Tagarchief: Mexico

Mijn genderneutrale Maya Indiaantje, ReisKunst deel I


‘For me art is travelling the mind’ is natuurlijk niet zomaar mijn kunstenaarsslogan. Want ik reis wat af in mijn geest, zowel buiten mijn atelier als erin als daar uiteindelijk al dat reizen zijn beslag krijgt. Maar regelmatig ook is er het echte, fysieke reizen aan vooraf gegaan. Zoals ik dat ook vorige week al beschreef, geïnspireerd door die prachtige expositie over Frida Kahlo en Diego Rivera in het Amstelveense Cobra Museum.

En omdat ik de komende tijd heel veel concentratie nodig zal hebben voor dat ‘mind travelling’ (het waarom komt deze maand nog wel) bedacht ik me dat de komende weken een paar makkelijke, persoonlijke  reiskunstverhalen wel op zijn plaats zijn. Reisverhalen dus die uiteindelijk resulteerden in schilderijen. Zoals over dat genderneutrale Maya Indiaantje.  Gevolg van mijn Mexicoreis die ik al aanhaalde in mijn vorige-week-blog. Heel toepasselijk ook in deze tijd van de LHBTIQ+ discussies. Probeer zelf maar in te vullen waar die letters voor staan. Die + is natuurlijk voor wat er in de komende tijd mogelijk aan nu nog onbekende diversiteit bij kan komen.

Dat Indiaantje staat hierboven. Tussen twee Amerikanen in. De rechter een Vietnamveteraan, de linker zijn vriend. De H dus. Dat Indiaantje was onze gids naar de Maya-ruïnes van Yaxchilan. Één van de vele eeuwenoude Maya complexen in Mexico en Guatemala. Maar wel een heel bijzondere. Nog net liggend in Mexico, aan de grensrivier met Guatemala en destijds alleen bereikbaar via een urenlange tocht over kronkelige voetpaden door de jungle. Daar ging je als suffe Westerling echt niet op eigen houtje aan beginnen. Vandaar dus dat volledig in het oerwoud thuiszijnde Indiaantje als gids. Na een pittig schommelende en schokkerige  reis in een busje, met die Amerikanen als medepassagiers, opgepikt op een erf middenin  de jungle.

ruïnes van Yaxchilan

Eerst dachten we met een meisje te maken te hebben. Maar tijdens een plaspauze in de zo’n vier uur durende wandel/strompeltocht  naar Yaxchilan kwam er een piemeltje onder dat lange hemd vandaan. Verrassing dus! Bij latere navraag bleek ‘zijn’ Mayastam geen onderscheid te maken tussen jongens en meisjes tot ze geslachtsrijp werden. Meisjes en jongens hadden dan ook allemaal van dat gitzwarte lange haar en droegen ook allemaal hetzelfde type hemd. Zeg maar genderneutraal avant la lettre. Niks geen gedoe met roze voor de meisjes en blauw voor de jongens. Pure westerse kul!

Die tocht was er trouwens één om nooit te vergeten. Op vier uur sjouwen hadden we sowieso al niet gerekend. Maar met nog een Vietnamveteraan erbij die panisch was voor het oerwoud? Als er plassen lagen op het pad, want regentijd, waren we geneigd tussen de bomen ernaast door te gaan lopen. Onze sportschoenen mochten eens nat worden. Dan was ’t ‘Don’t touch those trees, they could be poisoned’! Geen echt vertrouwenwekkende, gezellige mededeling.

De ruïnes van Yaxchilan waren trouwens absoluut de moeite waard. Verborgen liggend in en gedeeltelijk overwoekerd door het oerwoud. Niemand behalve wij vieren en ons Indiaantje. Een sfeer die ik nooit zal vergeten.

