Tagarchief: impressionisme

Alma-Tadema: de kringloop van roem en vergankelijkheid in de kunst


Fries Museum in Leeuwarden
Fries Museum in Leeuwarden
Sir Lawrence Alma-Tadema
Sir Lawrence Alma-Tadema

Even een quiz-vraag. Wie was de beroemdste en bekendste Nederlander in Engeland rond 1900? Antwoord? Geen twijfel mogelijk. Dat was Sir Lawrence Alma-Tadema (1836-1912). Geboren als Laurens Alma Tadema in het Friese dorpje Dronrijp. En eigenlijk ook geboren als kunstenaar. Want de drang tot tekenen en schilderen zat er al op jonge leeftijd in. Uiteindelijk beroemd, rijk en gevierd kunstenaar geworden in Londen. En als je dan ook nog geridderd wordt tot Sir behoor je echt tot de Victoriaanse society. Met natuurlijk de bijbehorende feesten in je grote, zelf ontworpen villa. Waarin ook een prachtig atelier met grote ramen en met aluminiumverf beschilderd  koepeldak om via reflectie een prachtig, helder en zonnig licht te krijgen. Ja, dat Friese jongetje had ’t aardig voor elkaar.

schilderij met daarin verwerkt de koepel van Alma-Tadema's atelier, maar dan zonder aluminiumverf
schilderij met daarin verwerkt de koepel van Alma-Tadema’s atelier, maar dan zonder aluminiumverf

Maar had je rond 1950 in Londen zijn naam laten vallen, dan had met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid iedere Londenaar je mistig aangekeken. Wie zei u? Alma-Tadema? Nee, nooit van gehoord. En nu? Nu waren een poos geleden in alle Nederlandse bushokjes  affiches van zijn grote expositie in het Fries Museum in Leeuwarden prominent aanwezig! Een expositie die over een aantal maanden na Wenen ook Engeland aandoet. Met andere woorden, ’t kan verkeren.

gigantische affiche in museumhal, zie mij maar links bovenaan
gigantische affiche in museumhal, zie mij maar links bovenaan

Die trend van beroemd naar onbekend naar weer beroemd is trouwens al een aantal jaren gaande. Dat bleek wel toen ik in 1997 de overzichtstentoonstelling van Alma-Tadema in het Van Gogh Museum bezocht. Sinds die tijd is zijn werk aan een steile opmars bezig. Met als gevolg nu die grote expositie in zijn geboorteprovincie. Ook die mocht ik natuurlijk niet missen. Zeker omdat ik toch in Friesland moest zijn vanwege een niet kapot te krijgen oersterke familiale Sinterklaastraditie.

Wat in het Van Gogh Museum niet was te zien en nu wel is het schilderij “Mozes gevonden”. Een van de grootste schilderijen die Alma-Tadema maakte.

Mozes gevonden, 1904
Mozes gevonden, 1904

Dat werk uit 1904 illustreert op uitstekende wijze die kringloop van roem en vergankelijkheid. Ergens in de jaren 50 vond iemand het namelijk in een Londens steegje, vlakbij een galerie daar. Een echtpaar had het schilderij voor een paar honderd pond gekocht. Maar dan alleen vanwege de prachtige gouden lijst er omheen. Met die mierzoete kitsch op het doek hadden ze niks van doen! Ze namen dus de lege lijst mee en het opgerolde doek belandde in dat steegje waar een galeriemedewerker het vond. Die bood het gratis, let wel, gratis, aan diverse musea aan. Maar niemand wilde ’t hebben. De clou van het verhaal? Juist dit schilderij is recent geveild voor bijna 36 miljoen dollar. De hoogste prijs ooit betaald voor een werk van Sir Lawrence! Ik zou wel eens willen weten hoe de gevoelens hierover zijn bij de nazaten van dat echtpaar uit de jaren 50. Lijkt me best interessant.

