maestro Matisse en macho en ego Picasso! Echt een prachtige tentoonstelling die een uitgebreidere beschouwing verdient. Maar voor nu laat ik ’t hieronder bij een paar foto’s, want mijn bedevaartjes voerden ook nog naar het Musée National Marc Chagall.

Matisse en Picasso naast elkaar: wat is van wie?

een imposante reeks steendrukken van Picasso

Dat werd ook wel weer eens tijd. Een mooi museum dat destijds architectonisch om een geschonken verzameling Bijbelse schilderijen van Chagall heen is gebouwd. Boeiend om er na wat jaartjes weer eens rond te lopen. Vooral door de extra expositie over Chagall’s plannen voor een door hem aan te pakken kapel. Die kwam er niet, terwijl zoiets wel lukte aan Matisse, Picasso en Jean Cocteau. Oei, oei, niet goed voor het kunstenaarsego!

voorstudie met knippen en plakken voor glas-in-lood ramen voor de beoogde kapel
een al verder gevorderde voorstudie
genieten op z’n Niçois op Place Garibaldi

Trouwens beslist een verhaal waard, die kapellen. Maar misschien komt dat nog wel eens. Nu eerst bijkomen van al die kunstbedevaarten op mijn favoriete plein Place Garibaldi.

 

Tot volgende week.

TOOS

Advertenties

École de Nice en de luiheid van kunstrecensenten


MAMAC met een sculptuur van Niki de Saint Phalle ervoor

Je hebt de Haagse School, de Larense School, de goeie ouwe lagere school en in België de Latemse School. Of in Frankrijk de School van Barbizon en de École de Paris. Overal Scholen met een hoofdletter. Afgezien dan van die vertrouwde lagere school allemaal verzinsels van schrijvers over kunst. Die gedachte kwam in me op toen ik kort geleden in Nice in het MAMAC, het museum voor de moderne kunst, een overzichtsexpositie bezocht van de École de Nice.

Want ’t is natuurlijk lekker makkelijk als je een stelletje heel diverse kunstenaars die uit een bepaalde streek komen en heel soms ook nog in een overeenkomstige stijl werken allemaal in een achteraf verzonnen hokje te plaatsen. Onze chaotische wereld toch maar overzichtelijke ingedeeld in rubriekjes en tabelletjes is ten slotte wel zo prettig. Zo bestaat die School van Barbizon uit kunstenaars die voor het eerst  echt buiten gingen schilderen. In de buurt van Barbizon dus, niet al te ver van Parijs. Dat werd mogelijk door de uitvinding van de zinken tube in 1841. Eindelijk konden ze olieverf  langdurig bewaren. Een revolutionaire vinding die de kunstwereld definitief veranderde. Want zonder verftube geen impressionisten! Maar dat is een ander verhaal.

installatie van Martial Raysse op de tentoonstelling

Zo is ooit ook achteraf de École de Nice, de School van Nice, verzonnen voor een zeer diverse groep kunstenaars van na de Tweede Wereldoorlog. Kunstenaars die allemaal wel wat met Nice en omgeving hadden te maken. Omdat ik daar regelmatig verkeer, kan ik moeilijk om ze heen. Daar zorgt dat MAMAC wel voor. Dat is ’t aan zijn Niçoise stand natuurlijk verplicht die kunstenaars voortdurend in een mediterraan zonnetje te zetten.

Nana’s van Niki de Saint Phalle

Zelf heb ik dat al eens gedaan met Yves Klein (1928-1962) en zijn speciaal door hem ontworpen en gepatenteerde Yves Klein blauw. Ook kwam Niki de Saint Phalle (1930-2002) al wel ter sprake. Overgewaaid vanuit Amerika en door de liefde en de kunst aan de Côte d’Azur verbonden geraakt. Maar er zijn ook nog de beroemd geworden Ben (1935), Arman (1928-2005) en César (1921-1998). Naast diverse anderen die ’t niet wereldwijd hebben gemaakt. Het grootste deel ervan is trouwens al overleden. Maar sommigen van die nu ouwe knakkers schuurden al op jonge leeftijd tegen die École de Nice-groep aan  en houden zich nog steeds min of meer op de been. Dat weet ik omdat ik hun broze verschijningen nog wel eens meemaak bij vernissages van  Galerie Quadrige. De galerie waarmee ik al sinds de jaren 90 samenwerk. Maar wie hier in Nederland ooit heeft gehoord van Aloco, Monticelli of Viallat mag nu een vinger opsteken. Dat worden er vast niet veel.