Maar toen moest de terugtocht nog beginnen! Want waarom moest die heenwandeling nou vier uur duren? Tja, lukte ’t Indiaantje ons duidelijk te maken, er was wel een kortere weg maar die was veel moeilijker begaanbaar. Nou, vonden wij, doe ons die toch maar. Dat werd dus de Tocht der Tochten. Want Indiaantje had natuurlijk helemaal gelijk. Een vetmodderig junglepad waar zich over de volle breedte plassen over honderden meters aaneen bleven rijgen. Plassen waar ook paarden doorheen hadden gelopen. Met als gevolg diepe paardehoevenkuilen die je natuurlijk niet zag. En waar je, als je erin stapte, stevig in wegzonk en vastgezogen werd. Daar mocht je dan af en toe je los getrokken, zeiknatte schoen uit opvissen. Tot de knieën raakten we modderzwart. Zompe, zompe, zompe. Dacht je ‘voorbij die bocht wordt ’t vast wel droog’, zag je weer een paar honderd meter plas zich voor je uitstrekken. Waarvan je dus niet wist hoe diep die was en hoeveel paardenhoefkuilen je tegen zou komen.

Dat reisavontuur vergeet ik nooit meer. Net zo min als ons genderneutrale Indiaantje. Logisch dus dat daar een schilderij uit voortkwam.

Toos van Holstein, Yaxchilan (olieverfschilderij)

Oh ja, tegenwoordig kun je Yaxchilan, zo vond ik op internet, in drie kwartier varen per boot bereiken. Waar blijft toch het avontuur!

Komende keer Jemen. Een fascinerend land dat nu door machtswellustelingen helemaal naar de gallemiezen wordt geholpen. Met behulp van, onder andere, westerse wapens. Tot volgende week.

TOOS

Twee Kunsticonen en één Mexicaans Magisch Realistisch Koppel: Frida Kahlo en Diego Rivera


Ronddwalend in het Cobra Museum op de top-expositie ‘Frida Kahlo & Diego Rivera: A Love Revolution’ werd ik al snel 30 jaar teruggezet in de tijd. Toen levensgezel en ik rugbezakt rondtrokken in Mexico. De magisch realistische sfeer die ik daar toen regelmatig ervoer kwam weer helemaal boven bij het zien van dit werk van Rivera.

Diego Rivera, De genezer

‘De genezer’ , maar voor mij had ’t ook ‘De sjamaan’ mogen heten. Of ‘Shaman’ zoals de titel luidt van dit olieverfschilderij van mij.

Toos van Holstein, Shaman, olieverfschilderij

Met als inspiratiebron een kerkje in Chamula. Zo’n 900 km van Mexico-Stad, dicht tegen Guatemala aan, nog een echte Maja-streek. ’t Was puur magisch realisme in die in naam katholieke Iglesia de San Juan Chamula. Uren hebben we er stil in een hoekje gezeten, tussen de brandende kaarsen op de kale grond, banken en stoelen waren er niet te vinden. Alleen maar kijken, ervaren, voelen. Foto’s maken? Dat deed je gewoon niet, dan kwam je te dicht op de huid van de mensen daar, op de heel bijzondere en serene sfeer.

deze foto heb ik van internet geplukt

In kasten langs de muren stonden heel veel heiligenbeelden met Spaanse namen. Maar je wist gewoon dat de Maja’s er nog steeds hun oude goden van eeuwen her in zagen. Die voor de vorm waren omgedoopt in katholieke heiligen. Op de grond zat hier en daar een dokter. Nou ja, dokter? Zo’n heler van Rivera. Met eieren naast zich en colaflesjes waar echt geen cola meer in zat. Wat wel? Ik zou ’t niet weten. En met kippen. Een moeder legde een duidelijk ziek kind in de schoot van zo’n heler. Een ei werd heen en weer gestreken over dat lichaampje, er werd gemompeld en er werd wat gegoocheld met de flesjes. Sjamanisme uit de tijden van voor Columbus, van voor de Spanjaarden. Dit gebouw was in naam dan wel een katholieke kerk, maar echt ook alleen in naam.

de Iglesia de San Juan Chamula , wel zelf gefotografeerd

Zo had ik tijdens onze reis meer van die magisch realistische ervaringen. Bijvoorbeeld bovenop een oude Majatempel met al die voor onze Europese ogen zo vervreemdende en soms angstaanjagende versieringen . Urenlang zag ik onder mij groepjes Amerikanen suf achter hun vlaggetjesgids aansjokken. Maar ik voelde na verloop van tijd, echt niet gelogen, de schimmen uit het verleden en zag het bloed van de vele mensenoffers langs de trappen naar beneden lopen. Tja, rijke fantasie? Mogelijk iets voor een ander verhaal.

deel van de tentoonstelling

Terug naar Amstelveen waar het nog tot 3 oktober draait om Frida en Diego. Diego de vrouwenveroveraar (1886-1957) en Frida (1907-1954) die beide seksen zag zitten.

