Tagarchief: Nice

De gemeenschappelijke deler van Alexandrië, Cambridge, Den Haag, Parijs en Nice


Wat kunnen die steden uit het rijtje in de titel nu met elkaar gemeen hebben? Nou, bijvoorbeeld dat er allemaal grote bibliotheken staan met daarin veel, héééél veel boeken. Zoals bij de Koninklijke Bibliotheek in Den Haag. En overal groeit dat aantal boeken. Ook in de KB van ‘s-Gravenhage. Ik weet dat zeker want heel onlangs hebben ze er in ieder geval twee bij gekregen. Van mij namelijk. Twee speciale kunstboeken die, en dat is nou echt de gemeenschappelijke deler, ook in die andere steden aanwezig zijn.  

KB in Den Haag

De oorzaak bij de KB zit ‘m in de zogenaamde Collectie Koopman. Nog nooit van gehoord? Ik tot voor kort ook niet. Tot ik een berichtje las in ‘BK-informatie’, het vakblad voor beeldende kunstenaars. Daarin stond een piepkleine aankondiging voor een bijeenkomst met uitleg over die Collectie Koopman. Wat bleek? Dat is een grote verzameling Franse kunstboeken, originele brieven, foto’s en handschriften. Ooit aangelegd door Louis Koopman (1887-1968). Met de nadruk op bijzondere uitgaven van Franse auteurs, geïllustreerd door kunstenaars. En daaronder niet de minsten! Picasso, Braque, Chagall, Degas, Miró, ‘onze’ Kees van Dongen, Matisse, Max Ernst. Louis Koopman liet zijn hele verzameling na aan de KB, samen met een flinke pot dukaten om de collectie te kunnen blijven updaten. Er zijn zelfs tentoonstellingen van geweest in bijvoorbeeld Brussel en New York.

Die bijeenkomst leek me dus wel wat, zeker gezien het feit dat ik als kunstenaar ook betrokken ben bij dat soort uitgaven via mijn Galerie Quadrige in Nice. Daarover heb wel vaker eens iets geschreven in dit blog.

bijeenkomst in de KB

Op dus naar de Koninklijke Bibliotheek op de juiste dag. Daar heb ik geen spijt van gekregen. Paul van Capelleveen, de beheerder van deze zo’n 10.000 items omvattende collectie, bleek een heerlijk bevlogen verteller die ons uiteindelijk heel veel wijzer de KB weer liet verlaten.

kunstboeken en boekjes in allerlei formaten
dav

Maar ik bleek hem ook nog wat wijzer te kunnen maken. Want hoewel hij dus een legaat ter beschikking heeft om de Collectie Koopman nog steeds verder uit te breiden met hedendaagse kunstboekuitingen, bleek hij nog nooit te hebben gehoord van ‘mijn’ galerie Quadrige en de bijbehorende uitgeverij La Diane Française.  Het gevolg daarvan?

 Een paar weken geleden zaten levensgezel en ik op de KB-kamer van Paul geanimeerd te praten over Franse kunstboeken, de Franse kunstwereld en mijn eigen bijdragen daaraan. En daar weer het gevolg van? Dat wat ik in mijn inleiding al schreef. De Collectie Koopman is nu uitgebreid met twee uitgaven die ik heb geïllustreerd met steendrukken. De ‘Edda ou Monuments de la Mythologie& de la Poësie des anciens du Nord ‘ uitgegeven in 2007,en La Légende Dorée, Sainte Catherine (25 novembre) uit 2010. Ik voel me daarbij best een beetje trots!

bij Paul van Capelleveen op zijn kamer in de KB

Want zo zitten mijn bijdragen aan het Franse livre d’art nu toch maar mooi in die prachtige nieuwe, gigantisch grote bibliotheek van Alexandrië, het eeuwenoude Trinity College in Cambridge waar je in de hal tegen een beeld van de grote natuurkundige Newton aanloopt, de Nationale Bibliotheek van Frankrijk in Parijs, bijna vanzelfsprekend in de Bibliothèque Louis Nucéra van Nice en nu ook in de Koninklijke Bibliotheek van onze Hofstad. Pas mal!

deel van de bibliotheek in Nice

Tot volgende week.