Dit jaar zijn voor een aantal maanden twee verdiepingen van het MAMAC gewijd aan een overzichtstentoonstelling van de hogere en de lagere goden van de groep. Altijd is er van die hogere wel ’t nodige te zien in de vaste collectie. Maar nu heeft men de magazijnen eens heel goed doorgeplozen op meer. Interessant om te zien dat veel van die toen nog jonge kunstenaars vaak werkten met goedkoop afvalmateriaal om hun kunstdrang te kunnen uiten. Een soort recycling avant la lettre.

assemblages van diverse kunstenaars met restmateriaal

Zo begon Arman bijvoorbeeld meubels en oude muziekinstrumenten door te zagen en de losse stukken weer esthetisch met elkaar te verbinden. Dat werd zo gewaardeerd dat ’t uitgroeide tot zijn core-business.

de core-business van Arman

César had waarschijnlijk ooit in een grote pers een autowrak zien verfrommelen tot een groot metalen blok en bedacht dat dit ook kon met andere afvalmaterialen van metaal. En zie daar, César werd er bekend mee.

werk van César

Ben Vautier, maar zijn achternaam laat hij weg, zocht ’t in de jaren 60 meer in de meest maffe performances in de straten van Nice (https://vimeo.com/64392276)

Ook begon hij allerlei zelf verzonnen korte teksten op papier te zetten. En zie, nu sieren die de tramhaltes in Nice.

installatie van Ben
teksten van Ben bij de tramhaltes in Nice

En Yves Klein was behalve met zijn blauw ook al bezig met photoshoppen ver voordat de computer op onze bureaus terecht kwam.

Hoezo dus een School? Van Arman zag ik trouwens nog een installatie waarvoor hij in 1975 in New York zijn slaapkamer enigszins had verruïneerd met een bijl. Er zijn dronken popsterren onder de dope die ’t hem niet nadoen.

Best grappig, je moet ’t maar durven dat als kunst te tonen. Maar het interessante was dat ik gelijk moest denken aan onderstaande foto.

Een installatie uit 1998 van de nu wereldberoemde Engelse Tracey Emin. Ooit verkocht voor ongeveer een miljoen Engelse ponden. Duur bedje dus. Maar ja, bij de prijs inbegrepen waren wel een aantal gebruikte condooms. Toeval, die gelijkenis? Geen idee! Overigens wel een intrigerende gedachte. Tot volgende week.

TOOS

Blauw, blau, bleu, blue


 Toon Hermans zong ’t heel lang geleden al, “Mediterranee, zo blauw, zo blauw”. Want niet voor niks heet de Côte d’Azur zoals die heet. Dus als ik, zoals nu, in Nice verblijf, zijn associaties met blauw niet echt vreemd. Zeker niet als ik aan de voet van de Promenade des Anglais op het Blue Beach strandterras het prachtige lenteweer tot me neem. Met zicht op kilometers azuurblauw water voor me en kilometers blauwe lucht boven me. En met naast me ook nog een blauwe parasol.

Daardoor dacht ik ineens aan het nieuwe pigment blauw dat een paar jaar geleden bij toeval door chemici werd gemaakt terwijl ze op zoek waren naar heel iets anders. Toen volgde logischerwijs de associatie met Yves Klein en zat ik een poos later in het Mamac. Toch maar even uitleggen, denk ik.

