Tagarchief: Pasen

Een Paasverhaal bij het wereldmerk Da Vinci


zelfportret van Leonardo da Vinci

Rembrandt is natuurlijk ons grote Nederlands schildersicoon. Of mogelijk Van Gogh? En voor België? Rubens toch wel, denk ik. Picasso voor Spanje? Zou best kunnen. Maar wie zou het wereldmerk voor de beeldende kunst zijn? Ik ga voor Leonardo da Vinci. Want als er ook maar ergens een flintertje nieuws over hem opduikt, vliegt ’t gelijk als Covid-19 de hele wereld over. Mocht er een kunstenaarshiernamaals bestaan, dan heeft Leonardo in de afgelopen eeuwen daardoor vast al heel vaak een hemels glimlachje kunnen tonen boven zijn zorgvuldig gecoiffeerde en gekrulde baard. Misschien ook wel toen ik mijn blog vorige week eindigde met die lange, lege tafel.

Eigenlijk een soort voorbode voor de surrealistische Paasperiode die we nu al weer achter de rug hebben. Een Corona-Pasen in combinatie met de aanstormende 1,5 meter economie. Ga maar na. Sinds eeuwen geen Semana Santa processies in Spanje. Een moeilijk lopende oude paus, bijna in z’n uppie in die gigantische Sint Pieter in Rome met een massaal plein ervoor zelfs zonder uppies. Een volop bloeiende Keukenhof met hallucinerend lege parkeerterreinen. En dus ook geen Jezus en discipelen aan het Laatste Avondmaal op die beroemde en beruchte muurschildering van Leonardo da Vinci in de eetzaal van het Santa Maria delle Grazie klooster in Milaan. Door hem met tussenpozen gecreëerd in de jaren 1495-98. Met experimentele methoden en materialen. Tja, je bent natuurlijk Leonardo de onderzoeker of je bent ‘m niet. Vandaar dan ook die toevoeging ‘beruchte’ hierboven. Want al heel snel begon zijn meters hoge en brede Laatste Avondmaal  te vervagen, te scheuren, te bladderen en wat al niet meer. Vele, meestal slechte restauraties volgden in de eeuwen erna. Experts schatten dat nog maar zo’n 20% enigszins oorspronkelijk is. Maar origineel of niet, Jezus en zijn twaalf apostelen zijn gehavend en wel natuurlijk toch weer teruggekeerd aan hun tafel.

Toch zou Da Vinci niet Da Vinci zijn als dat het hele verhaal over zijn muurschildering zou zijn. Want, zoals al geconstateerd, altijd weer duikt er een artikel, een boek of een documentaire op met deze uomo universale  uit de Renaissance in de hoofdrol. Fascinerend vind ik dat. Zo verscheen een paar jaar geleden een documentaire over een tweede, perfect gelijkend Laatste Avondmaal van Leonardo. Hier de trailer van die documentaire.

We hoeven dus helemaal niet naar Milaan, we kunnen gewoon naar een oude abdij in het Belgische Tongerlo.

de abdij in Tongerlo
de zaal daar met ‘Het Laatste Avondmaal’

Voor dat min of meer verborgen Da Vinci geheim. Even groot als de oorspronkelijke muurschildering maar dan op doek. Gemaakt in opdracht van koning Louis XII van Frankrijk. Wel grotendeels geschilderd door medewerkers van Leonardo’s atelier maar, zo wordt vermoed, met Jezus en Johannes van Leonardo’s eigen hand. Gewoon naar Tongerlo dus en niet naar Milaan. Nu alleen nog even niet. Corona en zo! Nieuwsgierig geworden? Hier vind je de hele documentaire ‘The Search for the Last Supper’. https://youtu.be/FSKIQebJ4ZI

Trouwens, een paar geleden stond ik nog bij de Milanese versie. Wel in Haarlem. Bij een moderne  namaak in het Teylers Museum tijdens een expositie over tekeningen van Leonardo.

