Tagarchief: Middeleeuwen

De geïmproviseerde Gubbio-banner òftewel Italië in een notendop


Of er een verschil is in culturen tussen Italië en Nederland? Zekers! Ik heb niet voor niks diverse exposities gehad in de laars van Europa. Daarbij kan dan een grote mate van flexibiliteit heel nuttig blijken. Daarom wil ik jullie het volgende, kostelijke en cultuurgebonden verhaal niet onthouden. Gubbio, de stad waar ik nu verkeer, is plaats van handeling (lees ook voorgaande blogs).

Gubbio

Maar de proloog begint in ons eigen, soms wat over georganiseerde Nederland. In aanloop naar de internationale groepstentoonstelling ‘Arte incontra Artigianato’ hier in Gubbio had levensgezel regelmatig overleg met Martin Impelmans van de organiserende stichting Grenze(N)loze Kunst. Onder andere over publiciteit. Martin moest als Italiaans sprekende maar Nederlandse spin in het Gubbiaanse gemeenteweb allerlei zaken en zaakjes regelen. Ook dus die pr. En wat is tegenwoordig een expositie zonder uitbundig wapperende vlaggen en aandachttrekkende metershoge banners op buitenmuren. Wat in Gubbio dus per definitie middeleeuwse en derhalve beschermde muren zijn. Dat er daarin op wonderbaarlijke wijze wel eens wat verdwaalde spijkers en schroeven  verzeild zijn geraakt? Dat is natuurlijk geschiedenis. Toestemming voor nieuwe spijkers en schroeven? Ojee, dan hebben we een groot probleem, Professore Impelmans! Dat kunnen we echt niet toestaan. Dan kun  je als Nederlander hoog of laag springen, maar Italiaanse ambtenaren kennen hun Italiaanse regels natuurlijk veel beter dan zo iemand uit het hoge noorden. Regels waarvan ambtshalve geen letter, hoe klein ook, mag worden afgeweken. Onder geen beding! Jammer, jammer, Signor Impelmans. Ja maar, die verdwaalde spijkers die er al zitten dan? Ach, u begrijpt vast wel dat wij daar niets van af weten. Conclusie? Geen banners aan de buitenmuur bij de expositie. Vlaggen dan misschien? Want er zitten toch vlaggenhouders hoog in de muur? Oh, maar daarvoor moeten wel speciale vlaggenstokken worden gemaakt. We gaan kijken wat we daaraan kunnen doen. Martin liet al vast vlaggen drukken in Nederland.

Bij de opening op zaterdag 27 juli? Geen banners dus. Maar ook nog geen vlaggenstokken. Toen mijn gastheer en mede-exposant, keramist Giampietro Rampini, opmerkte dat er toch eigenlijk wel wat publiciteit op de buitenmuur moest, vertelde levensgezel hem bovenstaand verhaal. Oh, daar ging hij wat aan doen! Maar de gemeente dan? Kom toch, hadden we die dan nodig? Hij moest nu eerst naar Finland, was woensdag terug en ging donderdag aan de gang. Maar aan Martin mochten we niks vertellen.

Dus op donderdagmiddag loopt Giampietro levensgezel achterop in Gubbio. Harm, Harm die banner! Heb jij een goeie foto van werk van Toos op je laptop? Natuurlijk! Goed, dan gaan we nu aan de slag. Dus werd er, met mij erbij, een langwerpige, abstracte uitsnede van een schilderij gekozen en op USB-stick gezet. Daarna gelijk naar de drukker. Die kon namelijk direct aan de gang. Daar even praten, uitleggen en de start van het drukken meemaken.

de banner begint uit de pers te komen

 

Toen even ergens koffiedrinken met een dolce, de banner van meer dan 3 meter lang bij 1 meter breed na een half uurtje ophalen, terug naar het keramiekatelier, de familie in de persoon van Gampietro’s moeder inschakelen om op haar naaimachine nog iets aan de banner te fiksen en vrijdagmorgen was alles klaar.

klaar!
banner uitgehangen in de keramiekwerkplaats

Nou ja, nog niet helemaal. Want er moesten boven en onder stangen aan en die behoorden natuurlijk wel esthetisch verantwoord te zijn. We zitten uiteindelijk wel in Italië! Stangen dus met middeleeuws aandoend pijlpunten aan weerszijden. Dat deed de smid die vrijdag nog wel even.