Yves Klein

Ultramarijn is een lievelingskleur van me. Zie ik ergens iets met die kleur, dan word ik er als door een magneet heen getrokken. Dus toen ik op een of andere kunstsite het bericht over dat nieuwe blauw zag, had dat direct mijn hele aandacht. YInMn blue dus,er stond niet bij hoe je dat moet uitspreken. Onlangs gepatenteerd en nu in de handel verkrijgbaar. Blijkbaar een heel duurzaam en gifvrij blauw pigment dat prima als vervanger van het ouderwetse ultramarijn kan dienen. Maar tot mijn stomme verbazing stond nergens in dat uitgebreide artikel ook maar iets over IKB, het International Klein Blue. Duidelijk een geval van te weinig cultuurhistorische kennis of besef. Want als ’t gaat over de kleur blauw in combinatie met patenten hoor je dat als kunstjournalist gewoon te weten en te vermelden. Ziedaar dus die Yves Klein (1928-1963) uit mijn associatiereeks. Zelfs geboren en getogen in Nice. Een echte Niçois dus, met ook nog een echte kunstenaarsgeest.

Venus Bleue, gebaseerd op de Griekse Venus in het Louvre

Klein was bezeten van het idee een ultramarijn pigment te ontwikkelen dat al het andere blauw zou verslaan. Iets dat hem in samenwerking met een chemicus ook lukte. Het zogenaamde International Klein Blue kwam ter wereld. In 1960 kregen ze zelfs een Frans patent op het technische productieproces. Je moet het in werkelijkheid zien om te beseffen hoe je er ins Blaue hinein in kunt verzinken, in kunt worden gezogen. Dat diepgloeiende blauw wordt blijkbaar veroorzaakt door het samenspel van weerkaatsend licht met het aan een heel specifiek bindmiddel gebonden pigmentpoeder. Overigens doet die wetenschappelijke verklaring niks af aan de magie van het IKB.

Victoire de Samothrace bleue, gebaseerd op het Samothrace beeld in het Louvre

Dat ultramarijn zorgde voor Yves Klein’s wereldwijde doorbraak. En dat echt niet alleen vanwege alle schilderijen, beelden en installaties van hem in die kleur. Want er waren eind jaren vijftig ook nog  zijn happenings met het IKB in o.a. Parijs. Toen the place to be voor kunstenaars. Neem maar rustig aan dat die bijeenkomsten volop de publiciteit haalden. Welgeschapen naakte vrouwelijke modellen, besmeurd met dikke lagen van zijn blauwe verf, wentelden zich over of drukten zich tegen nog onbeschilderd canvas of papier. Of werden er overheen gesleurd. Dat alles onder muzikale begeleiding van een klassiek strijkje.

happening
schildering gemaakt bij zo’n happening

Kijk ook maar eens op YouTube bij https://youtu.be/gj9nHa7FtQQ .

Succes verzekerd natuurlijk. Zeker in die tijd toen normen en waarden langzaam aan het verschuiven waren naar de definitieve omslag in de jaren 60. Hé, normen en waarden die veranderen? Heb ik daarover de laatste tijd niet heel wat gezien, gelezen en gehoord? Nog nieuws onder de zon? Dat valt dus wel mee!

Maar als je in Nice aan Yves Klein denkt, komt ook gelijk het Mamac als associatie aanzetten. Het grote en bekende gemeentelijk museum voor moderne kunst. Voor bewoners van Nice altijd gratis toegankelijk met een speciale pas. Net zoals veel andere musea in de stad. En vanwege mijn atelier/appartement hier heb ik zo’n pas. Die ik meestal ook gewoon op zak heb want niet vooruit geplande museumvisites zijn per definitie onverwacht. Van Niçois Yves Klein bezit het Mamac natuurlijk een groot kunstlegaat. Op de bovenste etages, met regelmatig wisselende keuzes uit de vaste museumcollectie, is altijd wel werk van hem te zien. Dit keer had ik ook nog mazzel. Een geheel monochrome IKB zaal!

de Yves Klein zaal in het Mamac, Nice

Ik heb me er volledig gelaafd aan dat opzuigende ultramarijn voordat ik met verlichte schreden weer richting atelier ging. Waar blauwe associaties al niet toe leiden!Tot volgende week.