Waar je helemaal niet meer naar op zoek hoeft is Leonardo’s beroemde muurschildering ‘De slag bij Anghiari’. Die is namelijk echt verdwenen. Alhoewel? Misschien is ie alleen maar verstopt. Ook dit is weer zo’n intrigerend Da Vinci verhaal dat eens in de zoveel jaar de kop opsteekt. Dat hij in 1507 het fresco maakte op een muur van de grote zaal van het Palazzo Vecchio in Florence is zeker. Er bestaan zelfs nog voorstudies van zijn eigenste hand.

studieschets van Da Vinci voor ‘De Slag bij Anghiari’

Maar ja, zelfde verhaal. Hij was weer lekker aan het experimenteren geslagen met materialen. Gevolg? Mislukking op mislukking. Vermoedelijk zelfs niet afgemaakt en nu, zo lijken een paar piepkleine boorgaatjes van 4 mm aan te tonen, mogelijk verstopt achter een extra muur waarop Giorgio Vasari in 1563 een ander fresco maakte. Een schildering die er trouwens nog wel goed bij staat. Dus wat te doen? Proberen er achter te kijken of die voorste muur in z’n geheel netjes weghalen? Er wordt nog steeds over gediscussieerd door horden specialisten.

Net zoals over waar zich nu eigenlijk dat duurste schilderij ter wereld, die  Salvator Mundi van 450 miljoen dollar, bevindt. Weer zo’n spannend Leonardo da Vinci verhaal. Maar niet voor nu.

Nog even dit. Vorige week begon ik met die gesloten  once in a lifetime expositie over Rafaël in Rome. Laat daarvan nu net een prachtige video op internet te zijn geplaatst.

Net zoals over tekeningen van Rafaël die zich bevinden in een hierboven al genoemde, altijd een beetje verborgen gebleven museumparel. Het Teylers Museum.

Tot volgende week.

TOOS

Was Jan van Eyck bijziend en andere afleidingen voor corona-dips


Man met rode tulband, vermoedelijk een zelfportret van Jan van Eyck, 1433

Soms zit ’t mee en soms zit ’t tegen. Was je één van die 70.000 die van te voren al een kaartje had gekocht voor de ‘once in a lifetime’ expositie in Rome over kunstenaarsgenie Rafaël (1483-1520)? Dan had je dus dikke pech. Op 4 maart geopend, drie dagen later weer dicht. Coronavirus! Had je een ticket op 13 maart of later voor de ook ‘once in a lifetime’ tentoonstelling over Jan van Eyck (1390?-1441) in Gent? Idem dito! Maar voor mij zat ’t mee. Levensgezel en ik hadden toegangsbewijzen met datum 2 maart. Voor toen de wereld, nog maar vijf weken geleden, er radicaal anders bij lag. Niks dicht, alles open. Hoe lang geleden lijkt dat al.

Ik had er naar uitgekeken, naar die tentoonstelling ‘Van Eyck, een optische revolutie’. Daarbij, ik was ’t eigenlijk ook wel moreel verplicht er heen te gaan. Want had ik niet diverse keren in de jaren 90 geëxposeerd onder het toeziend oog van de gebroeders Jan en Hubert van Eyck? Nou ja, van hun standbeeld dan, op het grote marktplein van hun vermoedelijke geboorteplaats Maaseik.

Met op de hoek de prachtige Galerie Den Peroun. Dat waren schone exposities, al zeg ik ’t zelf op z’n Vlaams. Maar ja, galerieën komen en galerieën gaan terwijl kunstenaars blijven bestaan. Den Peroun is niet meer. Maar hun Maaseikse beeld en de schilderijen van de Van Eyck’s, vooral van Jan, bestaan nog steeds.

uitsnede met de aartsengel Gabriël van een van de delen van het grote veelluik Het Lam Gods

Een twintigtal werken zijn dat maar, verspreid over de hele wereld. Met voor het eerst de helft daarvan ingevlogen vanuit alle windstreken naar dat nu gesloten Museum voor Schone Kunsten in Gent. Om daar volgens schema tot 30 april getoond te worden in samenhang met acht recent gerestaureerde zijpanelen van ‘Het Lam Gods´. Het grootse, wereldberoemde veelluik dat al eeuwenlang alleen maar te zien was in de Gentse Sint Baafskathedraal. Nu kon je er bijna met je neus op gaan staan. En toen kwam die vraag bij me op. Was Jan van Eyck mogelijk bijziend­? Die vraag lijkt me best relevant als je ziet hoe ongelooflijk gedetailleerd Van Eyck op de vierkante centimeter schilderde. Even een voorbeeld.

links het grote scherm, rechts het gerestaureerde deel van Het Lam Gods

In de entreezaal van de expositie staat een metershoog scherm met daarop een deel van één van die gerestaureerde zijpanelen (middelste rij, 2e van links). Heel sterk uitvergroot dus. En die gigantische uitvergroting staat nog als een huis. Ongelooflijk!

