Tagarchief: Middelburg

Komt dat zien op Open Monumentendag! Een eeuwenoud, uniek en kunstig pand


Middelburg in de 17e eeuw

Zaterdag 10 september is ’t weer, het grote monumentenfeest. Open Monumentendag door heel Nederland. Waarbij ook mijn grote deuren aan de Korendijk 56 in Middelburg wagenwijd open staan. Open Huis zogezegd.

Vandaar nu de vraag ‘hoeveel Nederlanders zouden er wonen in een Rijksmonument’? Vingers omhoog graag! Dat worden er aardig wat, schat ik zo in. Maar hoeveel daarvan blijven omhoog als ’t gaat om een eeuwenoud pakhuis? Kijk, daar zakken er al een flink aantal. En nu, hoeveel van die pakhuizen bevatten balken afkomstig van onttakelde schepen? Oeps. En van welke van die pakhuizen zijn de muren van de buren? Oei, oei, misschien nog een paar vingertjes die in de lucht priemen? Tot slot de hamvraag. Bij wie zat er op de plek van je pakhuis eerst een open haringpakkerij? Zou ik nu in heel Nederland als enige nog met mijn vinger omhoog zitten? Niet onmogelijk! Dus woon en werk ik dan in een volstrekt uniek pand in Nederland? Een boeiende vraag bij hoe dan ook een trots gevoel. Maar hoe zit ’t nou precies met die vragen hierboven?

links de Korendijk 56 in de jaren 60 (foto gevonden in de beeldbank van het Zeeuws Archief), rechts zoals ’t nu is

’t Is alweer en poos geleden dat ik voor het laatst meedeed met Open Monumentendag. Tijd dus voor een herstart. Mijn atelier op de begane grond is natuurlijk altijd al wel open op de eerste zondag van de maand bij de Middelburgse Kunst&Cultuurroute. Ik zie dan vaak mensen niet alleen naar mijn kunst kijken maar ook omhoog. Naar al die prachtige ouwe, overgedimensioneerde  pakhuisbalken. Maar de deur naar mijn woongedeelte blijft daarbij altijd dicht.

zoals het pakhuis was toen ik het kocht
een impressie van zoals ’t nu is

Komende 10 september dus niet. Je kunt zomaar doorlopen naar de 1e en 2e etage. Om de rest te aanschouwen, opnieuw met een aantal balken uit grote schepen. Schepen die al voor 1738, het bouwjaar van mijn pakhuis, onttakeld moeten zijn geweest. En waarvan de balken bij mij achter uit het water zijn gevist. Want niet voor niets heet het straatje achter mij nu Balkengat. Ooit lag daar de scheepswerf van de VOC en dreven er houten vlotten en balken in de grote plas die je op het schilderij hieronder ziet.

de werf van de VOC in 1778

Er is zelfs nog een foto van die situatie van voor 1898. Dat moet namelijk wel want toen werd een deel gedempt om het wijkje te bouwen dat er nu staat.

Maar hoe zit dat met die muren van de buren? Nou, ooit zat er een doorgang tussen wat nu de woonhuizen Korendijk 54 en 58 zijn. Daar zat, volgens de oude annalen, een haringpakkerij. Met waarschijnlijk wel een dak erboven maar verder open. Best handig natuurlijk, een beetje doorluchten bij al die haring kon geen kwaad. Tot die grond werd aangekocht door de MCC, de in 1720 opgerichte Middelburgsche Commercie Compagnie. Een soort tegenhanger en Middelburgse opvolger van de VOC, de Vereenigde Oostindische Compagnie. Die VOC van de werf bij het Balkengat.  

Ze hadden blijkbaar een pakhuis nodig aan de Korendijk. Koren dus. Want heette destijds de korenhandel in Nederland niet de moedernegotie? Maar dat is een ander verhaal. Dus wat was er makkelijker dan de buitenmuren van de twee huizen aan weerszijden te gebruiken om er vertikaal balken tegenaan te zetten. Met daarop horizontaal weer andere balken. Simpel toch?

nog een sfeerbeeld van het interieur

Tot ik het kocht, was het pakhuis ook alleen maar pakhuis geweest. Er was geen water, geen gas, geen elektriciteit maar wel die muren van de buren. Zo vertelde de kadasterregistratie. Met andere woorden, bij de restauratie hadden de buren eigenlijk voor elke spijker en schroef in hun muren toestemming moeten geven. Niet echt handig. Dat hebben we toen ook maar veranderd.

Nu staat er dat unieke pand waarover ik nog even één ding kwijt wil. Want in een Rijksmonument mag je natuurlijk niet zomaar je goddelijke gang gaan. Een daartoe bevoegde ambtenaar bewaakt het hele proces. In dit geval iemand wiens naam in Middelburg toch wel enigszins gevreesd werd. Bij de definitieve keuring hield ik mijn hart dus echt wel een behoorlijk beetje vast. Weet je hoe hij wegging? Met de opmerking dat hij zelden een pand had gezien dat zo prachtig was gerestaureerd. Daarop hebben levensgezel en ik toen ook maar gelijk geklonken.

Op 10 september kun je zijn opmerking komen controleren. Maar vanzelfsprekend ook overal mijn kunst bekijken. Het slaan van twee vliegen in één klap. Een derde vlieg daarbij is mijn nieuwste steendruk ‘City life’. Alleen deze maand voor een heel speciale prijs te koop

steendruk ‘City life’

. Lees mijn vorige blog maar. Tot volgende week.

TOOS

PS Afgelopen dinsdag zag ik op NPO 2 de eerste aflevering van ‘Krabbé zoekt Kahlo’. Over één van mijn vrouwelijke kunstenaarsiconen aan wie ik in dit blog al wel aandacht gaf. Beslist de moeite waard! Gewoon kijken de komende dinsdagavonden om 20.30 uur.

Hoe ‘City life’ tot leven kwam  òftewel een inflatie-onafhankelijke aanbieding


Noem het toeval, maar een klein beetje geholpen heb ik ’t dan toch wel. Zo start in september Grafiek2022, de 4e editie van de enige echte Nederlandse grafiektriënnale.  Met tot 30 november manifestaties door het hele land. Voor Zeeland wordt op zondag 4 september officieel het startschot ervan gegeven door onze onvolprezen Middelburgse Kunst&Cultuurroute.

Toen ik daarvan hoorde, was ik net bezig met de voorbereidingen voor een nieuwe steendruk waarvan ik de titel al had verzonnen: ‘City life’. Een dikke maand geleden schreef ik er hier al eens over. Puur toeval, dat samenvallen. En laat nou ‘Ontmoeten’ het thema van Grafiek2022 zijn. Ontmoeten en ‘City life’!  Volgens mij twee begrippen die elkaar aardig aanvullen. En ook dat is toeval. Dat ik nu mijn nieuwe steendruk juist vanwege Grafiek2022 voor het eerst den volke toon tijdens de kunstroute? Dat  is natuurlijk geen toeval. Net zo min als de aanbieding van ‘City life’ (oplage van slechts 25) voor de speciale prijs van €150 in de hele maand september. Daarna gaat die prijs wel omhoog. Naar de normale, markconforme €225. En dat blijft dan zo, inflatie of geen inflatie.

op de steen bezig met de eerste opzet van ‘City life’

Maar nu dat tot leven komen van ‘City life’. Want daarvoor moest er heel wat worden nagedacht, gewerkt en geperst. Binnenkort heb ik daarover een wat uitgebreider artikel klaar. Over die tweehonderd jaar oude, toen revolutionaire techniek en over de achterliggende kunstverhalen. Dat alles geïllustreerd met foto’s van het scheppingsproces van ‘City life’.Waarvan je er hier al enkele tussendoor gestrooid ziet.

de proefdruk van de 1e kleurendrukgang wordt kritisch bekeken
werkend aan de toevoegingen voor de tweede kleur

Maar voor een levende-beelden-verslag kun je nu al naar mijn eigen YouTube-kanaal . Om de video ‘City life- the coming alive of a stone lithograph’ te bekijken. Zodat je kunt meeleven met de vele stappen die ik samen met steendrukker Hans Van Dijck in zijn Antwerpse atelier moest zetten om deze tweekleuren-steendruk te creëren.

Die video is trouwens geplaatst vlak voor het verschijnen van deze blogaflevering. Ook geen toeval.

Ik denk dat ’t best interessant kan zijn om én die video te zien én dat artikel te lezen. Door die geschreven praatjes bij de levende plaatjes krijg je vast meer inzicht in het bewerkelijke procedé van het steendrukken. Naast ook meer kennis van de geschiedenis ervan en meer  detailinzicht. Wat er dan hopelijk weer toe leidt dat je mijn enthousiasme voor die prachtige, oude techniek kunt aanvoelen. Stuur maar een mailtje naar toosvanholstein@xs4all.nl en je ontvangt dat artikel in je inbox.

de drukgang met rood, de tweede kleur
hallelujah, ‘City life’ is geboren!

Terug naar de kunstroute. Want ook ter plekke zul je mijn enthousiasme ervaren. Mee omdat ik een deel van mijn atelier steendrukfähig maak. Ik ben die dag overigens niet de enige grafiek-enthousiasteling. Er doen nog zo’n 17 andere ateliers en galerieën mee met grafiekitems. Meer informatie? Natuurlijk op onze kunstroutesite kunstroutemiddelburg.nl/ , maar ook op de aan Zeeland gewijde pagina van de website van Grafiek2022.

het met potlood nummeren en signeren van alle exemplaren van ‘City life’
Toos van Holstein, City life (steendruk in oplage van 25)

Komt zondag 4 september niet goed uit, dan heb ik goed nieuws. Ik doe namelijk dit jaar ook weer eens mee met de nationale Open Monumentendag op zaterdag 10 september. De laatste keer was in 2019. Niet alleen van mijn atelier staan dan de deuren open maar ook die van een groot deel van mijn prachtig gerestaureerde monumentale pakhuis ‘Holstein’ uit 1738. En ik beloof dat ‘City life’ dan nog steeds te bekijken is. Zeg je sowieso al ‘die hoef ik niet meer te bekijken, doe mij er maar een’, dan is dat e-mailadres hierboven er goed voor. Trouwens, ben je nieuwsgierig naar die Open Monumentendag aan de Korendijk 56? Tot volgende week.

TOOS

‘De vrijwaring van vrees’ in Middelburg


Mijn stad Middelburg heeft iets met ‘The Four Freedoms’ van Franklin Roosevelt. En daardoor heb ik er ook iets mee. Roosevelt, de enige Amerikaanse president die vier keer werd verkozen. Ook de president die in 1941 die vier fundamentele vrijheden voor de mens, waar ook ter wereld, formuleerde. De vrijheid van meningsuiting, de vrijheid van godsdienst, de vrijwaring van gebrek en de vrijwaring van vrees. Vier vrijheden die ik verwerkte in een heel speciale kunstuitgave. Die nu perfect aansluit bij het thema van de grote Middelburgse kunstmanifestatie Façade2022 (zie aflevering vorige week) en daardoor bij de komende Middelburgse Kunst en Cultuurroute op 7 augustus. Maar dat komt zo.

screenshot van de website van de Kunst en Cultuurroute Middelburg

Want hoezo is er die band tussen Roosevelt en Middelburg? Omdat blijkbaar een voorvader heel, heel lang geleden uit Zeeland emigreerde naar de Verenigde Staten. Gevolgen? Twee presidenten Roosevelt: Theodore begin 20e eeuw en Franklin van 1932 tot 1945. En in Middelburg het Roosevelt Study Center, het University College Roosevelt en allicht een hotel The Roosevelt. Maar met als kers op de taart toch wel de Roosevelt Stichting. Die betrokken is bij de zogenaamde Four Freedoms Awards.

Eens in de twee jaar wordt de omgeving van de Nieuwe Kerk met z’n Lange Jan namelijk tot een fort omgebouwd. Met dranghekken, betonnen beveiligingsblokken, stevige beveiligers en de nodige politie. Want dan geven WA plus andere koninklijken, politieke BN’ers en bijbehorende belangrijken acte de présence voor de uitreiking van die Awards. Aan hen die zich, soms met gevaar voor eigen leven, inzetten voor die vier vrijheden.

de laureaten en de uitreikers dit jaar in de Nieuwe Kerk

Nelson Mandela bezocht daardoor Middelburg. Net als, om er maar een paar te noemen, VN-baas Kofi Anan, de Wit-Russische vrijheidstrijder Svetlana Tichanovskaia, de Tsjechische vrijheidsheld en president Vàclav Havel, godsdienstfilosoof Karen Armstrong, de Dala Laima, vrouwenrechtenstrijder Malala Yousafzai, dominee Desmond Tutu, filmster Liv Ullman, en niet te vergeten Angela Merkel. Want laat die nou zo’n kunstuitgave bezitten als ik in het begin al noemde!

omslag van mijn kunstuitgave gewijd aan de Four Freedoms

Toen zij namelijk, alweer enkele jaren geleden, de Freedom Medal kreeg uitgereikt in de Nieuwe Kerk ontving ze daarbij ook die kunstuitgave van mij. Een genummerd exemplaar met door mij uitgekozen citaten van Four Freedoms laureaten, geïllustreerd met originele tekeningen.

