Tagarchief: West Indische Compagnie

Monumentendag 2017: “Boeren, Burgers en Buitenlui”, ook op de Korendijk 56 in Middelburg


rijksmonument en pakhuis ‘Holstein’, Korendijk 56, Middelburg

Alles heeft een begin. Zoals bijvoorbeeld zo’n 13 miljard jaar geleden ons heelal met , volgens de huidige inzichten, de Big Bang. Of zoals Middelburg vermoedelijk zo’n 12 eeuwen geleden door de invallen van de roofzuchtige Noormannen. Met het door eilandbewoners opwerpen van een cirkelvormige aarden verdedigingswal.  De zogenaamde Middelste Burg, een van de drie ringwallen op Walcheren. Naast de Zuidburg, nu Souburg, en de Duinburg nu Domburg. Dat die Middelste Burg ooit een stad met rijke historie zou worden, uiteindelijk zonder beschermingsmuur maar wel met meer dan 1000 beschermde rijksmonumenten?

kaart met rijksmonumenten in Middelburg

Dat kon toen natuurlijk niemand weten. En dat er ooit nationale Monumentendagen zouden komen in het tweede weekeinde van september? En dat die van 2017 op zaterdag 9 september als onderwerp ‘Boeren, Burgers en Buitenlui’ heeft? En dat ik daaraan zou deelnemen? Ook nee natuurlijk, maar nu wel allemaal realiteit.

Ik vind ’t altijd heel interessant om oude kaarten en stadsgezichten van Middelburg te bestuderen. Ook vanwege de ligging van mijn eigen 18de eeuwse rijksmonument/pakhuis ‘Holstein’  aan de Korendijk. Dan zie je dat vanuit die Middelste Burg en de latere 12de eeuwse abdij de stad langzaam aan steeds verder cirkelvormig wordt uitgebreid. Met eerst op wat nu dan de Korendijk heet helemaal geen bebouwing maar wel bedrijvigheid. Kijk maar op onderstaande kaart bij het linkerdeel: water en schepen die aanmeren.

En dan ineens staat dat deel wel vol huizen, is er een scheepswerf, maar zit er tegenover de Bellinkbrug nog een gat tussen twee woonhuizen. Juist waar ik nu woon.

Ooit liet ik mij vertellen dat daar een haringpakkerij zou hebben gezeten. Maar een echt bewijs? Dat had ik nog nooit gezien. Tot ik laatst in een geschiedschrijving over het bankwezen in Middelburg het volgende tegenkwam.

‘De stad Middelburg werd verplicht bepaalde accijnzen, bv op turf, brandhout, wijn enz. aan de leenbank af te staan. In 1676 werd een loterij uitgeschreven, waarbij men de loten ook kon betalen met obligaties van de leenbank. De te winnen prijzen bestonden uit Heerlijkheden of gedeelten daarvan; obligaties op de Westindische Compagnie, vier windmolens op de bolwerken, de haringpakkerij tegenover de Bellingbrug’.

Dat die loterij voortkwam uit financiële problemen bij de banken en bij de stad Middelburg, maar uiteindelijk helemaal niet doorging, dat is een ander verhaal. Hoe dan ook, daar was ie dan, mijn haringpakkerij! Ik vraag me wel af of de buren destijds daar erg blij mee waren. Haring en bijbehorende geur, ik moet er niet aan denken. Maar ach, het water aan voor en achterkant van de Korendijk zal ongetwijfeld ook behoorlijk gestonken hebben. Openbaar riool, nietwaar? Heel normaal in steden tot ver in de 19de eeuw.

In 1738 werd dat gat aan de Korendijk gedicht. Door de in 1720 opgerichte MCC, de Middelburgse Commercie Compagnie. ’t Werd een pakhuis voor door de Compagnie vervoerde goederen. Geen slaven trouwens. Die slavenhandel van de MCC kwam pas later op gang en slaven werden door de MCC rechtstreeks van Afrika naar Midden-Amerika vervoerd. Wat er wel allemaal heeft gelegen? ’t Zou mooi zijn als iemand dat ooit nog eens uitzocht in de vele strekkende meters MCC-archief in de kelders van het prachtige Zeeuws Archief.

Niet uitgezocht hoeft te worden waarom het straatje achter mijn pakhuis de naam Balkengat heeft. Onderstaande 18de eeuwse prent en de luchtfoto uit 1928 spreken boekdelen.

Dat water, waar zich nu een woonwijkje en tuinen bevinden, heeft zich uitgestrekt tot achter mijn pakhuis. De achterkant ligt dan ook een stuk lager dan de voorkant. Toen ik het kocht verliep de vloer zelf nog twintig centimeter van voor naar achter. Hoe dat is opgelost? Dat kun je op zaterdag 9 september van 10-17 uur komen bekijken als ik het hele monumentenpand openstel.

Dan kun je ook komen gissen waar de foto hieronder is genomen.

Iedereen is welkom. Zowel boeren als burgers. En natuurlijk ook buitenlui. Vroeger de benaming voor rondtrekkende lui zonder vaste woon en verblijfplaats. Met daaronder vast de nodige vreemde vogels. Maar is die huidige bewoonster, die kunstenaar, niet ook een wat vreemde vogel? Want wie begint er in godsnaam aan om een vervallen pakhuis waar nog nooit iemand had gewoond op te knappen tot atelier en woning? Tot volgende week.

TOOS

Advertenties