Ik moest gelijk denken aan vriend, collega en fijnschilder Poen de Wijs. Die kon je best behoorlijk kippig noemen met zijn brillenglazen van min zeven. Als hij die bril omhoog schoof op zijn voorhoofd kon ie letterlijk met zijn neus op het doek de fijnste details schilderen. Zou dat bij Van Eyck ook hebben kunnen spelen? Maar dan rijst natuurlijk de vraag hoe ’t dan in zijn tijd met brillen zat. Geen Specsavers of EyeWish om de hoek. Vergeet ’t maar. En waarom wordt Van Eyck juist ook geroemd om zijn waarnemingsvermogen van de omgeving? Hij was de eerste in zijn tijd die gedetailleerde stadsgezichten als achtergrond voor zijn schilderijen gebruikte. Als Poen zijn sterke bijziendheidsbril niet op had, was de buitenwereld voor hem niet veel meer dan een vage brei aan beelden.

Nog een ander voorbeeldje. Van Eyck’s formidabele Annunciatie, ook hangend op de expositie. Een werk van 90 bij 34 cm.

links de Annunciatie, rechts een tip van de op de vloer hangende mantel van aartsengel Gabriël (speur maar eens daar dat stukje)

Kijk eens hoe ongelooflijk gedetailleerd en goed geschilderd zelfs zo’n klein stukje uit de mantel van de engel nog is. Dus hoe zat dat nou eigenlijk met die ogen van Van Eyck? Waren dat uitzonderlijke haviksogen of was hij stevig bijziend? En zo ja, hoe zat ’t dan met de rudimentaire brillen in zijn tijd? En hoe kon hij dan scherp zien in de verte? Zou daar ooit wetenschappelijk onderzoek naar zijn gedaan? In mijn ogen best een interessante vraag.

Ook nog even de Heilige Barbara, mijn lievelingswerk van hem. Maar 32 bij 18 cm groot!! Zelfde verhaal dus.

het paneel van de Heilige Barbara links, een detail ervan rechts

Al met al een prachtige expositie, verspreid over vele zalen met heel veel werk van tijdgenoten van Jan van Eyck. Maar helaas, dicht, dicht, dicht! En of ’t daar voor 30 april nog weer open gaat?

grote zaal met daarin een videoprojectie over Het Lam Gods
 een paar persfoto’s zonder de grote groepen bezoekers

Toch is er nog een lichtpuntje. Want op 24 september staat in het Paleis voor Schone Kunsten in Brussel de opening gepland van ´Facing van Eyck-The Miracle of the Detail’. Daar sluit dan mooi een prachtige en heel informatieve nieuwe website bij aan http://closertovaneyck.kikirpa.be/. Met daarop alle werken van de gebroeders in een ongelooflijk hoge resolutie.

En dan nu op naar een vreemde Pasen. Zie bijvoorbeeld deze overbekende frescoschildering. Daar is iets mee.

Wat dan wel? Na Pasen de oplossing. En mocht je tijdens de Paasdagen nog wat losse uurtjes over hebben en de Hermitage, dat overweldigende museum in Sint Petersburg, nog nooit hebben gezien?

Neem dan de tijd voor deze meer dan vijf uur durende, in één take opgenomen video. Heel bijzonder! Tot volgende week.

TOOS

Een waargebeurd wonderbaar Paasverhaal


Pasen. Met daarbij het opstaan van Jezus uit de dood  als kerkelijk wonder.  Maar is ’t eigenlijk ook al geen wondertje dat hij elk jaar opnieuw  weer op een andere datum gestorven blijkt te zijn? Zijn geboorte wordt wel altijd op 25 december gevierd, maar zijn kruisiging en de daaraan gekoppelde opstanding op 1e Paasdag  vallen op steeds verschuivende datums. Best wonderlijk. Maar goed, daarover ga ik niet, dat doet ‘Rome’. Waar ik zo vlak voor de Pasen dit jaar aan moest denken is een ander wonderbaarlijk Paasverhaal dat zich vorig jaar afspeelde.

het plein waar zich dit Paasverhaal afspeelt

Levensgezel en ik bevonden ons toen, een volle drie weken eerder dan de Pasen nu, in Italië. In Toscane, om nauwkeuriger te zijn. Op bezoek bij Nederlandse vrienden in hun tweede huis ergens aan de kust. Zij hadden weer familie die wel vast in Toscane woonde maar dan een aardig stukje meer landinwaarts, iets ten zuiden van Florence. Die vonden het leuk als we op Tweede Paasdag met z’n vieren bij hun op bezoek kwamen. Met in het vooruitzicht eerst een bubbelende borrel en aansluitend  het onvermijdelijke Italiaanse restaurant was dat no problema natuurlijk. Maar bij aankomst bleek dat restaurant toch nog wel even een klein problema te zijn geweest.

