Tagarchief: Picasso

Hoe je met Duits staalgeld goede kunstsier maakt in het Museo Thyssen-Bornemisza in Madrid


het Plaza Mayor in Madrid
het Plaza Mayor in Madrid

Er moest nodig een kunstlacune in mijn culturele opvoeding worden opgevuld. Stel je voor, ik was nog nooit in Madrid geweest. En daardoor ook nog nooit in het Prado. Toch een van de belangrijkste musea ter wereld. Met een collectie die misschien wel wat onder doet voor die van het Louvre maar toch ook weer niet overdreven veel.

Dus bevond ik mij heel recent voor het eerst in de Spaanse hoofdstad. Een heel prettige kennismaking. Duidelijk een stad waar ik in de toekomst vaker heen wil.  Een wereldstad met geschiedenis en een bruisend straat en pleinleven.

het bruisende pleinleven in Madrid
het bruisende pleinleven in Madrid

Daarbij wat betreft uitgaan ook duidelijk aangenamer geprijsd dan de in mijn ogen veel te dure horecasector in Nederland. Met ook nog een appartementje in het centrum dat levensgezel voor ons had gescoord via Airbnb. Die alternatieve site waar particulieren van over de hele wereld verblijfsruimte aanbieden voor vaak heel prettige prijzen vergeleken met die van hotels. Maar dat is dus weer zo’n ander verhaal.

Museo Thyssen-Bornemisza
Museo Thyssen-Bornemisza

Kunst en Madrid is een geweldige combinatie. Want naast dat Prado heb je binnen loopafstand daarvan ook nog het Centro de Arte Reina Sofia voor de moderne kunst vanaf de 19de eeuw en het Museo Thyssen-Bornemisza. Over dat laatste had ik al wel veel gelezen, maar het overtrof alle verwachtingen. Ik strooi maar enigszins willekeurig wat foto’s ervan door deze blogaflevering.

zelfs het Haagse Binnenhof hangt er, geschilderd door Berckheyde (1638-1698)
zelfs het Haagse Binnenhof hangt er, geschilderd door Berckheyde (1638-1698)
zittend voor een Rothko, van wie onlangs een grote overzichtsexpositie was in het Haags Gemeentemuseum
zittend voor een Rothko, van wie onlangs een grote overzichtsexpositie was in het Haags Gemeentemuseum

Ooit, in 1920, begon Heinrich Thyssen-Bornemisza (1875-1947), hoofd van een gigantisch zakenimperium, een kunstcollectie aan te leggen. Met het vermogen dat de familie Thyssen in de 19de eeuw in eerste instantie met ijzer en staal had verdiend. Een heel, heel groot vermogen kun je wel stellen. Zoonlief Hans Heinrich (1921-2002) bouwde die collectie nog verder uit tot de grootste privéverzameling ter wereld. Nou, oké, die van het Britse koningshuis is misschien nog wat groter. Uiteindelijk, om een lang verhaal kort te maken, kwam een groot deel van de verzameling vanuit Zwitserland naar Madrid waar de Spaanse regering een prachtige locatie aanbood. Die kocht van Hans Heinrich zelfs nog een groot deel van de collectie aan voor een absoluut vriendenprijsje van 250 miljoen euro. Mazzelaars! Denk maar even aan die 160 miljoen nu voor twee Rembrandt’s.

Maar bij zo’n vriendenprijs is de kans natuurlijk heel groot dat er in een al stinkend rijke familie de geldpleuris uitbreekt. Zeker ook omdat onze Hans Heinrich toen ook net toe was aan zijn vijfde vrouw. De voormalige Miss Spanje 1961, Carmen “Tita” Cervera, van wie hij ook nog een zoon echtte. Maar om ook hier een lang verhaal kort te maken, Hans Heinrich won de juridische strijd. Daardoor kon zijn Tita, ook behept geraakt met het kunstvirus, rustig doorgaan met heel veel geld aan heel veel kunstaankopen te besteden. Als je ziet wat die nu alweer bij elkaar heeft gekocht! Er is zelfs een aparte vleugel voor aangebouwd bij het oorspronkelijke museum.

de zalmroze vleugel van Tita
de zalmroze vleugel van Tita
Rogier van der Weyden
Rogier van der Weyden

Met zalmroze geverfde muren. Speciaal uitgezocht door de, volgens mij, tegenwoordig flink strak getrokken en gebotoxte Tita. Foto’s spreken wat dat betreft boekdelen. Maar hoe dan ook, het familiekapitaal is en wordt prima besteed.

Wat er al niet hangt! Werken vanaf de 14de tot en met de 20ste eeuw. Van de Vlaamse Renaissance uit de eerste helft van de 15 de eeuw met o.a. Jan van Eyck en Rogier van der Weyden. Van de Italiaanse Renaissance en opvolgers als Caravaggio. Van hem hing er een beeldschoon schilderij van de heilige Catharina. Iets wat mij altijd aanspreekt vanwege mijn officiële eerste voornaam. Catharina!