Dit idee was begin van dat jaar in me opgekomen en mocht ik in overleg met de Roosevelt Stichting ook gaan uitvoeren. Dat werd dus tien indringende citaten selecteren. Toen omslag en lay-out bepalen in overleg met Jean-Paul Aureglia van mijn galerie Quadrige in Nice. Want hij ging de kleine oplage van 30 met de hand zetten en draaien op zijn eigen pers.

deel van de letterbakken van Jean-Paul in zijn galerie Quadrige in Nice

Vandaar ook die Franstalige titel op de buitenkant. Want voor een echte Fransman als hij was een Engelstalige titel psychisch gezien toch echt een stap te ver, die citaten waren ten slotte al in het Engels. En daarna was ’t aan mij om bij de gedrukte uitspraken van de laureaten in elke genummerde uitgave tien originele tekeningen te maken. Ik heb wat afgetekend en gesigneerd. Sowieso elk boekje, maar ook elke tekening.

‘In societies where men are truly confident of their own worth, women are not merely tolerated but valued’, uitspraak van de nu in Myanmar gevangen zittende Aung San Suu Kyi

Bewust heb ik toen nog enkele exemplaren achter gehouden zonder tekeningen. Wie weet zou ik die nog eens kunnen gebruiken. En ja dus! De grote 5-jaarlijkse kunstmanifestatie Façade kreeg dit keer als leidraad ‘de vrijwaring van vrees’. Bingo, daar kon ik wel wat mee!

bezig met het maken van nieuwe tekeningen voor de ‘Citations’

Vorige week schreef ik al dat ik best moeite had om te ontdekken wat een aantal van de kunstobjecten nou eigenlijk te maken had met dat thema.  Bij mijn ‘Citations des lauréats’ hoef je daar overduidelijk niet naar te speuren.

Neem het citaat ‘For me peace is not only the absence of war but the absence of fear’. Een uitspraak van Malala Yousafzai. De Pakistaanse Nobelprijswinnaar die als meisje door zo’n gehersenspoelde Taliban door het hoofd werd geschoten omdat ze de euvele moed had naar school te willen, die aanslag overleefde en sindsdien onvermoeibaar vreedzaam strijdt voor de vrouwenrechten en het recht op onderwijs voor hen. Absoluut een dijk van een wijf!

Malala Yousafzai
I no longer think that any principle or opinion is worth anything if it makes you unkind or intolerant

Of bovenstaande uitspraak van Karen Armstrong, voormalige non, spraakmakend auteur en godsdienstfilosoof. Toen zij een paar jaar geleden in Middelburg een lezing gaf heb ik haar, als bewonderaar, gesproken en zo’n uitgave van mijn ‘Çitations’ gegeven.

Karen Armstrong

Nu liggen er zondag 7 augustus tijdens de Middelburgse kunstroute (1-5 uur) nog een paar te koop in mijn atelier (Korendijk 56). Met in elk 10 vers gemaakte tekeningen. Een item voor de verzamelaar en liefhebber?

nog zo’n actiefoto van het maken van de nieuwe tekeningen

Tot volgende week.

TOOS

Video van mijn ‘the UOVO Project’: 4 intense Italiaanse weken in 8 krachtige minuten samengebald


met Giampietro Rampini in zijn atelier met een van de objecten uit ‘the UOVO Project’

Rond half mei meldde ik hier voor ’t eerst dat ik me bevond in Gubbio. Die prachtige middeleeuwse stad in Umbrië waar ik een paar weken eerder was neergestreken. Maar dat moest toen nog even geheim blijven, ik moest namelijk eerst stevig broeden op een collectie héééél grote eieren. Uit mijn zogenaamde ‘Ei-project’. Dat ik nu, kwestie van voortschrijdend woordgebruik, heb omgedoopt in ‘the UOVO Project’. Klinkt veel leuker toch, met ’t Italiaanse ‘uovo’ voor ei? En daarbij, een internationale titel oogt natuurlijk ook stukken beter.  Zeker nu mijn video over dat project op YouTube net ‘in première’ is gegaan. Op mijn al een aantal jaren bestaand eigen YouTube-kanaal. Waar dus ook filmpjes staan van eerder plaatsgevonden kunstige zaken van mij. Maar dat terzijde.

Zogezegd  een zeer vers gelegd ei. ’t Was even flink persen maar met het resultaat ben ik heel tevreden. Wat ook geldt voor mijn eieren-draaier Daniele Minelli, de man met de gouden handjes, en Maestro Giampietro Rampini, de man zonder wiens technische kennis en keramiekovens ik dit project nooit had kunnen voltooien.

met Daniele bij mijn ‘the UOVO Project’ in wording

Met Daniele heb ik nu, net als met Giampietro, drie keer samengewerkt. En elke keer krijg ik meer bewondering voor wat hij doet en wat hij kan. Kijk gewoon maar eens alleen naar zijn handen in de video, of naar zijn intens gefocuste blik, naar zijn gemoedelijkheid, de vriendelijkheid die hij uitstraalt en zelfs dat gebruik van zijn kin bij het draaien! Pure klasse. Niet voor niets krijgt hij tegenwoordig opdrachten vanuit allerlei streken. Zoals bijvoorbeeld uit Parijs en zelfs Australië. En Middelburg dus.

nogmaals Daniele

En dan Giampietro! Italiaanser kan in mijn ogen bijna niet. Geen geweldige organisator maar een improvisator in optima forma. Als je zijn atelier ziet, zie je gelijk hoe hij is. Beetje chaotisch!

links achterin ben ik aan het werk op ‘mijn plek’
deel van het magazijn

En toch komt altijd alles prima voor elkaar. Met een nimmer aflatend enthousiasme, altijd bereid zijn kennis met me te delen, altijd openstaand voor allerlei ‘onmogelijke’ ideeën die opborrelen in dat associatieve brein van mij. Waarbij we dan na uitvoering ervan samen blij verrast zijn met de resultaten. Hij heeft in het verleden met bekende keramisten uit Engeland, Australië, Turkije en Iran samengewerkt. Maar de combinatie van mijn onbevangenheid en leergierigheid op keramiekgebied heeft tot een heerlijk speciale samenwerking geleid.

met Giampietro het resultaat bekijken na de eerste keer bakken in de oven

En nu dus maar afwachten of kunstliefhebbers ook zo blij verrast zijn met de uitkomsten van ‘the UOVO Project’. Bij de opening van mijn grote, nog tot 17 juli durende expositie ‘De Verwondering’ in Galerie Drentsche Aa in Balloo (zie deze aflevering) ging de kop er in ieder geval gelijk al af.

‘Uovo Unico’, te bekijken bij galerie Drentsche Aa

En aanstaande zondag 3 juli, bij de maandelijkse editie van onze onvolprezen Middelburgse Kunst en Cultuurroute, toon ik een aantal andere ‘eieren’ voor de eerste keer. Een Zeeuwse première dus. Komt dat zien! Ik zal er dan ook graag over vertellen. Van 1 tot 5 uur aan de Korendijk 56.

links ‘Uovo Toscana’en rechts ‘Uovo di Luce’, te bekijken in mijn atelier aan de Korendijk 56

Tot volgende week.

TOOS  

Hoe de Indiase vissers van Kovalam in het Drentse Balloo verzeild raakten: een ReisKunst-verhaal


‘Kovalam’ op de expositie ‘De Verwondering’ in Galerie Drentsche Aa in Balloo

Een kleurrijke vleug Zuid-India bij mijn expositie ‘De verwondering’ in het noordelijke Drentse Balloo. Een olieverfschilderij met de titel Kovalam, centraal op de foto hierboven. Met zo’n speciale titel zit daar natuurlijk een verhaal achter, een ReisKunst-verhaal.

Vier jaar geleden alweer trok ik een aantal weken rond in Zuid-India. En belandde daarbij ook in het allerzuidelijkste puntje van India, aan weerszijden omgeven door de Indische Oceaan. In Kovalam. Niet alleen een toeristische bestemming maar ook een vissersplaats. Zo een waar ’s morgens vroeg nog de vissers met hun houten bootjes hun verse vangst ter verkoop op het strand komen deponeren. Waarna die boten hutje mutje naast elkaar worden gelegd of het nabijgelegen strand worden opgetrokken.

 “In het zweet uws aanschijns zult gij brood eten”, om maar eens een toepasselijke zinsnede uit het Bijbelse boek Genesis aan te halen. En dat natuurlijk terwijl bezoekers op hun gemakkie plaatjes staan te schieten. In dat soort situaties kijk ik vooral, neem waar, zuig op en laat de kleurkegeltjes in mijn netvlies overuren maken bij het uitvoeren van hun taak.  Levensgezel laat dat dan weer over aan de pixels in zijn camera. Voor later, voor het digitaal geheugen.

De uitermate levendige en kleurrijke beelden die ik in Kovalam opsloeg in m’n grijze hersencellen  resulteerden uiteindelijk in mijn Middelburgse atelier in dat gelijknamige schilderij. Een echt ReisKunst-schilderij dus. Waarbij voor mij persoonlijk heel goed valt te herleiden hoe de compositie ervan tot stand is gekomen. Maar of dat voor ieder ander ook zo is? Ik heb het lichte vermoeden dat je daar een heel goeie spoorzoeker voor moet zijn. Tja, mijn kunstenaarsslogan, ‘for me art is travelling the mind’, is natuurlijk niet zomaar uit de lucht komen vallen. En toch, kijk hieronder nog maar eens goed naar dat ‘Kovalam’.

Toos van Holstein, Kovalam (olieverfschilderij, 110-150 cm)

Zo hangen er natuurlijk meer schilderijen waarin een ReisKunst-verhaal verscholen zit. Wie weet komen die nog wel eens te voorschijn. Hoe dan ook, onderstaande foto’s van de opening van ‘De Verwondering’ tijdens het afgelopen Pinksterweekeinde spreken nu al voor zich.

Met op die foto’s vanzelfsprekend ook de geëxposeerde resultaten van mijn ‘Ei-Project’. Het project dat ik een paar weken geleden afsloot in de Italiaanse keramiekstad Gubbio na een verblijf daar van een maand. Een project waar ik vast nog wel eens op terugkom.

drie van mijn ei-objecten uit de serie van mijn ‘Ei-Project’

Maar nu eerst even wat rust. Want vanaf half juni staat er al weer een andere onderneming op stapel. Iets met nieuwe steendrukken. Met natuurlijk ook een nieuw verhaal voor ergens in de toekomst. Tot volgende week.

TOOS

Een Kunst-op-Reis-verhaal óftewel  ‘Het Ei-Project’


Geen ReisKunst-verhaal dit keer (kijk voor de laatste aflevering in die serie maar eens hier), maar een verhaal over Kunst-op-Reis. Of beter gezegd Eieren-op-Reis, eieren die kilometers maken. Eieren die ik in de Italiaanse keramiekstad Gubbio heb gelegd voor mijn ‘Ei-Project’. In het keramiekatelier van maestro Giampietro Rampini. Eieren die kunnen navertellen dat in Italië buiten de autostrada’s om het kuil en hobbelgehalte in de Italiaanse wegen buitengemiddeld hoog is. Maar ook eieren die dankzij levensgezels rijvaardigheid  vorige week allemaal veilig in mijn Middelburgse atelier aanlandden. Want daar zit ik weer na zes heerlijke en werkzame weken te zijn weggeweest. Met een hoop uitgeladen eierdozen.

Gevuld met  goed ingepakte ei-objecten, gemaakt in mijn vier Eugubinese weken en vanuit Umbrië via Venetië, Oostenrijk, Duitsland en België uiteindelijk terecht gekomen op Walcheren.