Diego en Frida links van hem

Beiden overtuigd communist en beiden tweemaal getrouwd. Maar dan wel met elkaar. Want Frida pikte het niet dat Diego ‘het’ tijdens hun eerste huwelijk ook deed met haar zus. Maar zonder elkaar konden ze uiteindelijk toch ook weer niet. Frida werd langzaam aan bekend, Diego was al beroemd door zijn gigantische muurschilderingen. Gebaseerd op de strijd van de arbeider tegen het kapitalisme, op de wereldrevolutie. Geheel passend in het strijdbare Mexico van toen.

een van de muurschilderingen, op ware grootte op foto overgebracht
detail
nog zo’n muurschildering

detail

Diego Rivera, De calla lelies verkopers (1943)

Dat Frida’s carrière zich langzaam ontwikkelde kwam ook omdat ze soms tijden lang niet kon schilderen. Vanwege een vreselijke trolleybusongeluk op jonge leeftijd waarbij  een stalen stang haar lichaam had doorboord. Dat, in combinatie met haar door kinderverlamming getroffen rechterbeen, verruïneerde niet alleen haar lijf maar ook haar leven. Abortus en miskraam waren haar deel. Maar met ongelooflijke wilskracht probeerde ze te blijven schilderen. Vooral zichzelf, want dat had ze het dichtst bij zich. Met heel vaak magisch realistische elementen erin. Maar zoals ik zelf dus meemaakte, dat is eigen aan de cultuur van Mexico.

een aantal zelfportretten van Frida Kahlo

zelfportret met Diego op haar voorhoofd geschilderd
Rivera die toekijkt terwijl Frida bezig is aan bovenstaand schilderij

Maar dat verminkte lichaam en die voortdurende strijd tegen pijn, dat unieke kunstoeuvre en die heel speciale band met Rivera, hun gezamenlijke communistische strijd waarin zowel Stalin als zijn in Mexico vermoorde tegenhanger Trotsky een rol speelden, dat alles heeft Frida Kahlo gemaakt tot een groot vrouwelijke kunsticoon. De vrouw met die wereldwijd bekende kenmerkende zware, zwarte, bijna doorlopende wenkbrauwen. De vrouw die uiteindelijk haar eerst veel beroemdere Diego heeft overstegen.

Frida Kahlo, De miskraam, steendruk 1e proefdruk

Logisch dus dat ik die tentoonstelling in het Cobra Museum wilde zien. Logisch ook dat ik een aantal jaren geleden al de boeiende speelfilm ‘Frida’ zag. En voor de hand liggend dat ik ga proberen de documentaire ‘Frida, Viva la Vida’ te gaan zien die nu in de bioscoop draait.

Dat ik verder nieuwsgierig ben naar de tentoonstelling ‘Viva la Frida!- Life and art of Frida Kahlo’ die op 10 oktober start in het Drents Museum?  Hoezo! Tot volgende week.

TOOS

De kunstpracht van Baganese megalomanie


Bagan
Bagan

“For me art is travelling the mind” is al heel lang mijn kunstenaarsmotto. Er wordt ten slotte heel wat afgereisd in mijn hersenen. Zowel geestelijk als natuurkundig. Denk maar aan alle miljoenen elektrische pulsjes die door de verbindingskanalen tussen onze hersencelletjes heen en weer schieten. Maar al die reisactiviteit laat ik ook graag voeden door het fysieke reizen. Naar vaak verre bestemmingen en andere culturen. Daar zijn in de afgelopen decennia heel wat schilderijen uit voort gekomen. Met als inspiratiebronnen o.a.  het oude Egypte, de prachtige leemarchitectuur in Jemen, de Mayatempels in Midden-Amerika, het moderne New York en het middeleeuwse Venetië. Om maar een paar dwarsstraten te noemen.