TOOS

Tinguely, spelen als kunst


Jean Tinguely
Jean Tinguely

Als je alle interessante tentoonstellingen van dit moment in Nederland wilt zien, moet je kilometers gaan vreten en de tank van je auto zeker een paar keer volgooien. Tenzij je een fervent aanhanger bent van het openbaar vervoer. Maar ook dan blijven die kilometers er. Ga maar na. Alma-Tadema in Leeuwarden en Russische schilders in Assen. Over beide schreef ik al eens. Of Rodin in Groningen, De Lairesse in Enschede en “Het Vleiend Penseel van Caesar van Everdingen” in Alkmaar. Of toch maar liever de “Hollandse Meesters uit Boedapest” in Haarlem, Hercules Segers in het Rijksmuseum en Daubigny in het Van Gogh? Niet te vergeten trouwens de renaissanceschilder Fra Bartolomeo in het Rotterdamse Boymans Van Beuningen en “Hollanders in Huis” uit de Britse koninklijke collectie in het Haagse Mauritshuis. Hoezo keuzestress? Alleen bij het op een rijtje zetten hiervan krijg ik al de bibbers.

Maar één expositie heb ik hier bewust nog overgeslagen. Die wilde ik echt absoluut zien! De overzichtstentoonstelling “Machinespektakel” van Zwitser Jean Tinguely (1925-1991) in het Stedelijk Museum van Amsterdam. Hieronder al vast een klein YouTube filmpje dat ik ervan maakte.

Voor die Tinguely kan ik echt bewondering opbrengen. Hoe die in de jaren 60 en 70 de kunstwereld letterlijk maar ook figuurlijk in beweging zette met zijn kinetische kunst, in één woord magnifiek.

Probeer ’t maar eens. Van schroot, tandraderen, motortjes en gewoon ouwe rotzooi  allerlei bewegende gekkigheid zodanig in elkaar lassen, schroeven en timmeren dat iedereen er gefascineerd naar blijft kijken. Want dat deed ie. Gewoon lekker ludiek spelen met spullen uit de oudijzerhandel. Al ruim voor de ludieke tijden van onze Nederlandse Provobeweging aanbraken en voordat de hippiebeweging op gang kwam. Heel goed de tijgeest aanvoelend zoals bleek uit populaire exposities in het Stedelijk in 1961 (Bewogen Beweging) en 62 (Dylaby). Ook ruim voordat de Beatles in 1964 hun eerste en enige optreden in Nederland in Blokker hadden. En voordat de Rolling Stones in datzelfde jaar zorgden voor een in een mum van tijd verbouwd Kurhaus in Scheveningen.

Heerlijk toch dat je als kunstenaar zo de tijdgeest kunt aanvoelen? Door met volstrekt idiote, zinloos bewegende machientjes al die toekomstige maatschappelijke veranderingen op een prettig gestoorde manier van te voren symboliseren. Ten minste, zo zie ik ‘t.

tinguely03
nooit zomaar ouwe rotzooi weggooien
tinguely04a
tekenmachine, door de toeschouwer zelf te bedienen

tinguely02a tinguely05

In het Stedelijk is in “Machinespektakel”zijn hele ontwikkeling vanaf eind jaren 50 mooi te volgen. Van klein naar steeds groter en ingewikkelder. Van zomaar naar meer symbolische lading. Van roestig schroot naar zwartgeschilderde installaties. Want dat vond Tinguely na verloop van tijd toch chiquer. En daarin kan ik hem alleen maar gelijk geven.

Mooi ook dat zijn levensgezellin Niki de Saint Phalle (1930-2002) in de tentoonstelling goed aan bod komt. De kunstenaar van de zogenaamde vaak meer dan levensgrote Nana’s. Opgeblazen vrouwenfiguren die nu over de hele wereld zijn terug te vinden.

Tinguely met Niki de Saint Phalle
Tinguely met Niki de Saint Phalle
kop beschilderd door Niki de Saint Phalle
kop beschilderd door Niki de Saint Phalle

Maar ook de kunstenaar die, voordat ze daarmee begon, al heel wat experimenten achter de rug had. Zoals haar schietschilderijen. Schietschilderijen? Ja, inderdaad. Maar dat is weer een ander verhaal dat nog wel eens ter sprake zal komen. Want ze heeft veel van haar kunst geschonken aan het Mamac, het museum voor de moderne kunst in Nice. En zoals je weet, verkeer ik daar nog wel eens.