Op zaterdagmorgen waren Giampietro en levensgezel uiteindelijk illegaal bezig om gaten in de eeuwenoude muur te boren en de banner te bevestigen. Martin wist niet wat hij zag.

bevestiging van de banner

Giampietro en de verbaasde Martin als de klus is geklaard

Tussendoor moest Giampietro nog wel even weg. Tja, hij had wel veel voorbereid, maar toevallig net niet de juiste maat steenboor en pluggen meegenomen. Nessun problema! Er zat wel een ijzerwinkel om de hoek. Wat weer eens de stelling van levensgezel bewees: improviseren kunnen ze als geen ander, die Italianen.

Heeft daarna een ambtelijk iemand nog iets over die banner gezegd? Nee natuurlijk. En die vlaggen? Die wapperen eindelijk ook. Twee weken na aanvang van de expositie. Italië in een notendop dus. Tot volgende week in de Corriere della Toos.

TOOS

Advertenties

William Shakespeare, Helden aflevering III


De derde aflevering alweer in deze korte serie van helden van mij. Literaire helden dan wel. In de afgelopen paar duizend jaar tot ons gekomen via zeer oude teksten, middeleeuwse geschriften  en recente literatuur. Helden die mij inspireerden tot bepaalde schilderijen.

portret van Shakespeare

Daarbij mag natuurlijk William Shakespeare niet ontbreken. Want Shakespeare (1564-1616) is natuurlijk zo’n grote literaire held omdat hij in zijn toneelstukken nog zoveel andere helden heeft gecreëerd. Tragisch, heldhaftig, verdorven, ’t doet er niet toe, hij heeft het hele menselijke scala aan karakters op papier en op het toneel tot leven gebracht.  Ook karakters zoals Romeo en Julia die juist dankzij de liefde onvermijdelijk hun noodlot tegemoet gaan.

Geef mij mijn Romeo; en als hij sterft

deel hem dan op in duizend sterretjes

die het uitspansel doen schitteren,

dat heel de aard’ verliefd wordt op de nacht,

en geen nog eren zal verkwister zon.

(uit “De Tragedie van Romeo en Julia”)

 

Vandaar mijn schilderij ‘Destination’ .

Toos van Holstein, Destination, olieverf 160-120 cm

Tot volgende week.

TOOS

Zij die vooruit wil, Helden aflevering II


Vorige week schreef ik het al. Een paar weken achter elkaar ga ik even de aandacht richten op mijn helden. Geen film of sporthelden.  Maar helden die ons in de loop van de afgelopen millennia via oude teksten en middeleeuwse  en recente literatuur zijn overgeleverd. Helden die mij inspireerden tot bepaalde schilderijen.

In 2008 verbleef ik voor enige tijd in Peking als artist in residence en heb ik daar op eigen initiatief samen met enkele vrouwelijke Chinese kunstenaars banners van mij beschilderd. Dat was een prachtige ervaring.

Vrouwelijke Chinese kunstenaars beschilderen mijn banners in de ruimte waar ik ga exposeren

In 1994 had ik als toerist door China gereisd, pas in 2008 kreeg ik een klein beetje het gevoel iets meer van de huidige cultuur te gaan begrijpen. Een andere natuurlijk dan die uit Robert van Gulik’s (1910-1969) detectiveverhalen over de 7de eeuwse rechter Tie. Boeken die ik in mijn jeugd verslond en die me nog steeds bijstaan. Nu is alles veel moderner en veel dynamischer, natuurlijk wel binnen de grenzen zoals die door het politieke systeem daar worden gesteld. Peking leefde, Peking bruiste, de inwoners streefden duidelijk naar Westerse welvaart. Een klein voorbeeldje. In 1994 was er in Peking nog geen metro te bekennen. In 2008 lag er 200 kilometer en werden er ook nog eens 400.000 nieuwe auto’s per jaar verkocht. Alleen in Peking dus.