TOOS

Advertenties

Van Balloo via Ridderkerk naar Gubbio en terug naar Breukelen


Gubbio, in Umbrië, waar ik deze zomer exposeer

Eens per week, dat ijzeren ritme heb ik mezelf opgelegd voor ‘TOOS&ART’. Maar zo’n 6 à 7 onregelmatige keren per jaar stuur ik ook nog een Nieuwsbrief mijn computer uit naar bijna 1000 adressen. Om galerie-exposities van mij aan te kondigen of de schijnwerper te zetten op andersoortige kunstmanifestaties waaraan ik deelneem. Laat ik nu net afgelopen week weer zoiets gedaan hebben! Daarnaast komt die Nieuwsbrief ook nog terecht in de groep TOOS die ik op facebook heb. Dus, bedacht ik me ineens, waarom niet ook eens hier in mijn blog? Bij deze dus. Onder die titel van ‘Van Balloo via Ridderkerk naar Gubbio en terug naar Breukelen’. Want mijn kunst, en ik dus ook, reist wat af.

Mocht je ’t trouwens interessant vinden die Nieuwsbrief te ontvangen, even een snel mailtje naar toosvanholstein@xs4all.nl doet ’t ‘m.

NIEUWSBRIEF TOOS van HOLSTEIN
mei 2019

Toos van Holstein, En ville 80-100 cm, bij Galerie Drentsche Aa

Twee exposities tegelijkertijd

Dat kun je soms zo hebben, twee tentoonstellingen die beide op zondag 12 mei beginnen. Toch maar goed dat daar geen openingen bij hoorden want anders was het racen geworden tussen Balloo in Drenthe en Ridderkerk bij Rotterdam.

In Galerie Drentsche Aa in het toeristische boerendorp Balloo, vlak bij Assen, startte de expositie ‘Springtime’ met een aanzienlijk lente-aandeel van mijn kant. Alhoewel de zomer dan al is begonnen, duurt die tentoonstelling tot 7 juli. Alle tijd dus nog om daar te gaan genieten van het prachtige Drentse Aa gebied in combinatie met mijn werk. Voor meer gegevens zie onder.

Toos van Holstein, Riflettere 20-20 cm, bij Galerie Studio Imspa

Op diezelfde 12e mei begon in Galerie Studio Imspa in Ridderkerk de expositie ‘Piccolo formato’, een voorproefje van een veel grotere kunstmanifestatie in het Italiaanse Gubbio deze zomer. Daar start in juli de eerste Biënnale van Gubbio met zowel Nederlandse als Italiaanse kunstenaars. Ook ik geef er acte de présence. Mede-organisator Martin Impelmans, een goede vriend van me en initiator van Studio Imspa, geeft nu in zijn kunstruimte al vast dat voorproefje met een aantal deelnemende kunstenaars die hiervoor speciaal klein werk maakten. Van mijn hand hangen er schilderijtjes van 20-20 cm die eigenlijk ook al weer een voorproefje zijn voor nog een ander op handen zijnd groot kunstfeest. Lees maar.

Houd zondag 6 oktober vrij!

Op die dag start namelijk een grote, bijzondere expositie van mij in Galerie Peter Leen XL in Breukelen. Met daarbij mijn zogenaamde ’70-Series’, waarin juist werken van 20 bij 20 cm een belangrijke rol spelen. Hoe? Dat lees je tegen die tijd wel. Houd die dag al vast maar vrij want dat wordt echt leuk!

TOOS&ART

Een bijna traditioneel onderdeeltje van deze Nieuwsbrief is de verwijzing naar mijn blog ‘TOOS&ART’. Met elke donderdag een verhaal over mijn kunstwedervaren in https://toosvanholstein.wordpress.com/. Nog niet geabonneerd? Dat gaat heel makkelijk, gewoon klikken op de knop ‘Volg’ bij dat blog. Dan kun je gelijk nog even teruglezen wat ik er de afgelopen paar maanden schreef over bijvoorbeeld Rembrandt, Nice, muziek, de Zeeuwse godin Nehalennia, een speciaal Paasverhaal, David Hockney, mijn kunstboeken en de Dordtse Synode’.