Terug naar Tinguely. Want er moet bij die expositie toch nog wel een negatieve noot geplaatst worden. Er heerst namelijk in de Tinguely-zalen veel te vaak een serene rust. Waar is dat bijbehorende schuren en piepen, knarsen en kraken van zijn installaties? Dat is er dus meestal niet. Want het grootste deel van de tijd staat alles stil. Te oud, te fragiel, te versleten. ’t Mag allemaal niet meer te veel bewegen. Dan zou  er namelijk tegen het eind van de tentoonstelling in maart geen tentoonstelling meer over zijn. Dan zou alles als een vorm van recycling weer op één grote schroothoop kunnen worden gegooid. Alleen eens in de zoveel tijd begint er iets te bewegen. En dan moet je er ook snel bij zijn. Want tegen de tijd dat je met gezwinde pas  vanuit zo’n stille zaal in die ineens schurende en piepende ruimte aankomt, kan alles daar al weer zijn stil gevallen. Dat is echt jammer. Want zo heeft Tinguely het natuurlijk nooit bedoeld.

tinguely08

tinguely09
tekening van Tinguely
deel van de installatie Mengele-Totentanz, 1986
deel van de installatie Mengele-Totentanz, 1986

tinguely11

Maar elk nadeel hep ze voordeel. Zo moet je gewoon veel geduld opbrengen tot de volgende bewegingscyclus begint en kun je alles rustig laten bezinken. Ook een onthaastingstentoonstelling dus. Maar gelukkig kon ik toch nog het nodige filmen waarvan het filmpje bovenaan getuigt. Een uitgebreidere documentaire over deze expositie van Tinguely? Klik dan op de volgende link http://bit.ly/2iTwQEg . Tot volgende week.

TOOS

 

 

 

 

 

 

 

 

Extase en mystiek als kunstverrassing in Nice


"Extases", Ernest Pignon-Ernest
“Extases”, Ernest Pignon-Ernest
Hildegard von Bingen dicteert een visioen van haar aan een monnik
Hildegard von Bingen dicteert een visioen van haar aan een monnik

Sint Pons? Ooit van gehoord? Hoogst onwaarschijnlijk. Hildegard von Bingen(1098-1179)? Iets waarschijnlijker. In de jaren 70 van de vorige eeuw werd deze middeleeuwse abdis door de feministische beweging niet voor niets naar voren geschoven als een vrouwelijke homo universalis met haar destijds beroemde geschriften over geloof, muziek, medicijnen en natuur. Of Catherina van Siena(1347-1380), één van de beroemdste mystici van de katholieke kerk? Mij in ieder geval niet onbekend, ook vanwege haar voornaam. In mijn paspoort staat namelijk dezelfde. En Maria Magdalena? Die zou best wel eens bekender kunnen zijn. Al is het alleen al vanwege de bestseller “De Da Vinci Code” van Dan Brown waarin ze wordt opgevoerd als de bruid van Jezus. Enigszins discutabel, zacht uitgedrukt, maar wel een spannend boek.

een devote Maria Magdalena van schilder Titiaan
een devote Maria Magdalena van schilder Titiaan

Maar wat hebben deze figuren met elkaar te maken? In ieder geval dat ze allemaal zalig of heilig zijn en dus een rol speelden en spelen in de Rooms-Katholieke kerk. En verder omdat ze bij elkaar zijn gebracht in een overweldigende installatie door EP-E, oftewel  Ernest Pignon-Ernest. De Niçoise kunstenaar waarover ik vorige week al schreef. Want naast zijn expositie in het MAMAC in Nice heeft hij ook nog iets heel moois gebrouwen in de abdijkerk van Saint Pons. de Église abbatiale de Saint-Pons.