Het eerste belletje voor een reservering: vol. Tweede belletje: vol. Derde belletje: we zijn dicht. Pas bij het vierde belletje: bingo. ’t Werd daardoor wel ietwat verder rijden. Alweer no problema. Onderweg naar dat vierde belletje keek levensgezel mij ineens vragend aan. “Ik zag net op een richtingenbord Vigline Valdarno staan. Was dat niet die plaats waar we ooit eens een aantal weken hebben gebivakkeerd?” Onzekerheid troef bij ons beiden. De vraag of we naar dat Vigline gingen werd overigens wel bevestigend beantwoord, maar onze onzekerheid moest nog even voortduren.

de binnenplaats van het complex voor de Biennale

Nu eerst een flink aantal jaren terug in de tijd. Ik was uitgenodigd om in december 2003 deel te nemen aan de Biennale Internazionale Dell’Arte Contemporanea in Florence en had daarop ja gezegd. Dat leek me wel leuk. Maar een paar weken in Florence zelf gaan zitten bleek toch een tikje buiten de begroting te vallen. Vandaar dat ik in een stadje 20 kilometer zuidelijker een soortement loft had gehuurd, bovenin een hoog appartementencomplex. Op een letterlijke steenworp afstand van het treinstation daar. Lekker makkelijk, direct de trein in en bij de halte Florence er weer uit. Maar of ’t nou in dat Vigline Valdarno van hierboven was geweest?  Het was hooguit  een heel bescheiden belletje dat er rinkelde.

Bij het binnenrijden van Vigline passeerden we in ieder geval wel een spoorwegovergang, maar verder? De parkeerplaats? Mwah! Toen in de binnenstad die arcade? Zou best wel eens kunnen. Daarna het grote plein? Ja, dit kenden we. We herinnerden ons toen ook een restaurant op dat plein. Ergens daar in die hoek. Ging daar niet ook een trap naar beneden naar een gewelfde kelder waar we destijds diverse keren prima hadden gegeten? ’t Zou toch niet dat we daar ……? Maar dat zou dus wel! Die hoek, die trap, dat gewelf, nu liepen we daar ineens met z’n zessen. Reken dus maar dat we er opnieuw van een voortreffelijk maaltijd hebben genoten want de eigenaar bleek nog steeds dezelfde.

de hoek
de deur van het restaurant
de kelder

Natuurlijk zijn we, inclusief onze Italiaanse vulling en behoorlijk laat op de avond, nog even richting station gelopen om te aanschouwen hoe ’t stond met dat toenmalige loft van ons. Kijk, daar was ‘t! Nog steeds ook inclusief de bijbehorende kubuskamer  met een view die plompverloren bovenop het dak stond en van waaruit zich een deur opende tot dat dak. Gewoon je stoel buiten zetten en je had volledig rondom een gigantisch terras ter beschikking.

GoogleMap foto met middenin die kubus op het dak en links het station

Over toeval gesproken! Want stel je nou eens voor dat die restaurantreservering van het eerste, tweede of derde belletje wel was gelukt. Dan had ik dit wondere Paasverhaal toch maar mooi niet kunnen beleven. Tot volgende week.

TOOS

Wie de beroemdste vrouw ter wereld is?


Maria-beeldjes

Ja, wie zou dat zijn, die beroemdste vrouw ter wereld? Marilyn Monroe? Madonna? Byoncé? Dat hangt, denk ik, heel sterk samen met je leeftijd. Maar in het Utrechtse “Museum Catharijneconvent”, kennen ze geen enkele twijfel. De Maagd Maria, moeder van Jezus! Al eeuwen lang massaal aanbeden. Miljoenen malen afgebeeld op iconen en schilderijen. Vereerd met talloze beelden en beeldjes. Een veel gebruikt icoon in de fotografie. En vergeet ook niet al die visioenen waarin ze verscheen aan  gelovigen in allerlei soorten en maten. Is er één vrouw die haar dat kan nazeggen?.

