Overpeinzingen aan de Côte d’Azur bij transparantie, duurzaamheid en de verkiezing Kunstenaar van het Jaar


Op een terras, bijna half oktober, en dan met je ogen dicht en je gezicht gekeerd naar een heerlijk warme zon aan een stralend blauwe hemel. Wel in Antibes dus, niet in Nederland! En op zo’n zonnig terras kom ik met gesloten ogen al snel tot zowel zinnige als onzinnige associaties. Met bijbehorende mijmeringen. Waarvan sommige gelijk verschieten en andere blijven hangen. Zoals bijvoorbeeld die over de verkiezing van Kunstenaar van het Jaar 2020 in combinatie met de begrippen duurzaamheid en transparantie. Juist van die modewoorden waardoor ik vaak spontaan jeuk krijg. Omdat ze tegenwoordig meer te onpas dan te pas overal zomaar opgeplakt schijnen te kunnen worden.

Maar eerst even terug naar Antibes. Of eigenlijk Nice. Want ik was best moe na alle maanden van inspannend schilderen en nerveuze hectiek rond de tentoonstelling ‘The 70-Series and More’ en mijn nieuwe boek.  Zowel mijn moeie lichaam als m’n flink toeren gedraaid hebbende brein zeiden dat ’t even mooi was geweest. Rust, Toos, rust is goed voor je, signaleerden beide.

op de Cour Saleya in Nice voor het pand waar de grote kunstenaar Matisse een aantal jaren woonde

Nou, effe bijkomen, effe helemaal lekker niks, kan heel goed in m’n stekkie in Nice. Daar kan ik helemaal los komen van Nederland. Behalve natuurlijk van mijn wekelijkse blog. Na vliegschaamte en veel te krappe Transavia-stoelen genegeerd te hebben, zit ik hier dus nu op relaxte manier mijn accu’s weer helemaal op te laden. Daar is geen elektrische laadpaal voor nodig. Gewoon regelmatig zo’n terras, ogen dicht, gezicht in de zon en die opkomende mijmeringen. Dat volstaat. ‘For me art is travelling the mind’ in optima forma.

 Zo kwam dus in me op dat ik sinds juli niets meer had gemeld over die verkiezing van de Nederlandse Kunstenaar van het Jaar 2020. En dat mag best wel weer een keertje. De stand begin juli: ik zat opnieuw bij de door het kunstpanel van de Stichting Kunstweek genomineerde 90 kunstenaars. Stand half september: door de publieksstemmen was ik doorgedrongen tot de overblijvende groep van 20. Dat voelt altijd weer blij, die waardering door het publiek. Ook bij deze zoveelste keer sinds de start van de verkiezing in 2003. Als ik naga wie er na al die jaren nog steeds bij is, blijft er maar een klein, select kunstenaarsgezelschap over. Zeg nou zelf, is dat duurzaam van mij of niet? Om dat op het terras in Antibes in me opkomende jeukwoord dan nu maar te gebruiken. Maar hoe koppel ik dit aan dat andere modewoord transparantie?

 Dat zit zo. Wat me al een aantal jaren toch wel verbaast, is dat de organiserende Stichting Kunstweek wel altijd keurig de verkozenen doorgeeft, maar nooit het aantal verkregen stemmen per kunstenaar vermeld. De 70 van de 90 die na de publieksronde afvallen, hebben totaal geen weet over het waarom. Net zo min trouwens als de 20 overgeblevenen. Zo moeilijk kan ’t toch niet zijn die aantallen te publiceren. En hoort transparantie niet gewoon bij stemmen?

Maar ’t wordt nog een tikkie ingewikkelder! Het honderd kunstkenners tellende panel voegt via een bepaalde procedure nog vijf zogenaamde wild cards toe aan de 20 overgeblevenen en kan daarna per panellid uit die 25 kunstenaars maximaal 8 persoonlijke voorkeuren aangeven. Dan komen er 8 kunstenaars uit de hoge hoed die de laatste publieksronde ingaan. In november wordt de winnaar daarvan bekend gemaakt. Ben je er nog?