Toos van Holstein

‘for me art is travelling the mind’

Galerie Drentsche Aa  ‘Springtime’ van 12 mei tot 7 juli

Balloo 27, Balloo, https://www.galeriedrentscheaa.nl/

Galerie Studio Imspa  ‘Piccolo formato’ van 12 mei tot 10 juni

Scheepmakerstraat 23, Ridderkerk, https://www.imspa.com/

 

website www.toosvanholstein.nl        

e-mail: toosvanholstein@xs4all.nl

wekelijks blog ‘TOOS&ART’ https://toosvanholstein.wordpress.com/

ook actief op Facebook, LinkedIn, Twitter, Pinterest, Pictify, Tumblr en Instagram

Je ziet ‘t, ook bij andere social media zit ik niet stil. ’t Is altijd leuk om bijvoorbeeld Pinterest en Instagram af en toe op te leuken met werk van mij. Kijk maar eens bij https://nl.pinterest.com/toosvanholstein/ of  https://www.instagram.com/toosvanholstein/ . Tot volgende week.

TOOS

Homerus en Dante bij mij te gast op Bevrijdingsdag 5 mei


mijn atelier aan de Korendijk 56

Of ’t echt waar is weet ik niet, maar het verhaal klinkt goed. Namelijk dat, toen in 1999 de maandelijkse KCRM (Kunst&Cultuurroute Middelburg) ontstond, een aantal winkeliers en de gemeente op het idee kwamen dit te combineren met ook een maandelijkse koopzondag. Die bestond nog niet in de Zeeuwse hoofdstad waardoor het op de Dag des Heeren meestal stervensrustig was in de stad. En dan wordt er door bepaalde lieden nog beweerd dat kunst weinig toevoegt aan de maatschappij, die zelfs ondergraaft en dat kunstenaars alleen maar hun hand ophouden voor subsidie. Over uilskuikens gesproken!

Maar of dat koopzondagverhaal klopt? Daarover kunnen de oprichters van de kunstroute vast wel meer vertellen. Ik kon pas mee gaan doen in 2002. Wat in ieder geval wel klopt is dat ‘onze’ kunstroute nog veel meer heeft veroorzaakt. Wat te denken van ‘VÓLkoren’ in het eerste weekeinde van juni?

VÓLkoren vorig jaar op het Abdijplein

Ooit een thema dat werd opgezet door het routebestuur, nu een grote zelfstandige organisatie die dit jaar op 1 en 2 juni zo’n 170 koren kan laten optreden. Reken maar dat het muziekplezier er weer vanaf gaat spatten op al die 27 verschillende locaties  in de stad.

Of wat te denken van ‘MIDDELBURG BOEKENSTAD’? Altijd op de 1e zondag van mei. Nu dus op Bevrijdingsdag 5 mei.

de boekenmarkt op de Markt voor het stadhuis

Ook zo’n onderdeel van de kunstroute dat al jaren zelfstandig draait. Het marktplein voor het prachtige gotische stadhuis is dan omgetoverd tot één gigantische boekenstal. Maar niet alleen daar.

Want diverse deelnemers aan de kunstroute gaan graag mee in dat boekengeweld omdat ze zelf ook ‘iets hebben met boeken’. Onder anderen mijn persoontje.

affiche van de routedeelnemers aan ‘Middelburg Boekenstad’

Dus is zondag 5 mei voor mij reden een aantal zeer gerenommeerde schrijvers uit te nodigen. Zoals de oude Griek Homerus. Niet de minste toch om uit zijn graf te laten opstaan? Of de Italiaan Dante Alighieri. Ook niet uit te vlakken in de wereldliteratuur vanwege zijn brede kennis over Hel, Vagevuur en Hemel. Over een paar Germaanse goden en wat katholieke heiligen heb ik ’t dan nog niet eens. Waarlijk een boeiend gezelschap dat ik graag laat praten via hun teksten en de steendrukken die ik maakte bij hun boeken en verhalen. Nieuwe boekuitgaven die ik maakte in samenwerking met uitgeverij La Diane Française in Nice.

stapel met ‘mijn’ boeken

Dat ik daarbij graag uitleg geef over de boeiende steendruktechniek spreekt voor zich. Eigenlijk heel jammer dat die meer dan twee eeuwen oude techniek in de kunst langzaam aan het verdwijnen is. Maar ja, werken in een grote pers ten koste van je rug, in samenwerking met een echte meester steendrukker, is natuurlijk wel iets anders dan in je uppie in een makkelijke bureaustoel gaan zitten photoshoppen.