Uxmal
Uxmal

City
City

Riva
Riva

Daarbij zit het intrigerende Angkor Wat van Cambodja nog steeds onder mijn hersenpan te wroeten en heeft recentelijk Cuba al tastbare resultaten opgeleverd in mijn atelier. En nu is daar ook nog Bagan bijgekomen.

bagan05a

bagan06 Bagan, een gebied van vele vierkante kilometers in Myanmar waar van de 11de t/m de 13de eeuw een machtige dynastie van koningen het grote rijk van Pagan tot bloei bracht en zich ook architectonisch helemaal uitleefde. In steeds rijker, versierder, groter, hoger. Het gevolg? Een ongelooflijk uitgebreid complex aan kleine en grote Boedhistische tempels, pagodes en kloosters. Met destijds nog de prachtigste kunstzinnige versieringen. Hoe we dat weten? Door musea in Europa! Want kunst roven, zowel door de koloniale machten als in opdracht van particulieren, was in de 19de en begin 20ste eeuw ook tot een hogere kunst verheven.

Maar meer dan tweeduizend van die bouwsels hebben gelukkig de tand destijds min of meer doorstaan.  In een gebied dat er nu ongetwijfeld heel anders uitziet dan al die eeuwen geleden. Want de huizen van hout en bamboe van de tienduizenden, zo niet honderdduizenden bewoners van toen zijn weggerot. Of in as en rook opgegaan bij van die grote, alles vernietigende stadsbranden zoals er in de Middeleeuwen in Europa ook vele zijn geweest. Of ingestort bij de aardschokken in dit aardbevingsgevoelige gebied. Daardoor staan nu alleen nog de stenen tempels en pagodes overeind. Alhoewel,overeind? Er wordt heel wat gerestaureerd sinds recente aardbevingen. En nu ook eindelijk goed.

bagan07

bagan08

Het dictatoriale militaire regime heeft namelijk bij voorgaande restauraties flink aan zitten klooien. Ongekwalificeerde krachten, slechte materialen, verkeerde plannen, foute planning. En niet te vergeten ook eigen verrijking eerst. Zoals bij die volstrekt belachelijke hoteltoren die een invloedrijk militair met zeer weinig gevoel voor ambiance in het historisch gebied, sorry voor het woordgebruik, neer pleurde. De vergunning ervoor, zo al nodig, was voor zo’n figuur natuurlijk een eitje.

foutje!
foutje!

Maar nu moet dat vreselijke ding gelukkig verdwijnen. Vanwege de toekomstige benoeming van dit hele gebied tot Unesco World Heritage. Maar daarvoor stelt de Unesco wel strenge voorwaarden. Zoals goede restauratie door gekwalificeerde mensen met de juiste en mogelijk nog oorspronkelijke materialen. En dus ook de afbraak van die toren. Ik ben benieuwd. Want de financieel zeer machtige militaire clan van Myanmar heeft nog overal heel dikke vingers in heel veel papjes. Maar dat is een ander verhaal.

bagan10 bagan11a bagan12 bagan13 bagan14a

Cultuur-historisch gezien is ’t overigens volkomen terecht als Bagan op die Unesco World Heritage lijst komt. Natuurlijk is het megalomaan wat daar is gebouwd. Want wat voegt een 21ste grote tempel aan de voorgaande twintig toe? En die 2017-de pagode? Was die nou echt nog nodig? Of nog weer een klooster voor nog meer Boeddhistische monniken? Maar macht in combinatie met rijkdom leidt nogal eens tot grootheidswaanzin. Unieke voorbeelden te over, zowel tegenwoordig als toen. Wel vaak met als gevolg het op gang brengen van onvoorspelbare en onbeheersbare processen. Zodat zo’n machtig rijk als dat van Pagan ineens zijn ondergang tegemoet gaat. De rijksspaarpot raakt leeg door te grote uitgaven aan dat buitenissige bouwen. De uitdijende Boeddhistische clerus slorpt een te groot deel op van wat we nu het bruto nationaal product noemen. Leiders in onderworpen gebieden aan de grenzen van het rijk ruiken hun eigen kansen op macht en aanzien. En tot overmaat van ramp komen vanuit het noorden de woeste Mongoolse horden van Kublai Khan aangedenderd. Een lastige combinatie. Einde dus van het grote koninkrijk van Pagan. Maar niet het einde van de stenen nalatenschap op de huidige vlakte van Bagan. Daar kunnen we nog steeds van genieten.