Église abbatiale de Saint-Pons, Nice
Église abbatiale de Saint-Pons, Nice

Een nu barokke kerk waar al in de achtste eeuw een abdij werd gevestigd vanwege het graf van die Saint Pons dat zich daar zou bevinden. Een gegoede Romein uit de derde eeuw, overtuigd christen geworden, vervolgd en uiteindelijk natuurlijk gruwelijk aan zijn einde gekomen. Anders wordt je niet zomaar heilig. Een recent gerestaureerde kerk ook, liggend op een rotsig plateau midden in de stad. En tegenwoordig gebruikt wordt voor o.a. kunstmanifestaties. Met een rollator kun je een bezoek trouwens vergeten. Alleen toegankelijk via een steile stalen trap.

schilderij van Saint Pons in de kerk
schilderij van Saint Pons in de kerk
Catharina di Siena in extase
Catharina di Siena in extase

In die kerk dus die installatie. “EXTASES”, een ode aan acht invloedrijke vrouwen uit het verleden die bekend zijn geworden door hun totale overgave aan het geloof met de bijbehorende mystiek . Een overmaat dus aan visioenen, mystieke ervaringen en stigmata. En met ook veel bewaard gebleven geschriften over hun geloofsleven. Buiten de drie die ik hierboven al noemde, zijn dat bijvoorbeeld ook nog kerkelijke iconen als Thérèse d’Avila(1515-1582), Angela de Foligno(1248-1309) en Madame Guyon(1648-1717). In de kunst zijn ze in het verleden heel vaak geschilderd in volledige overgave.

Santa Theresa d'Avila, beeld van Bernini
Santa Theresa d’Avila, beeld van Bernini

EP-E raakte gefascineerd door deze vrouwen, verdiepte zich in hun geschiedenis en geschriften en creëerde ten slotte de installatie EXTASES die al op verschillende plaatsen in Frankrijk te zien is geweest. In Nice kon ik daarvan toevallig en gelukkig nog net het laatste weekeinde meemaken. Absoluut fascinerend.

Stel je voor, je komt binnen in een zeer schaars verlichte kapelachtige ruimte waar je min of meer op de tast nog net een stoel kunt vinden te midden van een groep mensen die hetzelfde proberen. Dan begint voor je langzaam iets op te lichten. Eerst een metershoog gebogen stuk papier, ten minste dat lijkt ‘t, met daarop een getormenteerd vrouwelijk naakt dat in de ruimte lijkt te zweven. Haar lichaam in volledige overgave aan, ja, aan wat? Met weergaloos goed getekende handen als grijpende klauwen. Dan komen er meer te voorschijn. Plotseling dring het tot je door dat die naakten worden weerspiegeld in een plas van stilstaand, volledig rimpelloos water.

pons12a

pons09a pons10a

Het licht wordt intenser, neemt weer af, wordt gericht op andere plaatsen. Met als gevolg een prachtig en ingenieus effect. Van de kerk zelf zag je eigenlijk meestal maar heel weinig, die bleef in het duister gehuld. Behalve dan midden op de achtergrond nog dat schilderij van hierboven met een zacht oplichtende Saint Pons.

pons11a

Plots besefte ik dat die afbeeldingen, die meer dan levensgrote extatische vrouwenfiguren, niet op papier waren weergegeven. Dat kon technisch helemaal niet in die omgeving. Bij goed kijken bleken het geprinte afbeeldingen op alu-dibond te zijn! Het kunststofmateriaal met een aluminiumlaagje erop dat ik zelf voor het eerst was gaan gebruiken bij mijn grote expositie “TOOS” in 2011 in Fort Rammekens bij Ritthem (Walcheren). Alleen had EP-E dat dibond ook nog kunnen laten verbuigen tot golvende platen. Een truc die ik ook nog wel eens wil leren kennen.

pons13a pons14a

Eigenlijk zou een Nederlands museum EXTASES, samen met die expositie in het MAMAC, naar ons land moeten halen. Ondanks de onbekendheid van EP-E hier. Maar ja, wie durft! Op YouTube staat een filmpje over “EXTASES” (wel met veel Frans!) http://dai.ly/xfd6ny .Tot volgende week.