Claudy Jongstra, de Kunstenaar van het Jaar 2019

Maar stemmenaantallen? Ja, waarschijnlijk de vermelding dat er vanaf juli weer ruim 40.000 stemmen zijn uitgebracht. Maar verder? Waarom niet ook meer transparantie over stemmenaantallen in die laatste fasen? Waarom, Stichting Kunstweek, niet meer met de tijd meegaan en transparant worden over dat stemmen? Op TV doen ze niet anders bij de Beste Dit en de Beste Dat waarbij jury en publiek samen het eindresultaat bepalen. Kom op, doen!

Oh ja, de stand van zaken begin oktober? Heel duurzaam bij mij, opnieuw plaats 23, net als vorig jaar. En dat stemt me zeer tevreden. En wie de winnaar gaat worden? Ik heb een idee, maar dat hou ik lekker nog voor me. Kijk zelf maar bij https://www.kunstenaarvanhetjaar.nl/verkiezing2020/ronde4/. Tot volgende week.

TOOS

Advertenties

Kunstige Wereldprimeurs


Het woord ‘lopend buffet’ heb ik altijd een heel vreemd woord gevonden. Want aan zo’n buffet is heel erg weinig lopends te ontdekken. We moeten ons er toch echt zelf heen verplaatsen om voor de inwendige mens te zorgen. ’t Liefst ook nog tijdig opdat je niet tegen lege bakken aanloopt. Dus toen ik voor het eerst tegen het begrip ‘walking dinner’ aanliep vroeg ik me af wat voor vreemds daar nu weer mee zou zijn. Nou, dat bleek dus twee keer loops te zijn. De diverse gangen worden naar je toegebracht, terwijl je jezelf ook nog kunt verplaatsen. ’t Doet er niet toe waar je staat, loopt, ligt of hangt, je krijgt ’t allemaal handzaam aangereikt. Misschien denk je nu wel ‘waar slaat dit nou allemaal weer op?’. Beslist een volkomen terechte gedachte bij een blog over kunst. ’t Zit dus zo.

Afgelopen zondag was de officiële publieke opening van mijn grote expositie ‘The 70-Series and More’  bij Galerie Peter Leen XL in Breukelen. Trouwe lezers van mijn blog kan dat bijna niet zijn ontgaan. Maar op de zaterdagavond ervoor was er nog een besloten bijeenkomst. Een feest dat ik samen met levensgezel en galerist Peter Leen voor een grote groep genodigden had opgezet. En wat is een goed feestje zonder goed eten?Dat is bij Peter geen probleem gezien het Thaise restaurant SameSame dat aan de galerie is verbonden.

een kijkje in de keuken van SameSame

Vandaar dat walking dinner. Zo’n kleine 100 genodigden konden in alle ruimten van galerie en restaurant staan en gaan waar ze wilden, de Thaise gerechten kwamen toch wel achter ze aan.

typisch zo’n ‘walking dinner’

wat gebeurt daar allemaal?
en daar?
nog weer een happening

Dat gebeurde tussen allerlei kunstgebeurtenissen door. Waarmee dan gelijk die kop ‘Kunstige Wereldprimeurs’ is verklaard. Want reken maar dat die er waren. Drie zelfs.

Allereerst aan het begin van het feest de onthulling van ‘The 70-Series’. Een serie van 70 kleine werken waaraan ik het laatste jaar keihard heb gewerkt. Op zaterdag was dat ‘More’, te weten een serie grote nieuwe schilderijen, al wel direct zichtbaar voor een ieder. Maar die kleintjes hadden we, heel pesterig, nog verborgen achter vier grote doeken op vier verschillende plekken in de galerie. Die gingen als een soortement wereldprimeur letterlijk onthuld worden.

Toen ik dat in samenwerking met levensgezel had volbracht, vond er iets plaats dat ik echt niet op die manier had verwacht. Het was dringen geblazen voor die verschillende plekken en de rode stippen waren niet aan te slepen door Peter Leen. Even voor degenen die niet bekend zijn met dat galeriefenomeen, een rode stip bij een kunstwerk geeft aan dat ’t is verkocht. Er vloog bijna een wolk rode confetti door de lucht. En reken maar dat dit voor elke kunstenaar een veer in haar of zijn achterwerk betekent! Ik heb de hele avond nauwelijks meer kunnen zitten.

Veel later op de avond, zo tegen tienen was er als derde wereldprimeur de presentatie van mijn nieuwe boek ‘TOOS VAN HOLSTEIN II, for me art is travelling the mind’. Een boek waar ik heel trots op ben. Het eerste exemplaar reikte ik uit aan Martien Versteegh, de vormgeefster ervan. Die had het boek letterlijk onder haar handen zien ontstaan en daar wilde ik haar en haar Creatief Bureau Donkigotte mee eren.