bagan15 bagan16a bagan17 bagan18

Zo heeft de megalomanie van destijds toch een bouwkundige wonder voortgebracht dat de eeuwen kon doorstaan. Maar eens afwachten hoe dat met die protserige Trump Tower in New York gaat. Tot volgende week.

TOOS

De katten van San Lorenzo


“Hé, de katten zijn verdwenen”. Blijkbaar ontstond er ineens weer mentale ruimte voor die constatering in mijn brein. Ik was lichamelijk en geestelijk zo geconcentreerd bezig geweest mijn kunststukken te transporteren van de boot in het kanaal bij de Campo San Lorenzo naar de Sala del Portale op die campo dat ik mijn omgeving helemaal had weggedrukt.

de transportboot aan de Campo San Lorenzo
de transportboot aan de Campo San Lorenzo

De beroemde katten van de Campo San Lorenzo waren verdwenen! Samen met het houten poezenpaleis waarin ze huisden en dat al jaren het Venetiaanse klimaat had doorstaan. Een bouwsel dat eerst tegen het front van de eeuwenoude Iglesia San Lorenzo stond maar bij mijn bezoek aan Venetië in 2013 verplaatst bleek naar de linkerhoek van de campo. Met als oorzaak de beroemde Biënnale van Venetië. Al sinds mensenheugenis stond die kerk, een van de oudste in de toch al zo oude Dogenstad,  vervallen en gesloten te zijn. In de beroemde boekenreeks van Donna Leon over de Venetiaanse Commissario Brunetti vraagt hij zich zelfs regelmatig af of die kerk ooit nog tijdens zijn leven weer open zal gaan. Ook die katten brengt Donna Leon af en toe zijdelings ter sprake. En Brunetti heeft op dat alles goed zicht vanuit zijn kamer in de Questura. Die bevindt zich namelijk recht tegenover de kerk met alleen de Rio di San Lorenzo en het plein ertussen. Die rio dus waar ik samen met vrienden de transportboot aan het uitladen was.

de oude plaats van het kattebouwsel links achterin
de oude plaats van het kattebouwsel links achterin

de nieuwe plaats in 2013 links onderaan de kerktrap
de nieuwe plaats in 2013 links onderaan de kerktrap

Mexicaanse kunst in 2013 in de San Lorenzo
Mexicaanse kunst in 2013 in de San Lorenzo

Maar in 2013 stond er ineens een kerkdeur open. Met daarnaast een groot bord dat aangaf dat binnen het kunstpaviljoen van Mexico was te vinden. ’t Bleek dat de staat Mexico met de stad Venetië een contract had gesloten om een deel van het interieur te restaureren. Als tegenprestatie mocht de kerk dan voor de komende jaren als paviljoen gebruikt worden. Voor de kunstbiënnale in de oneven jaren en voor de, minder beroemde, architectuurbiënnale in de even jaren.

Dus liep ik in 2013 zomaar onverwacht in een geopende San Lorenzo. Van de kunst was ik niet zo onder de indruk, van de kerk des te meer. Een prachtig koor in combinatie met ruige vervallenheid en nog openliggende vloeren. Kijk naar mijn schilderijen en je begrijpt waarom mij dat zo aansprak. Overigens is daar in 1324 nog ergens Marco Polo begraven. Maar tijdens een verbouwing in de 16de eeuw heeft men het zicht op zijn begraafplek verloren. Of hij daar nog steeds ergens ligt? Aangenomen wordt van wel.

het inwendige van de San Lorenzo in 2013
het inwendige van de San Lorenzo in 2013