aan het werk in de grote steendrukpers in het Nederlands Steendrukmuseum in Valkenswaard

Toos van Holstein, steendruk Entrada

Misschien had de oplettende lezer bij dat jaartal 1999 als start van de kunstroute wel de associatie  ‘hé, da’s 20 jaar geleden’. Klopt dus helemaal! En reken maar dat we dit gaan vieren. Met een extra feestje.  Een speciale kunstmanifestatie in augustus in de eeuwenoude Abdijgangen en de geheimzinnige crypten onder het Abdijplein. In het echte hart van de oude stad met het mooiste plein van Nederland. Oké, misschien ben ik daarin enigszins bevooroordeeld maar kom dat idee dan zelf maar eens toetsen in augustus . Ik houd jullie op de hoogte van de ontwikkelingen. Tot volgende week.

TOOS

’t Kan slechter dan lekker aan de gang zijn in Nice


het gebouw in Nice met daarin mijn atelier/appartement met de markt voor de deur

Een paar weken retraite in Nice is geen slechte bezigheid. Nu zeker niet. Want er staan een paar grote projecten te wachten dit jaar. Projecten die bij de voorbereiding om de nodige rust en concentratie vragen. En in Nice vind ik die makkelijker dan in Middelburg waar allerlei kunstruis op mijn lijn zit. Me daarvoor afsluiten lukt hier veel beter.

Wat die projecten dan wel zijn? Allereerst een nieuw boek.

aan het werk voor mijn nieuwe Grote Boek

Alweer een flink aantal jaren geleden kwam er een groot, dik boek uit over mijn schilderijen met op de rug overduidelijk het Romeinse cijfer I. Natuurlijk de indicatie dat ooit deel II zou verschijnen. Nu is dat zover. Maar dat vergt veel denkwerk, redactie en overleg. Welke schilderijen, beelden en steendrukken moeten er in komen? In welke volgorde? Welke teksten? Wie gaan die schrijven? Waar gaat ’t gedrukt worden? Om over het lettertype nog maar te zwijgen. Begin oktober moet dat boek van meer dan 200 pagina’s er volgens de planning zijn. Werk aan de winkel dus in mijn rustgevende Niçoise atelier en appartement.

aan de lunch in de lentezon

Dat ligt dan wel weer in het bruisende hart van het Libération-quartier. Met de dagelijkse markt voor de deur, de zeer frequente tram om de hoek, de beroemde Promenade des Anglais op 20 minuten loopafstand voor het geval ik die tram niet neem en een zeer ruime keus aan bars en restaurants binnen een straal van 150 meter. Voor de af en toe noodzakelijke onderbreking van mijn werkzaamheden en ter aangename verpozing is het dan ook geen enkel probleem  een zonnig terras te vinden waar ’t met een vriendin goed lunchen is. Te midden van heel veel Fransen. Want die lunch in Frankrijk is natuurlijk wel een cultuuruiting van de heilige soort. Maar daarna is ’t weer werken geblazen.

Aan nog een tweede groot project. Mijn ’70-Series’.

werk voor mijn ’70 Series’

Een paar reeksen van 70 kleine werken: olieverven en dibonds. Allemaal 20 bij 20 cm. Ook die ’70-Series’ gaan in oktober in première. Tegelijk met dat Toos van Holstein Deel II. Een datum is ook al geprikt: zondag 6 oktober in de grote ruimtes van Galerie Peter Leen in Breukelen. Zet ’t maar in je agenda, want dat gaat een leuk feestje worden. Reken trouwens maar dat én dat boek én die ’70-Series’ hier voor die tijd nog wel vaker ter sprake gaan komen.

Dat ik ’t toch niet kan laten om tussendoor ook nog kunstuitingen van anderen te bezoeken? Ach, dat zit nou eenmaal in mijn nieuwsgierigheidsgenen. Als ingeschrevene hier kan ik, als een soort halve Niçoise, met een speciaal pasje alle gemeentelijke musea vrij bezoeken. Zoals hier de Galerie des Ponchettes, gelegen aan die al genoemde wereldbekende Promenade.

dav

Met dit keer een uitgebreide installatie van aan elkaar genaaide, kleurig verweerde doeken. Best esthetisch en interessant om te zien. Ook omdat ik zelf, als artist in residence, in 2008 iets dergelijks creëerde  met grote, bedrukte en beschilderde banners in een kunstruimte in Peking.

mijn banners in Peking

Die banners gaan deze zomer trouwens een soortement vervolg krijgen in de prachtige oude Italiaanse stad Gubbio in Umbrië. Een derde groot project dit jaar. Maar dat is weer een ander, nog toekomstig verhaal. Tot volgende week.