Ik verbleef vlak bij een traditionele hutong waar die ouderwetse sfeer van rechter Tie nog wel voelbaar was en waar hij voor mij weer tot leven kwam. Zij ’t gecombineerd met die nieuwe dynamiek. Eigenlijk waren de inwoners op hun eigen manier helden die met z’n allen het nieuwe China vorm aan het geven waren. In één van de voedselwinkeltjes waar ik regelmatig inkopen deed, zat de eigenaresse ’s avonds vaak Engelse woordjes te leren bij wat lamplicht. Ze wilde vooruit in haar wereld, zo begreep ik wel uit de korte, eenvoudige gesprekjes die ik met haar kon voeren. Daaruit is de inspiratie voor dit schilderij “Contented” voortgekomen.

Toos van Holstein, Contented, olieverf tweeluik 100-170 cm

Tot volgende week.

TOOS

Alice, Helden aflevering I


Iedereen heeft zo haar of zijn helden. Vrijheidshelden, politieke helden, sporthelden, ze zijn er in allerlei soorten.  Maar ik laat me regelmatig inspireren door helden zoals ons die in de loop van de afgelopen millennia via oude teksten en middeleeuwse  en recente literatuur zijn overgeleverd. Daarom laat ik de komende weken een paar van die helden, van mijn helden dus, hier voorbij komen. Met natuurlijk het bijbehorende kunstwerk.

oude afbeelding bij Alice in Wonderland

Wie heeft er nog nooit gehoord van Alice in Wonderland! Speelfilms, tekenfilms, illustraties, het is bijna onmogelijk Alice niet te kennen. Lewis Carroll (1832-1898) maakte van haar een onsterfelijke held in ‘Alice in Wonderland’.

Toos van Holstein, Alice, olieverf 150-120 cm

Voor mij is ze gewoon dat kleine, nieuwsgierige meisje dat onbevreesd de wereld wil ontdekken. En als ’t goed is, hebben we op latere leeftijd altijd nog zo’n klein meisje, of jongetje natuurlijk, in ons die nieuwsgierig blijft naar het onbekende, het avontuurlijke. Ik probeer zelf altijd dat kleine meisje in me te koesteren, want op die manier kan ik al schilderend en boetserend met was mijn eigen wereld, mijn monde interieur, blijven ontdekken.

Zo ontstond niet alleen dit olieverfschilderij maar ook een reeks beelden in kunststof. Voor mij is dat Alice, het meisje dat Wonderland aan kan!

Tot volgende week.

TOOS

Het Stadse Leven


Voor de komende paar weken heb ik wat speciale blogs op het oog. Vakantietijd, nietwaar? En dan ook nog bij al zo’n lange periode van onnederlands weer. Even een versnelling lager dus. Met wat praatjes bij plaatjes. Gewoon een verhaaltje bij een schilderij van mij.

Toos van Holstein, Modern life, olieverf 110-100 cm

De natuur kan mooi en heel aantrekkelijk zijn. Maar ’t is toch de stad waar ik wil leven. Want sinds de burgerij in de oude middeleeuwse steden langzaam aan steeds meer macht kreeg, is ’t toch daar waar HET gebeurt. In de hectische stedelijke gebieden ontstaan makkelijker cultuurveranderingen en vindt ook de meeste innovatie plaats. Al eeuwen lang. Al eeuwen worden die steden ook alleen maar groter en machtiger. Woont niet nu al meer dan de helft van de wereldbevolking in die alsmaar uitdijende stadsagglomeraties? Hoeveel steden met 10 miljoen of meer inwoners zijn er al niet, verspreid over onze aardkloot. Daarbij vergeleken is ons eigen Amsterdam met maar zo’n 860.000 inwoners niet meer dan kleinsteeds. Vloeken in de kerk natuurlijk voor een echte Amsterdammer, die laatste opmerking!