Vanwege Mexico dus moesten de katten een aantal meters verhuizen. Maar ze gedroegen zich op de nieuwe plek nog net zo autonoom als katten altijd al doen. Ze namen je wel waar vanuit hun eigen appartementje maar voor de rest kon je gewoon het dak op. Zolang dat het dak van hun condominium dan maar niet was natuurlijk. Dat dak reikte tot bijna een raam waar een doek je de inkijk belemmerde. Laat dat nu net een raam zijn van die Sala del Portale waarheen ik mijn kunst, nu in 2015, heen moest dragen. En waarbij ik me dus plotseling realiseerde dat die katten er niet meer waren. Dat vroeg natuurlijk om nader onderzoek. Het bleek dat de vrouw die jaren lang voor die beestjes had gezorgd en werkte in het verzorgingstehuis naast de Sala daar weg was. Blijkbaar had niemand haar vrijwillige poezenverzorgingstaak overgenomen. Ook kwam me nog een ander verhaal ter ore. Waarschijnlijk een broodje aap verhaal, maar toch! Want het viel me dit jaar wel op, na twee jaar afwezigheid in La Serenissima,dat ik nauwelijks meer katten zag. Terwijl je die anders toch in veelvuldigheid tegenkwam. Iemand vertelde me dat dit door de Chinezen komt. Die eten graag kattenvlees en in Venetië zie je inderdaad wel steeds meer Chinezen in winkeltjes werken. Broodje aap, of beter gezegd, broodje kat verhaal? Geen idee!

op weg naar expositie in de Sala del Portale links achterin
op weg naar expositie in de Sala del Portale links achterin

Wel waren er voor mijn gevoel nu veel meer honden. Mode? Zou kunnen. Vaak zelfs twee of drie per uitlater of laatster. Van die buikschuivers op veel te korte pootjes tot Golden Retrievers toe. En dat in een stad die nauwelijks openbaar groen kent. Het gevolg laat zich natuurlijk raden. Veel van die door schoenen langwerpig uitgesmeerde strontvlekken op straat. Met bij de vorming ervan ongetwijfeld de bijbehorende instantane hondenvervloekingen van de slachtoffers die onbedoeld in het bezit raakten van anders gekleurde en anders ruikende schoenzolen. En er zijn per definitie heel veel wandelaars in Venetië. Dat alles ondanks het feit dat ik ook heel wat keurige hondeneigenaren met papiertjes of plastic zakjes in de weer heb gezien. Wat ze er daarna mee deden? Ik weet ’t niet zeker,  maar in Venetië is er bijna altijd wel een kanaal onder handbereik.

typische "Venetiëhonden"
typische “Venetiëhonden”

Overigens heb ik zelf ook nog een hond aan het Venetiaanse arsenaal toegevoegd. Die bewaakt de tentoonstelling. Maar ik weet zeker dat Little Cerberus zich keurig gedraagt.

Oh ja, en de kerk is weer dicht. Het paviljoen van Mexico zit nu, na een paar jaar, ergens anders. Hoe ’t dan zit met dat contract? Dit is natuurlijk wel Italië. Tot volgende week.

TOOS    

San Lorenzo revisited


Campo San Lorenzo in Venetië
Campo San Lorenzo in Venetië

November afgelopen jaar kreeg ik een mailtje uit Venetië. Van ene Efthalia Rentetzi. Nooit van gehoord, volstrekt onbekend. Of ik belangstelling had om in 2015 in de lente mee te doen met een tentoonstelling in de San Lorenzo. Tijdens de beroemde kunstbiënnale van Venetië dus. Want die wordt altijd georganiseerd in de oneven jaren van mei tot november. Mijn lief en ik keken elkaar aan. San Lorenzo …? Was dat niet die ruïneuze kerk waar we in 2013 hadden rondgelopen tijdens ons bezoek aan de Biënnale toen? Die kerk die voor een deel was gerestaureerd door de staat Mexico? Opdat ze daar hun eigen kunstpaviljoen konden inrichten tijdens die Biënnale? Die kerk die we bij voorgaande Venetië expedities altijd links hadden laten liggen. Toch altijd gesloten. Die kerk die we van naam al eerder hadden leren kennen uit de heerlijke serie detectives van schrijfster Donna Leon met de Venetiaanse Inspettore Brunetti als hoofdpersoon? Want vroeg Inspettore Brunetti zich niet regelmatig af of die kerk aan de andere kant van het canale tegenover de Questura niet ten eeuwigen dage gesloten zou blijven? Geen geld, bureaucratie, regels, veel te veel kerken in Venetië, of stomweg onwil en geen belangstelling, zo vroeg hij zich dan af? Voor Venetiëliefhebbers is die serie trouwens een absolute aanrader. je krijgt een heel interessante en kritische inkijk in de Venetiaanse en Italiaanse cultuur. Want denk niet dat Venetië en Italië zomaar over één kam zijn te scheren. Zowel maatschappelijk als bestuurlijk.  Maar dat is een heel ander verhaal.