TOOS

In september hadden van mij best 40 dagen mogen zitten


lekker aan het tekenen op een terrasje in de oude stad

Bij het verschijnen van dit blog zit ik al weer in Nederland. Eigenlijk had die septembermaand in Nice voor mij best zo’n 40 dagen mogen tellen. Zoals ik vorige week al schreef, ’t is daar voor mij toch een beetje leven als God (die natuurlijk een vrouw is) in Frankrijk. Lekker werken, lekker genieten van het weer, lekker genieten van die prachtige stad en lekker nadenken over mijn kunst.

Maar ja, onze huidige, in 1582 door de Roomse kerk ingevoerde Gregoriaans kalender heeft anders beslist. September mag maar 30 dagen tellen. En daardoor riep de 1ste zondag van de maand oktober mij onverbiddelijk terug voor de Kunst en Cultuurroute in Middelburg. Met daarbij trouwens ook nog allerlei broodnodige voorbereidingen in verband met mijn deelname aan de Kunst10daagse in het Noord-Hollandse Bergen. Maar dat hoort nu eenmaal bij het leven van de kunstenaar zoals ik dat gekozen heb.

Over die toekomstige kunstactiviteiten ga ik natuurlijk te zijner tijd op deze plek berichten. Maar voor nu leek ’t me wel leuk om van Nice afscheid te nemen met wat foto’s en bijbehorende tekstjes. Bij deze.

Een aantal jaren geleden ontsierden vieze betonnen gebouwen en busstations de plek waar zich nu een ontzettend groot fonteinoppervlak bevindt met in het verlengde daarvan een park met speelmogelijkheden voor de jeugd. Nu is ’t of dit nooit anders is geweest. Een geweldige aanwinst met hier en daar ook nog de nodige buitenkunst.

Waarom de Côte d’Azur de naam heeft van azuurblauw te zijn? Lijkt me duidelijk!

Bij mij om de hoek. Zeg eerlijk, mooi of mooi?

Ook op het kiezelstrand van Nice, verwacht er geen zand, kun je heerlijk genieten. Zomaar een plaatje van iemand.

De oude stad lever heel wat fotogenieke plekjes op.

 En dan nog net even een laatste terrasje op de kop van mijn Palais de Venise voordat ik richting vliegveld moet. Tot volgende week.

TOOS

How nice to be in Nice


Een aantal jaren huurde ik aan de Côte d’Azur telkens een andere plek om daar zo’n drie maanden te kunnen werken. Tot er in Nice een appartement met ateliermogelijkheid voorbij kwam waaraan ik echt geen weerstand kon bieden. Dat ‘Palais de Venise’ uit 1908 was te aantrekkelijk. Middenin het echte Nice, het bruisende stadshart dat in de 19e eeuw vanuit het middeleeuwse deel sterk werd uitgebouwd. Een soort ‘Parijs in het klein, maar dan op z’n Italiaans’ zoals levensgezel dat dan kort en bondig uitdrukt.

links het Palais de Venise met de koepeltjes

Sommigen zoeken voor de rust een klooster, ik heb in Nice mijn retraite oord. Rust om te werken en rust om na te denken. Met voor de grofstoffelijke voeding, heel praktisch, ’s morgens een dagelijkse groente en fruitmarkt voor het Palais. Een beeld dat ’s middags een metamorfose ondergaat tot restaurantterrassen.

En kunstzinnige voeding? Geen probleem in een stad vol kunst en musea. Daarbij nog  heel vaak zon met een heerlijke temperatuur en de uitdrukking ‘leven als God in Frankrijk’ behoeft geen verdere verklaring.