De rozen van Heliogabalus, 1888
De rozen van Heliogabalus, 1888
Ingang van het theater, 1866
Ingang van het theater, 1866

Wat Alma-Tadema zelf van al dit gedoe zou hebben gevonden? Geen idee natuurlijk. In ieder geval heeft hij tijdens zijn leven volop verdiend aan en genoten van zijn schilderscarrière. Dat hij al snel na zijn dood in 1912 wegzakte in de populariteitspolls van de kunst is eigenlijk ook wel te begrijpen. Kubisme, de gevolgen van het impressionisme, het heftige kleurgebruik van de Duitse expressionisten en Franse Fauvisten, de kunstwereld was in rep en roer. Weg dus met die compositorisch zo afgewogen en vaak wat zoetige schilderijen van Sir Lawrence. Daarnaast was de wereld ook nog heftig in beroering. Denk aan de Eerste Wereldoorlog. Woelige tijden dus waarin bevallige Egyptische, Romeinse en Griekse dames in lange, soepel vallende en regelmatig wat doorschijnende gewaden, liggend, zittend en lopend in steeds historisch verantwoorde monumentale stedelijke of villa-achtige setting en weidse panorama’s niet veel meer te zoeken hadden.

Sappho en Alcaeus, 1881
Sappho en Alcaeus, 1881

Maar regisseurs van Romeinse spektakelfilms hebben hem nooit uit het oog verloren. Zijn schilderijen vormden vaak uitgangspunten voor bekende filmscènes. Kijk maar eens naar deze foto uit het epos van De Tien Geboden. Die blockbusterfilm uit 1956 van Cecil B.De Mille met Charlton Heston en Yul Brynner.

beeld uit De Tien Geboden
beeld uit De Tien Geboden

En kijk dan nog eens naar dat schilderij “Mozes gevonden”. Zo laat die tentoonstelling in het Fries Museum op een heel knappe manier nog veel meer overeenkomsten zien tussen Alma-Tadema’s schilderijen en latere films. Zelfs het veel recentere “The gladiator” heeft leentjebuur gespeeld. Een aanrader, die expositie. Nog tot begin februari.

alma-10

Wist je overigens dat onze Sir en Friese schilder zijn achternaam Tadema in Londen combineerde met zijn tweede voornaam Alma tot Alma-Tadema? Nou, ik ook niet. Dat deed hij om gelijk onder de A vooraan te komen in allerlei alfabetische rangschikkingen. Niet alleen een goeie schilder, die Tadema, maar ook een slimme zakenman. Tot volgende week.

TOOS

Turner the Great in Zwolle en Enschede


Self-Portrait c.1799 Joseph Mallord William Turner 1775-1851 Accepted by the nation as part of the Turner Bequest 1856 http://www.tate.org.uk/art/work/N00458
zelfportret van de jonge Turner

Alexander de Grote,Karel de Grote, Tsaar Peter de Grote, Catharina de Grote. Allemaal figuren uit de geschiedenis die meestal door hun dadendrang bij landje-pik spelen die toevoeging van groot verdiend schijnen te hebben. Maar in de kunst? Kom je daar die toevoeging “de Grote” tegen? Niet naar mijn weten. Blijkbaar is kunst daarvoor niet het geëigende terrein. En toch vind ik dat sommige kunstenaars er voor in aanmerking komen. Zeker Engelsman Joseph Mallard William Turner (1775-1851). Turner the Great dus. Niet William the Great, dat klinkt te gewoon.

Waarom Turner zo groot is? Dat valt nog tot 3 januari te bekijken in Zwolle en Enschede. Bij een dubbeltentoonstelling: Gevaar & Schoonheid-Turner en de traditie van het sublieme. In Museum de Fundatie en Rijksmuseum Twenthe. Twee regionale, middelgrote musea die geweldig scoren met deze exposities. Maar waarom juist daar? Omdat we in Nederland maar één, let wel ÉÉN, schilderij van deze wereldberoemde schilder in een openbare collectie hebben. Een kleintje, in de Fundatie. Verder nergens, in heel Nederland niet. Heel verwonderlijk eigenlijk.

het enige schilderij van Turner in Nederland
het enige schilderij van Turner in Nederland

In Londen, in de Tate Britain, hebben ze zalen vol. En in de National Gallery wereldberoemde hoogtepunten uit zijn oeuvre. Want Turner liet na zijn dood de inhoud van zijn atelier als erfenis achter voor de Britse staat. Zo’n 300 olieverfschilderijen en duizenden schetsen en aquarellen. Een aantal jaren geleden liep ik er rond. Helemaal verlekkerd, als een groupie in volle bewondering. Want die man was echt goed en uniek!

The fighting Temeraire tugged to its last berth
The fighting Temeraire tugged to its last berth
Rain, Steam and Speed-the Great Western Railway
Rain, Steam and Speed-the Great Western Railway

Stel ’t je maar eens voor. Het Impressionisme, laat staan het latere Expressionisme, wist nog bij lange na niet dat het ergens in de jaren na 1860 geboren ging worden. Na de dood van Turner dus. Ook de verftube was nog niet uitgevonden. Hij kon daardoor niet, zoals de impressionisten, voluit in de openlucht schilderen met olieverf. Turner kon alleen maar heel veel schetsen en aquarelleren tijdens zijn wandelingen in de natuur en zijn reizen in het buitenland. Onder andere ook in Nederland.