De heilige Catharina van Caravaggio
De heilige Catharina van Caravaggio

Maar ook onze Gouden Eeuw was uitgebreid aanwezig. Rembrandt en Frans Hals natuurlijk. Maar ook een heel speciale “Christus aan het kruis” van Anton van Dyck die toch vooral bekend staat om zijn portretten.

 

Christus aan het kruis, van Anton van Dyck
Christus aan het kruis, van Anton van Dyck

Ook heel veel Ruisdaels. Net zoals zijn wolken vlogen zijn schilderijen je daar om de oren. En dat ging maar door. De Franse klassieke school, het Impressionisme, een paar Van Gogh’s (zie vorige week), heel veel Duitse Expressionisten als Nolde, Kirchner, Macke, Beckman, Grosz, Dix. Zelfs via Picasso, Braque, Dali, Hopper en Rothko naar onze eigen Piet Mondriaan en Karel Appel.

een vroege Picasso, dubbel gefotografeerd
een vroege Picasso, dubbel gefotografeerd
Salvador Dali
Salvador Dali
Piet Mondriaan met een paar vermoeide bezoekers
Piet Mondriaan met een paar vermoeide bezoekers
Karel Appel, met een bezoekster die hem niet zo ziet zitten
Karel Appel, met een bezoekster die hem niet zo ziet zitten

Echt ongelooflijk, zo’n particuliere collectie die zelfs nog veel groter is dan wat er in het museum is te zien. En toen moest de volgende dag het Prado nog komen! Met heel veel Goya’s, de schilder die onderwerp was van een van mijn afstudeeronderwerpen aan de academie. Voor mij echt een cliffhanger zoals dat tegenwoordig heet, die volgende dag. Tot volgende week.

TOOS

Advertenties

Waarom Lyon geen Nationaal Hitteplan heeft


Lyon 01

Lyon, je rijdt er doorheen of omheen. Ik meestal er door. Want  om is inderdaad heel erg om.En bij er doorheen valt de file altijd reusachtig mee. Pure afstand en tijdwinst dus. Dan ervaar je ook hoe groot Lyon is. Naar inwonertal de tweede stad van Frankrijk. Welke de eerste is? Raad dat zelf maar. Deze keer had ik me voorgenomen er te stoppen in het kader van “nu ga ik”. Het kader dat ik vorige week al schetste en gelijk maar toepaste op Aix-en-Provence.

Dat Lyon heel anders zou zijn dan Aix was me wel duidelijk van al die keren dat ik over de A7, de Autoroute du Soleil, langs de Rhône door Lyon was gereden. Stedenbouwkundig duidelijk Parijse sferen. Maar wel met twee grote rivieren in plaats van maar eentje. De Rhône en de Saône vloeien er namelijk samen. Een confluence, zoals dat op z’n Frans heet. En laat nu net op dat punt van het schiereiland dat Lyon eigenlijk is, een nieuw architectonisch icoon zijn neergezet. Het Musée des Confluences, een natuur-historisch museum.

Musée des Confluences
Musée des Confluences

Want een beetje stad heeft of krijgt tegenwoordig natuurlijk zo’n gebouw, meestal een museum, dat er heel futuristisch en bouwkundig eigenlijk onmogelijk uit moet zien. Bilbao zette jaren geleden de toon en vele steden volgden. Lyon nu zeer recent ook.

Maar eigenlijk kwam ik toch meer voor die Parijse sfeer. Je kent dat wel, prachtig statige en grote gebouwen in 18e en 19e eeuwse stijl, dito pleinen, promenades langs de rivier, grote beelden en imponerende boulevards.

Lyon 03

kathedraal in het oude centrum
kathedraal in het oude centrum

Dat beeld klopte helemaal, met één klein en één groot verschil. Er is nog een echt middeleeuws centrum, zij het kleiner en minder aantrekkelijk dan in Aix, en, best belangrijk, de sfeer is heel relaxed. Gemoedelijke terrassen met veel gemoedelijker prijzen dan in Parijs, vriendelijke mensen, relatief rustig verkeer, veel voetgangersgebied en  goed openbaar vervoer. Niks mis mee. Ook niet met de kunst trouwens. Psychisch gezien vast een afwijking van me, maar persoonlijk toch altijd een belangrijke graadmeter. Leverde Aix in dat opzicht al verrassingen op, Lyon deed ’t ook.

op ziekenbezoek bij Fidel Castro
op ziekenbezoek bij Fidel Castro

Niet zo zeer wat betreft de moderne kunst. Natuurlijk is er een Musée d’Art Contemporain. Maar het enige interessante daar was dat ik even op ziekenbezoek kon bij Fidel Castro. Bij mijn bezoek aan Cuba begin dit jaar had ik dat wel geprobeerd, maar geen toestemming gekregen. Nu begreep ik waarom. Hij had zich stiekem naar Lyon laten overbrengen om daar in alle rust verbaasde museumbezoekers te kunnen ontvangen. Maar de rest? Slecht, slecht. Heel snel vergeten!