Martien krijgt van mij het 1e exemplaar overhandigd
en laat nu de gasten maar komen voor ook zo’n boek

Dat nog weer veel later de vele gasten heel blij de late, donkere Breukelense nacht inliepen, met ook zo’n boek onder de arm of aan de borst geklemd, spreekt bijna voor zich.

En die tweede wereldprimeur dan? Dat was een muzikale. Lieve Geuens, een prachtige sopraan had al een paar keer opgetreden die avond met haar vaste begeleider Hein achter de vleugel. Verdi, Mozart, zelfs Russische opera, heerlijk! Maar ze had nog nooit opgetreden met Frank Düring. Een heel goede vriend van ons die, als hij op zijn saxofoon speelt, daarmee helemaal vergroeit lijkt en dan de sterren van de hemel blaast. Wat is er dan mooier dan als drie muziekmensen, Lieve, Hein en Frank, samen het beroemde Summertime van Gershwin al improviserend de pan uit laten swingen. Noem dat maar eens geen wereldprimeur! En de zaal ging plat, zoals dat heet.

Lieve en Frank met ‘Summertime’

Lieve, Frank en Hein nemen het applaus in ontvangst

Tot volgende week.

TOOS

Twee kunstenaars mijlpalen neerzetten in één klap


Toos van Holstein, Waterfront, olieverf 100-120 cm, onderdeel van ‘The 70-Series and More’

Als iemand kunstenaar is in hart en nieren is ie dat ook gelijk haar of zijn hele leven lang. Iets met bloed of een kunstgen? Hoe dan ook, die drang tot creëren valt gewoon niet te onderdrukken. Gaat niet lukken! Zo ervaar ik dat zelf ten minste. Niet zomaar werd ik al op 6-jarige leeftijd vermeld in het Eindhovens Dagblad omdat ik met een tekening een wedstrijd had gewonnen. En ook niet zomaar was ik vele jaren later Nederlands Briljanten Kunstenaar van het jaar 2016.

Ik ben niet persé op zoek naar dat soort mijlpalen in mijn kunstleven.  Zeker niet als ze aan leeftijd gebonden zijn. Maar af en toe is het toch wel leuk om in het kader daarvan zelf ook een mijlpaaltje de grond in te meppen. Nog leuker natuurlijk als dat er in één flinke mep  twee kunnen worden. Vandaar dus mijn ’70-Series and More’ die ik al eerder aankondigde en mijn te gelijkertijd daarbij verschijnende nieuwe boek ‘TOOS VAN HOLSTEIN II, for me art is travelling the mind’ waarover ik vorige week schreef.

de boek-mijlpaal op straat voor mijn atelier

Die mijlpaal, opgebouwd uit heel veel dozen met daarin verpakt de oplage van 750 exemplaren, staat sinds een paar dagen in mijn atelier. Ik vind ’t trouwens niet echt bezwaarlijk als die mijlpaal steeds een kopje kleiner wordt. Nu nog, tot en met 5 oktober, is het boek te koop voor de voorintekenprijs van € 25. Op 6 oktober wordt dat  € 35.

de dozen in mijn atelier

Waarom die 6e oktober? Omdat dan op die andere mijlpaal, mijn ’70-Series and More’, een flinke klap gegeven wordt. Ter voorbereiding daarvan was ik een paar dagen geleden in Breukelen. Het oude stadje dat ooit zijn naam gaf aan de wijk Brooklyn in New York toen ‘onze’ West Indische Compagnie daar nog de scepter zwaaide. Maar dat is een heel ander verhaal. Iets met ‘Gouden Eeuw’ geloof ik. Oei, misschien verknoei ik ’t met dat woord nu wel helemaal in bepaalde kunstkringen van Amsterdam!

uitladen voor Galerie Peter Leen XL in Breukelen

Maar goed, Breukelen dus, of om nauwkeuriger te zijn, Galerie Peter Leen XL aan de Herenstraat 25. Die heeft de primeur van deze expositie. Daar moest worden ingericht voor de vernissage op 6 oktober. Een flinke klus zogezegd. Want die speciale 70-Series bestaat uit 35 olieverfschilderijen van 20 bij 20 cm en 35 mixed media werken van 25 bij 25 cm op alu-dibond. Speciaal daarbij, want dat mag best worden vermeld, is ook de prijs. Gewoon een kunstfeest met feestelijke prijzen.