Venetië? Zie ik hier en daar mogelijk wat wenkbrauwen opgetrokken worden? Vragen landkaartkenners zich nu af of dat niet een flink stukkie om is? Oh ja, zekers! Toch konden we ’t niet nalaten op de terugweg nog even twee dagen Venetië in te plannen. Voor de 59ste editie van beroemde Kunst Biënnale die daar eind april was begonnen. Met een coronajaartje vertraging. Maar dat worden zeker en vast een paar andere verhalen.

met de vaporetto via het Canal Grande onderweg naar de Giardino, het paviljoenterrein van de Biënnale d’Arte di Venezia 2022
er moeten weer ei-objecten worden ingeladen

Nu eerst het vervolg van ‘Het Ei-Project’. Die eieren zijn natuurlijk niet bedoeld om verder op te gaan zitten broeden, die moeten de komende tijd de wijde wereld in. Één exemplaar doet dat direct al. Net aangekomen in Zeeland zag iemand er zich gelijk al graag de nieuwe eigenaar van. Een paar andere, ik houd er voorlopig ook lekker nog een stel vast in Middelburg, zijn deze week opnieuw op reis gegaan. Naar het Drentse Balloo, naar galerie Drentsche Aa (https://www.galeriedrentscheaa.nl/). Wel in gezelschap van een flinke lading schilderijen.

en samen met de schilderijen bij Galerie Drentsche Aa worden uitgeladen

Vorige week schreef ik al over mijn nieuwe solotentoonstelling daar. Genaamd ‘De Verwondering’. En deze week dus kreeg galerist Jan Wekema die schilderijen samen met een paar van die bijna versgebakken-uit-de-oven eieren. Kon ie gelijk flink aan het werk om er een mooie expositie mee op te bouwen. Met olieverven, marouflé’s, mixed media, werken uit mijn ‘The 70-Series’ op alu-dibond, aluminium en kunststofbeelden. En dus ook keramiek!

twee van mijn nieuwe ei-objecten, vers uit de oven
advertentie in de KunstKrant van mei/juni, verspreid door heel Nederland

Als ik aanstaande Pinksterzondag 5 juni arriveer voor de officiële opening van de tentoonstelling (om 14.30 uur) ga ik me laten verrassen door wat hij er van heeft gemaakt. De twee zalen van zijn boerderijgalerie vol met Toos’en. Ook Pinkstermaandag verkeer ik daar nog tussen mijn eigen werk. Om belangstellenden te ontmoeten en te vertellen over mijn kunst.

En nog even terzijde, niet alle ei-objecten hebben die vele kilometers naar Nederland gemaakt. Er zijn drie achter gebleven. Drie heel speciale. Maar dat zou ook best nog wel eens een ander verhaal kunnen worden.

samen met maestro keramist Giampietro Rampini een blik op de in Gubbio achtergebleven 3 speciale ei-objecten

Tot volgende week.

TOOS

Balloo, the place to be tijdens Pinksteren, vanwege een artistieke wereldprimeur


Bezig in het keramiekatelier van Giampietro Rampini in Gubbio

Ik ben weer op de terugweg naar Nederland. Met een echte primeur achterin de auto. Een aantal keramische objecten uit mijn ei-project. En met in mijn herinnering vier intens werkzame maar ook zeer bevredigende weken in Gubbio. Lees en bekijk hier en hier de vorige twee afleveringen van dit blog er maar op na.

Maar rust en kalmte straks in Middelburg? Vergeet ’t! Ik moet gelijk weer aan de bak. Want in het Pinksterweekeinde van 4,5 en 6 juni start een solotentoonstelling van mij in het Drentse Balloo, een paar kilometer ten oosten van Assen. Een prachtig authentiek boerderijendorp met alle bebouwing in een groot ovaal aaneen geweven rond een open ruimte. Heel speciaal.

oude kaart met daarop duidelijk de vorm van Balloo te zien

In één van die boerderijen bevindt zich de Galerie Drentsche Aa van Jan en Hilde Wekema. Met wie ik alweer een aantal jaren samenwerk.

Galerie Drentsche Aa
overleg met Jan Wekema bij een eerdere expositie

Maar onze voor 2020 geplande solo expositie kwam er dus niet van. ‘Het virus’. Nu is ’t echter zover. Met daarbij zelfs een artistieke wereldprimeur. Want natuurlijk zijn een paar van die nieuwe ei-objecten van mij op de tentoonstelling te bewonderen.

Over dat project is vanzelfsprekend wel een en ander te vertellen. Maar waarom zou ik eigenlijk niet gewoon het persbericht gebruiken dat Jan de galeriedeur heeft doen uitgaan? Af en toe mag gemak best de mens dienen.

‘De verwondering’

expositie van Toos van Holstein bij Galerie Drentsche Aa

‘For me art is travelling the mind’ is al heel lang de slogan van Toos van Holstein, Nederlands Briljanten Kunstenaar van het jaar 2016. Maar zo zegt ze “om die slogan inhoud te geven, is het noodzakelijk het kleine meisje in mezelf te behouden en te koesteren. Zo’n nieuwsgierig meisje dat zich alsmaar kan blijven verwonderen over de wereld om zich heen, over wat ze daarin waarneemt”. Op die manier blijft Toos steeds nieuwe ervaringen opdoen, nieuwe ontdekkingen doen. Net zoals de Alice van ‘Alice in Wonderland’. Voor haar een blijvende inspiratiebron.

Alice, olieverfschilderij van Toos van Holstein (150-120 cm)

Vandaar dus ook die titel ‘De Verwondering’ voor Toos van Holstein’s solo expositie bij Galerie Drentsche Aa in Balloo. Een tentoonstelling waarin ze haar altijd weer herkenbare kunstenaarshandschrift tot uitdrukking laat komen in haar olieverfschilderijen, haar mixed media werken op aludibond en haar kunststofbeelden.

Maar Galerie Drentsche Aa heeft ook de nationale primeur van het nieuwe keramische werk van Toos van Holstein. Keramiek naar eigen ontwerp die ze nog afgelopen maand beschilderde in de Italiaanse keramiekstad Gubbio. Ook weer in haar stijl natuurlijk. Want wat Toos van Holstein ook creëert,  met welk materiaal dan ook, het blijft haar wereld.

detail van een van de ei-objecten

Een wereld die de kijker denkt te kennen maar die feitelijk alleen bestaat in haar rijke fantasie. Nog een citaat van haar: “Als ik vorm geef aan een moderne wolkenkrabberstad kun je je afvragen of dat nu New York of Chicago, Sjanghai of Hongkong is. Nou, eigenlijk geen van alle, die stad bestaat alleen in mijn verbeelding.” Net zoals dat het geval is bij schilderijen met haar lievelingsstad Venetië als onderwerp. Je ziet direct dat ’t Venetië is, die stad met haar unieke sfeer. En toch is de geschilderde plek er nooit en te nimmer te vinden. Want die bestaat namelijk alleen in Toos haar gedroomde Venetië.

Nebbia a Venezia, olieverfschilderij van Toos van Holstein (65-45 cm)

Nog steeds blijft de kunstenaar, net als dat kleine meisje, de wereld om haar heen gretig absorberen. De middeleeuwse steden van Zuidelijk Europa, de warme kleuren van India, de specifieke cultuur van Midden-Amerika, de diverse sferen van het Midden-Oosten, de drukke moderne metropolen. Dat alles sublimerend in die geheel eigen wereld van ‘for me art is travelling the mind’. ’t Mag dan ook geen wonder heten dat Toos bij de gerenommeerde landelijke verkiezing van Kunstenaar van het jaar 2022 behoort bij de 25 populairste kunstenaars van ons land.

Legendary, olieverfschilderij van Toos van Holstein (100-90 cm)

De officiële opening van de expositie vindt plaats op zondag 5 juni. Voorbezichtiging is al mogelijk op zaterdag 4 juni. Toos van Holstein is zelf aanwezig op Pinksterzondag en maandag 5 en 6 juni.

Galerie Drentsche Aa, Balloo 27, 9458 TA Balloo (Drenthe)

expositie ‘De Verwondering’  van Toos van Holstein  4 juni-17 juli

open vr, za, zo 13-17 uur en op Pinkstermaandag 6 juni

tel. 0592 241214

www.galeriedrentscheaa.nl

Daar heb ik op dit moment niks meer aan toe te voegen. Behalve dan dat ik hoop dat ’t tijdens de Pinksterdagen gezellig druk wordt in Balloo. Tot volgende week.

TOOS

It giet oan, maar dan wel in Zeeland + andere kunst en seks gerelateerde zaken


It giet oan! Die legendarische Friese woorden hebben al 25 jaar lang niet meer geklonken. Behalve dan op tv als er weer eens nostalgisch wordt teruggeblikt op de laatste Tocht der Tochten. Daarom voel ik me wel gerechtigd ‘it giet oan’ nu te gebruiken voor een Zeeuws gekleurde vooruitblik. Voor de zo langzamerhand ook best wel legendarische Kunst en Cultuurroute Middelburg. Want begon de eerste editie ervan pas twee jaar na die laatste Elfstedentocht, daarna is ie zonder enige onderbreking wel elk jaar opnieuw doorgegaan! Weer of geen weer, altijd vanaf februari elke maand op de 1e zondag. Elf keer per jaar dus. Zij ’t in 2020 en 2021 met enige van regeringswege opgelegde haperingen. Iets met een virus!

openingspagina van de website van de kunstroute in Middelburg

Maar nu mogen we, ook weer van regeringswege en met in achtneming van een paar niet al te moeilijke coronaregels, lekker weer helemaal los. Met het traditionele februari-thema ‘Zeeuwse Gasten’. Daarbij nodigen routedeelnemers een Zeeuwse kunstenaar uit als mede-exposant in hun atelier of galerie. En dan bij wijze van uitzondering naast de zondag ook op de zaterdag. Dit jaar dus op 5 en 6 februari (van 13-17 uur). Ik ga dit keer voor keramist Marion Kamper uit Wissenkerke.

keramniek van Marion Kamper, kan ’t Zeeuwser?

Dat leek me wel interessant omdat ik met haar erbij twee heel verschillende keramieksferen in mijn atelier kan creëren. Met mijn eigen handbeschilderde keramische borden en vazen die ik maakte in het Italiaanse Gubbio en met de strak geometrische 3-dimensionale keramische objecten van Marion die uitnodigen tot spelen. Want je mag er gewoon aan draaien en schuiven. Je mag er eigenlijk zonder enig probleem een nieuwe vorm aan geven. Echt bijzonder. Kom ’t maar proberen in dat weekeinde van 5/6 februari.

links keramiek van Marion Kamper, rechts van Toos van Holstein
verdraaibaar keramisch object van Marion Kamper
routekaart van de kunstroute, met de vele te bezoeken adressen, te downloaden op de site van de kunstroute

Deze week ben ik met levensgezel al bezig geweest met de absoluut noodzakelijke klus van het grondig kuisen van mijn atelier -om dat prachtige Vlaamse woord maar eens te gebruiken- en het gedeeltelijk inrichten ervan. Opdat de objecten van Marion goed gaan uitkomen.

het al vast ingerichte deel van mijn atelier

En mocht je van plan zijn om onze kunstroute te komen bezoeken, het prachtige Zeeuws Museum is gelukkig ook weer open. Net zoals alle andere musea in Nederland.

welkom in het atelier van mijn 18e eeuwse monumentenpakhuis

’t Moet me toch echt even van het hart dat ik behoorlijk pissig ben geweest over dat regeringsbesluit van enkele weken geleden. Zogenaamde doorstroomlocaties als IKEA en de Bijenkorf mochten wel open en musea, ooit ook als doorstroomlocaties aangemerkt, niet. On-be-grij-pe-lijk!!! Dat zou volgens minister Kuipers te maken hebben met het zoveel mogelijk inperken van verkeersbewegingen. Mijn god! Heb je ooit de elke dag volle parkeerplaatsen gezien bij welke IKEA-vestiging dan ook? Een absolute gotspe! Volkomen terecht dat onze cultuursector eindelijk,eindelijk in opstand kwam. Met tot nagelstudio’s en kapsalons omgetoverde theaters en musea waar je zowel lichamelijke als hersengymnastiek kon doen of een kunstmarathon kon lopen. Wat me wel opviel was dat er, voor zover ik weet,  nergens bordelen in de musea werden ingericht om de deuren open te kunnen gooien. Want de sekswerkers mochten er officieel ook weer op los gaan. Gewoon 10 m2 vrijmaken, uitgaande van 5 m2 per persoon bij een duo. Daar waren toch beslist wel interessante variaties op te bedenken geweest. Maar dan blijkt dat de cultuursector toch best een heel nette sector is die de afgelopen tijd veel te weinig een echte vuist heeft gemaakt. Een les voor de toekomst? Misschien toch maar een grotere mond in een wereld waarin de hardste schreeuwers vooraan staan?