Die teleurstelling werd echter geheel en al goed gemaakt in het Musée des Beaux Arts de Lyon. Een soort klein Louvre. Alhoewel klein? Een gigantisch gebouw waarin je uren kunt ronddwalen. Maar ja, vergeleken met het Louvre is alles klein. Zelfs de beste padvinder kan daar verdwalen. Maar met Lyon als tweede grote stad in Frankrijk kun je dit museum rustig ook een tweede plek geven achter het Louvre. Vanaf de Middeleeuwen tot nu, onderverdeeld over de vele, vele zalen. Met moderne kunst waar het zootje in het Musée d’Art Contemporain niet aan kon tippen.

indrukwekkende moderne kunstinstallatie in het Musée des Beaux Arts
indrukwekkende moderne kunstinstallatie in het Musée des Beaux Arts

Lyon 07 Lyon 08 Lyon 09 Lyon 10

Natuurlijk alle bekenden. Van Rembrandt tot Picasso, in gezelschap van alle grote Franse kunstenaars. Maar ook verrassingen. Zoals een aantal werken van ene Cubaan Wifredo Lam(1902-1982). Had ik in Havana al een paar zalen vol met zijn op Picasso geënt werk gezien, kom ik ook hier schilderijen van hem tegen.

schilderijen van Wifredo Lam
schilderijen van Wifredo Lam

Daar zullen de jaren die hij in Parijs leefde beslist aan hebben meegewerkt. En verder ene Louis Janmot(1814-1892). Nog nooit van gehoord, van deze Lyonnais.

werk van Louis Janmot
werk van Louis Janmot

Met werk dat heel duidelijk beïnvloed was door de Prerafaëlieten, die beroemde groep 19de eeuwse, vooral Engelse schilders waar ook onze eigen Albert Alma-Tadema toe behoorde. Die verdiende een heel goede boterham met zijn werk in Londen. Dat kan niet gezegd worden van Janmot, maar zijn werk is er niet minder om. Echt een ontdekking voor een Nederlandse kunstenaar die dan toch weer niet genoeg weet van de Franse kunstgeschiedenis.

Dat soort zaken is natuurlijk het prettigst te overpeinzen op een terras. In de zomer ’t liefst wel onder een parasol.

Lyon 13

Want het kan daar dan in de zon behoorlijk warm zijn. Meestal boven de 30 graden, zo vernamen we van diverse inwoners. Maar ach, dat waren ze gewend. En daardoor moest ik ineens denken aan ons eigen Nationaal Hitteplan. Dat kwam ergens in juni uit een ambtelijke la toen de temperatuur  een viertal dagen lang boven de 27 graden uit durfde te komen. Tjonge, dat was me wat. Maar we konden met z’n allen de gevaren redelijk goed doorkomen als we dat plan maar volgden. Voldoende water drinken, dunne kleding dragen, in de schaduw blijven en op het heetst van de dag vooral de lichamelijke inspanning beperken.  Kijk, daar heb je wat aan bij een bevolking waarvan beweerd wordt dat bijna 50% hoger opgeleid is. In Lyon hoorde ik niemand over zo’n Hitteplan. Stom hè! Tot volgende week.

TOOS

Aix? Gewoon doen!


Aix-en-Provence
Aix-en-Provence

Ken je dat? Van die steden die je eigenlijk altijd al een keer wilde bezoeken, maar waaraan je toch steeds voorbij reed? Zo van “opzij, opzij, opzij, we hebben ongelooflijke haast”.Voor mij is ’t in ieder geval  geen onbekend verschijnsel. Elke keer als ik met de auto onderweg ben van Nederland naar mijn atelier in Nice, of juist omgekeerd, zijn er van die plaatsen. Aix-en -Provence bijvoorbeeld. Terwijl die stad toch zelfs bijna tegen de autoroute aangeplakt zit. En daarbij ook nog eens de woonplaats was van Paul Cézanne (1839-1906), geroemd als wegbereider voor de moderne kunst. Maar ja, van Aix naar Nice is nog maar een luizige 200 km. Gewoon doorrijden dus. En op de weg terug naar Nederland ben je eigenlijk net lekker op gang gekomen, dus waarom zou je er stoppen? Oké, voor de kunst dan, voor Cézanne en vanwege het grote toeristenbord langs de autoroute dat je opmerkzaam maakt op de Mont St.Victoire. De berg die je dan in de verte ziet liggen en die door Cézanne onsterfelijk is gemaakt via veel, heel veel schilderijen. Dus dit keer had ik me voor genomen “en nu ga ik”.