Steden fascineren me dus! Of ze oud zijn of nieuw maakt me daarbij niet eens zoveel uit. Oude, vervallen en afbladderende lemen steden in Yemen, waar ik ooit was, zijn me net zo lief als de verzamelingen aan hightech glazen wolkenkrabbers in New York, Hongkong of Sjanghai. In die oude steden heb ik trouwens heel wat inspiratie opgedaan. Maar pijnlijk brandende voeten van het vele lopen in bruisende, moderne straten en kramp in mijn nek van het omhoog kijken in de skyscrapersteden hebben daarin ook beslist hun aandeel geleverd.

’t Mag duidelijk zijn dat bovenstaand schilderij ‘Modern life’ het gevolg is van die stadsliefde. Een werk uit een hele reeks zogenaamde cityscapes die het laatste jaar in mijn atelier is ontstaan. Tot volgende week.

TOOS

Zuid-India door een Toosiaanse kunstbril


Indiase tempels en Italiaanse tagliatelli: waarom niet?

Als je, zoals ik, bij je geboorte al behept bent met het kunstgen kom je daar dus nooit meer vanaf. Dan blijf je de wereld altijd ‘kunsterig’ zien. Zogezegd een levenslange veroordeling tot het dragen van een ingebouwde kunstbril. Is dat erg? Nee, integendeel. Want daardoor stond ik als 6-jarig puppie al in de krant in Eindhoven vanwege een gewonnen tekenwedstrijd, exposeer ik als volwassene op prachtige plekken in allerlei landen, was ik als senior in 2016 Nederlands Briljanten Kunstenaar en verkeerde ik afgelopen februari met die onafscheidelijke kunstbril in het zuiden van India. Twee weken geleden schreef ik al over de kleur en chaos daar.

Nou krijg je bij zo’n reis niet zoveel mee over de moderne kunst in India. Het gaat dan vooral om de overblijfselen van lang geleden. Met eeuwenoude tempels en af en toe een heerlijk overdadig paleis. Uitingen van een hoogontwikkelde  cultuur die al heel lang bestond toen wij in Nederland ons nog uit zompige moerassen en vanonder de zeespiegel omhoog moesten trekken aan ons eigen haar. Je weet wel, die truc die Baron von Münchhausen veel later ook nog eens gebruikte.

Denk maar aan de Mahabarata en de Ramayana, duizenden jaren oude epische geschriften over de goden, net als de Griekse Ilias en Odyssee in dichtvorm. Of de Kamasutra, het rode-oortjes-boek van ver voor onze jaartelling. Allemaal teksten die nog steeds belangrijk zijn voor de Hindoeïstische cultuur nu. Kijk maar naar onderstaand filmpje.

Een tikje anders dus dan we in Europa gewend zijn. Bij het al eeuwen oude mimespel schminkten de spelers zich zelfs vooraf, als onderdeel van hun optreden, op dat hele kleine toneeltje.

Fascinerend om te zien hoe daarbij langzaamaan hun hele gezicht onder een dikke laag verf verdween. Dat duurde bijna net zo lang als de voorstelling zelf. Op zich trouwens niet erg. Want ons westers tijdgevoel moest even flink wat versnellingen terug schakelen. Gezien de benodigde tijd voor het gemimed piepkleine stukje uit een enkel onderdeeltje van de duizenden pagina’s tellende Mahabarata zou je bij dat hele epos zo een aantal maanden verder zijn geweest.