Maar goed, het culturele en kunstzinnige leven wordt godzijdank weer wat vrijer. Toch wil ik je tot leringhe ende vermaeck nog deze vlijmscherpe video van de bekende cabaretier Pieter Derks  voorschotelen. Echt tot het einde uitkijken en luisteren!

Oh ja, en dan nog iets betreffende dat thema ‘Zeeuwse Gasten’. ’t Ziet er naar uit dat we dat thema volgend jaar breder gaan trekken. Waardoor het mogelijk wordt ook kunstenaars van buiten Zeeland als gast uit te nodigen. Dus mocht iemand denken ‘hé, dat lijkt me wel wat’, aarzel niet. Ik sta altijd open voor nieuwe ideeën en kunstavonturen. Tot volgende week.

TOOS

Oh, Oh, Omikron en Neerlands Beroemdste Filosoof van de Kouwe Grond


Van Middelburg even op en neer naar Assen? Of Enschede? Nee, toch net iets teveel van het verre. Maar als ik levensgezel vraag om beide steden in te passen in een zowel familiale, kunstzakelijke als  logistiek verantwoorde Tour des Pays-Bas weet ik dat ’t wel voor elkaar komt. Maar waarom Assen en Enschede? Natuurlijk vanwege ‘Viva la Frida’ in het Drents Museum en ‘Artemisia, Vrouw & Macht’ in het Rijksmuseum Twenthe.

Dat Rondje Nederland was weer eens even noodzakelijk. Er moest kunst van mij naar kopers in Bergen en Nijmegen. Ook had ik beloofd om een keer in Borne (bij Hengelo)gezellig te komen borrelen bij de enthousiaste bezitters van twee recent bij Galerie Álafran (Diepenheim)aangekochte grote Toos-schilderijen. Verder stond er al een familiebezoek in Friesland in onze agenda’s. Terwijl ook zakelijke kunstafspraken in Emmen en Nijmegen moesten worden geëffectueerd. Net zoals het brengen van flink wat werken naar de galerie van museum Musiom in Amersfoort. Voor een nieuwe solo expositie daar. Maar dat verhaal komt nog wel.

Dat alles combineren in een Tour des Pays-Bas met ook Assen en Enschede er nog bij? Geen probleem voor levensgezel.

Alles dus geregeld, zijn we via Bergen in Friesland aangeland, komen Rutte en De Jonge op nota bene zaterdagavond hun zoveelste coronaconference geven. Lockdown! Musea dicht! Vergeet Frida op maandag maar. En Artemisia op dinsdag? Mooi niet dus!

persconferentie of conference, ik weet ’t eigenlijk niet meer

Bij ‘Viva la Frida’, over schildersicoon Frida Kahlo, valt daarmee voor nu wel te leven. Die expositie loopt nog tot 27 maart. En over haar en haar grote liefde Diego Rivera zag ik deze zomer al een prachtige tentoonstelling in het Amstelveense Cobra Museum. Lees hier maar.

een beroemd zelfportret van Artemisia, 1638-39

Maar bij mijn 17e eeuwse schildersheld en dijk van een wijf Artemisia Gentileschi? Vorig jaar boorde Covid-19 mij nog een grootse expositie over haar in Londen door de neus. Zou ik voor het eerst met de Eurostar naar die stad, was alles met hotel en kaartjes voor de National Gallery geregeld, komen er quarantaineregels op dat Brexit-eiland en rijdt die trein ook niet meer. Daaraan wijdde ik vorig jaar juli al een blog.

zie ook maar dit viseo opwarmertje voor de expositie

Met Artemisia zit ’t dus niet mee. Maar ingedachtig de uitspraak van onze beroemdste Filosoof van de Kouwe Grond (oh ja, en ook nog onze Beste Voetballer Ooit) ‘elk nadeel hep ze voordeel’ , houd ik op deze manier natuurlijk wel iets over om naar uit te kijken. Nu maar hopen dat als het Orakel van het Haagse Torentje begin volgend jaar nieuwe Omikron-uitspraken doet, ik het Rijksmuseum Twenthe toch nog kan bezoeken voor de sluitingsdag 23 januari van  ‘Artemisia, Vrouw & Macht’. Dan toch maar gewoon even op en neer van Middelburg naar Enschede? Een halfvol glas is ten slotte beter dan een halfleeg.

En of Assen nog wat later aan de beurt kan komen? Dat zou wel fijn zijn. Dan zou mijn glas zomaar meer dan half vol raken. Ook omdat de stad, buiten het museum, volop meedoet met Frida-uitingen, zo zag ik bij onderstaande foto’s.

muurschildering in Assen vanwege Viva la Frida
veel Frida, maar wel dicht natuurlijk

Trouwens, na al die andere afspraken wel te hebben kunnen afhandelen, met  als laatste het in etappe 4 afleveren van mijn schilderijen bij het Amersfoortse Musiom, voelde ik me in finishplaats Middelburg best wel wat moe.

mijn schilderijen aflevern voor een solo expositie in de galerie van het Musiom die hopelijk ergens in januari van start kan gaan

Hoe zou dat zijn geweest met nog die twee expositiebezoeken erbij? Best nog wel een beetje moeier, schat ik zo in. Eigenlijk dus, op z’n Cruijffiaans, nog zo’n voordeel bij een nadeel.

Nu op naar 2022. Maak er ondanks, of misschien juist dankzij de Omikronvariant een mooie, vuurwerkvrije en gedenkwaardige Oud en Nieuwjaarsviering van.  Tot volgende week.

TOOS

Eindelijk geven ‘The 70’s’ zich bloot op hun thuisbasis


‘Back home’ van onze onvolprezen rockband Golden Earring, ken je dat heerlijke nummer? Helemaal Earring, helemaal rockend.

 Ik moest er aan denken toen levensgezel de afgelopen dagen bezig was om mijn ‘The 70-Series’ ophang-gereed te maken voor de maandelijkse Kunst en Cultuurroute. Komende zondag 5 december.

Want die ‘The 70-series’ is eindelijk weer thuis.  Daar waar die wel is ontstaan maar nog nooit was te zien. Dat komt nu prachtig uit.  Want het thema van de route is deze maand ‘Geef Kunst Cadeau’. Is ten slotte december niet de maand bij uitstek om elkaar te verrassen met onverwachte geschenken? Dus waarom geen kunst?

een al verkocht olieverfschilderij uit The 70-Series

Even wat kunstgeschiedenis over ‘The 70-Series’. Oktober 2019 werd ie onthuld bij Galerie Peter Leen XL in Breukelen (hier terug te lezen). Een serie van 70 kunstwerken: 35 olieverven van 20 bij 20 cm (met lijst 25-25 cm) en 35 niet ingelijste mixed media’s van 25 bij 25 cm op alu-dibond plaat. Gecreëerd om een verder niet nader te specificeren leeftijd luister bij te zetten. Ze vlogen weg, dat openingsweekend! Maar ja, €250 per stuk voor een origineel kunstwerk is natuurlijk ook heel appetijtelijk.

onthulling van een deel van The 70-Series, die verspreid hing over 4 plekken

Daardoor ontstond wel een probleempje. Want voor 2020/2021 stond er nog een aantal afgesproken exposities op de lijst onder de titel ‘The 70-Series and More’. En 70 is ten slotte wel 70. Bij elke tentoonstelling gebeurde trouwens hetzelfde. In Eersel in Brabant, in De Lier in het Westland, in Diepenheim in het Verre Oosten. Steeds weer mocht ik in mijn atelier creatief helemaal uit m’n bol gaan.

bezig in mijn atelier om The 70-Series weer aan te vullen tot 70

Het gevolg? Over heel Nederland verspreid hangen nu werken uit ‘The 70-Series’ terwijl thuisbasis Middelburg verwaarloosd moest worden. Maar daar komt nu dus verandering in. Want eindelijk is die serie na al dat rondreizen ‘Back home’. Ik ben er nu wel mee opgehouden om 70 ook 70 te laten zijn. De drang om weer groter te gaan werken is te groot geworden. Heerlijk om weer eens niet op afmetingen van maximaal 25 cm in te moeten zoomen. Heerlijk om mijn armen weer uit te moeten spreiden bij  ’t op de ezel zetten van doeken. En heerlijk om me daar in grotere gebaren op uit te leven.

hoekje in mijn atelier nu, met mixed media werken uit The 70-Series
idem met olieverven

Maar er zijn nog voldoende 70’s over om op Sinterklaasdag 5 december goed te kunnen uitpakken. In combinatie met wat grotere olieverven en mijn recente keramiek.  Na de eerste presentatie daarvan in november kon ik ’s avonds toch wat moeilijker zitten. Vanwege al die veren in m’n ……, ach, je weet wel. ’t Is dus een echte cadeau-tentoonstelling, al zeg ik dat zelf.

deel van de keramiek
en wil je ze niet afgesneden zien, zoals op de foto, dan ben je van harte welkom

Nou is 5 december natuurlijk wel een speciale dag waarop die heilige met zijn hoge mijter en lange staf ook nog wel eens wat aandacht zou kunnen trekken. Dus mocht ’t zondag slecht uitkomen, geen probleem. Gewoon een mailtje naar toosvanholstein@xs4all.nl en de afspraak voor een persoonlijk atelierbezoek aan de Korendijk 56 is snel gemaakt. Wel zo rustig ook. Want die sluitingstijd van 17 uur gold voor de route altijd al, maar verder probeer ik me vanzelfsprekend ook aan de andere nieuwe coronamaatregelen te houden.

nog een olieverf uit The 70-Series

Tot volgende week.

TOOS

Geen drieluik maar een driebord en meer wereldpremières


Koud tijdens die tien kunstdagen in een niet verwarmde ouwe koeienstal bij de goed bezochte Kunst10Daagse in het Noord-Hollandse Bergen (zie aflevering vorige week)? Hoe kom je erbij! Gewoon een beetje harden. Daardoor was  het inpakken en laden met een ritje terug van twee en een half uur naar Middelburg een zacht eitje.

nog een beeld van de voorbije K10D in Bergen

 Maar na alle succes zelfvoldaan in een makkelijke stoel neerzijgen bij de verwarming om bij te komen en op te warmen? Nee, nog even niet. Want komende zondag 7 november wacht al weer een heel speciale aflevering van onze Kunst en Cultuurroute Middelburg, de KCM (https://kunstroutemiddelburg.nl/). Zoals altijd op de 1e zondag van de maand van 13-17 uur, nu met het thema Poëzie. En dat wordt niet zomaar een doorsnee zondagmiddagje. Want naast optredende dichters elders word je in mijn pakhuis/atelier (Korendijk 56) getrakteerd op twee ware wereldpremières! Rond een nieuwe poëziebundel en ‘poëtische keramiek’.

Regelmatige lezers van dit blog zal ’t niet zijn ontgaan dat ik in september/oktober een flink aantal weken in het Italiaanse Gubbio doorbracht. Een prachtige middeleeuwse keramiekstad in Umbrië. Dat valt hier na te lezen.

bezig in Gubbio

Van de daar door mij beschilderde borden en vazen ging er een flink aantal mee in de auto naar Middelburg. Goed ingepakt en voorzichtig gestapeld. Allicht, nogal breekbaar spul. Heel gevoelig voor de Italiaanse wegen die, voorzichtig uitgedrukt, niet altijd in optimale staat verkeren! Dus maakte mijn hart een gelukkig huppeltje  toen alles goed bleek te zijn overgekomen. Zelfs geen schrammetje, laat staan breuk, te bekennen. Vandaar die eerste wereldpremière. Want mijn keramiek ga ik nu zondag tonen. Voor de allereerste keer! Niemand heeft er nog een blik op mogen werpen. Behalve dan bij het bord dat ik al op de social media en in zowel mijn blog als mijn recente Nieuwsbrief toonde.

Inferno, keramiek
met ook nog een beschilderde achterkant

Inferno, geïnspireerd door de Divina Commedia van Dante. Maar die Divina is natuurlijk wel opgebouwd uit drie delen: Inferno, Purgatorio en Paradiso (Hel, Purgatorium en Paradijs). Dus heb ik er maar gelijk een drieluik van gemaakt. Alhoewel, is driebord niet een veel origineler benaming? Hieronder het Paradiso-bord.

Maar er is veel meer. Zoals bijvoorbeeld deze eenzijdig gefotografeerde vaas.

De andere kanten? Gewoon langskomen om er een pirouette omheen te draaien. En natuurlijk de rest te bekijken. Daarover ga ik je hier niet wijzer maken.