Aix 02 Aix 03

Cézanne, 3x de Mont St.Victoite
Cézanne, 3x de Mont St.Victoite

Dat werd een echte Provençaalse verrassing. Een grote middeleeuwse stadskern met die bijbehorende maar altijd weer charmante kronkelstraatjes geplaveid met lekker ongelijk liggende hobbelstenen. Maar ook met heel veel pleinen vol terrassen vol met oud en jong. Want Aix herbergt flink wat universitaire studenten . En rond die kern 18de en 19de eeuwse wijken met brede, boomrijke lanen, prachtige statige panden en heel veel fonteinen. Een lust om er, onder de mediterrane zon, rond te dwalen, een terrasje te pakken en de relaxte sfeer op te snuiven.

middeleeuwse centrum
middeleeuwse centrum

Ook een stad trouwens met onverwacht veel kunst. Natuurlijk veel aandacht voor Cézanne, daar wordt je mee doodgegooid. Met zijn atelier dat je nog steeds kunt bezoeken, met Cézanne-excursies en met die Mont St.Victoire.

atelier van Cézanne
atelier van Cézanne

Overigens, dat is nu. Want rond 1900 gaf de toenmalige directeur van het Musée Granet, het grote kunstmuseum van Aix, nog aan dat er wat hem betrof nooit een werk van Cézanne het museum in zou komen. Stel je voor, werk van zo’n prutser die nauwelijks nog iets verkocht ook! De goede man kon er natuurlijk geen idee van hebben dat ruim een eeuw later een “Mont St.Victoire” voor meer dan 100 miljoen dollar geveild zou worden. En dat Cézanne’s “Kaartspelers” in 2012 een slordige 250 miljoen opbracht. Lang was dus het Musée Granet “le musée sans Cézanne”. Gelukkig hebben allerlei bruiklenen daar nu verandering in gebracht. Maar er is ook heel veel andere interessante kunst te bewonderen in dat prachtig verbouwde museum. Heel verrassend.

Aix 07

2x het Musée Granet
2x het Musée Granet

Tot voor een paar jaar had je ’t dan met musea wel gehad in Aix. Dat veranderde toen Marseille verkozen werd tot Culturele Hoofdstad van Europa 2013. Aix-en-Provence pikte daarvan een behoorlijk grote zak met subsidiegraantjes mee. De hele regio rond Marseille mocht namelijk delen in de kunstvreugde. Hé, hadden ze niet nog ergens in de stad een leegstaande, grote middeleeuwse kapel die een nieuwe bestemming behoefde? En hadden ze niet ook een overeenkomst gesloten met de Fondation Jean et Suzanne Planque om de privéverzameling van Jean Planque een goed onderdak te geven? Een verzameling van meer dan 300 werken met daaronder Renoir, Monet, Van Gogh, Degas, Bonnard, Picasso, Braque, Léger en nog zo wat van dat soort namen. Nu is er dus sinds 2013 het Musée Granet XXe-Chapelle des Pénitents blancs.

Musée Granet XXe-Chapelle des Pénitents blancs
Musée Granet XXe-Chapelle des Pénitents blancs

Aix 10

Een verbazingwekkend mooie plek voor een verbazingwekkend mooie verzameling moderne kunst. Met heel weinig geld bijeengebracht door de Zwitser Planque die werkte voor de bekende galerie Beyeler in Bazel. Hij leerde daardoor heel veel kunstenaars kennen met wie hij ook nog eens  heel goed kon opschieten. Ook een manier om een kunstcollectie tot stand te brengen zonder met dollarflappen te hoeven zwaaien.

En om Aix helemaal op de kunstkaart te zetten is er nu ook het Caumont Centre d’Art. Zo’n groot 18de eeuwse Hotel de Ville zoals je er in Parijs vele hebt. Een paleisachtig herenhuis met prachtige tuin dat recent opende en waar alleen maar tijdelijke exposities worden georganiseerd. Want een eigen verzameling hebben ze daar niet.

heerlijk vertoeven in de tuin van Caumont Centre d'Art
heerlijk vertoeven in de tuin van Caumont Centre d’Art

Kom ik net van mijn eigen expositie in Venetië en wat hebben ze daar in dat Caumont? Een grote tentoonstelling met werken van Canaletto (1697-1768). En waar is die Canaletto beroemd mee geworden? Juist ja! Schilderijen van Venetië.

Canaletto, het San Marco plein
Canaletto, het San Marco plein

Ik kon dus prachtig controleren of hij dat goed had gedaan. Venetië is de laatste paar eeuwen ten slotte niet echt veel veranderd. De Dogenstad kon voor mij al niet stuk, maar nu helemaal niet meer. Trouwens, Aix eigenlijk ook niet. Echt de moeite waard. Tot volgende week.