Zowel bij dat mimespel als het klassieke dansfestijn was duidelijk dat al die gebaren en al die houdingen voortkomen uit een gigantisch lange traditie. Want heel veel kon ik herkennen door wat ik daarvoor al had gezien in heiligdommen uit de 13e en 14e eeuw.

Dezelfde tijd dus dat in Frankrijk en Engeland onze gotische kathedralen werden gebouwd. Met al hun hoge torens, zuilengangen, beeldhouwwerk en nu vaak verdwenen of sterk vervaagde muurschilderingen. Eigenlijk identiek met wat toen in Zuid India plaatsvond in een heel andere bouwstijl en vormgeving. Echt frappant!

Net zo frappant trouwens als het gemis aan oude stadskernen. In Europa is ’t meestal totaal geen moeite om binnen een uur rijden ergens een stad, stadje of dorp tegen te komen met oude huizen gegroepeerd rond een plein met een kerk in het midden. Met vanzelfsprekend minstens één café plus terras. Daar in India? Niente, nichts, rien, nothing. Wel allemaal chaotische, rechthoekige bouw, hoger, lager, breder, smaller, ongestructureerd volbehangen met reclame uitingen. Net of er nooit oude stadskernen hebben bestaan. En, afgezien van enkele plaatsen, ook nauwelijks terrassen waar je in de schaduw de moeie en door temperaturen boven de 30 graden verhitte toeristenvoetjes even rust kon gunnen bij een kouwe cola. Of ook niet te versmaden, samen één zo’n halve liter grote fles bier. One Kingfisher please and two glasses! En dan zie je wel of je nog een tweede fles laat aanrukken. Maar hier en daar begon die toeristencultuur zoals wij die kennen zich toch wel te ontwikkelen. Wat wil je ook! De Indiase middenklasse begint nu ook op vakantie te gaan. En dan heb je ’t wel gelijk over honderden miljoenen Indiërs!

Ook vind ik ’t altijd interessant om met mijn ingebouwde kunstbril naar muurschilderingen te speuren. Amateuristisch of professioneel is daarbij geen punt. Hoe versieren mensen hun eigen omgeving, daar gaat ’t dan om. Hierbij een paar voorbeelden.

Nu zit ik al weer in een heel andere omgeving. Waar dan wel? Tot volgende week.

TOOS

De kunstpracht van Baganese megalomanie


Bagan
Bagan

“For me art is travelling the mind” is al heel lang mijn kunstenaarsmotto. Er wordt ten slotte heel wat afgereisd in mijn hersenen. Zowel geestelijk als natuurkundig. Denk maar aan alle miljoenen elektrische pulsjes die door de verbindingskanalen tussen onze hersencelletjes heen en weer schieten. Maar al die reisactiviteit laat ik ook graag voeden door het fysieke reizen. Naar vaak verre bestemmingen en andere culturen. Daar zijn in de afgelopen decennia heel wat schilderijen uit voort gekomen. Met als inspiratiebronnen o.a.  het oude Egypte, de prachtige leemarchitectuur in Jemen, de Mayatempels in Midden-Amerika, het moderne New York en het middeleeuwse Venetië. Om maar een paar dwarsstraten te noemen.

Uxmal
Uxmal
City
City
Riva
Riva

Daarbij zit het intrigerende Angkor Wat van Cambodja nog steeds onder mijn hersenpan te wroeten en heeft recentelijk Cuba al tastbare resultaten opgeleverd in mijn atelier. En nu is daar ook nog Bagan bijgekomen.

bagan05a

bagan06 Bagan, een gebied van vele vierkante kilometers in Myanmar waar van de 11de t/m de 13de eeuw een machtige dynastie van koningen het grote rijk van Pagan tot bloei bracht en zich ook architectonisch helemaal uitleefde. In steeds rijker, versierder, groter, hoger. Het gevolg? Een ongelooflijk uitgebreid complex aan kleine en grote Boedhistische tempels, pagodes en kloosters. Met destijds nog de prachtigste kunstzinnige versieringen. Hoe we dat weten? Door musea in Europa! Want kunst roven, zowel door de koloniale machten als in opdracht van particulieren, was in de 19de en begin 20ste eeuw ook tot een hogere kunst verheven.