Maar door dat thema Poëzie is er nog meer in de aanbieding. Nog een wereldpremière namelijk! Het uitkomen van de dichtbundel ‘Zeebries’ van de Middelburgse dichter Tanja Harpe.

Tanja Harpe

Hoe dat zit? Nou, zo! Ik ken Tanja al een aantal jaren en mocht in 2017 de voorkant van haar derde dichtbundel ‘Zee-Kracht’ sieren met mijn schilderij ‘Rolling over’.

de poëziebundel Zee-Kracht met mijn ‘Rolling over op de omslag

Dat de presentatie van die bundel toen ook  in mijn atelier plaatsvond? Logisch toch! Het werd destijds zo’n leuke happening dat Tanja vond dat haar vierde bundel ‘Zeebries’ ook weer in mijn atelier ten doop moest worden gehouden. Ik had totaal geen reden dat tegen te spreken.

Om 14 en 16 uur zal ze er een aantal gedichten uit voordragen en kun je Tanja ongetwijfeld een opdracht in die nieuwe bundel laten schrijven, mocht je er een aan willen schaffen. En natuurlijk wordt er een feestje omheen gebouwd.

Eigenlijk is ’t die middag een en al poëzie, zo bedacht ik me. Want vormen die door mij beschilderde keramische voorwerpen niet een soort gedichten in beelden? Ga maar na. Als je mijn olieverfschilderijen beschouwt als  romans, kun je mijn aquarellen zien als novellen en mijn tekeningen als korte verhalen.  Dus onder welke noemer valt dan mijn beschilderde keramiek? Juist ja, gedichten. ‘Poëtische keramiek’ zogezegd. Tot volgende week.

TOOS

Dante en de Magie van Epoxy


atelier ‘Holstein’ aan de Korendijk 56 in Middelburg

Wil je een wereldpremière meemaken? Helemaal gratis? Voor ’t eerst in mijn leven ga ik publiekelijk voordragen uit de Divina Commedia van Alighieri, Dante Alighieri. Op zondag 2 mei.

Hoe dat zit? Nou, de landelijk bekende grote boekenmarkt die voor die dag was gepland in Middelburg gaat niet door. Reden voor een aantal deelnemers  aan de Kunst en Cultuurroute om dan zelf maar het boek centraal te stellen. Zelfs ook nog oraal.

affiche met daarop vermeld de ateliers waar wordt voorgelezen

We starten namelijk weer. Een half jaar lang hield ik de twee grote glazen toegangsdeuren naar mijn atelier potjedicht. Coronagedwongen. Vorig jaar 6 december stonden ze voor het laatst open tijdens de maandelijkse kunstroute in Middelburg. En nu ‘gooi’ ik ze weer open. Eindelijk, eindelijk! Op 2 mei dus, de 1e zondag van de nieuwe maand, van 1 tot 5 uur. Wel voorwaardelijk, want er gelden natuurlijk nog steeds die niet altijd even makkelijk te doorgronden coronaregels. Want waarom mocht er eind vorig jaar in winkels nog één bezoeker binnen per 10m2 en is dat nu 25m2 geworden? Ra ra! En waarom wordt van regeringswege een nieuwe broek veel belangrijker geacht dan het geestelijk voedsel dat te verkrijgen is in de nog steeds gedwongen gesloten bibliotheken en musea? Zeg ’t maar.

bibliotheken dicht, maar hier zijn de plaatsen waar aandacht aan boeken en grafiek wordt gegeven

Oké, de kunstroute. Hoe is dat gezegde ook al weer? ‘In mei leggen alle vogeltjes een ei, behalve de koekoek en de griet, die leggen in de meimaand niet’. Nou, ik heb in de maanden hiervoor al vast maar wat eieren gelegd. Kunsteien. En daar mag nu best iets van worden getoond. Samen met Dante en zijn Divina Commedia. Voor mij een logische combinatie gezien dat boeken-thema bij de route. En gezien mijn blogs van 8 en van 15 april. Over Dante700 en mijn persoonlijke mijmeringen bij en kunstuitingen naar aanleiding van dit al zeven eeuwen lang beroemdste boek uit de Italiaanse literatuur. Daar kan onze eigenste Vondel in de verste verte niet aan tippen. Maar eerst die nieuwe kunsteien.

één van die nieuwe kunsteien

Trouwe lezers van TOOS&ART weten wat ik bedoel met de actie ‘Kunstbezorgd.nl’. Weet je ’t niet, dan kun je hier je achterstallig onderhoud bijspijkeren. Het leek me best interessant om voort te borduren op dat idee van die reeks mixed media kunstwerken op dun aluminiumplaat van A4-formaat. Een reeks die ik uiteindelijk mijn ‘XX-XX Serie’ doopte en waarvan ik nu een prachtige, 32 pagina’s dikke brochure in mijn atelier beschikbaar heb voor liefhebbers.

voorkant van die brochure

Waarom zou ik me niet eens buiten die beperking van A4 begeven? Dus heb ik enkele werken uit die ‘XX-XX Serie’ door het mij zo vertrouwde ZWF in Bolsward laten aanbrengen op platen van alu dibond van 70 bij 100 cm. En daar ben ik toen weer verder op gaan doorschilderen. Zelf vind ik ze heel geslaagd geworden. Maar ja, hoe objectief ben ik hierbij in te schatten? Ook bedacht ik me dat het laten aanbrengen van een epoxylaag op zo’n kunstwerk best het experiment waard kon zijn. Epoxy, een uit twee componenten gemaakte doorzichtige en keiharde hars, zorgt namelijk voor een magisch lichteffect. Kleuren komen ineens nog helderder en sprankelender over terwijl er ook een groot diepte-effect ontstaat. Ik kan dat nu wel zo beschrijven, maar je moet die magie echt in werkelijkheid zien om te begrijpen wat ik bedoel. Dus hangen er nu diverse van die nieuwe mixed media schilderijen op alu dibond, met en zonder epoxy, in mijn atelier. Tezamen met mijn Divina Commedia olieverven en zeefdrukken. En met natuurlijk op tafel een dik volume van De  Goddelijke Komedie zelf. Weet je wel,die wereldpremière?

een paar van mijn ‘Dante-schilderijen’

Kijk maar eens op https://kunstroutemiddelburg.nl/activiteiten/33-middelburg-boekenstad. Daar vind je alle extra boekactiviteiten die plaatsvinden bij de deelnemers. Zelf geef ik om 2, 3 en 4 uur bij mij voor die grote glazen toegangsdeuren acte de présence met dat voorlezen uit De Goddelijke Komedie. Ten minste, als ik niet alleen voor mijzelf hoef te gaan staan oreren.

En binnen? Die nieuwe mixed media’s met en zonder epoxy naast nieuwe olieverfschilderijen en mijn Dante-werken. Verder natuurlijk ook de zeefdrukken die ik maakte voor de Franstalige La Divine Comédie in samenwerking met Galerie Quadrige in Nice en uitgeverij La Diane Française.  

Oh ja, ik ben je ook nog de verklaring schuldig van deze foto waarmee ik twee weken geleden eindigde.

Nou, komende keer dan maar. Tot volgende week.

TOOS

Mythe, Magie en Mystiek, het Kunstenaarsatelier leent zich er wel voor (III)


Van de Rijksmuseumse Eregalerij vorige keer terug naar mijn belofte over die eenzame monnik aan zijn lessenaar in de week daarvoor. Want die plotsklapse actualiteit van de Gouden Eeuwse vrouwelijke kunstenaars die eindelijk, eindelijk hun eigen plek kregen in de Eregalerij drong zich er even tussen.  Nu verder met mijn schrijfsels over de plek waar toch ook die vrouwen hun schilderijen maakten: het kunstenaarsatelier. Met bijbehorende geschiedenissen en persoonlijke ervaringen. Met de mythen, de magie en de legenden die er vaak aan de haren bij worden gesleept. En met ook mijn eigen werkplekken. In zowel Middelburg als Nice.

bezig in mijn atelier in Nice
het Palais Venise in Nice met op de 1e etage achter de witte balustrade en de draaimolen mijn atelier

Zeg nou zelf, is dat atelier in Nice zoiets speciaals? Een doodgewone kamer in een trois pièces, een driekamer appartement. Maar dan wel in het heerlijk barokke Palais Venise. Alleen de naam al! ’t Is een plek waar ik me heel goed thuis voel. Waar ik me als een monnik kan terugtrekken in mijn cel en me kan afsluiten van de drukte in Nederland. Waar ik de Mediterrané en de beroemde Promenade des Anglais heel dichtbij weet en waar ik helemaal tot rust kan komen. Maar waar ik dus door dat rottige virus nu al een heel jaar niet heen heb gekund. Lees hier maar eens terug hoe ik er vorig jaar maart weg moest vluchten.

illustratie uit de 11e eeuw, gemaakt in de abdij van Echternach
monnik in het scriptorium

Goed, die plaatjes met monniken. Die doen daar wat ik in Nice ook zo graag in alle rust en stilte doe. Gewoon lekker bezig zijn. Zij vooral met het nijver overschrijven en kalligraferen van teksten. Want de boekdrukkunst?  Die liet in die periode van de Middeleeuwen nog honderden jaren op zich wachten. Waar komt, dacht je, de uitdrukking ‘dat is monnikenwerk’ vandaan? Juist, ja! Maar al die ter ere van God beschreven perkamenten bladen werden ook regelmatig verluchtigd met miniaturen. Van heel eenvoudig tot meer kunstzinnig.

al veel mooier, een afbeelding vermoedelijk gemaakt door de beroemde Jan van Eyck rond 1420

Een twee-eenheid tussen tekst en verklarend plaatje. Op die manier werd het scriptorium mee ook een atelier. Simpel weliswaar, maar wel een voorloper van de veel latere schildersateliers.

Maar hoe zat ’t nu eigenlijk ver voor de Middeleeuwen? In de Griekse Oudheid en het Romeinse rijk. Want die hadden toch ook hun kunstenaars. En wat voor! Kijk maar.

Weten we ook iets van hun ateliers? Zoals van de legendarische schilder Apelles of de befaamde beeldhouwer Phidias. Het korte antwoord is, voor zover ik weet, nee. Wel kennen we het prachtige verhaal van de mythische Pygmalion. Die beeldhouwde een zo perfect marmeren beeld van het vrouwelijk lichaam dat hij er zelfs heimelijk verliefd op werd. Gelukkig was daar Aphrodite, de godin van de liefde. Met haar hulp kon hij het beeld tot leven brengen door het zacht op de lippen te kussen. Een moment dat Jean-Léon Gérôme (1824-1904) prachtig verbeeldde.

Maar of hij het beeldhouwatelier historisch een beetje correct heeft weergegeven? Slechte vraag natuurlijk bij deze zeer persoonlijke, romantische 19e eeuwse interpretatie. Pygmalion en zijn Galatea leefden in ieder geval nog lang en gelukkig. Maar dat dit verhaal in de middeleeuwen aanleiding was om dan maar te veronderstellen dat de perfecte vrouwelijkheid alleen kon bestaan dankzij de mannelijke scheppingskracht? Vast eenzijdig denkende mannen die dit idee kregen.

Ook die legendarische Apelles (370-306 v.C.) heeft heel wat kunstzinnige inspiratie op zijn geweten. Maar ja, hij werd in het Romeinse rijk dan ook gezien als de grootste schilder aller tijden. Dankzij beschrijvingen van Plinius de Oudere in zijn Naturalis Historia weten we het nodige over hem en zijn schilderijen. Waarvan niets is overgebleven. Wel zou onderstaande muurschildering uit Pompeï gebaseerd zijn op zijn schilderij ‘Venus Anadyomene’ (Venus oprijzend uit de zee) dat ooit in bezit was geraakt van keizer Augustus.

Een geweldig verhaal over Apelles heeft veel en veel later trouwens nog heel wat kunstwerken door anderen opgeleverd.

Jan Wierix, Apelles en Alexander de Grote

Zo zou Alexander de Grote hem opdracht hebben gegeven om een naaktportret te maken van Campasne, een belangrijke minnares van onze wereldveroveraar. Maar wat gebeurt er? Tijdens het poseren wordt Apelles straalverliefd op Campasne. Als Alexander dit te weten komt en weer op bezoek gaat in het atelier is hij zo sterk onder de indruk van het portret dat hij subiet zijn minnares schenkt aan Apelles als tegenprestatie voor dat schilderij. Of Campasne hierover iets te zeggen had? Goeie vraag! En of het geschetste atelier hier wel klopt? Kleine kans, schat ik zo in. Maar ’t kan nog veel erger.