de San Lorenzo, nog niet helemaal gerestaureerd dus
de San Lorenzo, nog niet helemaal gerestaureerd dus

Deze San Lorenzo dus, werd die bedoeld door bovengenoemde Efthalia Rentetzi? Inderdaad! Of, om preciezer te zijn, niet die kerk zelf maar de Sala del Portale. Want die kerk wordt, zoals we in 2013 dus toevallig hadden ontdekt, al gebruikt voor de Mexicaanse kunstpromotie. Maar die Sala del Portale maakt wel onderdeel uit van het totale kerkcomplex, gelegen aan de Campo San Lorenzo. Het plein dat ik toen, in 2013, ook nog op de foto zette. Over toeval gesproken!

De uitnodiging voor deelname aan die expositie heb ik natuurlijk aanvaard. Lang, lang geleden, in de jaren 90, heb ik namelijk al eens een paar keer geëxposeerd in de Dogenstad. En dat waren prachtige ervaringen. De eigenaar van galerie Percorsi d’Arte overleed echter plotseling en daarmee was het kunstcontact verloren. Dat heb ik altijd heel jammer gevonden. Maar nu was er dus weer een nieuwe kans.

deel van het San Lorenzo complex
deel van het San Lorenzo complex

affiche van de expositie
affiche van de expositie

Sinds die mail van november vorig jaar is er dan ook heel wat gebeurd. Efthalia is beslist geen onbekende meer, zij ’t dat ik haar nog steeds niet in levende lijve heb ontmoet. Maar dat gaat volgende maand gebeuren. Dan opent op vrijdag 15 mei de expositie  “Differences on Identity: Artistic perspectives” waarvan zij curator is. Met daarin mijn bijdrage. Samen met die van vooral vrouwelijke kunstenaars uit Ierland, IJsland, Noorwegen, Australië en de USA. Eén man is erbij. Nou, vooruit, dat mag.

Schriftelijk hebben Efthalia en ik elkaar in ieder geval al aardig leren kennen. Want zo’n voorbereiding met alles erop en eraan kost heel wat tijd en heel wat mailtjes. Over de kunst. Over de afstemming met de andere kunstenaars. Over de opbouwmiddelen met wat wel en niet kan in een historische zaal die monumentenbescherming geniet. Denk maar niet dat ik daar zomaar een spijker in de muur mag slaan!En over zoiets puur Venetiaans als het transport. Want je kunt wel vol goede moed met de auto volgeladen met kunst naar Venetië rijden, maar dan? Er zijn daar twee soorten vervoermiddelen, de benenwagen voor jezelf en de boot voor de rest. Dat maakt die stad aan de ene kant heel bijzonder en aantrekkelijk, maar aan de andere kant juist heel ingewikkeld. Alle transport gaat over het water volgens een streng reglement . Alleen met bedrijven die daarvoor een vergunning hebben. Dat betekent dus de auto uitladen aan een kade vlak bij de oude stad, de kunst overladen op de boot, tuf-tuf richting het canale bij de Campo San Lorenzo, daar weer uitladen en dan alles met steekkarretjes of met de hand versjouwen naar de Sala del Portale.

een van de vele transportboten in Venetië
een van de vele transportboten in Venetië

Maar dat moet van te voren wel allemaal geregeld worden. Die transportboten liggen niet zomaar zonder afspraak op je te wachten. Hoe dan ook, bijna alles lijkt nu voor elkaar. Op naar Venetië in mei. En hier tot volgende week.

TOOS.

Angkor! Wat? Nou, Angkor Wat.