Turner, Haarlem vanaf de Spaarne, aquarel
Turner, Haarlem vanaf de Spaarne, aquarel
Berglandschap met pas, aquarel
Berglandschap met pas, aquarel

Pas in zijn atelier kwamen de olieverfschilderijen tot stand. Die olieverven waarin hij op wat latere leeftijd woeste wolkenluchten, zinderende zeeën, vurige zonsondergangen en echte branden zo ongelooflijk  expressionistisch weergaf als eerder nog nooit iemand had gedaan. Terwijl het na zijn dood nog heel lang zou duren voor dit weer gebeurde.

Sunset ?c.1830-5 Joseph Mallord William Turner 1775-1851 Accepted by the nation as part of the Turner Bequest 1856 http://www.tate.org.uk/art/work/N01876

Turner08

Natuurlijk maakte hij ook relatief “bravere” schilderijen. Zowel in het begin van zijn carrière als later. Maar zelfs die waren in meerderheid al uitzonderlijk.

George IV at St Giles's, Edinburgh c.1822 Joseph Mallord William Turner 1775-1851 Accepted by the nation as part of the Turner Bequest 1856 http://www.tate.org.uk/art/work/N02857

Turner10

een Venetië schilderij van Turner
een Venetië schilderij van Turner
De prins van Oranje, Willem III, landt bij Torbay, 4 november 1688
De prins van Oranje, Willem III, landt bij Torbay, 4 november 1688

Ik vind het echt verbazingwekkend hoe iemand in die tijd zo on-tijds kon werken. En ook verbazingwekkend is eigenlijk wel dat hij er kopers voor had. Want die moesten daar toch ook voor open staan. Een halve eeuw later kon Vincent van Gogh zijn expressionistische werk aan de straatstenen niet kwijt, terwijl Turner een zeer goed betaald schilder werd.

Nu zijn er dan die twee exposities in Nederland. Met flink wat aquarellen en een kleinere collectie van olieverfschilderijen. Natuurlijk had ik Turner the Great in Londen gezien en wist ik dat deze tentoonstellingen die ervaring nooit zouden kunnen evenaren. Maar ik was wel heel nieuwsgierig naar de aanpak in de Fundatie en het Rijksmuseum Twenthe. Twee musea waar ik nog nooit was geweest. Naar de Fundatie was ik daarbij ook extra nieuwsgierig vanwege de omstreden uitbreiding een paar jaar geleden met een grote blop bovenop het dak. Best interessant, dat moderne ding, een soort misvormd ei, in de eeuwenoude Zwolse binnenstad.

Turner13 DeFundatie, Zwolle Turner14

De door andere musea uitgeleende werken van Turner waren vanzelfsprekend weer helemaal de moeite waard, alhoewel bekende hoogtepunten ontbraken. Wat me enigszins tegenviel was de `verdunning` die werd toegepast. Om de zalen vol te krijgen waren er allerlei andere kunstenaars bijgehaald die òf Turner destijds hadden geïnspireerd òf later geïnspireerd waren geraakt door Turner òf pasten bij de vier elementen water, vuur, aarde en lucht, de toegepaste deelthema’s. Grof verdeeld was 1/3 deel van Turner, de rest van anderen. En van die anderen waren er voor mijn gevoel teveel echt aan de haren bij gesleept. Zo van “die hebben we nog in de eigen collectie en kletsen we met een mooi kunstverhaal wel zogenaamd passend de tentoonstelling in”. Of “daar in dat museum kunnen we nog wat lenen, dan krijgen zij wel iets van ons, goed voor de samenwerking”. Op zich jammer, maar wel begrijpelijk. Hoe dan ook, Turner bleef vanzelfsprekend moeiteloos overeind. Helemaal toen ik zag dat hij zich door de Odyssee van Homerus had laten inspireren.

Odysseus Deriding Polyphemus
Odysseus Deriding Polyphemus

Dat prachtige verhaal waar ik de laatste paar jaar ook mee bezig ben geweest voor een nieuwe uitgave ervan bij mijn galerie in Nice. Dus als je nog de mogelijkheid hebt, ga! En bekijk ooit nog eens de grandioze speelfilm “Mr. Turner”. Tot volgende week.