TOOS

Hoe de Rembrandtkaart mij Matisse liet voorschouwen


De oase van Matisse in het Stedelijk Museum Amsterdam
De oase van Matisse in het Stedelijk Museum Amsterdam

Een paar weken geleden maakte ik al wat propaganda voor de Rembrandtkaart. Dat was naar aanleiding van mijn bezoek aan de expositie Late Rembrandt in het Rijksmuseum. Maar de lengte van die blogaflevering dreigde helemaal uit de hand te lopen waardoor ik toen mijn gratis reclame voor die kaart nog even opschortte . Met de belofte er op terug te komen.

Dat is dus nu. Met de grote Matisse-tentoonstelling in het Stedelijk Museum Amsterdam als aanleiding. Want krijg ik me daar een aantal weken geleden zomaar een mail van de Vereniging Rembrandt met de vraag of ik gebruik wil maken van de voorschouw van “De oase van Matisse”! Ik mocht al naar de preview voordat die expositie officieel zou openen. Nou, dat was dus niet tegen dovemansoren gezegd.

één van de vroegere, abstractere werken, Zicht op de Nôtre Dame, 1914
één van de vroegere, abstractere werken, Zicht op de Nôtre Dame, 1914
één van de laatste, abstractere werken, Herinnering aan Oceanië, 1952-1953
één van de laatste, abstractere werken, Herinnering aan Oceanië, 1952-1953

Zo liep ik daar op een dinsdagmiddag een paar weken geleden al rond en zag ik ´s avonds bij “De Wereld Draait Door” en bij “Pauw” allerlei lieden aan tafel aanschuiven om reclame te maken voor die tentoonstelling die pas een paar dagen later officieel zou openen. En ik had daar dus al lekker rondgekeken. Maar daarover straks meer, nu eerst toch even die Rembrandtkaart.

Veel cultuurliefhebbers kennen natuurlijk de museumjaarkaart. Je betaalt € 54,95 voor een jaar en kunt dan meer dan 400 musea in Nederland gratis bezoeken. Tenzij er een speciale tentoonstelling is, dan komt er soms een extra toeslag om de hoek kijken. Zoals bij Late Rembrandt: € 5 extra. Wat ontdekte ik nu laatst? Als je bij de Vereniging Rembrandt voor twee personen te gelijkertijd twee Rembrandtkaarten aanvraagt, betaal je € 90. Nou weet ik wel dat het peil van het huidige rekenonderwijs in Nederland heftig ter discussie staat. Maar zelfs discalculieklantjes moeten toch, eventueel met rekenmachine, kunnen berekenen dat je voor twee personen met die Rembrandtkaart dus duidelijk goedkoper uit bent. Okay, je kunt dan slechts 125 musea gratis bezoeken. Maar als je geen behoefte hebt aan bijvoorbeeld het Openbaar Vervoer Museum in Doetinchem, het Tassenmuseum Hendrikje in Amsterdam of Het Nollenproject in Den Helder, dan is dat totaal geen probleem. Alle echt belangrijke kunstmusea vallen er wel onder.

En wat is nog een bijkomend voordeel? Je betaalt geen extra toeslagen. Zoals dus die € 5 van hierboven bij Late Rembrandt. En je krijgt een uitnodiging voor de voorschouw van “De oase van Matisse”. Ooit daarvan gehoord bij de museumjaarkaart? Dus enthousiast over die Rembrandtkaart? Ja, nogal.

Stilleven met mand met sinaasappelen, 1912, zo'n typisch stilleven van Matisse
Stilleven met mand met sinaasappelen, 1912, zo’n typisch stilleven van Matisse
Odalisque, 1920-1921, één van de vele odalisken n.a.v. zijn reizen naar Marokko
Odalisque, 1920-1921, één van de vele odalisken n.a.v. zijn reizen naar Marokko

Ben ik ook zo enthousiast over die grote expositie van Matisse (1869-1954)? Ja en nee. Ik word hoe dan ook altijd blij van zijn kunst. Het fauvisme waarvan hij de grondlegger was, dat werken met wilde, heldere en onlogische kleuren, roept bij mij altijd een blij gevoel op. Daarom vind ik het eigenlijk storend dat in het eerste deel van de expositie de Matissen thematisch gecombineerd worden met heel veel ander werk. Van kunstenaars die hem inspireerden en van tijdgenoten die op een of andere manier een connectie met hem hadden. Van Gogh, Manet, Cézanne, Seurat, Mondriaan, Kirchner, Picasso, Malevitch, zelfs Rothko. De schappen van de eigen collectie in het Stedelijk zijn hiervoor grondig geplunderd. Maar voor mij wordt daardoor het “Matisse-gehalte” te veel verdund. Het doet te weinig recht aan een aantal heel mooie werken van hem die er dan min of meer “tussendoor” hangen.