Dat ik tijdens zo’n verblijf op bezoek ga bij Jean-Paul Aureglia, mijn galerist van Galerie Quadrige, met wie ik al jaren samenwerk, spreekt voor zich. Laat er deze maand nou ook nog een vernissage zijn! Logisch dat ik daar acte de présence gaf.

vernissage bij Galerie Quadrige

Logisch ook dat ik tijdens zo’n retraite af en toe wat kunstige bedevaartstochtjes maak. Zoals naar het MAMAC, het Musée d’Art Moderne et d’Art Contemporain. Ik heb er vanwege mijn appartement in Nice altijd vrij toegang. Dus kan ik zomaar binnenlopen. Bijvoorbeeld om te zien of men ter verandering voor de vaste zaal van echte Niçois en kunsticoon Yves Klein (1928-1962) nog wat heeft gerommeld in de kunstopslag. Vooral van zijn beroemde, prachtig intens vibrerende Yves-Klein-blauw is ’t elke keer weer genieten.

zaal van Yves Klein in het MAMAC

werk van Niki de Saint Phalle in haar zaal

Niki de Saint Phalle (1930-2002) vind ik ook altijd zo’n bedevaartstochtje waard.  Voordat ze wereldberoemd werd door haar grote Nana’s heeft ze nog heel wat andere interessante en gekke dingen gedaan. Ooit gehoord van haar ‘schietschilderijen’? Google maar eens. Uit de grote collectie die ze naliet aan het MAMAC kan de curator nu te kust en te keurkiezen voor de ‘Nikizaal’.

Tijdens mijn MAMAC-rondgang stond ik plotsklaps voor werk van een Nederlander. Marinus Boezem (1934), één van de grondleggers van de conceptuele kunst in Nederland. Dat werk hing  op de tijdelijke expositie ‘Cosmogonies, au Gré des Éléments’. Een onbegrijpelijke titel? Ach, dat strookte dan gelijk met het ‘Wheather Drawing’s, 1969′ van Boezem. Een verzameling foto’s van met de hand getekende weerkaarten. Je moet er maar op komen!

Marinus Boezem, Wheather Drawings 1969

Nee, dan liever “Matisse&Picasso, la comédie du modèle” in het Musée Matisse. Een prachtig gelegen oude villa bij een groot olijfbomenpark en Romeinse ruïnes. Met voor mij opnieuw kostenloze toegang.

Musée Matisse

Dit jaar gaan die twee grote kunstenaars, zowel elkaars bewonderaars als enigszins na-ijverige concurrenten, er een kunstzinnige strijd aan. De al wat oudere maestro Matisse en macho en ego Picasso! Echt een prachtige tentoonstelling die een uitgebreidere beschouwing verdient. Maar voor nu laat ik ’t hieronder bij een paar foto’s, want mijn bedevaartjes voerden ook nog naar het Musée National Marc Chagall.

Matisse en Picasso naast elkaar: wat is van wie?

een imposante reeks steendrukken van Picasso

Dat werd ook wel weer eens tijd. Een mooi museum dat destijds architectonisch om een geschonken verzameling Bijbelse schilderijen van Chagall heen is gebouwd. Boeiend om er na wat jaartjes weer eens rond te lopen. Vooral door de extra expositie over Chagall’s plannen voor een door hem aan te pakken kapel. Die kwam er niet, terwijl zoiets wel lukte aan Matisse, Picasso en Jean Cocteau. Oei, oei, niet goed voor het kunstenaarsego!

voorstudie met knippen en plakken voor glas-in-lood ramen voor de beoogde kapel

een al verder gevorderde voorstudie

genieten op z’n Niçois op Place Garibaldi

Trouwens beslist een verhaal waard, die kapellen. Maar misschien komt dat nog wel eens. Nu eerst bijkomen van al die kunstbedevaarten op mijn favoriete plein Place Garibaldi.

 

Tot volgende week.