Willem van Haecht (II), Alexander de Grote bezoekt het atelier van Apelles, in bezit van het Mauritshuis

Ja, ook hier wordt Apelles’ atelier verbeeld.  Kijk maar linksonder waar hij een in dit geval min of meer keurig gekleed poserende Campasne op het doek zet terwijl Alexander in extase toekijkt.

Volgende keer meer over dit curieuze schilderij en andersoortige atelierverhalen. Of? Nee, toch eerst maar Dante700. Tot volgende week.

TOOS

Kandinsky en Toos van Holstein, nu beiden met het etiket ‘roofkunst’


Roofkunst is van alle tijden. De Romeinen, Napoleon en het naziregime konden er wat van. Maar dat ik er persoonlijk nog eens mee te maken zou krijgen? Nee, nee, zelf heb ik niks via oneigenlijke kanalen verkregen. Aub niet.Maar sinds kort heeft iemand anders juist wel illegaal kunst van mij verworven. Door op kunstrooftocht te gaan. Wie? Geen idee. Waar? Hier.

Op die lege plek aan de Loskade in Middelburg. Enkele maanden geleden omgetoverd in de Boulevard van Schoonheid en Troost. Prachtige naam, nietwaar? Zeker in deze carrouselachtige coronatijden en donk’re dagen voor Kerst. Ik schreef er hier al eens over.

voor de roof

Maar nu is mijn bijdrage dus weg. Foetsie, verdwenen, pleite, gewoon gejat. Door iemand die absoluut niet toevallig het juiste gereedschap bij zich had. Want, dat moet gezegd, ’t is keurig gedaan. Toen ik vorige week vanaf station Middelburg langs de, in politiejargon, ‘plaats delict’ liep en even speurde naar mijn kunstwerk bleek dat gevlogen. Gelukkig de enige in de hele rij van 25 van de Boulevard. Dat riep een achtbaan aan emoties op. Je kent dat wel, geef op een schaal van 1 tot 10 aan wat je ergens van vindt. Nou, aan één getal had ik echt niet genoeg. ’t Liep van ‘ze moeten met hun vieze poten van kunst in de openbare ruimte afblijven’, walgelijke wandaad, toch ook verdriet, ‘die rover/roofster moet (nooit de emancipatie uitsluiten) toch wel een grote fan van mij zijn’ tot ‘goh, mijn kunst is blijkbaar het stelen waard’. Van min naar plus dus. Want zo houdt levensgezel mij dat altijd voor: Toos, zorg ervoor dat je het glas altijd halfvol ziet.

Daardoor leverde het toch maar mooi een bericht op in onze PZC. Voor de niet-Zeeuwen onder ons, de Provinciale Zeeuwse Courant. Eén van de oudste dagbladen van Nederland. O zo!

het artikel in de PZC

Eigenlijk ben ik er wel heel nieuwsgierig naar waar mijn bijdrage aan de Boulevard van Schoonheid en Troost nu verkeert. Ergens aan een muur aan een spijker? Misschien zelfs al in een mooie lijst? Waar de illegale eigenaar dan ’s avonds verlekkerd naar zijn/haar verlichte roofkunst zit te kijken? De titel daarvan is, achteraf gezien, trouwens wel heel symbolisch. ‘In afwachting’. We weten nu waarvan.

in mijn atelier bezig aan ‘In afwachting’

Nu is roofkunst natuurlijk van alle tijden. De oude Romeinen konden al niet nalaten geroofde kunst uit overwonnen gebieden bij hun triomfantelijke zegetochten in Rome in volle pracht en praal den volke te tonen. En Napoleon maakte het zelfs tot een standaardonderdeel van zijn veldtochten. Hoe dacht je dat het Louvre één van de grootste, zo niet het grootste museum ter wereld is geworden? Vanuit Duitsland, Oostenrijk, Spanje, Italië, de Zuidelijke en Noordelijke Nederlanden, overal vandaan werd belangrijke kunst naar Parijs gesleept. Van Rembrandt tot Rubens, van Het Lam Gods van Van Eyck tot Antoon van Dyck, van Holbein tot de bronzen paarden op de San Marco basiliek in Venetië. Niets ontglipte aan de gretige grijpvingers van de grote Bonaparte. Ook in 1795 niet de uitgebreide kunstverzameling van onze stadhouder Willem V. Maar na Napoleons nederlaag kwam uiteindelijk ook veel weer terug. Zoals in 1815 die collectie van Willem V. Was onze eigenste Stier van Potter toch maar weer mooi in Nederland.

Danker van Valkenburg, Het transport van de schilderijen van de stadhouder, 14 november 1815, 1839. Gemeentearchief Den Haag

Best interessant om die gebeurtenis op bovenstaand schilderij te zien afgebeeld. En uiteindelijk hebben we daar nu ons Mauritshuis als museum aan te danken. Want allerlei schilderijen die er nu hangen, bevonden zich op die wagens die vanuit Parijs terugreden naar Den Haag.

Paulus Potter, De stier

En tegenwoordig? Sla de kranten van vorige week er maar op na. Kandinsky en zijn ‘Bild mit Haüsern’,  in bezit van het Stedelijk Museum, zijn helemaal hot. Is ’t nou wel of geen nazi-roofkunst uit de Tweede Wereldoorlog?

Kandinsky, Bild mit Haüsern

Het Stedelijk mag het uiteindelijk na jarenlang procederen door drie nazaten van de oorspronkelijke eigenaar toch houden. Tot hun spijt natuurlijk. Want, zo las ik, ze hadden de miljoenenbuit blijkbaar onderling al netjes in percentages verdeeld.

Amerikaanse soldaten van de speciale eenheid die moest zoeken naar naziroofkunst. Hierop is de interessante film ‘The Monuments Men’ gebaseerd

Dat gaat, vermoed ik zomaar, mijn geroofde replica van ‘In afwachting’ beslist niet opbrengen. Waar de echte zich bevindt? Dat weet ik wel maar zeg ik lekker niet. Je weet maar nooit. Wat ik ook weet is dat er zonder veel tamtam een tweede Boulevard van Schoonheid en Troost is geopend. Nu in Vlissingen. Niet aan de echte zeeboulevard, maar in Kunstpark Vlissingen. Een wat afgelegen liggende locatie. Eigenlijk wel jammer.

Kunstpark Vlissingen met een van de onderdelen van de Boulevard van Schoonheid en Troost daar

Tot volgende week.

TOOS

De kunstzinnige keerzijden van corona


Daar sta ik zomaar met mijn naam en bovenstaande atelierfoto tussen wereldwijd bekende kunstenaars als Ai Wei Wei, Paul McCarthy, Andres Serrano en David Lynch. En staat er ook zomaar een video met mijn Venetië-schilderijen op YouTube. Waardoor? Gewoon,door dat Covid-19 pluizebolletje.

Riva, één van mijn ‘Venetië-schilderijen’

’t Is natuurlijk overduidelijk dat corona ziek maakt en soms heel erg, dat corona dodelijk kan zijn en dat corona onze maatschappij ontwricht op een ongekende manier. Maar juist daardoor boort ons menselijk brein nieuwe mogelijkheden aan. Het borrelt overal van inventiviteit, oorspronkelijke ideeën en out of the box denken. Met allerlei onvoorspelbare ontwikkelingen tot gevolg. Zeker ook in de zwaar getroffen culturele sector. Of, beter gezegd, juist in de culturele sector. Als iets daar belangrijk is dan is ’t wel creativiteit. Een paar voorbeelden maakte ik de afgelopen weken zelf mee. Zoals dus dat met mijn naam in combinatie met die atelierfoto en dat met Venetië. Mijn lievelingsstad. Maar ook die van Han de Kluijver. Wie? Dat leg ik uit.

’t Begon met een onverwacht mailtje. Van die mij bekende Han de Kluijver. Niet alleen de bezitter van een ‘Toos’, maar daarnaast beroepsmatig bezig als architect en als kunstkompaan met prachtig grote glasobjecten.

glasobject van Han de Kluijver

Wat bleek uit de mail? Han was ook nog van de muziek. En die hobby had hij weer wat uitgebreider opgepakt in deze coronatijd. Hij kon nu toch niet naar Tsjechië of naar Venetië, de plekken waar hij regelmatig verkeert om zijn glasobjecten te laten gieten. Dat betekende dus meer vrije tijd! Tijd om met een aantal vrienden weer eens muziek te maken. Zo waren ze bezig met de opname van een nieuw nummer, ‘Mijn Stad’. En dat nummer wilde Han graag ondersteund zien met een video gebaseerd op mijn Venetië-schilderijen. Zo kwam dus van ’t een ’t ander met onderstaand resultaat.

Je kunt, denk ik, rustig stellen dat zonder de corona-lockdowns dit niet nu gebeurd zou zijn. Net zoals bij die atelierfoto. Ook het gevolg van een mailtje van enkele weken geleden. Maar nu van een mij geheel onbekende André Smits. Of hij van mij een foto mocht maken in mijn atelier. Met mijn rug naar hem toegekeerd. Want dat deed hij als project al sinds 2008 over de hele wereld. Beeldend kunstenaars, galeristen, museumdirecteuren en meer kunstbetrokken mensen van allerlei pluimage op die manier fotograferen in hun eigen kunstomgeving.  Op zijn site www.artistintheworld.com kon ik de resultaten bekijken.

willekeurig voorbeeld van zo’n atelierfoto in New York

En daar trof ik ze dus, die al genoemde beroemdheden. Ai Wei Wei, waar kom je hem tegenwoordig niet tegen. Paul McCarthy, die van het beruchte beeld in Rotterdam dat in de volksmond de naam Kabouter Buttplug kreeg. Andres Serrano, nogal controversieel door zijn crucifix foto’s en erotisch getinte ensceneringen. En David Lynch, regisseur van o.a. de tv-cultserie Twin Peaks maar ook beeldend kunstenaar.

foto gemaakt in 2017 op een wijndomein in Zuid Frankrijk, met een symbolische installatie van Ai Wei Wei (een Romeinse heirbaan)
Kabouter Buttplug in Rotterdam, gemaakt door Paul McCarthy
atelier van Andres Serrano, uit de serie van André Smits
voorbeeld van de kunst van David Lynch

Niet onaardig toch om daar tussen te staan? Nadat André zijn fotoshoot had gedaan, zaten we natuurlijk nog wat na te kletsen. ’t Bleek dat hij, ook al weer door al die  lockdowns, noodgedwongen tijdelijk in Zeeuws-Vlaanderen was neergestreken. In een kraakvrij pand. Even niks geen hop-hop naar overal. Nee, gewoon Zeeland en omstreken als habitat. Maar hoe kom je daar dan aan te fotograferen kunstenaars? Nou, dan blader je door het in september verschenen eindnummer van het Zeeuwse kunstblad Decreet, neemt contact op met de redacteur en verkrijgt zo emailadressen van de kunstenaars daarin. Over Decreet schreef ik al eens omdat ik er ook van mij een kunstwerk in staat. Lees en kijk hier maar.

Toos van Holstein,’ In afwachting’ (mixed media op aluminiumplaat), gepubliceerd in Decreet

Daardoor komt er nu onverwacht een aantal Zeeuwse kunstenaars, waaronder ene Toos van Holstein, voor onder de duizenden andere namen die André sinds 2008 al ‘verzamelde’. Want daar moet ik natuurlijk wel eerlijk in zijn. Ik sta dan nu wel tussen diverse beroemdheden, maar ook bij ontiegelijk veel onberoemdheden. Hoe dan ook, leuk blijft ‘t, die onverwacht positieve gevolgen van Covid-19. Zoals ook Kunstbezorgd.nl, dat initiatief van CBK Zeeland waarover ik al eerder schreef. Tot volgende week.

TOOS

Mijn atelier en het tv-programma ‘Vier Handen op Eén Buik’


atelier Toos van Holstein in Middelburg

Afgelopen maandag kreeg ik een telefoontje. ‘Die’ specifieke uitzending van ‘Vier handen op Eén Buik’ gaat op dinsdagavond 15 december worden uitgezonden. Wat dan dat ‘die’ inhoudt?

’t Is al weer wat maanden geleden dat een televisieploeg neerstreek in mijn Middelburgse atelier.

die televisie ploeg in mijn atelier

Een paar weken ervoor had ik een mailtje gekregen met het verzoek of die ruimte mocht worden gebruikt voor opnamen van een aflevering van de nieuwe serie van ‘Vier handen op Eén Buik’. Het bekende programma waarin een vrouwelijke BN’er, zelf moeder, een poos lang als klankbord en praatpaal een vaak nog heel jonge, zwangere vrouw begeleidt. Jonge vrouwen die in hun nog korte bestaan al meer schrijnende en gecompliceerde ervaringen hebben meegemaakt dan de meesten van ons in hun hele leven zullen doen.