TOOS  

Schilderen moeilijk?


De komende paar weken is het internet even ver van mij. Daardoor is een wekelijkse uitgebreide blogaflevering  enigszins problematisch. Maar een heel kort blogje dat van te voren is klaar gezet, is geen probleem. Daarom leek ’t me wel leuk die paar weken op te vullen met een uitspraak over de kunst en wat foto’s. Hierbij dus.

Edgar Degas, schilder (1834-1917):

“Schilderen is makkelijk als je niet weet hoe ’t te doen, maar erg moeilijk als je dat wel weet.”

Edgar Degas, Balletdanseressen
Edgar Degas, Balletdanseressen
aan het werk in mijn atelier
aan het werk in mijn atelier

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Tot volgende week.

TOOS

Een must, Mr.Turner!


turner 01

Het was al heel lang mijn bedoeling om eens aandacht aan hem te geven, aan een van mijn absolute schildershelden. Maar toen ik afgelopen mei las dat de film” Mr. Turner” op het filmfestival van Cannes in première zou gaan, heb ik dat nog even uitgesteld. Eerst die film zien! Dat is nu dus gebeurd. En ik kan alleen maar zeggen ” een must, en niet alleen voor de kunstliefhebber”. Ga zien hoe de schilder William Turner((1775-1851), want die bedoel ik natuurlijk, magnifiek wordt gespeeld door Timothy Spall in die film “Mr. Turner” van de ook al zo bekende regisseur Mike Leigh.

Maar waarom ben ik zo gek op dat werk van Turner? In ieder geval omdat hij Venetië zo geweldig wist weer te geven in die zeer eigengereide stijl van hem. Ik ben verliefd op die stad, maar volgens mij was hij dat ook.

The Dogana and Santa Maria della salute, 1843
The Dogana and Santa Maria della salute, 1843

Kijk maar eens naar die vochtige atmosfeer, die zinderende warmte en vooral dat licht en die lucht! Dat is voor mij Turner ten voeten uit. Maar hoe komt iemand er toe in 1843 zo te schilderen, tegen alle heersende tradities in? Daar gaat natuurlijk een ontwikkeling aan vooraf. Want nog zo’n Venetiëschilderij uit 1834 (hieronder) zit veel traditioneler en braver in elkaar. Gewoon meer zoals ’t hoorde.

The dogana and San Giorgio maggiore, 1834
The dogana and San Giorgio maggiore, 1834

Daarom heb ik ook zo’n bewondering voor de eenling Turner. Hij durfde op latere leeftijd te schilderen zoals nog niemand dat ooit voor hem had gedaan. Dat hij op oudere leeftijd steeds excentrieker werd, heeft daar misschien wel mee te maken. Maar hoe dan ook, Turner heeft ons prachtig werk nagelaten.

Kijk nog maar eens naar de twee zeeschilderijen hieronder. De eerste uit zijn begintijd, de tweede duidelijk van veel later. Alle twee mooi, maar ik weet wel waar ik voor ga!

Fishermen at Sea, 1796
Fishermen at Sea, 1796
 Snow Storm, Steamboat of a Harbours Mouth
Snow Storm, Steamboat of a Harbours Mouth

En dan te bedenken dat het Impressionisme in Frankrijk nog tientallen jaren op zich zou laten wachten. Die stroming begon pas vanaf 1870 met het werk van Claude Monet en werd in eerste instantie door het publiek geheel en al verguisd. Zo in de trant van “wat een troep”. Maar vergelijk het schilderij waaraan die kunststroming zijn naam ontleent, Monet’s  “Impression, soleil levant”, eens met dat latere werk van Turner.

 Impression,Soleil levant, Monet,1872
Impression,Soleil levant, Monet,1872

Is ’t dan niet heel erg braaf? Dat maakt het allemaal nog verbazingwekkender. Nou is ’t wel zo dat juist die latere schilderijen van Turner ook veel minder werden gepruimd door het kunstminnende deel van het Victoriaanse publiek. De film suggereert dat de jonge koningin Victoria, toen ze zijn werk zag op de jaarlijkse Salon in Londen, haar koninklijk neusje er heftig voor optrok. Tja, en als de koningin dat doet? Verzet je maar eens tegen zo’n adellijke mening. In die zin is er in de wereld nog weinig veranderd. Verander bijvoorbeeld maar eens het woord” koningin” in dit verhaal door “museumdirecteur voor moderne kunst”. Maar dat is weer een heel ander verhaal.