TOOS

Ernest Pignon-Ernest, de pre-Banksy en nog veel beter ook


Promenade des Anglais
Promenade des Anglais

Ik was weer even in Nice, mijn tweede woonstad. Nooit een straf met de vrijwel altijd betere weersomstandigheden en die ook altijd weer bruisende ambiance van Parijs in het klein op z’n Italiaans. Nog steeds, ondanks de gruwelijke aanslag die er een aantal maanden geleden plaatsvond op de Promenade des Anglais. Die beroemde, prachtige boulevard aan de Baie des Anges.

het MAMAC
het MAMAC

Met de tram op weg naar Quadrige, mijn galerie in Nice, passeerde ik het  MAMAC en zag in een flits op de gevel in grote letters de naam Ernest Pignon-Ernest voorbij schuiven. Met als instantane reactie “daar moet ik heen!”. Dat MAMAC is het Musée d’Art Moderne et d’Art Contemporain. En die Ernest Pignon-Ernest(1942) is de kunstenaar uit Nice die ik ruim 20 jaar geleden daar voor het eerst ontdekte. Een geweldige artiest die in Nederland volkomen onterecht nog steeds  volstrekt onbekend is, maar destijds in Frankrijk en Italië al wereldberoemd was door zijn straatkunst in o.a. Parijs, Avignon, Grenoble en Napels.

werk van Ernest Pignon-Ernest in Napels
werk van Ernest Pignon-Ernest in Napels

In feite is hij een Banksy avant la lettre. Je weet wel, die Banksy die al een aantal jaren wereldwijd furore maakt door op de gekste plekken overal ter wereld ineens afbeeldingen op muren tevoorschijn te toveren. Anoniem midden in de nacht stiekem op muren gespoten, in een altijd herkenbare wat cartooneske  stijl. En altijd met een maatschappijkritische ondertoon.

werk van Banksy
werk van Banksy

Maar naar mijn nederige interpretatie vooral wereldberoemd door zijn gimmick. Proberen zijn identiteit geheim te houden. Dat ‘m dat nog steeds lukt is op zich al een prestatie. Wel zijn er vermoedens wie hij is, maar daar blijft ’t bij. Anoniem proberen te blijven en daarmee toch wereldberoemd worden in de kunst. Best een aardig kunstje.

Daar doet Ernest Pignon-Ernest, voor het gemak ook wel EP-E genoemd, niet aan. Al vanaf het begin van zijn carrière heeft hij met zijn straatkunst in de openbaarheid gewerkt.  Zoals in 1971 in Parijs met grote doeken op de trappen van de Sacré-Coeur.

op de trappen van de Sacré-Coeur
op de trappen van de Sacré-Coeur

En jaren later in de vergane straten van het oude centrum van Napels. Foto’s van zijn werk daar ter plekke zag ik destijds voor het eerst in het MAMAC. Ik was er gelijk door gegrepen. Prachtige, bijna renaissancistisch getekende levensgrote muurwerken die als een trompe l’oeil in hun omgeving opgingen. Je moet ’t maar durven en doen in een tijd waarin de kunstkritiek de abstractie hoog in het vaandel had en het realisme in de officiële “kleren van de keizer” kunstkringen als ’t even kon geheel werd verguisd.

in Napels
in Napels
in het museum
in het museum
in Napels
in Napels
in het museum
in het museum
in het museum
in het museum

Nu was er dus eindelijk een grote overzichtstentoonstelling van hem in zijn geboortestad Nice. Met o.a. de originele krijt, pastel en inkt tekeningen die later verwerkt werden in zijn straatkunst. In de vorm van bijvoorbeeld graffiti of op muren geplakte zeefdrukken. Zoals in Soweto (Zuid-Afrika).

in Soweto
in Soweto

Of zoals in Rome waar hij een Pasolini-parcours gemaakt had. Met als inspiratiebron de in 1975 vermoorde, altijd spraakmakende filmregisseur Pier Paolo Pasolini.

in het museum
in het museum
in Rome
in Rome

Wat te denken ook van zijn project in de St.Paul  gevangenis in Lyon?

in Lyon
in Lyon
in het museum
in het museum

Of deze vanwege de huidige grote vluchtelingenproblemen wel heel actuele muurschilderingen. Gemaakt in de jaren 70 in Parijs en Calais! Hoezo vooruitziende blik?

in Parijs
in Parijs
in Calais
in Calais

Dit alles was echt smullen. Die hele Banksy, alhoewel beslist niet slecht, kan vergeleken met EP-E wat mij betreft wel inpakken.  En dit was nog niet alles. Er wachtte nog een heel speciale EP-E verrassing. Maar daarvoor tot volgende week.