Via via was de organisatie bij mij terecht gekomen: ‘jouw fotogenieke atelier lijkt ons heel geschikt voor bepaalde opnamen’. Wie ben ik dan om dat tegen te spreken! Karin Bloemen was in die aflevering de BN’er. Ook leuk natuurlijk. In Op1 vertelde ze een paar weken geleden: “Ik vind het heel mooi om te laten zien dat alle foute aannames die je hebt over jonge vrouwen die zwanger zijn, niet altijd kloppen. Ze staan heel bewust in het leven”. Kijk hier maar voor dat interview (hieronder een foto daarvan).

Bij het telefonisch voorgesprek bleek dat Karin’s zus,een beeldend kunstenaar, in kunstzinnig opzicht een rol speelde bij de begeleiding van de jonge hoofdpersoon en dat daarvoor mijn atelier nodig was.. Nou, dacht ik, laat het allemaal maar over me komen, ik zie wel hoe ’t uitwerkt.

Uiteindelijk streek er op een zomerse dag in juli een achtkoppig gezelschap neer in mijn atelier. Hoofdpersoon en tienermoeder Nikita met haar baby, Karin Bloemen en haar zus, de regisseur en de opperregelaar, de filmer en de belichtings/geluidsman.

met Karin Bloemen en Nikita voor mijn oude pakhuis uit 1738
overleg over de inrichting van het atelier

de kleinste van het gezelschap in het centrum van de belangstelling

Logisch natuurlijk dat ik met iedereen wel een praatje heb gemaakt. Maar verder ben ik bij die opnames niet betrokken geweest en heb ik me bescheiden terug getrokken in mijn woongedeelte. Tot de vraag kwam van ‘Toos, die verdiept liggende tuin direct achter dat platje bij jou, kunnen we daar ook filmen?’. Die zou namelijk mooi gebruikt kunnen worden voor de bijbehorende en te filmen nabespreking met Nikita. Maar daarvoor moest ik mijn buren vragen. Want al lijkt die tuin bij mijn pakhuis te behoren, de praktijk is anders. Ik kan er heerlijk op uit kijken en van genieten, maar hoef er totaal geen onderhoud aan te plegen. Dat moeten die buren als eigenaar doen. Best wel ideaal!

Uiteindelijk hebben zij dus ook nog hun aandeel geleverd aan deze aflevering. Te zien aanstaande dinsdag 15 december om 20.25 uur op NPO3. Hoe die tuin daarin gaat voorkomen? En hoe mijn atelier in beeld komt? En of nog ergens vermeld wordt dat dit het atelier van ene Toos van Holstein in Middelburg is? Driemaal geen idee! Wel is zeker dat ik ga kijken. Dat ’t na afloop van de opnames nog heel gezellig was met Karin Bloemen is ook een ding dat zeker is. Tot volgende week.

TOOS

Een Veerse Vloot van vijfentwintig Vliegende Hollanders


de Grote Kerk van Veere

Is een kerk zonder kerkmeester eigenlijk nog wel een kerk te noemen? Of is het dan alleen nog maar een kerkgebouw? En stel dat een kerkgebouw weer een kerkmeester krijgt, is ’t dan gelijk weer een kerk? Rare gedachtefratsen? Nou, lees maar verder. Dit kwam onlangs spelenderwijs in me op door een kunstgebeurtenis in de Grote Kerk van Veere. Een majestueus middeleeuws bouwwerk dat én Veere én de wijde omgeving  be- en overheerst. Eigenlijk vele maten te groot voor het huidige stadje.

uitzicht over Veere vanuit de toren

Iedereen die Veere kent, zal dat kunnen beamen. En een ieder die Veere niet kent, moet er dan maar eens snel heen. Om in die Grote Kerk de expositie ‘Ex Voto’ te ervaren. Maar ga vooraf eerst wel naar het Museum Veere in de Schotse Huizen. Met als bonus op hetzelfde toegangskaartje ook nog dat prachtige laat gotische stadhuis (met er tegenover mijn reddersmonument). Daar krijg je wel verklaard waarom Veere ooit zo welvarend was dat het zich zo’n overmaatse  Grote Kerk kon veroorloven. Bekijk als voorproefje maar de video van MuseumTV over die Schotse Huizen en het stadhuis.

En dan dus die Grote Kerk die al heel lang geen kerk meer is. Maar wel een gigagrote geen-kerk. Nog steeds. Ook al hebben ze in de middeleeuwen die toren nooit tot de geplande 100 meter hoogte afgebouwd. Ook al zijn de uitgebreide begraafplaatsen er omheen verdwenen. En ook al hebben ze in de 19e eeuw de grote Noordbeuk afgebroken om de stenen ervan te kunnen verkopen omdat Veere in die tijd zo arm was als een kerkrat.  Maar dat zijn andere verhalen.

De laatste tientallen jaren wordt met vallen en opstaan geprobeerd de Grote Kerk tot een belangrijk cultureel centrum van Zeeland te maken. Met de permanente multimediale ‘Experience’ van de geschiedenis van de kerk naast onder andere muziekuitvoeringen en exposities. Zo hing er een aantal jaren geleden een paar keer werk van mij op groepstentoonstellingen met Zeeuwse kunstenaars.

Maar nu zat ik er in oktober op uitnodiging voor een heel speciale opening.  In een vanwege de coronaregels tot maar dertig personen beperkt publiek. Een nietig plukje mensen onder dat immense gewelf van het middenschip. Een gewelf waarin de dagen daarvoor schepen de lucht in waar gezeild. Gemaakt van allerlei kleuren kaarsvet en wax. Door Folkert de Jong. Een kunstenaar die ik een poos geleden persoonlijk leerde kennen maar van wie ik al ver daarvoor een intrigerende kunstinstallatie had bewonderd in het Kunstmuseum Den Haag. Om een paar jaar daarna soortgelijke beelden uit die installatie terug te zien op de grote jaarlijkse kunstbeurs in Keulen. En die nog weer wat jaren later bij de Oostkerk in Middelburg een groep beelden mocht plaatsen. Dat in het kader van de tweede editie van de grote kunstmanifestatie  Façade, georganiseerd door het CBK Zeeland.

2012, installatie ‘Anatomie’ van Folkert de Jong in het Kunstmuseum Den Haag
2014, beelden van Folkert de Jong op de kunstbeurs van Keulen
2017, beeld van Folkert de Jong bij de Oostkerk in Middelburg

Datzelfde CBK had nu Folkert de Jong gevraagd om kerkmeester te worden in Veere. Daar is ie dan, die kerkmeester! Niet zomaar een gewone kerkmeester trouwens. Nee, je wordt dat alleen als je in de kerk een expositie realiseert en blijft dat slechts voor de tentoonstellingsduur. In dit geval tot 28 februari volgend jaar. Maar hoe eigen je je die immense ruimte toe? Hoe maak je daar iets dat niet gelijk in nietigheid weg valt? Dat deed hij met 25 schepen van zo’n anderhalve meter lang, gecreëerd uit allerlei soorten kaarsvet. Die zweven daar nu als een luchtvloot onder de naam ‘Ex Voto’. Echt prachtig.

vlak voor de opening samen met Kathrin Ginsberg, directeur van het CBK Zeeland
Folkert de Jong heeft de erestaf, behorend bij het kerkmeesterschap, in ontvangst genomen
na de opening even bijpraten met Folkert
enkele van die schepen

Natuurlijk zit er een hele filosofie achter die schepen, maar die kan Folkert het beste zelf vertellen in deze video.

Heerlijk lijkt me dat. Je mogen uitleven in zo’n immense ruimte met zo’n eeuwenlange geschiedenis en met zoveel verhalen. In 2011 heb ik zelf al zoiets kunnen doen bij mijn grote tentoonstelling ‘TOOS’ in de krochten van Fort Rammekens bij Ritthem. Aan de monding van de Westerschelde. Ik zie al helemaal voor me hoe ik dat met de ervaring van toen nu zou kunnen doen in Veere. Ach, een mens moet af en toe gewoon lekker kunnen dromen. Ik ben trouwens best benieuwd naar je ‘experience’, zoals dat tegenwoordig heet, van en in de Grote Kerk. Tot volgende week.

TOOS

(Van) Holsteinse lijntjes naar Oom Piet, de Zeeuwse Jopie Huisman en Jopie Huisman, de Zeeuwse Piet Rijken


de Schotse Huizen in Veere, onderdeel van Museum Veere

Mijn Middelburgse oom Piet schildert ook! Zo vertelde een collega van levensgezel alweer jaren geleden. Maar ’t kwam er niet van om daar dieper op in te gaan. Later wel,een keer bij die collega thuis. Daar hing namelijk een werk van oom Piet. Een goed geschilderd stilleven. Dat zich daarbij later een ‘Toos’ heeft gevoegd, een opdracht van die collega, is natuurlijk heel leuk. Zomaar een (van) Holsteins lijntje naar de kunst van Piet Rijken (1915-2001), tegenwoordig eigenlijk alleen nog wereldberoemd in Zeeland. En dat vind ik onterecht. Zo zag ik recent bij de nog tot 8 november durende tentoonstelling ‘Verfijnd verleden’ in de Schotse Huizen in Veere. Een expositie gewijd aan ‘oom Piet’. Tot mijn schande had ik van hem nog nooit een overzichtstentoonstelling kunnen bezoeken. Zoals de laatste grote nog tijdens zijn leven in 1995 in het Zeeuws Museum. Maar nu was de gelegenheid daar, zeker ook omdat nog een paar andere zaken me naar Veere brachten. Zoals de nieuwe ‘kerkmeester’ van de Grote Kerk, dat alles overheersende bouwwerk in het stadje, en een persoonlijke inspectie van mijn ‘Reddersmonument’ daar. Kerkmeester en Reddersmonument? Jazekers! Maar dat zijn komende verhalen.

Eerst Piet Rijken. Met die expositie in de prachtige middeleeuwse Schotse Huizen. Gecombineerde Hollandse en Schotse pracht aan de Kaai. Daar waar ’t eeuwen geleden wemelde van Schotse handelslui, Schotse vrachtschepen en Schotse dukaten. De verklaring daarvan? Het zogenaamde Schotse stapelrecht. Maar een verhaal daarover komt misschien nog wel eens.

beelden uit de rijke middeleeuwse periode van Veere in de Schotse Huizen

Een paar van de zalen op de 1e etage in die grote Schotse Huizen, onderdeel van Museum Veere, zijn nu geheel gewijd aan Piet Rijken. Te beginnen met een prachtig groot schilderij op de begane grond.

Piet Rijken, De rode lap (1974)
detail uit ‘De rode lap’

Een magisch realistisch werk uit 1974 waarin ‘Oom Piet’ heel mooi zijn fascinatie voor vergankelijkheid, natuur en milieuvervuiling verwerkte. Maar voordat hij dit zo kon, waren er al heel wat jaren verstreken. Gegrepen door de kunst had hij na de Tweede Wereldoorlog zijn baan bij de politie opgezegd om zich als autodidact helemaal te storten op het aanleren van de oude schilderstechnieken. Met succes.

Zeeuwse boerin (1953)
Zelfportret (1955)
De Dom van Veere (1955)
Gezicht op Zoutelande (1973)
Het vergeten portretje (1979)
Stenen vruchtenmand (1982)

Nou was dat realistische fijnschilderwerk in de periode van de jaren 50/60 natuurlijk helemaal not done. ’t Was Cobra en abstractie wat in de officiële kunstwereld de klok sloeg. Maar buiten dat circuit waren er nog heel veel liefhebbers van figuratie. Piet Rijken verkocht goed. Zoals op de tentoonstelling ook wel blijkt uit de vele schilderijen die door particulieren zijn uitgeleend. Dat geldt niet voor vier werken die in bezit zijn van het museum. Geschilderd naar aanleiding van de vondst van een oude beerput in een van de Schotse Huizen in 1995. Rijken vereeuwigde de daarin gevonden voorwerpen zodat je nu én die vondsten én zijn schilderijen daarvan in één blik kunt vatten.

de voorwerpen uit de beerput op de voorgrond, drie van de schilderijen erachter, let ook op dat houten bord
Oude wijnflessen met koperen schaaltje (1995)
Stilleven uit 1998 dat me sterk deed denken aan de wereldberoemde Italiaanse schilder Morandi

Hierdoor en door de stijl van Piet Rijken kon ik niet anders dan ook denken aan een andere, veel bekendere autodidact. Workumer Jopie Huisman (1922-2000). Achtereenvolgens plateelschilder, vertegenwoordiger in een metaalhandel, vodden en metalen koopman en ten slotte kunstenaar met zelfs een aan hem gewijd museum in zijn geboorteplaats Workum (Friesland). Een flamboyant figuur met de juiste connecties die regelmatig in tv-programma’s verscheen met zijn sappige verhalen. Maar iemand die ook kon schilderen. Vooral oude spullen die hij tegenkwam in zijn lompenhandel en dan bewaarde.