TOOS

Carrara


Carrara. Een mythische naam in de kunstwereld en zeker onder beeldhouwers. Want komt daar uit de groeven niet het marmer vandaan waaruit Michelangelo zijn onvergelijkelijke ‘David’ en ‘Pièta’ beitelde! Lang geleden was ik er wel eens geweest, maar nu deed zich de gelegenheid opnieuw voor.

de ‘David’ van Michelangelo in het museum in Florence

de ‘Pièta’ in de Sint Pieter in Rome

Toen namelijk in de loop van april mijn Odyssee-kunstklus was geklaard (lees het blog van twee weken geleden), besloten levensgezel en ik vrienden te gaan bezoeken in het Toscaanse Marina di Massa en daar gelijk een korte vakantie aan te koppelen. Want vanuit Nice zit je via de Franse autoroute binnen de kortste keren aan de andere kant van de grens op de Italiaanse autostrada. Dan nog een paar uurtjes doortuffen langs de kust en daar is Marina di Massa al. Kilometers daarvoor kondigen opslagwerven en werkplaatsen langs de weg al aan dat er in die streek iets met marmer te doen is. En dan ineens zie je links hoog in de Apuaanse Alpen als doorslaggevend bewijs daarvan dat witte gesteente van de marmergroeven van Carrara liggen blinken in de zon.

Zoals gezegd een mythische plek en dat echt niet alleen vanwege Michelangelo of de net zo beroemde Bernini. Want ook de laatste heeft heel wat marmer vandaar naar Rome laten verslepen voor door hem ontworpen paleizen, voor zijn beelden en ook voor die beroemde Vierstromenfontein op de Piazza Navona.

de Vierstromenfontein van Bernini in Rome

Maar ver voor hen waren de Etrusken en later de Romeinen al bezig om er marmer uit de bergflanken te hakken. En wat dacht je van al die witte steen op het indrukwekkende Piazza dei Miracoli in Pisa met z’n Baptisterium, Duomo en die toren die al heel lang lekker scheef staat te staan?

de Piazza dei Miracoli in Pisa

 Waar zou die steen nou vandaan komen? Trouwens, hoe zit dat met die witte marmeren tegels in onze eigen badkamers? Of al dat marmer in van die protserig lelijke en smakeloos moderne paleizen en vergaderzalen in bepaalde landen, alleen maar bedoeld om indruk te maken? Grote kans dat er marmer bij zit uit Carrara. Of ook in die categorie, de Trump Tower in New York? Reken maar 100% van yes!

Logisch dus dat ik, nu die gelegenheid er was, mijn nogal versleten herinneringen aan Carrara van tientallen jaren geleden wilde opfrissen. ’t Was net of ze in al die tijd niks waren opgeschoten met afhakken. Zo gigantisch groot is ’t daar met nog steeds zo’n 300 marmergroeven die vaak familiebezit zijn. Niet alleen buiten maar ook binnen in de bergen. Met overweldigend hoge gewelven die door al het gehak en gezaag alsmaar groter worden.

Het is echt ongelooflijk wat mensenhanden daar met primitieve middelen in de loop der eeuwen hebben bereikt. Je kunt alleen maar heel grote bewondering krijgen voor die arbeiders van vroeger en er te gelijker tijd met afschuw aan denken. Hoezo Arbowetten en 8-urige werkdagen zoals tegenwoordig? Uitputtend lange werkdagen, slechte en gevaarlijke werkomstandigheden en simpele werktuigen. Probeer ’t je maar eens voor te stellen. Die ‘David’ van Michelangelo, gebeiteld uit één blok marmer, is meer dan 5 meter hoog.  Maar dat blok moest wel de steile berghelling af! Om daarna nog naar Florence getransporteerd te worden. Hoeveel pure spier en mankracht en hoeveel trekdieren en wagens zijn daar wel niet voor nodig geweest? Over primitieve wegen! Wat een klus. En zo ging dat eeuwen lang. Op nog bestaande oude foto’s krijg je een beetje een indruk van die Sisyfusarbeid  uit een tijdperk nog zonder elektrische drilboren, mechanische hijskranen en doordenderende vrachtwagens. Ik schat zo in dat de gemiddelde leeftijd van de werklui in de marmergroeven destijds niet echt hoog is geweest.

’t Schijnt daar in Carrara in de 19de eeuw ook een behoorlijk anarchistische bende te zijn geweest. Gevaarlijke en zwaar werk, dat wil en kan niet iedereen doen. Dus elk paar handen aan het marmer in plaats van aan het bed was welkom. Ook die van misdadigers die in de afgelegen groeven anonieme veiligheid zochten. Nu ziet ’t er allemaal heel geciviliseerd uit. Maar ’t levert nog steeds prachtige beelden op. Zeker als de hemel ook nog stralend blauw is.

Tot volgende week.

TOOS