Al het werk dat Turner nog bezat bij zijn dood liet hij na aan de staat: olieverven, heel veel aquarellen en gigantisch veel schetsen.  Vandaar dat het Tate Britain in Londen nu een geheel eigen vleugel heeft voor Turner. Toen ik daar een aantal jaren geleden meer van zijn aquarellen zag, begreep ik ook zijn olieverfschilderijen beter. Kijk maar eens naar “Uitbraak van de Vesuvius”. Dat is dus echt een aquarel op papier en geen olieverf op doek.

Eruption of Vesuvius, 1817
Eruption of Vesuvius, 1817

Turner kon zijn aquareltechniek dus heel goed overbrengen op zijn olieverfschilderijen. En dat is zondermeer knap. Maar die schilderijen bewonder ik toch het meest. Daarom nog maar een paar.

Burning of the House of Lords, 1834
Burning of the House of Lords, 1834
Giudecca, la Donna della Salute and San Georgio
Giudecca, la Donna della Salute and San Georgio
Rain, Steam and Speed, the Great Western Railway
Rain, Steam and Speed, the Great Western Railway

turner 11

En dat laatste schilderij? Abstracte kunst? Die bestond nog helemaal niet,dat kwam pas in de 20ste eeuw! Overigens, dit is ook het enige schilderij dat we van Turner in Nederland in een museum hebben. In de Fundatie in Zwolle. En laten die Fundatie en het Rijksmuseum Twenthe nu dit jaar samen een grote expositie organiseren rond Turner! Turner is dus hot. Maar eerst “Mr.Turner” gaan zien. En wordt het geen tijd dat we in Nederland nu ook eens zo’n prachtige film over Rembrandt maken? Onze eigen gigant die al weer ver voor Turner revolutionair bezig was en prachtig speelde met licht en verf. Tot volgende week.

TOOS

TEFAF


Tefaf 1

’t Is weer voorbij. Nee, niet die mooie zomer uit de gelijknamige hit van Gerard Cox van lang geleden. Die zomer moet zelfs nog komen. Maar wel voorbij sinds zondag is al weer The European Fine Art Fair, de Tefaf in Maastricht. Een naam die sinds 1988 een mondiaal begrip is geworden in de wereld van kunst, antiek en design.

Van Gogh
Van Gogh

Al voor de opening landen tegenwoordig de particuliere vliegtuigen uit alle werelddelen als spreeuwenzwermen  op de vliegvelden in de omgeving van Maastricht. Met aan boord “oud geld”, “nieuw geld”, kunstverzamelaars en museumconservatoren voor wie op de VIP-opening een exquis buffet heeft klaar gestaan en voor wie heel wat champagnekurkjes hebben geplopt. Reken maar!

Want die Tefaf vormt gedurende een dikke week een topmuseum dat topkunst uit de hele wereld toont. Van de klassieke Egyptische, Griekse en Romeinse kunst tot de hedendaagse. Met nog steeds een nadruk op onze Gouden Eeuw. Want van daaruit is de Tefaf in zijn soort de belangrijkste beurs ter wereld geworden. Een museum dus, maar dan wel één waar alles te koop is. Tegen topprijzen natuurlijk! Maar ja, waar koop je tegenwoordig nog zomaar een Van Gogh. Of een Francis Bacon (1809-1992), de kunstenaar waarvoor tegenwoordig op veilingen gigantische bedragen worden betaald. Vraagprijs op de beurs € 30 miljoen. Of een doekje met één chrysant op een rozige ondergrond voor € 2,5 miljoen. Duur bloemetje, maar dan wel van Mondriaan! Logisch dat de verzekerde waarde van alle aanwezige stukken zo rond de € 2 miljard lag.

Francis Bacon
Francis Bacon
Mondriaan
Mondriaan

Niet dat ik van plan was iets te kopen, echt een ietsie pietsie te begrotelijk. Maar omdat ’t er de laatste paar jaar niet van was gekomen, werd het toch tijd die wonderschone beurs weer eens te bezoeken. Want wonderschoon is ie. De aankleding alleen al! Geen beurs in Nederland die zo mooi wordt opgesierd met bloemstukken, vloerbedekking en meubilair als hier. En dan heb ik ’t nog niet over de stands zelf en hun inhoud!