Maria-foto’s

Logisch dat ze in het op ons christelijk erfgoed gerichte Catharijneconvent een uitgebreide tentoonstelling aan haar hebben gewijd. En waarom dan niet juist in deze Paastijd daarheen? Want hebben we naast de overbekende symbolen als Paashaas en supermarktbladen die je graag een gevuld paasei zien worden niet ook nog The Passion op de televisie gehad? Iets met een man van lang geleden die gekruisigd wordt?

Daarbij was ik ook nog nooit in dat recentelijk verbouwde museum geweest. Een eeuwenoud voormalig klooster gewijd aan Catharina van Alexandrië. Nota bene naamgeefster in mijn katholieke reeks voornamen Catharina Joanna Nicolette Maria. Op dus naar Utrecht.

Maria met kind, Meester van Elsloo, rond 1500

De verrassing daar was een aangename en interessante. Want ik mag dan wel katholiek zijn opgevoed, ik heb er toch aardig wat opgestoken. Denk je dat we nu leven in het zogenaamde post-truth tijdperk met z’n feitenvrije politiek en social media belazerij,hebben ze dat allemaal heel lang geleden al in het Vaticaan uitgedokterd. Over Maria wordt in de bijbel namelijk maar heel weinig feitelijks verteld. Wat dan natuurlijk de fantastische mogelijkheid geeft om er van alles bij te verzinnen. En zo gebeurde het. Legenden en volksverhalen hebben Maria in de loop der eeuwen een leven gegeven waarvan ze zelf nooit gedroomd zou hebben. Tja, dat krijg je in tijden zonder betrouwbare burgerlijke stand registers! Nu kon de kerk in dat gat springen om de verering van de Maagd Maria/Moeder Gods een flinke impuls te geven

Anna en Joachim op het moment van de conceptie van Maria, 17de eeuws Russisch

Zo wist ik echt niet dat ze heel bijzondere ouders had, Anna en Joachim, en dat de conceptie van Maria, na ook al een aankondiging door een engel, in het openbaar plaatsvond onder de Gouden Poort in Jeruzalem. Let wel, zonder scabreuze toestanden. Een innige omhelzing was voldoende. Op die manier kon Maria als moeder van Gods zoon toch zuiver zijn zonder de last van de erfzonde bij de gewone sterveling, ontstaan na de verstoting van Adam en Eva uit het Paradijs. Die Onbevlekte Ontvangenis van Jezus ligt dus eigenlijk heel erg voor de hand, ’t zat al in de familiale genen. Hoezo post-truth en facts-free!

Heilige Maagschap (de hele familie van Maria), atelier Meester van Liesborn, rond 1480

Maar er is nog veel meer. Maria’s moeder hertrouwt een paar keer waardoor ze nog twee halfzusjes krijgt, Maria Kleopas en Maria Salomé. Kinderen van die twee zijn dan weer Johannes, Jacobus de Mindere en Jacobus de Meerdere. Later behorend tot de twaalf discipelen van Jezus. Is ’t nog een beetje te volgen? Ik vind dit soort zaken heerlijk omdat ze aantonen hoe rijk toch de menselijke fantasie is. Als die dan ook nog wordt uitgedrukt in kunst ben ik helemaal gelukkig. Zo hangt er een schilderij van rond 1480 waarin al deze familierelaties overzichtelijk worden getoond. Die stonden in de middeleeuwen, zo las ik, uitgebreid beschreven in de Legenda Aurea. Of op z’n Frans de Légende dorée. Toevallig het boek waarvoor ik bij een nieuwe uitgave via mijn galerie in Nice de levens van Catharina van Alexandrië en Saint Nicolas heb geïllustreerd met steendrukken. Toch leuk, zo’n link.

Bij de voorbereidingen voor de expositie werd in een particuliere collectie trouwens ook nog een 15de eeuws houten beeld ontdekt met Anna, haar drie Maria-dochters en weer hun kinderen. Met natuurlijk Anna, Maria en Jezus als belangrijkste personen onder elkaar in het midden.