één van mijn favorieten,echt Matisse, 1947
één van mijn favorieten,echt Matisse, 1947
Femme en bleue, 1937
Femme en bleue, 1937

Al die anderen? Dat geloof ik eigenlijk wel. Maar dat is heel persoonlijk, in diverse krantenrecensies wordt deze aanpak juist heel positief gewaardeerd. Pas in de grote bovenzalen is het bijna allemaal Matisse dat de klok slaat. Met heel veel van de knipsels die hij op oude leeftijd noodgedwongen ging maken. Gehandicapt door een operatie kon hij het lichamelijk niet meer aan te schilderen en concentreerde Matisse zich heel sterk op die knipseltechniek. Zittend in zijn rolstoel of liggend in bed dirigeerde hij zijn assistenten bij het tot op de millimeter nauwkeurig schikken en vast prikken van composities met die gekleurde knipsels. En hoe anders ook dan zijn schilderijen, ook die werken maken me blij.

een bezoek aan Tahiti zorgde voor veel inspiratie, 1936
een bezoek aan Tahiti zorgde voor veel inspiratie, 1936
Mimosa, 1951
Mimosa, 1951
Interieur met zwarte varen, één van zijn laatste olieverven, 1948
Interieur met zwarte varen, één van zijn laatste olieverven, 1948
de grote zaal met knipsels van Matisse
de grote zaal met knipsels van Matisse

Dus liep ik het Stedelijk toch helemaal vrolijk uit. Ook in de wetenschap dat er zich de komende maanden waarschijnlijk lange rijen gaan vormen bij het Stedelijk die ik dus mooi had kunnen omzeilen. Met nog een voornemen daarbij. Namelijk om, als ik over een poosje weer eens langer in Nice verkeer, daar de vele voetsporen van Matisse eens na te lopen en daarover te schrijven. Overigens, die Rembrandtkaart heb ik weer goed opgeborgen voor een volgend gebruik. Oh ja, en vergeet niet dat de kosten voor die kaart ook nog bijdragen aan de aankoop van nieuwe kunst voor onze musea. Tot volgende week.

TOOS

Een onverwachte Von Holstein in Musée Picasso in Antibes


Mijn ouderlijk huis in Nuenen had een kleine serre. Daar zat ik vaak mijn middelbareschool-huiswerk te maken. Om die ruimte wat op te fleuren had ik er een paar plaatjes van schilderijen opgehangen. “Het straatje” van Vermeer en één met bootjes in een duidelijk méditerrane sfeer. Die plaatjes had ik gevonden tussen het oud papier dat mijn vader, een tuinder, kreeg van anderen om zijn groenten en fruit in te verpakken. Van wie die bootjes waren? Geen idee! Pas veel later, op de Academie, kwam ik er achter dat het werk was van Nicolas de Staël (1914-1955). Altijd hebben zijn schilderijen voor mij een grote aantrekkingskracht gehouden. Zeker die van de laatste jaren van zijn leven. Een leven waaraan hij in Antibes aan de Côte d’Azur zelf een einde maakte.

Musée Picasso in Antibes
Musée Picasso in Antibes

Een speciale achternaam wel, de Staël. Maar die werd nog specialer toen een vriend, galeriehouder en kunstenaar in St.Paul de Vence, tegen me zei “Toos, weet jij dat die de Staël van achteren ook Von Holstein heet?”. Dat was dus een volstrekte verrassing! Nicolas, geboren in het Russische Sint Petersburg, bleek als vader een baron Staël von Holstein te hebben. Een vader met een functie in het leger van de tsaar. Dat werd dus vluchten na de oktoberrevolutie van de bolsjewieken in 1917.

Kort samengevat had ik dus, zonder dat te weten, als beginnende puber die altijd al met tekenen en schilderen bezig was, een zelf gekozen plaatje voor mijn neus hangen van iemand met dezelfde achternaam. Nou ja, vooruit, bij mij met “van” en bij hem met “von”. Over toeval gesproken! Maar nu de rest van de titel van deze aflevering.

Le concert, schilderij van Nicolas de Staël
Le concert, schilderij van Nicolas de Staël

MuseePicasso4_zpseee60af8 Een aantal weken geleden streek ik weer neer in Nice. Om in alle rust te kunnen werken in mijn atelier daar. Toen ik las dat er een grote expositie was van Nicolas de Staël in het Musée Picasso in Antibes sprak ’t vanzelf dat ik daar heen moest. Naar mijn beroemde naamgenoot die juist die naam nooit gebruikte. Nou is een reisje naar dat museum nooit een straf. Ooit was ’t een prachtig oud kasteel van de familie Grimaldi. Inderdaad, die van Monaco. Nu dus een museum waar Picasso in 1946 eens twee maanden heeft gewerkt. Maar dat is een heel ander verhaal. Nu ging ’t me om de Staël.

MuseePicasso3_zps1651d8c0

MuseePicasso4a_zpsde69d758

Spijt heb ik er niet van gehad. Het draaide vooral om het werk uit zijn laatste vijf levensjaren. Met daarbij het geweldige “Le concert”. Een doek van 3,5 bij 6 meter. Een ultiem, imposant werk! Verder, naast natuurlijk nog meer olieverven, veel studies en tekeningen van het vrouwelijk naakt. Opnieuw werd ik, na al die jaren met dat plaatje in mijn huiswerkserre, gepakt door zijn kunst. Jammer dat je officieel niet mocht fotograferen. Officieus heb ik dat natuurlijk toch gedaan.