Bij de moderne kunst vanaf zo rond 1860 kom je echt elke bekende kunstenaar tegen. Monet, Manet, Degas, Renoir, Picasso, Braque, Léger, Dubuffet, Egon Schiele, Gustav Klimt, Dali, Max Ernst, Je kunt je eigenlijk beter afvragen wie er niet hangt. En dan wordt het echt moeilijk een naam te verzinnen. Zo kwam ik zelfs een werk tegen van Berthe Morisot, één van mijn vrouwelijke kunstheldinnen en één van de weinige vrouwelijke impressionisten uit de begintijd van die stroming. Volkomen onterecht weggeschreven uit de kunstgeschiedenis. Maar dat is een bekend verschijnsel in de lang door mannen beheerste geschreven kunstgeschiedenis. Feministisch gedacht? Nee hoor, helemaal niet. Zo langzamerhand levert gedegen wetenschappelijk onderzoek voldoende bewijs voor die stelling. Daarom des te leuker dus een schilderij van Berthe op de Tefaf te zien. Misschien moet ik over haar nog maar eens iets schrijven in dit blog.

Berthe Morisot
Berthe Morisot
Anthony van Dyck
Anthony van Dyck

En dan natuurlijk nog de 17de eeuw! Gewoon even een losse greep. Anthony van Dyck voor maar

€ 6,5 miljoen, Jan van Goyen, Aelbert Cuyp, Abraham Bloemaert, Jan Lievens, etsen van Rembrandt. Zoals hierboven al geconstateerd; een topmuseum. Wel overigens sinds een paar jaar voor een toptoegangsprijs van € 55. Want de organisatie wilde het voortdurend stijgende aantal bezoekers beperken door middel van een duur prijskaartje. Daardoor stabiliseert dat aantal nu rond de 70.000! Ik had overigens lekker een vrijkaartje. Tot volgende week.

 

Tefaf 4

TOOS

http://www.toosvanholstein.nl

http://www.toos.biz/

YouTube http://bit.ly/ij4Pag

Facebook http://www.facebook.com/TOOSvanholstein

Kunst is een feestje!


Mozart, het popidool avant la lettre Frans Liszt, de Parijse Salon, Impressionisme, ongelooflijke kunstprietpraat, edelkitsch, kunst voor boven de bank, kunstsubsidies, Peking, Joop van de Ende en Andy Warhol. Hebben die iets met elkaar te maken dan? Nou, wat mij betreft wel. En het verband met die titel “Kunst is een feestje”?

Dat ga ik maar eens haarfijn uitleggen.

 

 Een aantal jaren lang, zeven om precies te zijn, heb ik elk kwartaal een Kunststukje geschreven in het bijna glossy te noemen Magazine van de Nederlandse Club aan de Côte d’Azur. Dat waren dus 28 artikelen van 3 tot 4 pagina’s met zeer afwisselende onderwerpen over de beeldende kunst. Met daarbij natuurlijk plaatjes. Want beeldende kunst zonder plaatjes is net zoiets als een Europees Voetbalkampioenschap zonder ballen.

Maar ik merkte dat het schrijven van die artikelen naast dit vorig jaar gestarte blog toch een behoorlijke tijdwissel op me trok. Vandaar dat het 28ste Kunststukje ook het laatste werd. En dat had dus de titel “Kunst is een feestje”. Want voor mij hoort kunst dat gewoon te zijn. Ondanks alle huidige controverses over subsidies, kunstelite en politiek beleid.

 

Het leek me interessant dat laatste Kunststukje hier toch maar eens extra in de schijnwerpers te zetten. Want een blog leent zich er meestal niet zo goed voor om dieper op allerlei zaken in te gaan. Dan wordt ’t al snel als te lang ervaren. Terwijl dat bij zo’n artikel nou juist wel weer de bedoeling is. Nieuwsgierig geworden na het voorgaande? Met de link http://www.toosvanholstein.nl/artikelen/artikel28.html ben je direct op de plek waar het staat op mijn website www.toosvanholstein.nl .

Daar wordt dan ook wel duidelijk wat het verband is tussen de foto’s bij deze blogaflevering. Want ik kan me zo voorstellen dat de link tussen een foto van het Mamac (het Museum voor Moderne kunst in Nice), een 19de eeuwse spotprent van de Fransman Daumier en “Die fünf Sinne” van de Oostenrijkse 19de eeuwse schilder Hans Makart niet voor de hand liggend is. Tot volgende week.

TOOS.

www.toos.biz

www.toosvanholstein.nl

YouTube  http://bit.ly/ij4Pag