Heilige Maagschap, Utrecht, 1460-1470

Echt een zeer boeiende expositie met nog heel, heel veel meer. Van Stenen Tijdperk oermoeder en godinnen tot Maria Hemelvaart. Wat ik bij dat intrigerende familiegedoe eigenlijk nog miste was iets over die mogelijke broer van Jezus. Want ook daarover is heel wat gespeculeerd en geschreven. Nog nooit gehoord van die broer? Ach, laat ook maar. Want dat wordt weer een heel ander verhaal. Ook niet echt passend bij het zo reine beeld van de Maagd Maria. Tot volgende week.

Virgin of Mercy, een wat a-typische Maria-eend in de bijt, gebaseerd op vroeg middeleeuwse beeldjes in Ierland en Engeland

TOOS

Briljanten Kunstenaar 2016 zijn moet je vieren, toch?


Bas 1

Als je via de verkiezing van Kunstenaar van het Jaar wordt uitgeroepen tot de Briljanten Kunstenaar 2016 mag je daar best trots op zijn. Dat ben ik dan ook. ’t Misstaat beslist niet nu te zijn opgenomen in het rijtje met voorgangers als Gerti Bierenbroodspot, Co Westerik, Armando, Henk Helmantel, Marte Röling en Ans Markus.

Zo’n uitverkiezing wil ik natuurlijk niet zomaar voorbij laten gaan. Veel te leuk. Dus hoort daar een kunstfeestje bij.

Music, tweeluik, digicompo op alu-dibond, 160-240 cm
Music, tweeluik, digicompo op alu-dibond, 160-240 cm

Of waarom dan niet gelijk maar meerdere?  Want zo’n feest vieren is natuurlijk het fijnst samen met al die kunstliefhebbers die in de loop der jaren fan van mijn werk zijn geworden of dat ook nog in huis hebben om er dagelijks van te kunnen genieten. En met hen die mogelijk ook nog iets willen aanschaffen. Dat zijn er veel te veel bij elkaar voor maar één event. Want heet dat tegenwoordig niet zo in modern Nederlands? Event! Al filosoferend daarover met een paar kunst-sparringpartners kwamen er allerlei ideeën naar boven. Hoe die vorm hebben gekregen, zal in de loop van de komende maanden gaan blijken.

Het eerste feestje in de rij er trouwens al snel. Met Pasen. Bij Bas+Mar de Jager aan het Kerkplein in Kapelle (Zeeland). In het pand waar ooit Annie M.G.Schmidt als kind woonde. En waar nu die prachtige, luxe, alom in Nederland en België bekende interieurzaak al heel lang is gevestigd.

Bas+Mar de Jager, Kapelle
Bas+Mar de Jager, Kapelle

Bij Bas+Mar de Jager is namelijk al een poos een expositie van mij gaande. Al pratend met directeur Henri de Jager kwam de vraag voorbij aan welk getal je nu eigenlijk het begrip briljant zou moeten koppelen. Zilveren, gouden en diamanten gebeurtenissen zijn ten slotte allemaal verbonden met een bepaald cijfer. Maar hoe zit dat met briljant?

Die vraag leidde tot een aantrekkelijk gebaar voor de bezoeker. Welk? Tja, dan moet je eigenlijk naar Kapelle komen met Pasen. Op de dagen van  Goede Vrijdag 25 maart tot en met tweede Paasdag 28 maart (zie voor meer gegevens hieronder). Dan, maar ook alleen dan,  wacht de bezoeker bij aankoop van een werk van mij een Briljanten verrassing. Ter plekke te verzilveren! Nogal cryptisch, deze boodschap? Een goede verstaander heeft toch maar een half woord nodig?

Zelf ben ik in dit Paasweekeinde aanwezig op vrijdag 25 en maandag 28 maart van 13-17 uur bij deze “Briljanten kunstactie bij Bas+Mar de Jager”

vrijdag 25 maart t/m maandag 28 maart

Kerkplein 57  4421 AB Kapelle

open vr-za-ma 9-17 uur, zo gesloten
Bas 4

Maar er komen dus, verspreid over het jaar en het land, nog meer van dit soort weekend  kunstmanifestaties. Allemaal in hun eigen vorm. Waar en wanneer? Als je je via mijn website www.toosvanholstein.nl abonneert op de Nieuwsbrief blijf je helemaal op de hoogte. Ook dit blog is daar natuurlijk goed voor. Ik kan trouwens al vast wel verklappen dat de eerstvolgende ergens in juni is. In een heel ander deel van Nederland.Tot volgende week.

TOOS
Resize 2 of handtekening van Toos Ned