MuseePicasso5_zps939a6723

Stap je, opgetild door de moderne kunst,  met vederlichte tred dat Musée Picasso uit, dan ligt direct daarnaast de middeleeuwse kerk van Antibes. Met daarbinnen dus een volstrekt andere wereld. Met bijvoorbeeld een religieus veelluik van Brea. Nooit van gehoord? Driewerf foei! Want in de 16de eeuw was aan de Côte d’Azur en in zeer verre omstreken tot aan Turijn en Genua toe, een Brea zelfs het zelfstandig naamwoord om een veelluik mee aan te duiden. Van welke kunstenaar dan ook. Maar ook dat is weer een heel ander verhaal. Tot volgende week.

TOOS

www.toosvanholstein.nl

http://www.toos.biz/

YouTube http://bit.ly/ij4Pag

Facebook http://www.facebook.com/TOOSvanholstein

TEFAF


Tefaf 1

’t Is weer voorbij. Nee, niet die mooie zomer uit de gelijknamige hit van Gerard Cox van lang geleden. Die zomer moet zelfs nog komen. Maar wel voorbij sinds zondag is al weer The European Fine Art Fair, de Tefaf in Maastricht. Een naam die sinds 1988 een mondiaal begrip is geworden in de wereld van kunst, antiek en design.

Van Gogh
Van Gogh

Al voor de opening landen tegenwoordig de particuliere vliegtuigen uit alle werelddelen als spreeuwenzwermen  op de vliegvelden in de omgeving van Maastricht. Met aan boord “oud geld”, “nieuw geld”, kunstverzamelaars en museumconservatoren voor wie op de VIP-opening een exquis buffet heeft klaar gestaan en voor wie heel wat champagnekurkjes hebben geplopt. Reken maar!

Want die Tefaf vormt gedurende een dikke week een topmuseum dat topkunst uit de hele wereld toont. Van de klassieke Egyptische, Griekse en Romeinse kunst tot de hedendaagse. Met nog steeds een nadruk op onze Gouden Eeuw. Want van daaruit is de Tefaf in zijn soort de belangrijkste beurs ter wereld geworden. Een museum dus, maar dan wel één waar alles te koop is. Tegen topprijzen natuurlijk! Maar ja, waar koop je tegenwoordig nog zomaar een Van Gogh. Of een Francis Bacon (1809-1992), de kunstenaar waarvoor tegenwoordig op veilingen gigantische bedragen worden betaald. Vraagprijs op de beurs € 30 miljoen. Of een doekje met één chrysant op een rozige ondergrond voor € 2,5 miljoen. Duur bloemetje, maar dan wel van Mondriaan! Logisch dat de verzekerde waarde van alle aanwezige stukken zo rond de € 2 miljard lag.

Francis Bacon
Francis Bacon
Mondriaan
Mondriaan

Niet dat ik van plan was iets te kopen, echt een ietsie pietsie te begrotelijk. Maar omdat ’t er de laatste paar jaar niet van was gekomen, werd het toch tijd die wonderschone beurs weer eens te bezoeken. Want wonderschoon is ie. De aankleding alleen al! Geen beurs in Nederland die zo mooi wordt opgesierd met bloemstukken, vloerbedekking en meubilair als hier. En dan heb ik ’t nog niet over de stands zelf en hun inhoud!

Bij de moderne kunst vanaf zo rond 1860 kom je echt elke bekende kunstenaar tegen. Monet, Manet, Degas, Renoir, Picasso, Braque, Léger, Dubuffet, Egon Schiele, Gustav Klimt, Dali, Max Ernst, Je kunt je eigenlijk beter afvragen wie er niet hangt. En dan wordt het echt moeilijk een naam te verzinnen. Zo kwam ik zelfs een werk tegen van Berthe Morisot, één van mijn vrouwelijke kunstheldinnen en één van de weinige vrouwelijke impressionisten uit de begintijd van die stroming. Volkomen onterecht weggeschreven uit de kunstgeschiedenis. Maar dat is een bekend verschijnsel in de lang door mannen beheerste geschreven kunstgeschiedenis. Feministisch gedacht? Nee hoor, helemaal niet. Zo langzamerhand levert gedegen wetenschappelijk onderzoek voldoende bewijs voor die stelling. Daarom des te leuker dus een schilderij van Berthe op de Tefaf te zien. Misschien moet ik over haar nog maar eens iets schrijven in dit blog.