bezig met een deel van ‘The 70-Series’

En dat ‘More’? Daaraan kan ik allerlei persoonlijke invullingen geven. Maar één daarvan is in ieder geval dat er naast die 70-Series heel veel nieuw en groter werk te zien is. Alle ruimtes van de galerie, te weten drie zalen, zijn dan ook helemaal ‘Toos’.

samen met Peter Leen de expositie inrichten

Iedere geïnteresseerde is hierbij uitgenodigd. Vanaf 13.30 uur tot ongeveer 17 uur moet ’t een feestje gaan worden. Aan galerie-eigenaar Peter Leen zal dat niet liggen. Want in de galerie is sinds een aantal jaren geïntegreerd  het in de zeer wijde omgeving als zeer goed bekend staande Thaise restaurant SameSame. Reserveren in het weekeinde schijnt zelfs een gebruikelijk moetje te zijn. Zorgen over het natje en droogje voor mijn bezoekers, en ook voor mezelf natuurlijk, hoef ik dus beslist niet te hebben.

Voor mij is hoe dan ook de stamtafel al bij voorbaat gereserveerd want ik heb natuurlijk ruimte nodig om voor de kopers van een boek een opdracht voorin te schrijven. Ook een moetje. Maar wel een heel leuke. Tot 6 oktober en anders tot volgende week.

TOOS

Korting, korting, korting!!!


Van een reclame expert heb ik wel eens begrepen dat als je het woord korting in een tekst verwerkt de menselijke geest ineens extra wordt getriggerd. Iedereen wil blijkbaar wel korting. Drie keer dat woord moet dus wel heel erg triggeren! Maar vanwaar dan die titel? Misschien doe ik ’t nu in pr-opzicht wel helemaal verkeerd, maar op het antwoord moet je toch nog even wachten. Eerst een paar foto’s.

Zoals deze waarop ik afgelopen mei bezig ben op een terras aan het Giudeccakanaal in Venetië. Er zijn absoluut slechtere werkplekken denkbaar. Net zoals trouwens hieronder bij het plaatje van het achterdek van een heel groot schip op weg van Barcelona naar Buenos Aires tijdens de herfst van vorig jaar.

 

Of zoals in mijn atelier in Nice begin dit jaar.

Allemaal foto’s die te maken hebben met eenzelfde kunstklus. Namelijk het uitdenken van mijn nieuwe Grote Boek. Kijk, Sinterklaas heeft natuurlijk al heel lang zijn eigen Grote Boek, maar ik heb er binnenkort zelfs twee. Want ‘TOOS VAN HOLSTEIN DEEL II, for me art is travelling the mind’ zit er al heel snel aan te komen. De voorbereiding voor zo’n lekker dik kunstboek met meer dan 200 pagina’s vergt natuurlijk veel tijdsinvestering. Maar die tijd is gelukkig niet plaatsgebonden. Dus waarom niet het nuttige met het aangename verenigen in zowel Venetië als Nice als midden op de oceaan? Of ook gewoon op mijn pakhuiszolder in Middelburg.

bezig aan mijn boek met de hulp van levensgezel

Op al die plekken moesten antwoorden gevonden worden op prangende kwesties als ‘welke schilderijen komen erin’ en ‘welke begeleidende teksten schrijf ik daarbij’. Ook een puntje,zal ik galeristen met wie ik al jaren samenwerk nog vragen om iets op schrift te zetten? Of wat kunnen kunstrecensenten betekenen die ik in Frankrijk en Nederland ken? Welke drukkers laat ik een offerte maken? Oh ja, wie laat ik de Engelse teksten controleren? Want het boek wordt tweetalig. En dan, last but not least, het overleg  met de mij al jaren vertrouwde vormgeefster Martien Versteegh van Creatief Bureau Donkigotte.