Waar zo’n bezoek aan het Rijksmuseum in Amsterdam (zie vorige week) al niet goed voor is! Want op de afdeling Aziatische kunst bedacht ik me dat ik nu toch als de wiedeweerga  verder moest met het fotoboek over Cambodja naar aanleiding van mijn Laos en Cambodja reis eerder dit jaar. Laos was al af. Daarover en over aanverwante zaken schreef ik al een paar keer en heb ik ook de video “Laos in record time” op YouTube gezet http://youtu.be/YJdP5WNYzxg . Maar Cambodja, dat kwam er nog steeds niet van.

tempelcomplex Banteay Srei, Angkor, Cambodja
tempelcomplex Banteay Srei, Angkor, Cambodja

Ik zag op die Aziatische afdeling namelijk prachtige beelden die sterke herinneringen opriepen aan de tempels van de oude Khmerbeschaving in de omgeving van het nu in Cambodja liggende Angkor. Dat was het bestuurlijk en cultureel centrum van het Khmerrijk. Een gigantisch rijk met grote steden in een periode van de Middeleeuwen dat bij ons in Europa iets met een paar duizend inwoners al een stad was. Daar in Angkor ging het om honderdduizenden.

reliëf in Banteay Srei
reliëf in Banteay Srei

Ik dus aan de gang met die foto’s. En dan lees ik ineens in de krant dat ze in het grootste tempelcomplex, het wereldberoemde Angkor Wat, met behulp van nieuwe technieken oude wandschilderingen hebben ontdekt. Over toeval gesproken! Nog een extra impuls om er vaart achter te zetten.

Want natuurlijk was ik daar, in dat Angkor Wat. ’t Is het grootste complex en ligt ook lekker dicht bij het toeristisch centrum Siem Reap waar alle hotels hutje-mutje bij elkaar liggen en waar ze zelfs een Pub Street hebben. Maar eigenlijk vond ik, als tegendraadse kunstenaar, een paar andere complexen duidelijk mooier en interessanter. Zoals Banteay Srei.  Daarvoor moet je dan wel de moeite nemen om al ’s morgens vroeg 40 km te reizen in zo’n tweepersoons huifkartaxietje. Dan ben je namelijk de bussenmeutes voor. Zo’n ritje daar op de vroege morgen kan overigens behoorlijk koud zijn, weet ik nu. Maar daarvoor krijg je dan ook wat. Een klein complex met werkelijk de prachtigste uitgehouwen reliëfs. Dan zie je dat de Hindoe-cultuur met haar ingewikkelde mythologie heel inspirerend werkte op die vroegere beeldhouwers. Een paar van de vele plaatjes heb ik hierboven toegevoegd.

tempelcomplex Preah Khan, Angkor, Cambodja
tempelcomplex Preah Khan, Angkor, Cambodja

Cambodja 4

Cambodja 5

Als alles goed is gerubriceerd, zet ik alle foto’s wel ergens in de cloud opdat iedereen ze kan zien. En waarschijnlijk komt er ook nog wel een filmpje op YouTube. Met daarbij in ieder geval ook Preah Khan. Een tempelcomplex dat helemaal door het oerwoud overwoekerd is geweest. Met alle gevolgen van dien. Schilderachtig verbrokkeld en verruïneerd, boomwortels overal door en overheen, prachtig verkleurde muren door aantasting met allerlei mossen.  Fotogeniek dus tot en met. Je blijft foto’s maken. Vooral ook omdat de oude Khmer wisten wat bouwen en wat kunst was.

tempelcomplex Bayon
tempelcomplex Bayon

Ik heb tijdens mijn reizen aardig wat oudheidkundige overblijfselen gezien. Met als duidelijke hoogtepunten voor mij de Egyptische piramiden en tempels en de Mayasteden in Mexico, Guatemala en Honduras. Maar nu heb ik daar de tempels in Angkor aan toegevoegd. Werelderfgoed van absolute klasse! Tot volgende week.

TOOS

http://www.toosvanholstein.nl

http://www.toos.biz/

YouTube http://bit.ly/ij4Pag

Facebook http://www.facebook.com/TOOSvanholstein