Vandaar dus mijn associatie met hem bij het zien van stillevens van Rijkens.

Eigenlijk zouden hij, de man die veel minder openbaar optrad, en Jopie Huisman eens een gezamenlijke expositie in Workum moeten krijgen. Ik zie ’t al helemaal voor me. Met een publicitair aansprekende titel. In het Engels natuurlijk, dat scoort beter. ‘The Art Battle of the Year: Piet Rijken, de Zeeuwse Jopie Huisman en Jopie Huisman, de Friese Piet Rijken’.

En mijn (van) Holsteinse lijntje naar Jopie Huisman (zie de titel)? Het Jopie Huisman Museum verhuisde naar een paar panden er tegenover. In het vrijgekomen monumentenpand vestigden Sophie en Klaas Elzinga een aantal jaren later hun Galerie Kesk. Met daarin een permanente ruimte voor mijn schilderijen.

uitladen voor een expositie bij Galerie Kesk in het voormalige Jopie Huisman Museum
deel van mijn eigen zaal daar

De galerie bestaat niet meer, maar ik kan dus in alle eerlijkheid stellen dat ik heb geëxposeerd in het oude Jopie Huisman Museum. Zo zie je maar weer hoe in onze wereld gigantisch veel verbindende lijnen zijn  te ontdekken. Zoals tussen Oom Piet, Jopie Huisman en ondergetekende.

TOOS   

Hoe een ‘nieuwe decreet’ leidt tot een Boulevard van Schoonheid en Troost


Cryptisch, die titel? Nogal, schat ik zo in. ’t Had ook kunnen zijn ‘Hoe een kunsttijdschrift leidt tot straatnaam-verandering’. Maar ook dat schiet niet op. Dus daar gaat ie, de verduidelijking.

Toos van Holstein, Schoonheid en Troost, mixed media op dun aluminiumplaat, 30-42 cm

 Enkele jaren geleden kocht ik hier in Middelburg in De Drukkerij,een van Nederlands mooiste boekenzaken, een speciaal kunsttijdschrift. Alleen gericht op hedendaagse Zeeuwse kunst. Of nog wat nauwkeuriger geformuleerd, puur gericht op de kunst van een paar Zeeuwse kunstenaarscollectieven. Decreet heette dat blad, uitgave nummer 15. Een niche-uitgave in kleine oplage, echt gericht op de liefhebber. En wat bleek later? Bij dat nummer bleef het.’t Was mooi geweest voor makers.

Tot ik in juni ineens een mailtje kreeg van Ramon de Nennie, een van de initiators destijds. De kas van stichting ‘decreet-concreet’ bevatte nog subsidie voor nog een ‘nieuwe decreet’. Waarin, zo stond in de mail, ‘kunstenaars van KipVis; MAS en VirusGrafiek en enkele loslopende kunstenaars een bijdrage kunnen leveren’. Dat ik onder de loslopende kunstenaars val is natuurlijk wel duidelijk. Want met mijn manier van werken heb ik nooit bij een of andere kunststroming of groep behoord. Dat ligt me ook niet. Op de academie was ik al een eenling in dat opzicht en dat is zo gebleven. Maar meedoen met dit initiatief? Leek me leuk. Ik moest een kunstwerk op A3-formaat (29,5 bij 42 cm) aanleveren dat ook op die grootte in het tijdschrift zou komen. Maar wat te bedenken? Ik was toen bezig met mijn XX-XX Serie op dun aluminiumplaat van A4-formaat (zie bijvoorbeeld deze blogaflevering). Dat werd dus gewoon opschalen naar A3, simple comme bonjour. Daarbij was het voorgelegde uitgangspunt van het ‘nieuwe decreet’: ‘Schoonheid & Troost, wat maakt het leven de moeite waard?’.

de laatste hand wordt gelegd aan mijn ‘Schoonheid en Troost’ (zie bovenste foto)

Sommigen, waarschijnlijk al wat ouder, zullen zich misschien afvragen waar ze die kreet van kennen. Nou, van de beroemde tv-interviewserie ‘Van de Schoonheid en de Troost’ van 20 jaar geleden. Toen journalist Wim Kayzer die vraag voorlegde aan een groep internationale kunstenaars, schrijvers, wetenschappers en filosofen. Gedenkwaardige interviews werden dat.

Nu is er dus het ‘nieuwe decreet’ met naast mijn bijdrage die van heel veel andere Zeeuwse kunstenaars. Te koop bij De Drukkerij en Atelier/Galerie de Roofprintpers.

enkele bijdragen aan de ‘nieuwe decreet’

Maar daarbij is het niet gebleven. Toen Ramon mij een paar weken geleden de nieuwe uitgave kwam brengen, wist hij te melden dat we in Middelburg, in samenwerking met de gemeente, nu ook een Boulevard van Schoonheid en Troost gingen krijgen. Op de Loskade langs het Kanaal door Walcheren tegenover het station. Een echte kunstkade. Want op 25 lantaarnpalen en stalen omhulsels van bomen zouden 25 borden van A3-formaat bevestigd worden met 25 afbeeldingen van 25 kunstenaars uit het ‘nieuwe decreet’. En aldus geschiedde.

het begin van de Loskade/Boulevard van Schoonheid en Troost, met op de meest linkse boom mijn bijdrage

Als je nu vanuit het station de brug overloopt en direct rechtsaf slaat, begint ie. De Boulevard van Schoonheid en Troost. Met direct al aan het begin mijn bijdrage. En daarna volgen er langs de hele kade dus nog vele andere. Een echte kunstwandeling in de openbare ruimte waarvan je zelf de Schoonheid kunt bepalen.

Toos van Holstein, Schoonheid en Troost

de bijdrage van kunstcompaan Juul Kortekaas

einde van de Loskade/ Boulevard van Schoonheid en Troost

 En die Troost? In het ‘nieuwe decreet’ memoreert Ramon aan Frederick. een muis uit een prentenboek van Leo Lionni uit 1974. Zijn muizenfamilie is druk bezig etensvoorraad te vergaren voor de koude, schrale winter. Maar hij niet. Hij kijkt rond en verzamelt kleuren en zonnestralen. Volop onbegrip natuurlijk bij zijn medemuizen. Maar dan wordt ’t winter en zitten ze in een grauw hol te bibberen van kou en ellende. Tot Frederick begint te vertellen over zijn verzameling kleuren en zonnestralen. Hartverwarmd en opgeleefd komen ze zo de winter door. Zouden al die politieke kunst en cultuurbezuinigers van tegenwoordig dit muizenverhaal begrijpen? Ik vrees met grote vreze!

Nu moet de loop er op de kunstboulevard in gaan komen. Wel jammer is dan dat de kunstborden niet groter zijn dan A3. Stel je eens A1 voor: 84 bij 59 cm. Zou dan niet prettig imponeren? Of nog een slag groter, A0? Waarschijnlijk een kwestie van geld en vergunningregels. Maar misschien iets voor nog komende Boulevards van Schoonheid en Troost. Want er staan ook nog plannen op stapel voor, ik meen, Vlissingen, Terneuzen, Goes en Zierikzee. En die gedachte biedt toch maar mooi troost in deze nare coronatijden. Tot volgende week.

TOOS

40 Kunstwerken in de XX-XX Serie in 2020. Logisch toch?


Dit jaar 2020 gaat zeker en vast als een heel bijzonder jaar de geschiedenisboeken in. Daar kun je halverwege dit jaar met aan grote zekerheid grenzende waarschijnlijkheid al wel vergif op innemen. Figuurlijk dan. En dat er ons nog meer verrassingen staan te wachten? Vast wel. Maar voor mij is er hoe dan ook al één grote zekerheid. Zonder de coronapandemie was de titel van deze blogaflevering beslist anders geweest. Want dan was de actie Kunstbezorgd.nl  van het Centrum Beeldende Kunst Zeeland niet op touw gezet en was mijn Corona-serie niet ontstaan.

in mijn atelier aan het werk voor de ‘XX-XX Serie’

Ik schreef er al eerder over. Lees hier maar. Een actie in april opgezet door dat CBK Zeeland. Waarbij professionele Zeeuwse beeldende kunstenaars van allerlei snit, achtergrond, status en kunststroming in de brievenbus passende kunst maakten van maximaal A4-formaat. Met voor alle kunstwerken dezelfde prijs: €100. Gewoon gelijke kunstenaars, gelijke kunstkappen. Ongeacht je prijsniveau in de Nederlandse en eventueel  internationale kunstwereld. Dat idee had helemaal mijn sympathie, ook omdat de opbrengst volledig voor de kunstenaar was. Ik bleek niet de enige sympathisant gezien het aantal deelnemers.

de 1ste van de ‘XX-XX Serie’ die werd verkocht

werkend met die dunne aluminium platen

In mijn atelier had ik nog een stapel dunne aluminiumplaten liggen. Ooit eens verworven via een grote expositie van mij een aantal jaren geleden. Platen heel makkelijk tot A4 grootte te snijden en heel makkelijk te bewerken met allerlei schildersmaterialen. Ik aan de gang. De eerste exemplaren waren binnen de kortste keren verkocht. ’t Was alsof kopers van te voren al met hun vinger bij de Enter-knop zaten. De volgende? Idem dito. Zo bleef ’t maar doorgaan. Floep, floep, weg!

’t Was dus heerlijk werken in de afgelopen coronamaanden. Pure concentratie op dat kleine formaat van 29,7 bij 21 cm, me los makend van de wereld, de angst voor corona wegdrukkend, dagenlang achter elkaar bezig in mijn atelier en levensgezel die de boodschappen deed.

een paar voorbeelden uit de ‘XX-XX Serie’

Uiteindelijk heb ik er zo, zonder dat van te voren te kunnen inschatten, in totaal 40 gemaakt. Allemaal verkocht! Nee, nu lieg ik. Er staat op het moment dat ik dit schrijf, nog één te koop op Kunstbezorgd.nl . Die kon er, samen met de kunstwerken van anderen, nog mooi op voordat 15 juli deze CBK actie stopt. Sla dus nu je slag nog. De afbeelding van dat werk van mij staat ergens rond positie 50. Overigens, er zijn in totaal meer dan 300 kunstwerken verkocht! Formidabel toch?

degene die nog te koop staat (stond?) bij het schrijven van dit blog

Om te stoppen bij dat totaal van 40 vond ik wel symbolisch. Uiteindelijk is het woord quarantaine de laatste tijd heel veel gevallen. En komt dat niet van het Italiaanse quaranta, veertig? Het aantal dagen dat schepen en bemanning tijdens de grote pestepidemie in de 14e eeuw in Italiaanse havens in afzondering moesten blijven liggen. En is het nu toevallig niet het jaar 2020? Zeg maar eens dat dit niks met veertig heeft te maken.

Daarom doop ik die hele serie, die ik eerst de Corona Serie noemde, hierbij officieel om in de XX-XX Serie. Nou vraag ik me toch wel ineens af of op school tegenwoordig de Romeinse cijfers nog worden aangeleerd. Nou weet ik natuurlijk wel dat 2020 eigenlijk MMXX zou moeten zijn, maar ja, XX-XX allitereert veel mooier!

nog enkele

De nummer 40 (of XL, zo je wilt), is officieel in het bezit van het CBK. Want, ook dat was zo sympathiek, als je met de actie mee kon doen, kreeg je gelijk €100 gestort. Zelfs nog zonder enige verkoop. Het CBK verplichtte zich namelijk vooraf al om altijd één kunstwerk van elke deelnemer aan te kopen.

het kunstwerk dat nu in het bezit is van het CBK Zeeland

En nu ga ik tussendoor tijd besteden aan de opzet van een uitgave over mijn XX-XX Serie. Veertig pagina’s misschien? Het lijkt me gewoon heel leuk om daarvan een boekje te maken. Maar dat wordt weer een ander, toekomstig verhaal.

vooruit, nog eentje

Tot volgende week.

TOOS