Maar nu is het bijna zo ver. De persen rollen en op zondag 6 oktober wordt het Nieuwe Grote Boek officieel aan de wereld getoond. Tijdens de opening van mijn tentoonstelling ‘The 70-Series and More’ bij Galerie Peter Leen XL in het oude stadje Breukelen.

de persen rollen
voorkant en rug van de boekomslag
een willekeurige pagina uit het nieuwe boek

Zo, nu kan ik dan weer handig terugkomen op die korting van hierboven. Het was zo’n plots opkomende gedachte. Waarom zal ik het boek niet al vast in de voorverkoop aanbieden voor een gekorte prijs? Voor € 25 (excl. verzendkosten) in plaats van de € 35 die het gaat kosten op en vanaf 6 oktober. Dus heb je belangstelling, laat me dat even weten op toosvanholstein@xs4all.nl. Dan reserveer ik een exemplaar dat je zelfs zou kunnen komen ophalen in Breukelen op die 6e oktober. Want ’t gaat daar zeker en vast heel gezellig worden. Meer daarover de komende keer. Tot volgende week.

TOOS

Kunstenaars leven van de lucht. Toch?


Heel recent kreeg ik tot twee keer toe het bewijs dat ik als kunstenaar wel heel bijzondere eigenschappen krijg toegedicht. Dat iedereen zuurstof nodig heeft om te kunnen ademen, mag ik toch wel als bekend veronderstellen. Anders heb je vroeger op school echt zitten slapen. Maar dat je van alleen de lucht ook kunt leven? Zelfs als je flink heb doorgeleerd is dat al heel wat moeilijker te begrijpen . Maar voor kunstenaars schijnt dat toch iets anders te liggen. Hierbij wat ondersteuning voor die gedachte.

Tijdens mijn kunstverblijf in het Italiaanse Gubbio in augustus, kwam er een mailtje binnen van een  Nederlands bedrijf voor interieurbouw. Voor een klant van hun had een interieurarchitect een groot gordijn ontworpen met daarop een print van een werk van mij.

de aquarel die voor de print op het gordijn bedoeld was

De vraag was of dat van mij mocht. Op zich dus heel netjes. Terug antwoordend, meldde ik dat ik van dat werk een goede foto kon leveren. Maar dat ik ook van al mijn schilderijen te allen tijde het beeldrecht bezit. En dat ’t heel normaal is een vergoeding te zetten tegenover het gebruik daarvan.

Oeps, dit was toch wel even een heel vreemd idee voor dat interieurbedrijf. Na wat heen en weer gemail werd duidelijk dat ’t hier een gordijn van vele meters bij vele meters betrof ter waarde van enkele duizenden euro’s. Maar er moest nog wel even worden overlegd met de opdrachtgever of die bereid was de door mij gevraagde vergoeding van enkele honderden euro’s te betalen. Dat is nu drie weken geleden. Niets meer over gehoord natuurlijk!  Kunstenaars leven van de lucht, toch? Dat in de uitgeverswereld wel wordt betaald voor het gebruik van afbeeldingen op een boekomslag mag dus best ontzettend stom genoemd worden. Bezuinig toch op die kunstenaars!

Nog een voorbeeldje. Ook van afgelopen maand. Bij de opening van de tentoonstelling ‘Arte incontro Artigianato’ in Gubbio trok mijn installatie veel aandacht.

een deel van mijn installatie
mijn installatie werd al heel snel gebruikt voor een mode sessie

De aanwezige bestuursleden van een in Spoleto gevestigde kunststichting waren zelfs zodanig onder de indruk dat een paar weken later een tussenpersoon contact met me opnam. Of ik er voor voelde om die installatie ook te exposeren in Leonessa, een stadje in de buurt van Spoleto. Nou, was mijn reactie aan tussenpersoon, geef eerst maar wat informatie over hoe, wat, waar en wie. Altijd handig om te weten hoe zoiets in elkaar steekt, nietwaar? Uiteindelijk kreeg ik alleen een lijst met deelnemende kunstenaars per mail doorgestuurd.