Berthe Morisot
Berthe Morisot
Anthony van Dyck
Anthony van Dyck

En dan natuurlijk nog de 17de eeuw! Gewoon even een losse greep. Anthony van Dyck voor maar

€ 6,5 miljoen, Jan van Goyen, Aelbert Cuyp, Abraham Bloemaert, Jan Lievens, etsen van Rembrandt. Zoals hierboven al geconstateerd; een topmuseum. Wel overigens sinds een paar jaar voor een toptoegangsprijs van € 55. Want de organisatie wilde het voortdurend stijgende aantal bezoekers beperken door middel van een duur prijskaartje. Daardoor stabiliseert dat aantal nu rond de 70.000! Ik had overigens lekker een vrijkaartje. Tot volgende week.

 

Tefaf 4

TOOS

http://www.toosvanholstein.nl

http://www.toos.biz/

YouTube http://bit.ly/ij4Pag

Facebook http://www.facebook.com/TOOSvanholstein

Daar waar het allemaal begon


terras in Saint Paul de Vence
terras in Saint Paul de Vence

Nee, ik bedoel niet het Paradijs met Adam en Eva. Maar wel de zolder boven het terras op bovenstaande foto. Een terras in Saint Paul de Vence waar ik een paar dagen geleden nog zat de genieten in de zon aan de Côte d’Azur. En wat daar dan wel, nu 20 jaar geleden, op die zolder begon? Mijn Franse kunstavontuur dat nog steeds voortduurt.

Want begin 1994 zat daar in de buurt, in Villeneuve Loubet, een Australisch familielid van mij een beetje in haar eentje te kniezen in zo’n time sharing resort. Dus mijn zus, haar man en ik in een opwelling daarheen met de auto om haar op te beuren en zelf ook gelijk onverwacht vakantie te vieren.

Saint Paul de Vence
Saint Paul de Vence

Op een zonnige februarimorgen bezoeken we zodoende een middeleeuws stadje op een steile  heuvel in het achterland van Nice. De plaats was me geheel onbekend en we kwamen ook nog binnen door de stadspoort aan de anonieme achterkant. Ten minste, dat bleek later. Een prachtige oude, nauwe straat. Verweerde huismuren. Hier en daar een leuke winkel. Een galerie. Weer een galerie. En zowaar nog één! Het bleek er te stikken van de galerieën. Ik was beland in, wat uiteindelijk bleek, Saint Paul de Vence. Waar in het verleden beroemdheden als Matisse, Chagall, Picasso, Braque, Léger en Dufy hadden geresideerd. En ik, zelf beeldend kunstenaar, had daarvan nog nooit gehoord! Dat gebrek in mijn opvoeding heb ik nu trouwens meer dan genoeg bijgespijkerd.

Rue Grande
Rue Grande

Want dat onbekende stadje had op die februarimorgen direct al een heel grote, onverklaarbare maar daarom niet minder reële aantrekkingskracht op me. Hier wilde ik zijn, hier wilde ik werken. Dezelfde dag nog heb ik voor een periode van drie maanden die zolder gehuurd, boven wat toen restaurant Abacadabra was en nu La Terrasse heet. In de Grande Rue, de smalle hoofdstraat waardoor zich dagelijks vele toeristen wurmen.

Weer thuis ben ik mijn auto helemaal gaan volstouwen. Met natuurlijk ook heel veel schildersmateriaal. Die drie maanden erna zijn een soort roes geweest. Ongelooflijk hard werken, nieuwe vriendschappen maken, mijn Frans opwaarderen, Saint Paul leren kennen. Zogezegd mijn Franse kunstavontuur een vliegende start geven. Want ik legde contact met Galerie Qvadrige in Nice, de galerie waarmee ik nog steeds samenwerk.  Met een jaar later een expositie in de kapel van Saint Jeannet, ook zo’n middeleeuws stadje daar in de buurt. En ook nog een tentoonstelling in het Musée de Saint Paul de Vence. Een eer die daarvoor noch daarna aan andere Nederlandse kunstenaars is verleend.

graf Chagall
graf Chagall
schilderij van Chagall met St.Paul op achtergrond
schilderij van Chagall met St.Paul op achtergrond

 

Dus als ik weer voor enige tijd in mijn atelier in Nice verkeer, zoals nu, maak ik vaak even een tour sentimental naar Saint Paul. Met dit keer ook weer een bezoekje aan het graf van Chagall. Die heeft er namelijk gewoond, ligt er begraven en heeft het stadje ook op diverse schilderijen vereeuwigd. De begraafplaats ligt bij die achterste stadspoort, daar waar ik dus destijds binnenkwam. Toeval of niet, wat ontdekte ik  even later? In het Musée de Saint Paul, vlak bij de voorste stadspoort, was een tentoonstelling over Chagall. Nu wil ik mezelf beslist niet vergelijken met die wereldberoemde kunstenaar, maar ‘t gaf toch wel een heel goed gevoel dat ik daar ook al eens had mogen exposeren. Tot volgende week.

TOOS

http://www.toosvanholstein.nl

http://www.toos.biz/

YouTube http://bit.ly/ij4Pag

Facebook http://www.facebook.com/TOOSvanholstein