Maar meer dan tweeduizend van die bouwsels hebben gelukkig de tand destijds min of meer doorstaan.  In een gebied dat er nu ongetwijfeld heel anders uitziet dan al die eeuwen geleden. Want de huizen van hout en bamboe van de tienduizenden, zo niet honderdduizenden bewoners van toen zijn weggerot. Of in as en rook opgegaan bij van die grote, alles vernietigende stadsbranden zoals er in de Middeleeuwen in Europa ook vele zijn geweest. Of ingestort bij de aardschokken in dit aardbevingsgevoelige gebied. Daardoor staan nu alleen nog de stenen tempels en pagodes overeind. Alhoewel,overeind? Er wordt heel wat gerestaureerd sinds recente aardbevingen. En nu ook eindelijk goed.

bagan07

bagan08

Het dictatoriale militaire regime heeft namelijk bij voorgaande restauraties flink aan zitten klooien. Ongekwalificeerde krachten, slechte materialen, verkeerde plannen, foute planning. En niet te vergeten ook eigen verrijking eerst. Zoals bij die volstrekt belachelijke hoteltoren die een invloedrijk militair met zeer weinig gevoel voor ambiance in het historisch gebied, sorry voor het woordgebruik, neer pleurde. De vergunning ervoor, zo al nodig, was voor zo’n figuur natuurlijk een eitje.

foutje!
foutje!

Maar nu moet dat vreselijke ding gelukkig verdwijnen. Vanwege de toekomstige benoeming van dit hele gebied tot Unesco World Heritage. Maar daarvoor stelt de Unesco wel strenge voorwaarden. Zoals goede restauratie door gekwalificeerde mensen met de juiste en mogelijk nog oorspronkelijke materialen. En dus ook de afbraak van die toren. Ik ben benieuwd. Want de financieel zeer machtige militaire clan van Myanmar heeft nog overal heel dikke vingers in heel veel papjes. Maar dat is een ander verhaal.

bagan10 bagan11a bagan12 bagan13 bagan14a

Cultuur-historisch gezien is ’t overigens volkomen terecht als Bagan op die Unesco World Heritage lijst komt. Natuurlijk is het megalomaan wat daar is gebouwd. Want wat voegt een 21ste grote tempel aan de voorgaande twintig toe? En die 2017-de pagode? Was die nou echt nog nodig? Of nog weer een klooster voor nog meer Boeddhistische monniken? Maar macht in combinatie met rijkdom leidt nogal eens tot grootheidswaanzin. Unieke voorbeelden te over, zowel tegenwoordig als toen. Wel vaak met als gevolg het op gang brengen van onvoorspelbare en onbeheersbare processen. Zodat zo’n machtig rijk als dat van Pagan ineens zijn ondergang tegemoet gaat. De rijksspaarpot raakt leeg door te grote uitgaven aan dat buitenissige bouwen. De uitdijende Boeddhistische clerus slorpt een te groot deel op van wat we nu het bruto nationaal product noemen. Leiders in onderworpen gebieden aan de grenzen van het rijk ruiken hun eigen kansen op macht en aanzien. En tot overmaat van ramp komen vanuit het noorden de woeste Mongoolse horden van Kublai Khan aangedenderd. Een lastige combinatie. Einde dus van het grote koninkrijk van Pagan. Maar niet het einde van de stenen nalatenschap op de huidige vlakte van Bagan. Daar kunnen we nog steeds van genieten.

bagan15 bagan16a bagan17 bagan18

Zo heeft de megalomanie van destijds toch een bouwkundige wonder voortgebracht dat de eeuwen kon doorstaan. Maar eens afwachten hoe dat met die protserige Trump Tower in New York gaat. Tot volgende week.

TOOS