levensgezel bezig de installatie af te breken

Aan het eind van de expositie in Gubbio, toen alles al was afgebroken en ingepakt, trof levensgezel één van die bovengenoemde bestuursleden. Deze signora, ik zal haar M noemen, was uit Spoleto komen aanwaaien en liep wat verbijsterd rond. Want hoe zat dat nou met mijn installatie voor de tentoonstelling in Leonessa die volgende week begon? Volgende week? Dat levensgezel, geheel verbaasd door deze vraag, een groot vraagteken boven zijn hoofd kreeg, spreekt voor zich. Maar niet voor één gat te vangen, wist hij subiet de verbijstering bij signora M nog wat te vergroten. Had ze, afgezien van het feit dat we niets over dat openingweekeinde wisten, zich wel afgevraagd wie onze autokilometers naar Leonessa ging vergoeden en hoe alle onderdelen van de installatie daar zouden komen? Die pasten namelijk niet in levensgezels auto. En, klein detail, wie nam onze verblijfskosten daar op zich? Oh ja, en wat kreeg Toos ervoor betaald? Het wat rudimentaire Engels van signora M werd ineens prehistorisch! Kunstenaars leven van de lucht, toch?

Terug in Nederland is er natuurlijk een vriendelijke e-mail richting M om uit te leggen hoe ik, als professioneel kunstenaar, tegen dit soort zaken aankijkt. Het antwoord gaf aan dat ze hoe dan ook open stonden voor samenwerking. Maar hoe precies? Dat werd me nog niet echt duidelijk. Ik ben benieuwd. De Italiaanse lucht ademt namelijk prima, maar er hoort toch echt wel pasta bij. Tot volgende week.

TOOS

Plekken van Plezier


het pakhuis ‘Holstein’ aan de Korendijk in Middelburg

Wat moet je daar nou onder verstaan, plekken van plezier? De Amsterdamse Wallen? Nee, toch liever maar niet. Alhoewel? Er is wel degelijk een connectie met dit stukje. Want die 17e en 18e eeuwse panden vol dames van plezier zijn natuurlijk grotendeels Rijksmonumenten en het thema van de komende Open Monumentendag 2019 is nu juist ‘Plekken van Plezier’. Toch heb ik het lichte vermoeden dat de Rosse Buurt z’n Wallenpanden die dag niet open gaat gooien. Maar geen nood, in Middelburg is er op zaterdag 14 september ook heel veel moois te bekijken. Onder andere op de Korendijk 56 in mijn oude pakhuis ‘Holstein’ uit 1738. Iedere geïnteresseerde kijker is welkom van 10 tot 17 uur. ’s Morgens staat de koffie ’s ook nog klaar. En ’s middags? Dat zien we dan wel weer.

Het leek me namelijk leuk om weer mee te doen na afwezigheid vorig jaar. Maar is dat tot atelier/woonpand verbouwde pakhuis dan wel een Plek van Plezier? Nou, niet direct als je onderstaand plaatje beschouwt.

Twintig jaar geleden, in 1999, stond ik er voor deze foto heel bewust heel sip te kijken. Wat wil je als je hoofd klem staat onder zo’n overmaatse balk op de 1e etage. Maar dan vijf jaar geleden op diezelfde etage!Toen werd er wel degelijk feest gevierd. Zowel binnen als buiten.

binnen
buiten

Heel recent trouwens ook nog. Bij de Korendijk-straatborrel die een paar weken geleden onder prachtig weersomstandigheden voor mijn ‘Holstein’ plaatsvond. Ook die avond bleef ’t er nog lang onrustig op straat.

Er is dus wel een en ander veranderd sinds die foto van 1999. En ik vind ’t daarom altijd een plezier, om dat woord nog maar weer eens te gebruiken, mijn pand tijdens die Monumentendag open te zetten. En dan niet alleen het atelier, zoals bij de maandelijkse kunstroute, maar ook de 1e en 2e etage. Mijn habitat als ik de schildersezel op de begane grond de ezel laat. Een habitat die nog steeds dat karakter van pakhuis heeft, maar te gelijkertijd is getransformeerd in een unieke woonplek.

links de Korendijk, lang geleden, met in de verte nog net de Bellinkbrug waar mijn pakhuis ligt

Overigens is de omgeving in de loop der jaren ook wel stevig veranderd. Al zoekend op internet vond ik nog een paar foto’s uit die zogenaamde ‘goeie ouwe tijd’ waar men in sommige politieke kringen zo onbegrijpelijk nostalgisch naar terug verlangt. Fijn terug naar bijvoorbeeld de arbeidsomstandigheden op onderstaande foto. Genomen ergens op de Korendijk. Maar goed, dat terzijde.

Ook het volgende plaatje vond ik interessant. Een schip dat bijna recht voor ‘Holstein’ ligt, dat toen overigens nog niet die officieel geregistreerde naam droeg. Maar hoe ik dat voor elkaar kreeg, is weer een ander verhaal.