TOOS

 

Zomer, zee, Matisse en Nice


In de vorige aflevering had ik het al aangekondigd. Deze zomer kun je in Nice niet om de beroemde Henri  Matisse heen, die hier een groot deel van zijn leven heeft doorgebracht. En omdat ik er toch was, heb ik dus maar voor €10 de stempelkaart gekocht voor de acht verschillende thematentoonstellingen die er rond zijn kunst zijn georganiseerd. Net zo’n soort Nederlandse molenschaatstocht waar je bij elke post een stempeltje gaat halen. Overigens geen geld natuurlijk. Stel je eens voor, in Nederland acht exposities rond Rembrandt voor een tientje! Iedereen zou zeggen “je bent gek”. Nou, dat zijn ze in Nice dus. Daar zijn normaal gesproken alle gemeentelijke musea zelfs vrij toegankelijk. Kom daar in cultureel Nederland maar eens om. Hier praten we alleen over zo’n idee.

Matisse 01

Maar goed, Matisse dus. De aanleiding tot deze “Een Zomer voor Matisse” was het 50-jarig bestaan van het Musée Matisse. Een prachtig grote villa in het hoger gelegen deel van de stad waar de Romeinen destijds al huisden. Vanuit het museum, gelegen naast de oude arena, kijk je dan ook direct op de resten van hun villa’s.

Matisse 02

Matisse 03

Dat museum ken ik natuurlijk van eerdere bezoeken. Maar nu hadden ze een aantal uitlenen van schilderijen die ik nog niet kende. Een daarvan, uit het Museum of Modern Art in New York, trof mij in het bijzonder. Dat was een groot werk, gebaseerd op een stilleven van onze eigen Nederlandse 17de eeuwse Jan Davidsz. de Heem dat in het Louvre hangt. Matisse heeft daar in 1915 zijn eigen interpretatie van gemaakt nadat hij het ooit in zijn academietijd bij zijn leermeester Gustave Moreau (1826-1898) al eens had gekopieerd. Ik heb ’t maar stiekem even gefotografeerd want eigenlijk was dat verboden. Toos, foei toch! Maar wel zonder flits natuurlijk.

Matisse 04

In het Musée des Beaux Arts, een op de boulevard uitkijkende gigantisch grote villa, was dan weer een expositie rond die Gustave Moreau en Matisse. Met Moreau heb ik een speciale band. Over het waarom daarvan vertel ik nog wel eens een keer, dat is een speciaal verhaal. In ieder geval heb ik zijn eigen museum in Parijs al een paar keer bezocht. Nu waren er werken uit dat museum naar Nice overgebracht van de man die ooit tegen Matisse zei “jij gaat het schilderen simpeler maken”. Nou, daar hoef je de kunstboeken maar op na te lezen om te leren hoe voorspellend die uitspraak is geweest.

Matisse 05Dat Matissse uiteindelijk weer grote invloed heeft gehad op een nieuwe generatie kunstenaars werd duidelijk in het MAMAC, het Musée d’art moderne et d’art contemporain. Het was wel grappig te zien dat de grote Andy Warhol eens een werk van Matisse min of meer heeft nagetekend. En dat een ander één van de grote knipselwerken van Matisse uit blauw papier gewoon heeft “nageknipt”, maar nu met een kartelschaartje. Tja, wat is kunst?

 Wat hadden de expositiesamenstellers zoal nog meer verzonnen? Bijvoorbeeld een tentoonstelling met affiches van en rond Matisse, één rond de palmboom die Matisse veel als beeldend element heeft gebruikt en iets met foto’s van vrouwen omdat Matisse ook beelden heeft gemaakt van het vrouwelijk naakt. Allemaal iets teveel aan de haren erbij gesleept naar mijn idee. Maar wel inventief. Tot volgende week.

Matisse 06

TOOS

www.toosvanholstein.nl

www.toos.biz

YouTube http://bit.ly/ij4Pag