Hier wordt duidelijk waarom de straat achter mijn pand ‘Balkengat’ heet.

in de omcirkeling de Korendijk met erachter het nog open Balkengat

Lang geleden was dat allemaal nog water bij een groot industrieterrein en nog weer langer geleden dreven er de balken voor de werf van de VOC.

Van harte welkom dus aan de Korendijk 56 van 10 tot 17 uur op zaterdag 14 september. In Amsterdam doen ze ’t ook nog gewoon op de zondag, maar die stad is natuurlijk een heel andere Plek van Plezier dan Middelburg. Tot volgende week.

TOOS

Een leuke KunstKlus: The 70-Series and More


Ook een balkon kan atelier zijn als je aan een tafeltje, papier, kleine doekjes , verf en penselen genoeg hebt. En als het weer meezit. Want een zonnetje met de bijbehorende juiste temperatuur kan dan natuurlijk helemaal geen kwaad. In Gubbio was dat allemaal het geval. Had ik ogen in mijn rug gehad, dan was zelfs nog de achtergrond inspirerend geweest.

Ik was in dat Gubbio dan wel een aantal weken bezig met keramiek beschilderen en het Italië-gevoel uit te buiten (lees voorgaande afleveringen), maar er moest ook nog een en ander meer gebeuren.

Zondag 6 oktober namelijk, en die dag komt eigenlijk al sneller in zicht dan ik had ingeschat, opent om 13.30 uur bij Galerie Peter Leen XL in Breukelen een grote tentoonstelling van mij. Niet zomaar suggereert dat XL in de naam iets, ’t is ook gewoon zo. Je kunt er niet alleen kunst kijken in diverse ruimtes, je kunt er bovendien overheerlijk Thais eten. Dat laatste weet ik vanuit ruime ervaring.

het complex van Galerie Peter Leen XL in Breukelen

Ik heb met Peter, met wie ik al jaren samenwerk, afgesproken dat mijn tentoonstelling ‘The 70-Series and More’ bij hem in wereldpremière gaat. Ook die titel suggereert weer iets, maar sta me toe dat ik daar nu niet verder op inga. Maar hetgeen waar ik nu dus niet verder op inga, was wel aanleiding voor een idee. Minimaal  70 nieuwe werken maken.  Kleinere werken, dat wel. Volgens plan 35 olieverfschilderijtjes van 20 bij 20 cm met nog een mooie lijst er omheen en 35 mixed media werken van 25 bij 25 cm op alu-dibond. Een materiaal waarop je in combinatie kunt drukken en schilderen.

Zoiets vergt natuurlijk vooruit denken en je tijd goed gebruiken. Want 70 van zulke werken flats ik toch echt niet  op een achternamiddag even bij elkaar. Niet echt mijn stijl. Vandaar dus dat Gubbiaanse buitenatelier. Maar vandaar ook onderstaande foto.

Die is in de lente gemaakt in Nice. Geen balkon dus, maar een echt atelier in mijn appartement van dat heerlijke Niçoise Palais de Venise. Een zalige plek waar ik me in alle rust kan terugtrekken als ik even een ontkoppeling nodig heb van alle drukte in Nederland.

de achterkant van het Palais de Venise

Daar werd dus ook al aan die 70-Series gewerkt. Net zoals aan ‘More’ trouwens. Dat staat niet voor niets zo suggestief in de expositietitel. Naast die 70 kleinere werken komt er een hele serie nieuwe, grotere schilderijen. Hier al vast een enkel voorproefje.

Zo’n nieuwe reeks ben ik eigenlijk ook wel moreel verplicht aan alle kunstfans die opnieuw  hun stem op mij hebben uitgebracht bij de nog lopende verkiezing van Kunstenaar van het Jaar 2020. Daar kun je nog stemmen tot 15 september. Kijk maar bij https://www.kunstenaarvanhetjaar.nl/verkiezing2020/ronde2/ .

Van én ‘The 70-Series and More’ én die verkiezing houd ik jullie de komende tijd allicht op de hoogte. Tot volgende week.

TOOS

Een kunstinkijkje in de wereld van beeldend kunstenaar TOOS van Holstein: ervaringen, ideeën en ART

%d bloggers liken dit: